nationalisme

Zing Nederlands met me

Boudewijn de GrootLange tijd, ruwweg de hele sixties en seventies, was Engels de voertaal in de Nederlandse popmuziek. Wie erbij wilde horen, als artiest dan wel als luisteraar, gebruikte het Engels. Op een paar uitzonderingen na (Armand, Boudewijn de Groot, Peter Koelewijn) was de eigen taal taboe.

Doe Maar2Begin jaren 80 doorbrak Doe Maar het taboe, met bands als Het Klein Orkest, Het Goede Doel en Toontje Lager in hun gevolg. Het Nederlands bleek dus toch cool genoeg te zijn. En inmiddels lijkt de eigen taal geheel salonfähig geworden, van mainstream popartiesten en singer-songwriters tot regiorockers en de tegenwoordige alomtegenwoordige rappers.

Chuck BerryMaar wat moeten we van de groei van de nederpop denken? Is het een vorm van emancipatie: hebben we ons die ‘vreemde’ cultuur – de Amerikaanse rock-‘n-roll die Europa in de jaren 50 en 60 stormenderhand veroverde – langzaam maar zeker steeds meer toegeëigend? Kiezen Nederlandse popartiesten en -luisteraars bewust steeds meer voor de taal die ze tot in alle haarvaten beheersen in plaats van een taal waarin ze altijd outsiders blijven?

spinvis 3Voor die opvatting is zeker iets te zeggen. Artiesten als Bløf, Daniël Lohues, Bennie Jolink, Huub van de Lubbe, Eefje de Visser en Spinvis benadrukken in interviews dat ze de eigen taal hebben gekozen om zich optimaal te kunnen uitdrukken en zich met hun publiek te kunnen verstaan. En voor de luisteraars zal ongeveer hetzelfde gelden, maar dan omgekeerd – al moet je de mensen niet de kost willen geven die zeggen ‘nooit naar teksten te luisteren’ of ‘het juist leuk te vinden een tekst zelf zoveel mogelijk in te vullen.’

Régis DebrayMaar er is ook andere visie mogelijk. De eigenzinnige Franse filosoof Régis Debray (1940) betoogt in zijn boek Civilisation uit 2017 dat wij Europeanen in de afgelopen eeuw allemaal min of meer Amerikanen zijn geworden. Wij leven aan de rand van hun rijk, zegt hij, waar ons net zoveel manoeuvreerruimte wordt gegund als de barbaren destijds in het Romeinse rijk kregen. En de techno-economische globalisering van de afgelopen eeuw, onder leiding van de VS, heeft tegelijk op alle continenten een groeiend verlangen naar eigenheid opgeroepen – zie de opkomst in Europa van tradities, talen en lokale identiteiten die teruggrijpen op het eigen verleden.

American Dream2Debrays visie is tamelijk zwart, maar het valt niet te ontkennen dat de ‘grote’ domeinen wetenschap, techniek, bedrijfsleven en commercie steeds meer globaliseren en verengelsen. En dat ook de rock-‘n-roll in dat plaatje past. De muziekstijl veroverde Europa met een taal die groot prestige droeg: de Amerikaanse droom van individuele vrijheid en welvaart.

NL vlagEn als je die gedachtegang volgt, kun je ook de huidige Nederlandstalige pop zien als gekrabbel in de marge, weerstand in de beperkte manoeuvreerruimte die ons aan de randen van het Amerikaanse rijk gegund wordt. De groei van de nederpop is dan onderdeel van de toenemende aandacht voor nationale symbolen als het Wilhelmus, de vlag en het nationaal cultureel erfgoed.

sponsDie bewering van Debray – of in elk geval wat ik hem in de mond leg – gaat wel heel ver. Popmuziek en Wilhelmus als twee loten aan dezelfde stam? Nee, dat kan niet. Popmuziek heeft ten eerste doorgaans weinig oog voor het nationale verleden. Bovendien heeft popmuziek juist altijd als een spons invloeden uit vele windstreken opgezogen. Nee, ik geloof eerder dat we door de huidige Nederlands- en Engelstalige popmuziek een en weer kunnen switchen tussen de eigen en de mondiale cultuur. Het is eerder een brug dan een afweermiddel.

Kenny BMaar het mooiste zou natuurlijk zijn als onze wereldberoemde Nederlandse dj’s (Martin Garrix, Tiësto, Armin van Buuren c.s.) hun prestige zouden gebruiken om het Nederlands ook buiten ons land verder te brengen. Onder het motto, vrij naar rapper-zanger Kenny B: ‘Zing Nederlands met me’. Wie weet wat daar nog uit voortkomt.

