3 x toptraditie van eigen bodem

Als er op Goeie Nummers aandacht is voor muziek van landgenoten gaat het meestal om artiesten die in het Nederlands zingen, zoals Spinvis, Daniël Lohues of Eefje de Visser. Misschien is dat logisch omdat de in het Engels zingende landgenoten in mijn hoofd moeten concurreren met zowat de hele popwereld, maar toch zou het zonde zijn om deze artiesten over het hoofd te zien.

Zeker als we kijken naar de sterke soloalbums die Douwe Bob, Bertolf en Anne Soldaat de afgelopen maanden uitbrachten. Drie gevestigde namen, van drie verschillende generaties, die bijna gebroederlijk alle drie komen met nieuwe muziek die zoveel traditie ademt dat je het misschien wel als retro kunt betitelen.

Douwe Bob (Douwe Bob Posthuma, 1992), in 2016 nog de Nederlandse inzending naar het Eurovisie Songfestival met Slow Down, bracht eerder vier platen uit met smaakvolle popliedjes die de invloed van countryrock verraden. Op zijn nieuwe album Born to Win, Born to Lose haalt hij die Amerikaanse muziektradities nog sterker naar voren, aangevuld met een fikse scheut soul en gospel. Wat vooral opvalt, naast de fraaie en persoonlijke liedjes, is Douwe Bobs ijzersterke zang – in dat opzicht staat hij voor mij in ons land op eenzame hoogte. Luister bijvoorbeeld naar Hold On. Ook leuk: in Amsterdam weet hij de plattelandsmuziek van de VS op overtuigende wijze in onze hoofdstad te laten landen.

Bertolf (Bertolf Lentink, 1980) maakte naam als zanger-multi-instrumentalist in talloze samenwerkingsverbanden en produceerde vanaf 2009 al verschillende soloalbums. Bertolf is zo iemand die zingt en speelt alsof het hem allemaal geen enkele moeite kost – en misschien is dat ook zo. Geweldige melodieën en arrangementen, prachtig gespeeld, maar de teksten overtuigden mij niet altijd, waardoor ik me niet helemaal aan zijn muziek kon overgeven. Op Happy In Hindsight, zijn achtste soloalbum, zijn muziek en tekst juist helemaal in evenwicht en word je aangenaam meegesleurd van de ene naar de andere stijl van eind jaren 60 en begin 70. Geniet van de heerlijke titeltrack of de vrolijk huppelende country van Don’t Look Up, Don’t Look Down.

Ook Anne Soldaat (1965) bracht zijn achtste solo-album uit: Facts & Fears. De voormalige zanger-gitarist van Daryll-Ann toerde de afgelopen jaren samen met Yorick van Norden langs theaters met covers van veronachtzaamde liedjes van ‘unsung heroes’ als Emitt Rhodes, Gene Clark en Biff Rose. Het coveren lijkt Soldaat geïnspireerd te hebben om ook in zijn eigen werk op Facts & Fears ruim te putten uit de stijlen van de jaren 60 en 70. De nummers zitten vol met verrassende wendingen en meezingbare melodietjes, en Soldaat geeft zijn gitaar steeds net dat beetje vervorming mee waardoor het lekker gaat rocken. Luister naar het Kinks-achtige You’re Hard to Find of het fraaie I Was Lost.

Betekent het iets dat deze Nederlandse artiesten alle drie voor een ‘retro’-aanpak kiezen? Doen ze mee aan wat popjournalist Simon Reynolds afkeurend ‘onze verslaving aan de popgeschiedenis’ heeft genoemd? Ik weet het niet. Het is waar dat geen van drieën echt iets nieuws aan de genres toevoegt, maar of dat erg is? Het levert in elk geval zeer genietbare muziek op waar het spelplezier vanaf spat – iets waar we in dit lange coronajaar inmiddels wel naar snakken. Bovendien geven zowel Douwe Bob als Bertolf en Anne Soldaat zich in hun teksten op een subtiele manier bloot. Retro? Ik zou zeggen: de mannen geven hun eigen unieke kleur aan de traditie.

Meer goeie nummers van deze artiesten horen? Op de Spotify-playlist van Goeie Nummers vind je de genoemde liedjes plus nog een paar extra.

Popartiest of filosoof?

Hier op Goeie Nummers verbind ik de popmuziek graag af en toe met andere domeinen van het leven. Bijvoorbeeld door te doen alsof popmuziek een sportwedstrijd is, een medicijn, een wetenschapsdiscipline of zelfs een vorm van psychotherapie (en ik hou me aanbevolen voor tips op dit gebied).

Daarom was ik verrast toen ik gisteren in mijn mailbox een bericht aantrof met de kop ‘this is why philosophy should be more like popmusic’. Hier was iemand aan het woord met dezelfde voorliefde als ik, maar dan omgekeerd: zijn/haar eigen ‘vakgebied’, in dit geval de filosofie, vergelijken met de popmuziek.

De mail was afkomstig van The School of Life, de internationale organisatie die ‘mensen helpt om meer voldoening uit het leven te halen met behulp van inzichten uit de filosofie, psychologie en kunsten’. Volgens de afzender heeft de rock-‘n-roll zich vanaf de jaren 50 ontwikkeld van een frivool medium met weinig inhoud tot ‘s werelds belangrijkste medium voor het uitdrukken van ideeën. Om te overleven in het huidige tijdperk zou de oude ‘stoffige’ filosofie net zo aansprekend, toegankelijk en vooral opwindend moeten zijn als de popmuziek.

Ik hou er wel van als mensen zo soepeltjes een eeuw en een paar millennia aan elkaar knopen. Maar ik was ook verrast. Niet omdat de filosofen van The School of Life kennelijk jaloers zijn op de populariteit van de popmuziek – dat zie je bij schrijvers, politici en wetenschappers ook – maar wel omdat ze haar zoveel ideeënrijkdom en maatschappelijke impact toeschrijven.

Heeft de popmuziek inderdaad zo’n grote intellectuele rijkdom als The School of Life suggereert? Ontwikkelen popartiesten inzichten en ideeën die kunnen tippen aan de diepe inzichten van Plato, Wittgenstein, Arendt, Nussbaum en hun collega’s? Dat lijkt me toch iets te veel eer. De gemiddelde popartiest lijkt me, gelet op zijn of haar output, geen al te diepe denker.

Maar ik zou me ook kunnen vergissen. Zie ik popmuzikanten over het hoofd die misschien de uitzondering op de regel vormen? Zijn er wel degelijk artiesten die ons, net als filosofen, scherper doen waarnemen, liedjesschrijvers die de raadselen van het bestaan voor ons weten te duiden of die ons leren nieuwe vragen aan de wereld te stellen?

