Je kinderen opvoeden met goede muziek

muziek oudheidOpvoeden is een fikse klus. Een hele industrie houdt zich ermee bezig en veel ouders zijn er ook maar druk mee. En een van de voornaamste onderdelen van de opvoeding, al sinds de oudheid, wordt gevormd door de muziek.

PlatoDe Griekse wijsgeer Plato (ca. 427-347 v.C.) zag muziek als de belangrijkste stimulans voor de geest. Wanneer muziek centraal staat in de opvoeding van een jongeman, zo stelde de Griekse denker (hij had het niet over vrouwelijke leerlingen), dan zal hij zich ontwikkelen tot een filosofisch denker. Dat was dus goed.

Schopenhauer postzegelOok latere filosofen kenden de muziek een belangrijke plaats toe in de opvoeding, zoals Arthur Schopenhauer (1788-1860) en Friedrich Nietzsche (1844-1900). Voor Schopenhauer stond muziek rechtstreeks in contact met ‘het geheim van de wereld’. Nietzsche vond muziek belangrijk omdat het ‘onze gedachten naar boven kan leiden, zodat het ons verheft.’

erik-scherderDe huidige hersenwetenschap geeft Plato, Schopenhauer en Nietzsche een steuntje in de rug. Hoogleraar neuropsychologie Erik Scherder van de VU stelt op basis van onderzoek dat muziek maken buitengewoon gunstig is voor de ontwikkeling van het brein – en pleit daarom hartstochtelijk voor de terugkeer van goed muziekonderwijs op school.

Buddy HollyAls ouder zie ik als rol voor mezelf vooral: de kinderen een goede muzieksmaak bijbrengen. Ik ben daar dus al vroeg mee begonnen. Toen onze oudste nog in de buik zat, draaide ik Buddy Holly, Ray Charles, Bob Dylan, Aretha Franklin en The Beatles totdat het mijn vrouw op de zenuwen begon te werken. De jaren daarna danste ik met mijn dochter rond op I Wish en Superstition van Stevie Wonder – en oké, ook weleens op Kusjesdag en MaMaSé! van K3.

The Rhythm of the SaintsMet de jongste pakte ik het wat subtieler aan. Terwijl we samen een spelletje of puzzel deden, zette ik zonder er bij hem speciaal de aandacht op te vestigen Paul Simons The Rhythm of the Saints of Eric Claptons JJ Cale-tribute The Breeze op. Priming noemen ze dat geloof ik in de beïnvloedingswetenschap. Als het om iets van zulke importantie gaat, mag je immers geen middel onbeproefd laten.

Ariana GrandeInmiddels zijn de kinderen 15 en 12. Ze luisteren op hun telefoontjes naar de popsterren van nu: Ariana Grande, Katy Perry en Bruno Mars. Naar Nederlandstalige rappers als Ronnie Flex, Famke Louise en Boef. Naar andere artiesten die bij mij het ene oor in en het andere oor uit gaan. Veel succes lijk ik dus niet gehad te hebben. Of is dat maar schijn?

surprise Abbey RoadDe afgelopen tijd zet mijn zoon geregeld uit vrije wil Michael Jacksons Greatest Hits op, en vraagt hij om The Breeze als we weer eens een puzzel gaan leggen. En samen zingen broer en zus uit volle borst mee met Let’s Get It On en It Takes Two van Marvin Gaye. Klap op de vuurpijl was de Sinterklaas-surprise die dochterlief de afgelopen week voor me had gemaakt – zie hiernaast of hierboven. Mag ik hopen dat mijn muzikale opvoeding uiteindelijk toch vruchten gaat afwerpen?

 

Eindejaarslijstjes, werelderfgoed en nog zo wat

master-header-logoIs het alweer zover? Ja, het is alweer zover. December is nog niet begonnen, en de eerste eindejaarslijstjes duiken alweer op uit alle holten en spelonken op internet. Zoals dat van Paste Magazine, het Amerikaanse cultuurmagazine dat sinds een paar jaar alleen nog maar online verschijnt. Leuk lijstje trouwens.

r.e.m. kleurGoeie Nummers is sinds vorig jaar opgehouden met eindejaarslijstjes. Niet omdat ik zo weinig goeie nieuwe muziek hoor, maar gewoon omdat ik te weinig overzicht heb om met enig recht van spreken de krenten uit de pap te kunnen halen. En dat komt vast weer deels doordat ik me liever een tijdlang onderdompel in één artiest dan van de een naar de ander te skippen.