The Kinks: godfathers van de Brexit?

The Kinks2Eind 1965 zit frontman Ray Davies van The Kinks met een groot probleem. Na een Amerikaanse tournee vol trammelant – ‘bad management, bad luck & bad behaviour’ zou het later worden genoemd – mag de Britse band vier jaar lang niet meer optreden in de VS. Terwijl het land in potentie hun grootste afzetmarkt is, waar concurrenten Beatles, Rolling Stones en Who wel grote successen vieren.

Village GreenDavies, van nature een observator en commentator, zoekt de oplossing dicht bij huis. Hij draait Amerika de rug toe en richt de blik naar binnen, dat wil zeggen: op het eigen land. Deze nieuwe Kinks-koers wordt ingezet met de albums Face to Face (1966) en Something Else by The Kinks (1967) en culmineert in 1968 in het conceptalbum The Kinks Are The Village Green Preservation Society.

EngelsheidMet deze ‘ode aan een ongerept en onbedorven Engeland’ gaan The Kinks volledig tegen de tijdgeest in. Terwijl andere Britten – net als de rest van West-Europa – na WOII massaal naar het land van de onbegrensde mogelijkheden kijken, zingt Ray Davies op Village Green met weemoed over Engeland, over verdwijnende tradities als ‘strawberry jam, Tudor houses, antique tables and billiards’. De tegenstelling met hippies, flower power en anti-establishment-sentimenten kan niet groter zijn.

better in the ninetiesVanwege zijn excentriciteit verkoopt Village Green bij verschijning slecht, en ook in de volgende decennia, als The Kinks wel eindelijk succes hebben in de VS, blijft het een goeddeels vergeten album. Tot de jaren 90, een periode die cruciaal is voor de nalatenschap van The Kinks en voor de Britse popmuziek als geheel.

399px-Blur_(Logo)In reactie op de overmacht van ‘duistere’ Amerikaanse grungebands als Nirvana en Pearl Jam ontstaat midden jaren 90 in het Verenigd Koninkrijk een muziekstroming die nadrukkelijk teruggrijpt op de opgewekte catchy muziek van artiesten uit eigen land: Britpop. Een zelfbewuste stroming met bands als Blur, Pulp en Oasis voor wie de muziek van The Kinks, ‘the most quintessential English band’, de grote inspiratiebron is.

Vote Leave T-shirtDe Britpop-beweging is ook een uiting van de bredere opleving van het zelfvertrouwen in het Verenigd Koninkrijk, dat twintig jaar eerder nog de oplossing voor de eigen economische en maatschappelijke malaise had gezocht in toetreding tot de EEG, de voorloper van de EU. Historici claimen dat dit hernieuwde Britse zelfbewustzijn vanaf de jaren 90 aan de basis staat van de politieke leave-beweging, die zou uitmonden in het aanstaande vertrek van de Britten uit de EU.

The Kinks op BankjeWie door zijn oogharen naar deze ontwikkelingen kijkt, kan een rechte lijn ontwaren tussen The Kinks en de Brexiteers. In beide gevallen zien we een beweging naar het exclusief Britse, in reactie op het handelen van een te dominant geacht ander continent. Met zijn wending zaaide Ray Davies in 1965 de kiem voor een nationaal zelfbewustzijn dat via de Britpop uitkwam bij de Brexit. Of ga ik nu te kort door de bocht?

Ray Davies 2Volgens Ray Davies zelf waarschijnlijk wel. Hoewel de zanger publiekelijk geen standpunt voor of tegen Brexit inneemt, toont hij zich in interviews zeer bezorgd over de radicale stappen die zijn land nu zet. Bovendien moet ik toegeven dat Davies’ subtiele en vaak ironische liedjes weinig overeenkomsten vertonen met het zelfingenomen gebral van een Nigel Farage of Boris Johnson.

Americana Ray DaviesIk denk dat het Engels-zijn van Davies uiteindelijk weinig met chauvinisme te maken heeft. De Brit is geen demagoog en ook geen xenofoob, maar vooral een onverbeterlijke homo nostalgicus. Toen de zanger na een jarenlang verblijf in de VS een paar jaar geleden weer in Londen ging wonen, maakte hij prompt twee nieuwe albums, getiteld Americana en Our Country (Americana act II), gevuld met weemoedig-satirische liedjes over het uitgestrekte land aan de overkant van de plas.

Het zou me niets verbazen als Ray Davies – ook al is hij inmiddels 75 – straks na de Brexit weer met een plaat op de proppen komt, en ik durf zelfs te wedden over welk continent die dan zal gaan.