De eerste die dan bij me opkomt is John Lennon, die nummers schreef als Help!, Working Class Hero en Imagine. Ook de satire van Randy Newman, de introspectie van Joni Mitchell en de literatuur van Bob Dylan hebben filosofische trekken – zij lijken alle drie dieper door te dringen in de werkelijkheid. Maar de meest filosofische onder de popartiesten is voor mij toch de man die de wereld in 1963 in verstomming naar zichzelf liet luisteren met The Sound of Silence: Paul Simon.

Simon (Newark, NJ, 1941) getuigt in zijn liedjes van een niet-aflatende wil om het leven te onderzoeken. Hoewel de toon vaak licht is, schuwt hij existentiële vragen niet. In American Tune (Here Goes Rhymin’ Simon, 1973) plaatst hij de ontheemdheid van zijn goddeloze generatie op de troostrijke koormelodie van Bach uit de Matthäus-Passion. You Can Call Me Al (Graceland, 1986) zet hij de vaak geïroniseerde midlifecrisis zonder schroom in de spotlights. In I Don’t Believe (Surprise, 2006) klopt de sterfelijkheid aan de deur.

Ook als het gaat om aforismen, iets waar je toch vaak een filosoof herkent, staat de Newyorker zijn mannetje. Arthur Schopenhauer had ‘De meest zekere manier om niet heel ongelukkig te worden is niet te verlangen heel gelukkig te worden.’ Paul Simon komt met ‘Everybody loves the sound of a train in the distance, everybody thinks it’s true’ (Train in the Distance). Nietzsche: ‘Dat wat mij niet doodt, maakt mij sterker’. Simon: ‘Nor is it strange that after changes upon changes, we are more or less the same’ (The Boxer).

Perfectionistisch als hij is, produceerde Simon in zijn lange loopbaan slechts vijftien soloalbums. Daarop tref je meer pakkende one-liners aan dan in het oeuvre van pak ‘em beet honderd van zijn collega’s bij elkaar. Zoals ‘The more I get to thinking, the less I tend to laugh’ (Oh, Marion), ‘losing love is like a window in your heart, everybody sees you’re blown apart’ (Graceland), zinnetjes die raken en blijven plakken.

Dat laatste komt natuurlijk ook door dat belangrijke verschil tussen de rock-‘n-roll en de filosofie: de muziek, het medium dat zich zo moeilijk laat begrijpen en waarop zoveel filosofen zich dan ook al eeuwenlang hebben stukgebeten. Een popartiest heeft het voordeel dat hij zijn wijsheden kan verpakken in aansprekende, toegankelijke en opwindende liedjes. Misschien zit hier wel een mooie tip in voor The School of Life.

Albumverjaardag – Tigermilk van Belle and Sebastian

Een paar weken geleden zou ik iets gaan schrijven over een album dat zojuist een kwart eeuw oud was geworden: Tigermilk, het debuutalbum van Belle and Sebastian uit 1996. Dat stukje kwam er niet van, maar het onderwerp was in mijn ogen belangwekkend genoeg voor een herkansing. Niet omdat Tigermilk is opgenomen in Robert Dimery’s standaardwerk 1001 Albums You Must Hear Before You Die – al is zoiets wel een pré – en ook niet omdat de stijl van de Schotten zo’n groot stempel op de popmuziek heeft gezet. Waarom dan wel?

Ten eerste omdat het album een eenling is, een solitaire boom in een weiland, en de band een uniek rondreizend circus in het weidse poplandschap. De ontstaansgeschiedenis van het album ook al bijzonder. Op basis van een ingestuurde demo kregen singer-songwriter Stuart Murdoch en drummer Richard Colburn van het Glasgowse Stow College de kans om een heel album op te nemen. Ze raapten inderhaast een stel jonge muzikanten bij elkaar, doken de studio in en de rest is geschiedenis, in elk geval popgeschiedenis in de niche die de band sindsdien eigenhandig heeft gecreëerd.

(meer…)

50 jaar Blue

Deze week verschenen in verschillende media artikelen naar aanleiding van de 50ste verjaardag van Joni Mitchells iconische album Blue. Volgens muziekblogger Bob Lefsetz staat Blue, hoewel het bij verschijning geen groot verkoopsucces was, in het rijtje The White Album van The Beatles en Blonde on Blonde van Bob Dylan, maar dan coherenter dan de eerste en muzikaler dan de tweede. In The New York Times vertellen 25 artiesten over de impact van het album op hun eigen werk en wijzen ze vaak op de humoristische kanten van het meesterwerk dat toch bekendstaat als uiterst melancholiek.

Ik maakte eind jaren 70 kennis met Joni Mitchell via haar album Hejira. Pas daarna hoorde ik haar andere werk, van de folk van Clouds tot de jazz van Mingus. Voor mij is Blue Mitchells pièce the résistance. Het langgerekte woord uit de titeltrack – een van mijn favoriete kippenvelnummers – is wat ik het vaakst voor me uit neurie als ik in een nadenkende stemming ben. Blue is de plaat die ik mensen aanraad als ze de Canadese artieste willen leren kennen – of als ik vind dat ze dat zouden moeten doen.

(meer…)

Bob Dylan: tussen hemel en aarde

De popliefhebber die de afgelopen week niets over Bob Dylan heeft gehoord of gelezen, heeft vermoedelijk onder een steen gelegen. Ter ere van de 80e verjaardag van de Bard uit Minnesota pakte de Volkskrant uit met een fotospread met mooie overpeinzing van Gijsbert Kamer als een uitgebreid bijschrift. Edward Docx van de Britse krant The Guardian dook de diepte in, op zoek naar het raadsel van ‘s mans blijvende aantrekkingskracht. Muziekblog Stereogum liet 80 (of eigenlijk 83) artiesten hun favoriete Dylan-track kiezen en toelichten. Tim Knol en Nico Dijkshoorn vertelden over hun Dylan-liefde bij Op1 en speelden een fraaie ingekorte versie van prachtlied Not Dark Yet.

De VPRO was al een jaar eerder begonnen met deze jubileumverjaardag. Vanaf eind mei 2020 produceerden Chris Kijne en Lars Hulshof elke twee weken een BOBcast, een podcast waarin ze met uiteenlopende Dylan-kenners spraken. Afgelopen vrijdag was de afsluitende aflevering, met onder meer singer-songwriter Lucky Fonz III (‘90% van het Dylan-fan-zijn is speculatie’) en journalist Iris Koppe (‘Dylan is voor mij een verruiming van de geest en een moreel kompas’).