Een paar namen dan toch, van artiesten die mij het afgelopen jaar zijn opgevallen, sommige vrij nieuw, andere al een hele tijd actief:

tedeschi trucks 2De Tedeschi Trucks Band. Het southernrock-echtpaar Susan Tedeschi-Derek Trucks toert al jaren met een uitgebreide, steengoede formatie de wereld over. Deze mensen weten wat spelen is. Er gebeurt echt iets op het podium. Luister en kijk maar.

yearlings eveleneDe Utrechtse alt-countryformatie The Yearlings is terug van twaalf jaar weggeweest. Met de fijne plaat Skywriting: ergens tussen R.E.M., Jayhawks en Real Estate. De stilte heeft lang genoeg geduurd. Aanstaande zondag wordt het album gepresenteerd in het Utrechtse EKKO.

krantenartikel UNESCO reggae low resIets heel anders – sorry, ik spring vandaag een beetje van de hak op de tak – bijzonder nieuws in de Metro van vandaag. Op  Mauritius verklaarde de UNESCO reggae officieel tot werelderfgoed. Tot immaterieel erfgoed, wel te verstaan, naast zaken als het Nederlandse ambacht van de molenaar en de Belgische biercultuur.

Bob Marley met gitaar liveDe reden voor de uitverkiezing, zo lees ik, is de belangrijke bijdrage die reggae levert aan de internationale bewustwording over verzet tegen onrecht en onderdrukking via liefde en menselijkheid. Nou, dat klinkt goed en ik kan er ook volledig mee instemmen. Maar ze vergeten dan wel het belangrijkste te melden: de onweerstaanbare groove van de reggae, de feel, de skank of hoe je het maar moet noemen.

COP24 Katowice 2018Toch, bij nader inzien, ze hoeven dat helemaal niet op te schrijven. Je kunt die reggae-feel niet eens goed opschrijven. Je moet hem horen, je moet hem voelen. En dat hebben ze daar bij de UNESCO-bijeenkomst volgens de krant ook gedaan –  de bobo’s begonnen spontaan te dansen op Bob Marley’s One Love. Dat zouden ze bij meer officiële vergaderingen moeten doen, om te beginnen bij de aanstaande klimaattop in Polen. Sfeerverhogend, verbindend, mild-stemmend. Spliff erbij. Moet jij eens kijken hoe snel ze eruit zijn en met welk resultaat.

 

 

De mooiste moordballade

moord & doodslagZe zijn gruwelijk en meeslepend. Dramatisch en tragisch. Uitersten komen erin tot uitdrukking: moordballades. Tragische verhalen van wraak en woede, waarin liefde in haat verandert en geweld het enige antwoord lijkt op krenking of onvervuld verlangen.

Jimi HendrixHet eerste moordlied dat ik bewust hoorde, was Hey Joe in de beroemde uitvoering van Jimi Hendrix, over een bedrogen echtgenoot die wraak neemt op zijn vrouw. Het tweede was de even gruwelijke als sprookjesachtige ‘Kinderballade’ van Boudewijn de Groot, met tekst van Gerrit Komrij, bijna meer een pastiche dan een rasechte moordsong.

Meertens InstituutDe moordballade kent een lange historie, ook in ons eigen taalgebied. Wie in de Nederlandse Liederenbank van het Meertens Instituut ‘moordlied’ typt, kan zien dat er in de loop van onze geschiedenis al zeker 671 medemensen naar de andere wereld zijn gezongen. En het genre is, zeker in de VS, nog steeds springlevend. Eerbiedwaardige songwriters als Willie Nelson (Red Headed Stranger) en Lyle Lovett (L.A. County) waagden zich eraan.

Nick CaveDe plot van een moordballade is bijna altijd eenvoudig, de personen worden getekend met grove penseelstreken, het melodrama ligt op de loer. Maar er is passie, er is spanning – dat is de kracht ervan. Daarom zijn het waarschijnlijk ook vaker grote persoonlijkheden dan fluwelen zangers die liedjes over moord en doodslag op hun repertoire hebben staan: Bob Dylan (Pay in Blood, Baby Please Stop Crying), Johnny Cash (I Hung My Head) en natuurlijk top-moordballadeer Nick Cave. De Australiër vulde er zelfs een heel album mee (Murder Ballads, 1996).

