Luisteren met voorkennis

Death Cab for CutieEen tijdje geleden had ik het hier op Goeie Nummers over de geneugten van het Pure Luisteren. Zomaar random iets uit je digitale muziekverzameling kiezen, zonder voorkennis over de artiest, en dan gewoon de oren de kost geven: wat hoor ik, welke beelden komen naar boven? Een interessante ervaring, waarvoor ik de band Death Cab for Cutie als proefkonijn gebruikte.

Death Cab for Cutie2Maar het bloed kruipt waar het niet gaan kan: ik begon me daarna natuurlijk te verdiepen in dat bandje. En het bleek een behoorlijk intrigerend gezelschap te zijn. Want hoe komen de indierockers uit het noordwesten van de VS bijvoorbeeld aan die merkwaardige naam? Waarom klinkt elk van de acht albums die de band sinds 1997 maakte zo anders dan het voorgaande? En waar halen ze de inspiratie voor hun bijzondere songs en teksten vandaan?

 

Chris WallaOp die naam komen we nog terug – eerst over die sound. De eerste zeven albums van Death Cab For Cutie, door de volgers meestal verkort tot Death Cab of DCFC, zijn geproduceerd door gitarist Chris Walla en klinken allemaal behoorlijk verschillend. Een constante is de zuivere en lichte stem van frontman Ben Gibbard (Washington, 1976) en de manier waarop harmonieuze zang-, gitaar- en pianopartijen contrasteren met de bijna ruw gemonteerde drums en subtiele noise-effecten. DCFC’s laatste album, Kintsugi, werd geproduceerd door Rick Cosey (Muse, Interpol, Rage Against The Machine) en dat hoor je terug in het strakkere geluid. Ook weer heel anders dan daarvoor.

KintsugiVerhaal Meer een band van albums dan van losse liedjes, zeggen ze zelf. Bij elke plaat starten de mannen met zo’n dertig ruwe songs van Gibbard, waaruit ze samen geleidelijk een verhaal destilleren. Zo is Kintsugi genoemd naar een Japanse methode om gebroken keramiek te repareren: in plaats van de scherven onzichtbaar aan elkaar te lijmen wordt er goud aan de lijm toegevoegd om het voorwerp een compleet nieuw leven te geven. Wat voor Gibbard een mooie metafoor was voor hoe hij zijn gestrande huwelijk probeerde om te zetten in elf elegante liedjes.

Teenage Fanclub BandwagonesqueInspiratie Dit jaar coverde Ben Gibbard solo het hele album Bandwagonesque, waarmee Teenage Fanclub in 1991 doorbrak. De Schotse band, hoog op mijn favorietenlijstje, is kennelijk een van zijn inspiratiebronnen. Net als een aantal andere namen die rond de band cirkelen, zoals die van Big Star, Freedy Johnston en Sun Kil Moon. En zo vallen allerlei puzzelstukjes op hun plaats. Luister maar eens naar het betoverende Transatlanticism, of naar I Will Possess Your Heart met zijn gedurfd lange intro van meer dan vierenhalve minuut.

Neil InnesTot slot dan die naam. ‘Death Cab for Cutie’ is een nummer van de Britse artrockgroep Bonzo Dog Doo-Dah Band, bekend geworden door de Beatles-film Magical Mystery Tour uit 1967. Songschrijver Neil Innes – die daarna onder meer met Monty Python werkte – ontleende die songtitel weer aan een Amerikaans pulp-fiction crime magazine. Zo is het cirkeltje mooi rond, maar hoe dit absurdistische doowop-achtige nummer zich verhoudt tot de muziek van Death Cab For Cutie is voor mij vooralsnog een raadsel. En dat is eigenlijk ook wel zo leuk. Check ‘em out.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s