(meer…)

Hoe interessant is het Eurovisie Songfestival?

Al zolang ik me kan herinneren is het Eurovisie Songfestival omstreden, vooral bij mensen met een meer dan gemiddelde liefde voor de popmuziek. In hun ogen is de liedjeswedstrijd tussen landen oppervlakkig, clichématig, puur gericht op de buitenkant, en dan ook nog eens doordrongen van politiek gekonkel of politiek correct stemgedrag. Zeer oninteressant dus.

Begin jaren 90 beleefde het kwakkelende Europese liedjesfestijn een verrassende wederopstanding. Nou ja, helemaal verbazingwekkend was het niet. In die jaren werd een groot deel van de Oost-Europese landen één voor één met de West-Europese verenigd in de NAVO en de EU. En hoe konden de banden beter worden aangehaald dan met muziek, de meest symbolische en verenigende kunstvorm die er bestaat?

(meer…)

Smeltkroes, Stoofpot en Spons

De lof van New Orleans als muziekstad moet geregeld opnieuw bezongen worden. Bijvoorbeeld hier op Goeie Nummers. Want als er één stad aanspraak kan maken op de titel Bakermat van de Rock-‘n-Roll dan is het The Big Easy, zoals de stad in Louisiana ook wel wordt genoemd. In deze ‘noordelijkste stad van de Cariben’ (weer een ander alias) kwamen invloeden uit Cuba, Sicilië, Frankrijk en Afrika in de eerste helft van de 20e eeuw samen in een culturele en muzikale smeltkroes waaruit de jazz en de oervorm van de rock-‘n-roll ontstonden, waaruit vervolgens zo’n beetje alles in de popmuziek voortkwam.

New Orleans baarde grootheden als Louis Armstrong, Jelly Roll Morton, Fats Domino en Little Richard. Hun opvolgers hadden namen als Allen Toussaint, Dr. John, The Meters en The Neville Brothers. Zij demonstreerden dat NOLA (alias nr 4) ook een spons was voor nieuwe stijlen, met name funk. Ze voegden die ingrediënten aan de bestaande mix toe om er een typisch-Zuidelijke New Orleans-stoofpot mee te brouwen, waarin alle smaken onnavolgbaar door elkaar heen lopen en elkaar versterken.

(meer…)

Meer tamboerijn

Er zijn instrumenten in de popmuziek die nooit de erkenning krijgen die ze verdienen. De triangel. De koebel. En ook de tamboerijn hoort daarbij: een muziekinstrument dat waarschijnlijk vooral wordt geassocieerd met saaie muzieklessen op de basisschool en vage gospelkoortjes op straat. Ten onrechte. De tamboerijn is een onmisbaar radertje in de machinerie van de popmuziek dat tegelijkertijd nauwelijks opvalt. Hoe kan dat?

Eerst dat onopvallende. Misschien zit hem dat deels in het uiterlijk. De kleine platte trommel met losse mini-bekkens, officieel ‘schelringen’ genoemd, heeft niets van het sierlijke van de gitaar of het imposante van een drumstel, piano of orgel. De tamboerijn (in Oudnederlands: ‘beltrom’) heeft wel een lange geschiedenis in de volksmuziek, maar daar heb je qua uitstraling weinig aan in de rock-‘n-roll.

(meer…)

Met welke popster deel jij je verjaardag?

Wist je dat je in een groep van twintig mensen een kans van 41,1% hebt dat er minstens twee mensen dezelfde verjaardag hebben? En in een groep van dertig mensen zelfs 70,1%? Meer dan je dacht waarschijnlijk. Dit geinige weetje haalde ik uit de column van Ionica Smeets in de Volkskrant van afgelopen zaterdag. Altijd leuk voor op feestjes als we die ooit weer gaan hebben, en ik moest ook denken aan een dik boek over ‘de geheime taal van verjaardagen’ dat ik lang geleden onder ogen kreeg.

The Secret Language of Birthdays beschrijft 366 persoonlijkheidsprofielen op basis van een mix van astrologie, numerologie, intuïtie en tarot. Ik geloof natuurlijk totaal niet in die dingen, maar natuurlijk toch meteen naar mijn eigen geboortedag: 2 oktober. En daar viel mijn oog, tussen enkele zeer herkenbare inzichten over de sterke en zwakke kanten van mijn karakter, op een lijstje beroemdheden met dezelfde geboortedag.

(meer…)

Kunnen mensen elkaar veranderen?

Vorig jaar las ik de roman Normal People van de Ierse schrijver Sally Rooney (1991). De roman vertelt het verhaal van twee jonge mensen van rond de twintig, Marianne en Connell, die een aantal jaren en enkele tragische misverstanden nodig hebben om de ballast van hun jeugd achter zich te laten en erachter te komen dat ze toch echt voor elkaar bestemd zijn.

Zo samengevat is het een weinig opzienbarend verhaal, maar de kracht van Normal People, verschenen in 2018, zit in de meeslepende wijze waarop de groeipijnen van en de interactie tussen de twee hoofdpersonen worden weergegeven. En ook in de subtiele manier waarop het boek de lezer laat nadenken over de invloed die mensen op elkaar kunnen uitoefenen. Aan het eind van het boek stelt auteur Rooney bij monde van Marianne dat ‘mensen elkaar echt kunnen veranderen’. Op het eerste gezicht een vreemde bewering, want we weten immers allemaal dat je een ander mens niet kunt veranderen, en dat je zoiets ook niet zou moeten willen. Toch?

(meer…)

3 x Engeland

Toen ze nog bij de EU hoorden konden we ze vaak wel schieten, die eigenwijze Britten. Toen ze aan de Brexit gingen doen nog meer. Maar nu ze zich in overdrachtelijke zin zeker 200 mijl van ons verwijderd hebben, beginnen we die excentrieke eilanders toch wel een beetje te missen. Het is misschien ook daarom dat ik de laatste weken behoorlijk verslingerd ben geraakt aan drie vrij recente acts uit het VK: Snowpoet, Sault en Arlo Parks.

Snowpoet laat zich moeilijk in een hokje stoppen. De pers maakt wel vergelijkingen met Björk, maar wat mij betreft is de IJslandse zangeres een stuk minder aards dan dit Londense duo. Hun recente album Wait For Me bevat folkachtige popsongs met sterke melodische hooks, ingebed in subtiele elektronica. Er zit iets mysterieus in, iets dat sluimert maar ook kan opflakkeren en misschien zelfs uitbarsten. Grootste troef van Snowpoet is zangeres Lauren Kinsella, die afwisselend intiem, ontwapenend, afstandelijk en groots klinkt. Ze houdt je als luisteraar als het ware aan een touwtje, zodat je aandacht steeds opnieuw naar haar toe wordt getrokken. Luister bijvoorbeeld naar Roots.