Jason IsbellToch zijn er ook fijnzinnigere varianten, zoals Wichita van singer-songwriter Gretchen Peters, waarin we het relaas horen van een 12-jarig meisje dat het recht in eigen hand neemt. De prijs voor de mooiste moordballade gaat wat mij betreft naar Jason Isbell. In Yvette, van zijn album Southeastern (2013), laat de jonge Amerikaanse alt.countryzanger ons in de huid kruipen van een getormenteerde middelbare scholier die geïntrigeerd is door zijn stille klasgenote en haar stiekem volgt naar haar huis. Luister en huiver.

Ken je meer goeie nummers of moord en doodslag? Laat het hieronder weten bij Reacties!

 

 

 

Namedropping – I Feel Lucky

the purple rose of cairo2Artiesten die andere artiesten noemen in hun liedjes – ik ben er gek op. Waarschijnlijk komt dat vooral door het komische effect dat fictie en werkelijkheid opeens door elkaar gaan lopen, een beetje zoals in Woody Allens The Purple Rose of Cairo.

Maarten van RoozendaalVoor een genamedropte artiest lijkt het me niet alleen best vreemd, maar ook best vleiend om zichzelf opeens als lied-personage tegen te komen. Namedropping komt immers meestal voort uit bewondering of een gevoel van verwantschap, zoals in Hail Hail Rock ’n Roll van Garland Jeffreys, of in Randy (Het Wilde Westen, 2008) van de betreurde Maarten van Roozendaal – daarin stelt de Nederlandse zanger zijn geestverwant Randy Newman voor om een duo te vormen dat samen de wereld gaat redden met ‘het goedgeschreven lied’. Een heerlijk ironische Newman-pastiche.

janis ianMaar het kan natuurlijk ook anders uitpakken. Bijvoorbeeld als collega’s je naam opvoeren om je een flinke veeg uit de pan te geven, zoals Neil Young overkwam in Sweet Home Alabama van Lynyrd Skynyrd. Of als je, zoals countrysterren Emmylou Harris, Loretta Lynne en Dolly Parton, een paar schampschoten oplopen in Boots Like Emmy Lou’s (God & The FBI, 2000) van singer-songwriter Janis Ian.

country boots girlsIans lied is veel meer tongue-in-cheek dan Sweet Home Alabama, maar de zangeres neemt haar vrouwelijke collega’s wel aardig op de korrel. Had ze maar laarzen zoals Emmy Lou, verzucht ze, dan zou haar leven net zo luxueus en zorgeloos zijn als dat van hen, om nog maar te zwijgen van die gegarandeerde plek in de hemel. Ondanks alle wisecracks – en Ians kennelijke fascinatie voor c&w-schoenmode – wordt hier stevig geschopt tegen de zelfingenomenheid en oppervlakkigheid van de commerciële country-wereld.

Mary Chapin Carpenter2Een van de lekkerste namedropping-songs komt juist uit de (alt-)country: I Feel Lucky van Mary Chapin Carpenter uit 1992, hier in een live-uitvoering met puike begeleidingsband. Het opgewekte boogie-achtige countrynummer, dat in de VS en Canada de top 5 van de country-hitlijsten bereikte, gaat in letterlijke zin over geluk in de loterij, maar de kracht zit hem in de aanstekelijke geëmancipeerde boodschap.

Mary Chapin CarpenterDe hoofdpersoon van I Feel Lucky wint de jackpot – niet door de horoscoop te lezen of naar alle waarschuwingen uit haar omgeving te luisteren, maar gewoon door in zichzelf te geloven. En nu barst ze van het zelfvertrouwen: haar kan niets gebeuren, met haar elf miljoen dollar kan ze kopen en weggeven wat ze wil.

hot dogEn dan wordt ze ook nog begeerd door twee van haar opkomende mannelijke country-collega’s uit die tijd: Dwight Yoakam en Lyle Lovett. De een beloert haar vanuit een hoekje van de ander, de ander maakt concreet avances. De zangeres is best gestreeld door die aandacht, hoor, maar ze is geen bot om om te vechten: ‘Hey Dwight, hey Lyle, boys, you don’t have to fight. Hot dog, I feel lucky tonight.’ De rol die de twee heren in deze namedropping-song krijgen toebedeeld is maar bescheiden. De dame deelt de lakens uit.