(meer…)

Het mooiste vogellied

Het is de tijd waarin we elke ochtend weer vogels horen, als aankondiging van de lente. Gisteren liep ik in een bos, mijn oren gespitst op het geluid van onder meer vinken en spechten, en ik moest denken aan alle bijzondere en vreemde vogels in de popmuziek. Aan bands genoemd naar vogelsoorten, zoals The Eagles, The Black Crows, Old Crow Medicine Show, The Byrds en Noel Gallagher’s High Flying Birds, om er een paar te noemen. En aan de liedjes die aan onze gevederde vrienden zijn gewijd.

Net zoals dichters van oudsher veel vogels in hun werk opvoeren, moeten de overeenkomsten tussen deze twee zingende diersoorten ook voor veel liedschrijvers te groot zijn om te negeren. Mannetjesvogels zingen onder meer om hun territorium af te bakenen en vrouwtjes te lokken. Ik ben vast niet de enige die hierin iets van het type rockzanger herkent. In elk geval zijn er flink wat vogelliedjes in de rock-‘n-roll te spotten – en er zitten hele mooie tussen.

(meer…)

Geluk of mensenrecht?

In de Volkskrant van afgelopen woensdag stond een opvallend nieuwsbericht over een ‘zangrel’: voorvechters van vrouwenrechten in Afghanistan waren in opstand gekomen tegen een aangekondigd verbod op zingen in het openbaar voor meisjes boven de twaalf jaar. Onder de hashtag #IAmMySong gingen al snel vele filmpjes van zingende meisjes rond op de sociale media.

Het bericht trof me. Hoe zou het zijn wanneer de machthebbers mij vanwege mijn sekse zouden verbieden om in het openbaar te zingen. Moeilijk om me zoiets voor te stellen, omdat zingen in onze westerse samenleving niet geassocieerd wordt met zonde en ook omdat algemene beperkingen voor mannen hier ondenkbaar zijn.

(meer…)

Het mooiste lied over de wind

De meteorologie en de popmuziek zijn vrienden voor het leven. Tenminste, dat valt af te afleiden uit de frequentie waarin verschijnselen als storm, sneeuw, kou, hitte, regen en zonneschijn in liedjes voorkomen. Maar toen ik naar aanleiding van het weer van de afgelopen dagen op zoek ging naar de mooiste popsong over de wind, had ik toch niet verwacht dat de oogst zo groot zou zijn – en zo rijk.

Wind blijkt als popthema nog populairder dan regen: de harde schijf van mijn de pc roept al meer dan honderd titels op. En dan heb ik de liedjes waarin het stormt nog buiten beschouwing gelaten. En wat een sterke liedjes zijn het ook vaak. Alsof de wind de liedjesschrijvers extra inspiratie heeft ingeblazen.

(meer…)

Je bent veertien

Onlangs liep ik met een volgeladen winkelkarretje in de plaatselijke Plus-supermarkt, mijn ogen gericht op de schappen met vuilniszakken. Opeens hoorde ik, net boven het winkelgeroezemoes uit, de uit duizenden herkenbare klanken van On the Border van Al Stewart: ´The fishing boats go out across the evening water’. Dat exotische beeld mengde zich instant met jaren 70-behang, een langwerpige jongenskamer, een pick-up, het gevoel dat er een leven voor me lag waarin alles kon gebeuren, in Spanje of andere exotische plaatsen. De boodschappen waren even helemaal vergeten.

Ik moest terugdenken aan een mooi artikel in The Times waarop een vriend me een tijdje geleden attendeerde. De Britse popjournaliste Caitlin Moran (1975) beschrijft hierin hoe ze in een doe-het-zelfzaak plotseling volschiet bij het horen van Tracy Chapmans hit Fast Car uit 1988. Een Proustiaanse stroom herinneringen aan haar tienertijd welt op, vooral aan de vlucht-fantasieën van de getroebleerde puber die ze was. Verborgen achter haar mondkapje zingt ze de tekst nu met beverige stem mee.

(meer…)

Albumverjaardag ◉ Fun Lovin’ Criminals – Come Find Yourself

De jaren 90 vormden interessante periode in de popmuziek. In elk geval ervoer ik destijds weer een welkom golfje van opwinding, na de duistere jaren 80 – ik schreef daar al eerder over, en later nog eens om dat weer te nuanceren. Maar in de jaren 90 kwam een hele reeks nieuwe artiesten op die oudere stijlen in de reageerbuis gooiden om er buitengewoon vernieuwende muziek van te maken: grunge, funkrock, rootsrock, souljazz en alternatieve country. Denk aan The Black Crowes, Nirvana, Living Color, Lenny Kravitz, G. Love & Special Sauce, plus americana-artiesten als Buddy Miller, Wilco, Steve Earle en nog veel meer.

Niet dat al het werk van deze acts me even sterk aansprak, maar ik voelde een echo van mijn tienerjaren, de periode die zoals bekend een onuitwisbaar stempel op onze muziekziel drukt. Een van de nineties-platen die veel indruk op me maakte, was Come Find Yourself, het debuutalbum van de Fun Lovin’ Criminals uit 1996. Morgen wordt-ie 25 jaar – alle reden dus voor een feestje en wat aandacht.

(meer…)

Het mooiste Valentijnslied

Aan het eind van de Middeleeuwen begonnen we de sterfdatum van een 3e- of 4e-eeuwse bisschop, de heilige Valentinus, te koppelen aan de liefde. Anno 2020 spelen winkeliers en online retailers volop in op deze oude christelijke traditie. En of je het nou leuk vindt of niet, popmuzikanten blazen ook op dit gebied hun partijtje mee. Logisch, de halve popmuziek draait tenslotte om de liefde. Maar hoe vind je te midden van al die liefdesliedjes het mooiste Valentijnslied?

Je moet je in elk geval niet laten leiden door songtitels. Zowel David Bowie (op Brand New Day uit 2013) als James Taylor (op Never Die Young uit 1988) maakte een nummer met de titel Valentine’s Day – en beide liedjes blijken bij nadere beluistering over moord en doodslag te gaan! Misschien kunnen we beter eerst even teruggaan naar de bron, de legende van Sint-Valentijn. (meer…)

Kwetsbaarheid

Minister Bruno Bruins persconferentie maart 2020. Fotocredit: Phil Nijhuis

Op 18 maart 2020 zakte minister van Medische zorg Bruno Bruins in de Tweede Kamer voor het oog van de camera’s in elkaar tijdens het beantwoorden van kritische vragen van het parlement. Een dag later trad hij af vanwege oververmoeidheid. Hij was in zekere zin het eerste bekende slachtoffer van de corona-epidemie.

Nu, bijna een jaar later, kijk ik naar een foto van Bruins tijdens een persconferentie over het coronavirus. De foto moet niet lang voor zijn afscheid zijn genomen. Hier stond de minister nog rechter, maar het is moeilijk om naar deze foto te kijken zonder de kennis over het vervolg erbij te gebruiken.

(meer…)

Jekyll en Hyde in de popmuziek

Wil ik dit wel weten? Die vraag stelde ik mezelf deze zomer toen Akwasi ophef veroorzaakte met zijn uitspraak over Zwarte Piet tijdens de Black Lives Matter-demonstratie op de Dam. En onlangs opnieuw bij het nieuws dat de rapper-activist EO-journalisten onheus had bejegend. Het gevolg van dit soort informatie is namelijk dat je de muziek van Akwasi bijna zou vergeten. En dat zou jammer zijn, bijvoorbeeld vanwege zijn vorig jaar verschenen album Sankofa, een lekkere positieve hiphopplaat met Afrikaanse invloeden (prijsnummer Je Bent Nodig, samen met Typhoon & Fresku).

Het is niet de eerste keer dat ik worstel met de discrepantie die tussen een artiest en zijn muziek aan de ene kant en ‘de mens achter die artiest’ aan de andere kant. Zo maakte soulster James Brown opwindende feelgood muziek, terwijl de man Brown voor zijn omgeving vaak een tiran was. De artiest John Lennon zong over vrede op aarde, de mens Lennon gedroeg zich privé vaak minder harmonieus. Het meest recente voorbeeld in dit illustere rijtje: Van Morrison. De Belfast Cowboy smelt in zijn werk mystiek, folk en soul op onnavolgbare wijze samen, maar dreigde onlangs de Noord-Ierse regering met een rechtszaak tegen de coronamaatregelen, die volgens hem zijn gebaseerd op ‘pseudo-wetenschap’.

(meer…)

Het mooiste sneeuwlied

In een popsong kan regen veel verschillende dingen betekenen: somberheid en tegenslag maar ook vrijheid en ontlading. Wind wijst vaak op veranderlijkheid maar ook op verkoeling. Van de meteorologische verschijnselen in liedjes is sneeuw misschien wel het meest eenduidige én het meest positieve: het staat voor plezier en schoonheid. Maar bij mijn zoektocht naar het mooiste sneeuwlied merkte ik dat artiesten toch verschillende aspecten van de fraaie sneeuwkristallen bezingen.

Denk je aan sneeuwliedjes, dan denk je waarschijnlijk in eerste instantie aan populaire kerstkrakers als Jingle Bells of White Christmas. In deze nummers staat sneeuw voor pret, jolijt, gezelligheid en saamhorigheid. We glijden op een arrenslee door een wit landschap, werpen een blik vanuit het warme knusse huis op kinderen die buiten een sneeuwpop maken of sneeuwballen gooien. Deze positieve clichés leveren echter niet gauw een lied van bijzondere kwaliteit op.

(meer…)

Waar is de gitaarsolo?

Er zijn dingen die zo geleidelijk veranderen dat je de trend lange tijd niet opmerkt – totdat die zich onverwachts aan je opdringt. Zo’n ervaring had ik een tijdje geleden toen ik luisterde naar het nummer Overseas op het recente album Reunions van Jason Isbell and The 400 Unit. Ik hoorde iets waarbij ik verwonderd dacht: wat heb ik dat al een tijd niet meer gehoord… een lange gitaarsolo.

Ellenlange erupties van ‘gitaargoden’ zijn allang niet meer in de mode, dat wist ik wel. Maar nu realiseerde ik me opeens dat ik in het huidige popaanbod überhaupt nog maar zo weinig gitaarsolo’s hoor, ook in de indiepop en de americana. Is de gitaarsolo inderdaad bezig langzaam te verdwijnen of vergis ik me? Een wetenschappelijk onderbouwd antwoord heb ik niet kunnen vinden, maar de aanwijzingen wijzen allemaal één kant op. (meer…)

Albumverjaardag – John Hiatt: Crossing Muddy Waters

Aan begin van dit millennium zag het er niet al te zonnig uit voor John Hiatt. De Amerikaanse rootsmuzikant leek op een dood punt te zijn aangeland. Zijn meest recente album, Little Head, was zeer matig ontvangen door recensenten én het publiek. De mensen van platenlabel Capitol verloren hun vertrouwen in de commerciële mogelijkheden van de artiest. Maar vreemd genoeg was deze situatie voor Hiatt, die door vele collega’s, critici en hardcore fans wordt beschouwd als een van de grootste americana-songwriters, allesbehalve nieuw.

John Hiatt (1952, Illinois) begon zijn muzikale carrière helemaal onderaan de ladder. Op18-jarige leeftijd verliet hij huis en haard om zijn geluk te beproeven in country-hoofdstad Nashville. Als lopende-band-liedjesschrijver produceerde hij daar voor 25 dollar per week in een paar jaar tijd in totaal zo’n 250 liedjes. Het zou tot midden jaren 70 duren voor hij zich los wist te maken van zijn rol in de coulissen. (meer…)

De mooiste muziek van 2020

Album Top 5 van 2020 door Chris Bernasco

 

2020 loopt af. Alles is ditmaal anders, en toch is alles hetzelfde: een kerstboom, de Top 2000, stille straten, verdwaald vuurwerk. Deze laatste dagen van het jaar kun je als het ware vanaf de zijkant naar het verstrijken van de tijd kijken, dat vind ik fijn. Links, in een schuine boog, zie ik het afgelopen jaar liggen, rechts wat komen gaat. En verder hoef ik even niks. Bovendien zijn er de albumjaarlijstjes. Yes!

Lijstjes met de beste muziek van het jaar zijn altijd leuk om doorheen te struinen, ook in 2020 weer. Een van de aantrekkelijke dingen is dat elk medium het weer anders aanpakt. De Amerikanen van Pitchfork en de Britten van The Guardian komen beide met een traditionele Album Top 50, met daarin voor mij behoorlijk wat onbekend gebleven titels, die ik opvat als luistertips. (meer…)

Waarom zo weinig nederpopcovers?