 

 

Goeie nummers over slechte mensen

successful lyric writingJaren geleden las ik het Amerikaanse lesboek Successful Lyric Writing, geschreven door Sheila Davis. Een van haar eerste adviezen voor (aanstaande) liedjesschrijvers luidt: stel degene die het lied zingt (meestal de ik-figuur) in een gunstig daglicht. Maak diegene zo ‘likable’ dat je publiek zich er gemakkelijk mee kan identificeren en zich daarom graag door het liedje laat meeslepen.

the boxerEn in negen van de tien liedjes werkt het ook zo, bijvoorbeeld door de bescheidenheidsformule: ‘I am just a poor boy though my story’s seldom told’ (Simon & Garfunkel, The Boxer) of ‘Ik heb geen cent te makken en ik heb nooit een vak geleerd (De Dijk, Nergens Goed Voor). Of door o zo herkenbare liefdesperikelen te vertellen (het ‘My baby’s gone and left me’ van talloze bluesnummers). Maar is het ook mogelijk om die regel een beetje op te rekken, of hem zelfs helemaal aan je laars te lappen?

randy-newman-jong-in-studio-met-orkestSinger-songwriter Randy Newman (Los Angeles, 1943) vindt kennelijk van wel. In de liedjes van de eigenzinnige Amerikaan is geregeld iemand aan het woord die behoorlijk onsympathiek of moreel weinig hoogstaand is. Je zou bijna kunnen zeggen dat Newman daar zijn handelsmerk van heeft gemaakt. Het is misschien ook een van de redenen waarom hij in Europa, dat een sterkere cabaret-traditie kent, populairder is dan in eigen land.

BirminghamIn het bekende Birmingham (van Good Old Boys uit 1974) horen we iemand die je niet zo gemakkelijk als goed of slecht kunt kwalificeren. Wat moet je aan met deze oerdegelijke burgerman die zo trots is op zijn woonplaats terwijl die destijds toch ook bij uitstek een plaats was van discriminatie en racistisch geweld? Je zingt het aanstekelijke refrein onwillekeurig mee, maar ondertussen blijft die ambivalentie door je hoofd zeuren. Newman zal zich bij die gedachte bij voorbaat al hebben verkneukeld.

Sail AwayEen ander mooi voorbeeld van Newmans dubieuze personages figureert in Sail Away, van het gelijknamige album uit 1972. In het eerste couplet heb je het nog niet door: ‘In America you’ll get food to eat / Won’t have to run through the jungle / And scuff up your feet / You’ll just sing about Jesus and drink wine all day / It’s great to be an American.’

randy-newman-met-piano2Tegen wie heeft hij het, en wie is hier eigenlijk aan het woord? Pas bij het tweede couplet krijg je het door. Je was bezig was je te identificeren met een denkbeeldige reclameman die in Afrika slaven komt ronselen – de vertrouwd aanvoelende 20e-eeuwse sales pitch heeft zo weinig relatie met de historische werkelijkheid dat de tenen ervan krom trekken. Je weet niet hoe gauw je weer afstand moet nemen.

Short PeopleHoe moeilijk luisteraars het hebben om personage en artiest uit elkaar te houden, blijkt wel uit de verwikkelingen rondom Newmans hit Short People, van Little Criminals, uit 1977. De regels ‘Short people got no reason to live’ en ‘don’t want no short people round here’ leverden de zanger een aantal bedreigingen op – ja, ook toen al – en bijna een radioboycot. Dat de tekst ironisch bedoeld was, dat de ik-figuur juist niet de mening van de zanger van het liedje vertegenwoordigde, ging er bij een groot deel van het publiek niet in.

Darth VaderNee, de artiest die klootzakken, hypocrieten of andere slechteriken als hoofdpersonages opvoert, maakt het zichzelf allesbehalve gemakkelijk. Maar het levert wel spannende liedjes op die je op het verkeerde been zetten en je laten nadenken – en die je nooit meer vergeet.

Ken jij meer sterke voorbeelden van goeie nummers met slechte mensen? Laat het weten bij Geef Een Reactie hieronder!

 

Bewonderen met een hoofdletter B

voeten wassen glas in loodBewonderen is een belangrijke vaardigheid. Je zou het op school moeten leren. Het is moeilijker dan bekritiseren, want als bewonderaar moet je je nederig opstellen. Maar er staat tegenover dat het je veel kan opleveren: iets van de kwaliteiten van de held zullen vast op je afstralen, gaan misschien zelfs op je over. Dit idee – of bijgeloof – ligt vermoedelijk aan de basis van het tribute-album, een klein en fijn genre in de popmuziek.