De afgelopen weken heb ik hier me op Goeie Nummers in alle toonaarden uitgesproken over covers, en toen viel me op dat er in de vaderlandse popgeschiedenis relatief zo weinig Nederlandstalige tophits gecoverd worden. In elk geval veel minder dan in het Angelsaksisch taalgebied, waar coveren vrij gebruikelijk is. Uit mijn geheugen kan ik nauwelijks Nederpopcovers naar boven halen, en ook op internet heb ik er maar een beperkt aantal kunnen vinden.

Wat je wel ziet, vooral in de jaren 50, 60 en 70, zijn Nederlandstalige versies van buitenlandse nummers. In die tijd was het heel gebruikelijk om liedjes uit te brengen die waren vertaald vanuit het Frans, Duits, Grieks of Engels, meestal zonder dat feit zo duidelijk te communiceren. Wist je bijvoorbeeld dat Het Dorp van Wim Sonneveld een cover is van het nummer La Montagne van Jean Ferrat? En dat Marco Borsato’s hit Dromen Zijn Bedrog  teruggaat op Storie Di Tutti I Giorni van de Riccardo Fogli? Op Muzieklijstjes.nl staat een mooie lijst van dit soort nummers, samengesteld door kenner van het Nederlandse lied Vic van de Reijt.

(meer…)

Wie wint: cover of origineel?

Twee weken geleden schreef ik over een fraaie uitvoering van A Woman’s Work van Kate Bush (door soulzanger Maxwell). Op sociale media merkte iemand toen op dat ‘het origineel uiteraard toch het mooist was’. Die reactie maakte me bewust van iets cruciaals dat ik de afgelopen weken in mijn zoektocht naar de aantrekkingskracht van covers over het hoofd had gezien: rivaliteit.

In de nieuwsmedia is het al eeuwenlang een gouden wet: niets trekt zoveel aandacht als rivalen die strijden om de prooi, de overwinning, de prijs, de eer. Denk aan Art en Keessie, Beatles & Stones, Trump en Biden. Rivalry sells. Zo gaat het ook bij covers. Mensen willen weten: welke van de twee is de beste? Wie gaat er met de grootste eer strijken, ‘van wie’ zal het nummer uiteindelijk blijken te zijn? (meer…)

De Top 2000: nationaal wisselbadritueel

Afgelopen dinsdag begon de Top 2000 Stemweek van NPO Radio 2. Tot aanstaande maandag 17.00 uur kun je uit een lange lijst nummers minimaal 5 en maximaal 35 favorieten kiezen, of liedjes van je persoonlijke voorkeur toevoegen. De Top 2000, begonnen in 1999, is inmiddels een instituut, en ik merk dat ik er ook dit jaar weer echt naar uitkijk. Wat maakt die Top 2000 voor mij zo speciaal?

Nou, dat is zeker niet de pretentie van ‘De Beste Muziek Aller Tijden’. Dat zijn mooie marketingkreten, maar alleen al de aanwezigheid van nummers als I Was Made For Loving You van Kiss (no. 328 in de lijst van vorig jaar) en Holiday in Spain van Bløf & Counting Crows (no. 309) spreekt deze claim tegen (sorry als ik nu op iemands hart heb getrapt). Net als de overmaat aan ouwe witte rockacts bovenaan in de lijst. Wat de Top 2000 dan wel is? Een fijn nationaal wisselbadritueel. (meer…)

De mooiste vrouw-naar-man-cover

Naar aanleiding van de blog van vorige week, die afsloot met Aretha Franklins versie van Respect (Otis Redding), besloot ik daarna op zoek te gaan naar de mooiste genderwissel-cover van vrouw naar man. Voor alle duidelijkheid: dan gaat het dus over een zanger die een nummer zingt dat bekend werd in de uitvoering van een vrouwelijke artiest.

Met die zoektocht riep ik wel wat over mezelf af. Ten eerste bleken er helemaal niet zo heel veel vrouw-naar-man-covers te vinden te zijn. In elk geval veel minder dan andersom. Wetenschappelijke informatie heb ik niet gevonden, maar het is vast geen toeval dat er bijvoorbeeld op de Spotify-playlist Cover Girls (female covers of male songs) 1181 liedjes staan, en op Male Covers of Female Songs slechts 30. En wat zegt die scheve verhouding? Vermoedelijk veel over de ongelijke rolverdeling tussen mannen en vrouwen in onze popcultuur en onze samenleving in het algemeen. Dangerous territory. Piep-piep-piep. Mijnenveld. (meer…)

Een moment van verwarring

In tegenstelling tot de klassieke muziek en de jazz kent de popmuziek geen sterke cover-traditie. Van popartiesten verwachten we dat ze vooral zelfgeschreven liedjes spelen in plaats van werk van anderen vertolken. Toch luisteren we ook allemaal graag naar covers. In sommige gevallen is de cover zelfs beroemder dan het origineel. Wat maakt zo’n nieuwe versie van een bekend nummer eigenlijk zo aantrekkelijk?

Mijn hypothese is dat dat komt door het effect van de eerste kennismaking. Want bij die kennismaking heeft de cover altijd iets extra’s ten opzichte van een nieuw nummer: een moment van verwarring, korter of langer, dat op een gegeven moment wordt opgelost. Als een prangende vraag die zich eerst opdringt en daarna gelukkig een antwoord krijgt. Verrassing en herkenning. (meer…)

Drie werelden worden één

Een goeie cover maken is een kunst. Dat realiseerde ik me deze week weer toen ik door een bevriende muziekliefhebber werd gewezen op een artikel in NRC over de verrassende cover-vaardigheden van popster Miley Cyrus, die onder meer Jolene, de evergreen van peettante Dolly Parton, van een fijn rauw randje voorziet.

Een van de dingen die covers bijzonder maakt, is denk ik dat we daarbij getuige mogen zijn van de ene kunstenaar die reageert op het werk van een andere kunstenaar – en vaak ook op andere covers van datzelfde nummer. Het is een beetje alsof je toekijkt terwijl meester-jongleurs met onnavolgbare bewegingen een voorwerp naar elkaar overgooien dat ondertussen ook nog steeds van kleur of vorm verandert. Of zoiets. (meer…)

Goed slapen en goed opstaan

Twee wetenschappelijke nieuwtjes over muziek trokken deze week mijn aandacht. Nu heb ik een ambivalente houding ten aanzien van de muziekwetenschap: aan de ene kant wil ik steeds meer weten en aan de andere kant ben ik bang dat meer kennis juist afbreuk zal doen aan het wonder van de muziek. Een dilemma dat zich, net als de meeste andere dilemma’s in mijn leven trouwens, keer op keer zonder wezenlijke verandering voordoet.