Dinah sings Bessie SmithTribute-albums van één artiest, geheel gewijd aan een andere artiest, zijn in de jaren 50 en 60 behoorlijk populair. Bijvoorbeeld Dinah Washingtons Dinah sings Bessie Smith uit 1958 of Stevie Wonders Tribute to Uncle Ray (voor Ray Charles) uit 1962, naast de talloze albums met Beatle-nummers in de meest uiteenlopende uitvoeringen, van barok en new age tot metal en reggae.

Lean On Me van José JamesIn de jaren daarna boet het genre aan populariteit in, zonder ooit helemaal te verdwijnen. Vanaf de jaren 80 lijkt het zelfs bezig aan een comeback. Jennifer Warnes ‘deed’ Leonard Cohen met Famous Blue Raincoat, 1987), BB King bewees eer aan Louis Jordan (Let the Good Times Roll, 1999), net als en Dr John aan Louis Armstrong (Ske-Dat-De-Dat: The Spirit of Satch, 2014), en vorig jaar presenteerde Gregory Porter Nat King Cole & Me. De nieuwste loot aan deze stam komt van souljazzzanger José James. Ter ere van de tachtigste verjaardag van Bill Withers maakte hij Lean on Me, geheel gevuld met covers van de soullegende.

Jose James 2008José James (1978) startte zijn carrière rond 2008, kreeg een contract bij het vermaarde jazzlabel Blue Note en beklom daarna gestaag de succesladder. In 2016 besloot hij zijn sound te vernieuwen. Hij ruilde zijn akoestische instrumentarium in voor elektronische. Met desastreuze gevolgen. Het publiek liep weg, tijdens concerten zelfs letterlijk.

Bill Withers met gitaarTijd voor bezinning dus, zoals blijkt uit een recent interview in de Volkskrant. Tijd om terug te keren naar de muzikale bron. En daar bij de bron trof James zijn oude held Bill Withers, de man van klassieke 70’s en 80’s hits als Ain’t No Sunshine, Use Me en Just The Two Of Us – en dat bleek de uitweg uit de impasse.

Nate SmithOp Lean On Me blijft James vrij dicht bij Withers’ oorspronkelijke uitvoeringen maar brengt ook subtiele wijzigingen aan, die goed uitpakken. Use Me heeft de oude vertrouwde groove, maar ook een fantastische sax-solo. Grandma’s Hands, met verlaagd tempo, klinkt nog indringender dan het origineel. Better Off Dead profiteert geweldig van de klasse van drummer Nate Smith en Lovely Day is een duet geworden – een fijne vondst. Daarbij is James’ stem geknipt voor dit werk: soepel, warm, precies, en zijn timbre ligt dicht genoeg bij dat van Withers om je af en toe even te laten denken dat je de oude meester hoort.

sportpodiumLean On Me is bewonderen met een grote B: er ontstaat een driehoeksrelatie tussen artiest, geëerde artiest en luisteraar. Met gunstige effecten voor alle drie. James lijkt zich in eerste instantie te ‘verlagen’ door een andere artiest boven zich te stellen, maar stapt daarna triomfantelijk samen met zijn held op de hoogste trede van het podium. En wij, het publiek? Wij genieten van de aangename (hernieuwde) kennismaking met het klassieke soulwerk, applaudisseren en kijken bewonderend naar de twee artiesten op. En iets van hen straalt af op ons.

 

Kippenvel – Haus am See

Sprechen Sie DeutschOp 6 juni 2009 komt een ongebruikelijk plaatje de Nederlandse Single Top 100 binnen. In de zesde week bereikt het de vierde plaats, om de lijst na een langzame afdaling pas op 24 oktober weer te verlaten. Niet slecht, maar ook niet heel bijzonder. Behalve als je bedenkt dat het om een Duitstalig nummer gaat.