Hoe dan ook, bij het zien van de kop ‘Onverstaanbare slaapliedjes zijn ook slaapverwekkend’ in populairwetenschappelijk magazine KIJK – ja, het bestaat nog – was mijn nieuwsgierigheid weer gewekt. De heersende opvatting over slaapliedjes is dat baby’s er rustig van worden omdat ze de bekende stem van hun vader of moeder horen. Onderzoekers van het Music Lab van de Harvard Universiteit hebben echter gevonden dat baby’s ook kalmer worden van opnames van slaapliedjes die door onbekenden worden gezongen. Met andere woorden, de liedjes zélf hebben slaapverwekkende eigenschappen. Jammer voor het zelfbeeld van ouders, fijn voor de status van muziek. (meer…)

De muziek uit je jeugd

Vorige week vroeg ik me wat onrustig af of ik met het langzaam breder worden van mijn muzieksmaak ook een deel van mijn identiteit aan het verliezen was. Daarna bedacht ik dat je de relatie tussen die twee ontwikkelingen natuurlijk ook heel anders kunt interpreteren: misschien zijn identiteit en muzieksmaak in de puberteit en adolescentiefase gewoon sterker aan elkaar verbonden dan later. Als tiener, zoekende naar mijn ware aard, kon ik de muziek goed gebruiken als de steunpilaar die ik nu, zo’n veertig jaar later, minder nodig heb.

Deze interpretatie biedt zeker enige geruststelling, maar roept ook de vraag op of de muziek voor mij dan tegelijkertijd niet sterk aan betekenis heeft ingeboet. Dat wat ooit een noodzakelijke levensbehoefte was en diepe impact op mijn gevoelsleven had, zou dan nu misschien meer een soort luxe in mijn bestaan zijn geworden, iets wat ik zonder veel problemen kan missen. Is dat ook zo? (meer…)

Wat je muzieksmaak over jou zegt

ABBA2Toen ik een tiener was, wist ik precies wat goed en niet goed was. In elk geval op het gebied van muziek. Alternatieve countryrock (Crosby, Stills, Nash & Young, The Band) was goed, Top 40 (ABBA, Michael Jackson) was fout. Folk, punk en new wave? Top. Disco, Franse chansons en het Nederlandse levenslied? Weg ermee. Houthakkershemden waren goed, gekke pakjes fout. Klassiek en jazz waren voor oude mensen, telden dus sowieso niet mee. Hoe heerlijk overzichtelijk was het leven.

schutting2Terugkijkend over meerdere decennia lijkt de ontwikkeling van mijn muzieksmaak het meest op het geleidelijk, één voor één, omvallen van hekken en schotten. Er gaat eigenlijk niets af, er komt alleen steeds meer bij. En dat proces gaat tot op de dag van vandaag door. Herkenbaar? (meer…)

Het nieuwe Spinvis-album

Op Goeie Nummers probeer ik de waan van de dag te mijden. Tijdloze muziek, tijdloze vragen over muziek, daarover moet het bij voorkeur gaan. Vandaag voert de actualiteit toch de boventoon, want vorige week – precies op mijn verjaardag, 2 oktober, dat kan geen toeval zijn – verscheen het nieuwe album van Spinvis: 7.6.9.6. Een mysterieuze woordloze titel die er natuurlijk om vraagt door Spinvis-exegeten te worden uitgeplozen.

In een interview las ik dat 7.6.9.6. vanwege de splendid isolation van corona wederom vooral huisvlijt was geworden, net als Spinvis’ baanbrekende debuutalbum uit 2002. Op dat titelloze debuut had Erik de Jong, zoals Spinvis voor de burgerlijke stand heet, vrijwel alles thuis in zijn eentje in elkaar geknutseld met behulp van echte instrumenten en allerlei elektronica. Ik was benieuwd of die werkwijze weer zo’n bijzonder album zou opleveren. (meer…)

Het mooiste herfstlied

Gezien de temperaturen van de afgelopen tijd is de herfst nu echt wel aangebroken. Een jaargetijde dat de gemoederen verdeelt. Sommige mensen bloeien op als de bladeren vallen, maar bij de meesten dreigt toch vooral neerslachtigheid en melancholie. En tegelijkertijd zijn maar weinig mensen ongevoelig voor de kleurenpracht van een herfstig loofbos. Voor popmuzikanten, een mensensoort die hypersensitief is voor gemoedsbewegingen, biedt het najaar dus een buitenkans. Welke artiest maakte er het mooiste lied over?

Liefhebbers van de herfst kunnen hun hart ophalen aan deze funksoulkraker uit 1978: September van Earth, Wind & Fire. Tekstschrijver Maurice White lijkt de komst van het najaar als het begin van een heel fijn feestje te beschouwen. Als je het nummer opzet, is de kans daarop ook behoorlijk groot. Maar verder heeft de pro-herfstgroep niet al te veel keuze aan goeie nummers. (meer…)

Kippenvel – Ain’t It Enough

Kun je een overtuigend liedje schrijven over de ultieme vraag, die naar de zin van het leven? Het onderwerp is zo groot, zo eindeloos, zo ongrijpbaar. Het lijkt onbegonnen werk om het eeuwige mysterie te vangen in een popliedje van een paar minuten. Maar dat is dan toch buiten Old Crow Medicine Show gerekend.

De Amerikaanse rootsband uit Nashville, Tennessee, kwam voor het eerst op mijn net- en trommelvlies via de bekroonde documentaire Big Easy Express uit 2012. Daarin trekt de band samen met Edward Sharpe & The Magnetic Zeros en de Britse Mumford & Sons in een vintage trein van San Francisco naar New Orleans terwijl ze op podia, treinwagons en buiten in het veld lustig met elkaar rondhangen en musiceren. (meer…)

Bowie’s boeken

boek Bowie's boekenkastBoeken. Lijstjes. Popmuziek. Drie dingen waar ik geen genoeg van kan krijgen. En dus ging er een flinke shot dopamine door mijn brein toen ik onlangs het boek Bowie’s Boekenkast van John O’Connell onder ogen kreeg, met als ondertitel: De honderd boeken die het leven van David Bowie veranderden.

groot affiche David Bowie Is Groninger MuseumIn 2013 ging in het Londense Victoria & Albert Museum de expositie David Bowie Is van start, een carrière-overzicht met zo’n vijfhonderd voorwerpen uit Bowie’s persoonlijke archief, zoals kostuums, schilderijen en handgeschreven songteksten. Onderdeel van de expositie, die daarna met groot succes de wereld over zou gaan, was ook een lijst met de honderd boeken die Bowie naar eigen zeggen het meest hadden beïnvloed. (meer…)

Albumverjaardag – After the Goldrush

Neil Young’s After the Goldrush, deze week vijftig jaar oud, was een van de eerste lp’s die ik kocht, omstreeks 1977 denk ik. Mijn fascinatie begon met de hoes: de voorkant somber donkergrijs met goudkleurige letters, de zanger die met opgetrokken schouders door een onbestemde straat loopt, de achterkant een close-up van Young’s hippiespijkerbroek. Binnenin de uitklaphoes ligt de artiest ontspannen met gitaar op een sofa. Zoveel vrijheid en melancholie, onweerstaanbaar voor de tiener die ik was, opgroeiend in slaapstad Zoetermeer.