338px-PeterFoxZanger-componist Peter Fox (geboren in 1971 als Pierre Baigorry) bevindt zich met Haus am See, afkomstig van zijn eerste soloalbum Stadtaffe uit 2008, in een klein rijtje Duitstalige artiesten dat een voet tussen de deur weet te krijgen in de ook bij ons zo Angelsaksisch geörienteerde popwereld. (Afgezien van schlagerzangers kom ik op: Nena, Rammstein, Kraftwerk, meer niet.) Het lied is dan ook een buitengewoon kunststukje, dat in de loop der jaren terecht uitgroeit van eendagsvlieg tot moderne klassieker:

Peter Fox2Op een bossa nova-achtig ritme, met soulkoortje en subtiele percussie, praatzingt de Berlijnse zanger zich in lekker vet Duits meteen weg uit zijn geboorteplaats:

Hier bin ich gebor’n und laufe durch die Straßen!
Kenn die Gesichter, jedes Haus und jeden Laden!
Ich muss mal weg, kenn jede Taube hier beim Namen.

Sirenen en Odysseus

Vervolgens neemt hij ons mee in een soort droom: de zon schijnt, een spannende vrouw stapt bij ons in de auto, we horen sirenen zingen, hebben de wind in de rug, alles zit mee. Als de strijkers inzetten, doen we onze ogen dicht en zien we het voor ons liggen: het huis aan het meer. Het is het zinnebeeld van alles wat de zanger zich wenst: een mooie vrouw, een grote schare nakomelingen, aandacht van iedereen, alles gaat vanzelf.

Huis aan meerIn het volgende couplet keert de zanger beladen met goud terug in zijn dorp, na vele avonturen, om bij het huis aan het meer een reusachtig feest te geven voor familie en oude vrienden. En op het eind van het lied lijkt de vervulling compleet: de twintig kinderen hebben zich vermeerderd tot honderd kleinkinderen, die cricket spelen (fijn detail) op het gazon.

Peter Fox4Maar is alles hier wat het lijkt? Met die herhalingen en die steeds dramatischer klinkende violen kruipt ook de twijfel binnen. Het beeld van succes, vrijheid en geborgenheid klinkt steeds wanhopiger. Misschien zoek ik er te veel achter, maar voor mij lijkt het lied uiteindelijk te zeggen: is dit echt de ultieme levensvervulling? Is dit alles wat we ons kunnen of moeten wensen? De laatste klanken van het lied klinken afgebroken, alsof de zanger zichzelf niet heeft weten te overtuigen.

hoes Stadtaffe Peter FoxDat idee wordt versterkt doordat Peter Fox na het grote succes van Stadtaffe (2008) terugkeerde naar de relatieve anonimiteit van zijn reggae- en dancehallband Seeed. De artiest wilde zijn privacy terug en maakte nooit meer een soloplaat. Bewust of onbewust had hij in Haus am See de keerzijde van succes en roem al voorvoeld of voorspeld. Kippenvel.

 

Waarom rijmen popliedjes?

protestantse kerkHoe belangrijk is rijm in de popmuziek? Belangrijker dan je misschien zou denken. Recent onderzoek naar muziek binnen de protestantse kerk levert hier nieuw bewijs voor. In een binnenkort in Psychomusicology: Music, Mind, and Brain te verschijnen artikel toont de Utrechtse onderzoeker Yke Schotanus aan dat rijmende psalmen populairder waren dan andere, vooral als ze vergezeld gingen van een aantrekkelijke melodie.

hersenenHet leuke van deze conclusies is dat ze niet alleen betrekking hebben op de protestante kerk, psalmen en achterliggende eeuwen, maar net zo goed op de hedendaagse muziekwereld en ons 21e-eeuwse popliefhebbers. De hersenen van mensen, ongeacht hun geloof of muziekvoorkeur, werken immers allemaal vrijwel hetzelfde en zijn in de afgelopen eeuwen ook niet veranderd.

Processing fluencyMaar waarom is rijm in liedjes nou zo populair? Dat verschijnsel wordt verklaard door het relatief nieuwe begrip ‘verwerkingsgemak’ (processing fluency) uit de cognitieve psychologie. Hoe gemakkelijker onze hersenen een bepaald stukje informatie (tekst, muziek) kunnen verwerken, hoe fijner we dat vinden. We onthouden het beter en kunnen het gemakkelijk voor iemand anders herhalen. In huis-tuin-en-keukentaal: een zinnetje dat rijmt vinden we gewoon lekker.

Chuck BerryWaarschijnlijk heeft niemand dit zo goed begrepen als de vorig jaar overleden rock-’n-rollpionier Chuck Berry. Hij bedacht niet alleen vele klassiek geworden gitaarlicks, de duckwalk, de ‘coffee-coloured Cadillac’ en de ‘brown-eyed handsome man’, maar was bovenal een RijmMeester. Neem het openingscouplet van Johnny B. Goode, een dijk van een hit in 1958:

‘Deep down in Louisiana close to New Orleans
Way back up in the woods among the evergreens
There stood a log cabin made of earth and wood
Where lived a country boy named Johnny B Goode
Who never ever learned to read or write so well
But he could play the guitar just like ringin a bell’

Chuck Berry2Meer bewijzen voor Berry’s rijmende meesterschap nodig? Luister dan naar deze hitcollectie. Maar er is nóg een reden waarom rijm zo belangrijk is. Een onderzoek van de Amerikaanse sociale wetenschappers Matthew McGlone en Jessica Tofighbakhsh uit 2000 laat zien dat we uitspraken die we gemakkelijk verwerken ook als juister en waarheidsgetrouwer beschouwen.

Easy = TrueZe vroegen onderzoeksgroepen hoe waar ze twee verschillende gezegdes vonden: What sobriety conceals, alcohol reveals (Een dronken mond spreekt ’s hartens grond) en What sobriety conceals, alcohol unmasks. Wat denk je? De eerste zin werd als veel geloofwaardiger beschouwd dan de tweede. Met andere woorden: als je je liedje laat rijmen scoort het niet alleen beter, je inhoud is nog overtuigender ook. De kans dat je woorden werkelijkheid worden, neemt dus aanzienlijk toe.

Chuck Berry 2Een dergelijk effect zal Chuck Berry (onbewust) in gedachten hebben gehad toen hij zijn Thirty Days (1955) schreef, waarin een geliefde dringend wordt verzocht terug  naar huis te komen. Hier het slotcouplet:

‘If I don’t get no satisfaction from the judge
I’m gonna take it to the FBI and voice my grudge
If they don’t give me no consolation
I’m gonna take it to the United Nations
I’m gonna see that you be back home in thirty days’

Het mooiste lied voor vader

vader en zoon buitenWie zingt over de relatie met zijn vader of moeder begeeft zich op glad ijs. Het lied moet recht doen aan een band die zo persoonlijk en vertrouwd is dat woorden algauw tekortschieten – en tegelijk moet het de luisteraar meenemen in een intieme sfeer waarin buitenstaanders slechts schoorvoetend worden gedoogd.

Ilse DeLangeVerschillende liedjesschrijvers kiezen dan ook voor heel verschillende benaderingen. Stef Bos zong zijn levende vader rechtstreeks toe in het bekende Papa (1990), steevast hoog eindigend in de jaarlijkse Top 2000 van NPO Radio 2. In Ilse DeLanges ontroerende We Are One vloeien vader en dochter in elkaar over om het aanstaande verlies draaglijk te maken.

hoes Older Than My Old Man NowVeel vaker kiezen artiesten voor een bericht naar boven. De verhouding tussen singer-songwriter Loudon Wainwright III en Loudon Wainwright II was niet gemakkelijk, maar desondanks – of juist daarom – figureert Loudons vader veelvuldig in zijn liedjes, bijvoorbeeld Older Than My Old Man Now (2012). De Britse pubrocker Ian Dury leerde zijn verwekker, een trotse bus- en privéchauffeur, pas kort voor diens dood echt kennen, en eerde hem met My Old Man (1977).

Fred Eaglesmith met hoedHet wat mij betreft mooiste lied voor vader – dat gek genoeg nooit op lp of cd verscheen – staat op naam van Fred Eaglesmith. De Canadese singer-songwriter met Friese roots (in 1957 geboren als Frederick John Elgersma) schrijft vaak over machines, treinen, tractors, auto’s en motoren, maar is ook als geen ander in staat zijn publiek binnen een paar minuten zowel een vette schaterlach als tranen van ontroering te bezorgen. In The Dad Song doet Eaglesmith, met zijn karakteristieke gruizige stemgeluid, vooral dat laatste als hij over zijn overleden vader zingt:

The morning breaks like porcelain across an eastern sky / I stare across an open field, I sit and wonder why / Why the world’s so beautiful, and how come it’s so sad / It’s times like this I sure do miss my dad

zonsopkomst 2Zo herkenbaar, hoe na het verlies de wereld zich in al zijn onbegrijpelijkheid aan je opdringt. Zoveel schoonheid, waarvoor? Je kunt het niet eens delen. Na dit indringende begin geeft Eaglesmith je even lucht: de discussies met zijn kinderen over hun huidige (muziek)modes lijken verdacht veel op die tussen zijn vader en hemzelf destijds. Zoveel lijken ze dus op elkaar. Waarna de zanger toch weer bij het gemis uitkomt:

I think it’s the little things, the things that I forgot / How I’d love to hear him sing, how I’d love to hear him talk / If he’d be here with me, I’d give him everything we never had

handJa, zo is het. Zo herkenbaar. De kleine dagelijkse dingen mis je het meeste – een stem, een gebaar, een gewoonte –  dingen die zo vanzelfsprekend waren dat je ze nauwelijks opmerkte. Toen niet. Nu wel. Achteraf. Tot slot geeft de zanger ons in zijn slotregels een vriendelijk duwtje. Pak die hand, toe maar, nu kan het nog.

Fred Eaglesmith heeft ons op subtiele wijze in zijn binnenwereld toegelaten en ons zo herinnerd aan iets wat we wel weten maar soms toch vergeten. Dank je, Fred.

Ondergedompeld in R.E.M.

onderdompeling eendAls eigentijdse muziekluisteraar ben je vooral een zapper. Als het huidige liedje niet bevalt ga je naar het volgende, hoppend van de ene artiest naar de andere, door de genres heen. Een uitstekende manier om je beperkte luistertijd efficiënt te besteden – maar persoonlijk dompel ik me liever voor langere tijd onder in één soort muziek. Door naar een heel album (!) te luisteren of, liever nog, me een aantal dagen achter elkaar (!!) onder te dompelen in het oeuvre van een bepaalde groep of artiest – mits dat natuurlijk sterk en interessant genoeg is.

Van Morrison met lichte hoedVaak gaat het dan om een artiest die in de loop van de tijd uit mijn playlist was verdwenen en door een of andere aanleiding weer op mijn pad komt. Zo verdiepte ik me een tijdje geleden in Van Morrisons album Keep Me Singing (2016) – om vervolgens weer dagenlang door Ierland te dwalen met Van the Man en zijn vroege meesterwerken Astral Weeks, Moondance en Veedon Fleece.

r.e.m. kleurEn zo was ik de afgelopen week bijna steeds diep into R.E.M., nu naar aanleiding van een interview dat ik hield met de Utrechtse Nederamericanaband The Yearlings (hun album Skywriting komt uit in november, lekkere muziek hoor, hou ze in de gaten), voor wie R.E.M. een grote inspiratiebron is.

R.E.M. Losing My ReligionDe duik in de wereld van Michael Stipe c.s. leverde onverwachte indrukken op. De indieband uit Georgia fungeerde in de media vooral als onderwerp van een muziekpolitieke discussie (‘is R.E.M. niet te commercieel geworden?’) of als wegbereider voor bands als Nirvana en Pearl Jam. Maar wie anno 2018 gewoon naar ze gaat luisteren, wordt getroffen door de  ontzettend sterke liedjes en het tijdloze karakter van hun eigenzinnige mix van sixties folkrock en seventies/eighties new wave.

farfisa orgelNeem bijvoorbeeld Begin The Begin, zo’n melodieus punky nummer waarop R.E.M. het patent heeft, met een gepassioneerde tekst waaruit afkeer én liefde spreekt. Of Stand, met vette rock-‘n-rollriff van Buck en een lekker Farfisa-achtig orgeltje. Of Finest Worksong, – let op dat verrassende baswerk van Mike Mills op het eind. Of het tedere Imitation of Life, met weer zo’n vage tekst om in te verdwalen. Het etiket ‘nineties alternative rock’ blijkt totaal niet meer te passen – dit zijn moderne klassiekers. Met R.E.M. eiste de combinatie Melancholie + Kracht voorgoed zijn plek op in de rock-‘n-roll.

11076831_bcdc79d83c_z R.E.M. Pinkpop 1989Tijdens mijn duiktocht dacht ik terug aan R.E.M.’s optreden op Pinkpop 1989 – hoog in mijn persoonlijke Concert-Top 10 – waar frontman Stipe fungeerde als Sjamaan, Voorganger en Martelaar ineen. Halverwege de meeslepende set scheurde hij zijn shirt kapot, en waar zoiets bij andere acts aanstellerig zou overkomen, was het daar op het podium in Landgraaf volkomen geloofwaardig. Rock-‘n-roll doet ertoe, dat was het effect. En datzelfde gevoel had ik vandaag toen ik weer uit het water kwam en mijn veren uitschudde.