En dat was alleen nog maar de buitenkant van After the Goldrush. Van het vinyl stegen de prachtigste liedjes op, vol liefdespijn en eenzaamheid. In 1977 was After the Goldrush al een oude plaat. Mijn klasgenoten draaiden nieuwe lp’s van The Eagles, Fleetwood Mac, ELO en Supertramp. Dit was iets anders. Vanaf het begin van mijn luistercarrière was ik gericht op de muziek van voor mijn tijd: The Beatles, CSNY, The Band, Joni Mitchell, de soul van Stax en Motown. De rol van buitenstaander paste me destijds het beste. (meer…)

The Band – broederschap en plankenkoorts

Vorige week zag ik in de bioscoop de nieuwe documentaire Once Were Brothers, over de opkomst en ondergang van een van de meest invloedrijke en bijzondere bands uit de popgeschiedenis: The Band. Ik ging in één keer een heel stuk terug in de tijd.

Het verhaal van The Band in zevenmijlspassen: vier Canadezen en één Amerikaan begeleiden vanaf begin jaren 60 als The Hawks de ruige rockabilly-zanger Ronnie Hawkins. In 1966 rekruteert Bob Dylan het vijftal voor de roemruchte tournee door Europa en de VS waarop hij ‘elektrisch gaat’ en meer scheldwoorden dan applaus mag incasseren. (meer…)

Eerherstel voor de jaren 80

Een tijdje geleden heb ik me hier op Goeie Nummers – en ook in mijn boek Diepe groeven – enigszins laatdunkend uitgelaten over een tijdvak waaraan sommige popliefhebbers buitengewoon goede herinneringen blijken te koesteren: de jaren 80. Van verschillende kanten kreeg ik daar wat commentaar op – heel beschaafd hoor, bedreigingen zaten daar niet of nauwelijks bij – maar zoiets zet je toch aan het denken.

In eerste instantie was ik verwonderd over die reacties. Ze troffen me als hernieuwd bewijs van het wetenschappelijk vastgestelde feit dat muziek uit het ‘eigen’ tijdvak, dat wil zeggen de muziek die mensen ongeveer tussen hun 12e en 25e horen, altijd een bijzonder plekje in hun hart blijft innemen. Zelfs als het gaat om liedjes met de steriele synthesizerklanken en het overdreven galmende drum- en zanggeluid van de jaren 80, gespeeld door muzikanten met bizar groot en doorgeföhnd haar. (meer…)

Klanken van oorsprong

The Blue DiamondsAfgelopen maandagavond zag ik op NPO2 de documentaire Klanken van Oorsprong van Hetty Naaijkens-Retel Helmrich. Aan de hand van belangrijke hoofdrolspelers wordt hierin het verhaal verteld van de Indische Nederlanders die tussen 1946 en 1960 naar ons land kwamen en hier een muzikale carrière opbouwden. Van vroege rock-‘n-rollhelden als de Tielman Brothers en The Javelins tot The Blue Diamonds, Sandra Reemer en Doe Maar-toetsenist Ernst Jansz.

affiche docu Klanken van oorsprongIk zag de documentaire nu voor de tweede keer, de eerste keer was bij de bioscoop-release in 2018. In de zaal destijds vooral Indische Nederlanders, herinner ik me. Af en toe hoorde ik iemand zachtjes grinniken bij een smakelijke anekdote die de muzikanten, inmiddels flink op leeftijd, opdisten over hun gloriedagen. Soms werd het ook stil in de zaal, als lang verzwegen pijn naar boven kwam, bijvoorbeeld over het onbegrip waarop de Indische Nederlanders destijds in ons land stuitten. (meer…)

Waar zijn de rocksterren?

Karl Ove KnausgardAls je tegenwoordig het woord rockster tegenkomt, lijkt het steeds te gaan over mensen buiten de popmuziek. Thomas Piketty wordt ‘rockster-econoom’ genoemd, schrijver Karl Ove Knausgård ‘literaire rockster’, de alternatief boerende Joel Salatin is de ‘rockster van de landbouw’, Suzanne Schulting ‘de popster in de Nederlandse shorttrackwereld’. Popartiesten zelf worden nauwelijks nog zo aangeduid, dus de vraag rijst: waar zijn de echte rocksterren gebleven?

Uncommon PeopleEen welsprekend antwoord op die vraag wordt geleverd door David Hepworth in zijn boek Uncommon People. The Rise and Fall of the Rock Stars (2017). Volgens de Britse muziekjournalist is de rockster te vergelijken met de cowboy. Ooit werkten er in Amerikaanse Westen echte koeienherders, inmiddels is de cowboy iets van vroeger, een archetype, een benaming voor bijvoorbeeld een ondernemer die zich niks aantrekt van de regels in zijn branche. (meer…)

Hoe belangrijk is de tekst?

Al vanaf mijn tienerjaren – de jaren 70 – speel ik als zanger-gitarist in amateurbandjes op kleine podia mijn zelfgeschreven popliedjes. Zonder grote ambities of verdiensten. Het is een pretentieloze bezigheid die tegelijkertijd heel belangrijk voor me is. Niet alleen vanwege ‘het sociale gebeuren eromheen’, maar ook omdat ik met die liedjes iets van mezelf kan uitdrukken, in een stijl die precies bij mij past – iets waar in mijn dagelijks werk niet zoveel ruimte voor is.

Zo’n tien jaar geleden besloot ik één ding te veranderen: ik schakelde van het Engels over op het Nederlands. Vanaf toen zong en schreef ik alleen nog in mijn moedertaal. En dat ene ding bleek een bijzonder verschil te maken. Het was alsof ik over een drempel stapte en in een onbekende wereld terechtkwam, misschien zelfs wel in een wereld die er daarvoor gewoon nog niet was. (meer…)

Een wijk vol popartiesten

muziekwijk AlmereBegin jaren 90 kreeg ook Almere-Stad zijn eigen muziekwijk. Een wijk voor zo’n twintigduizend inwoners, met straten die werden vernoemd naar beroemde componisten en musici. Daarbij bleef men, zoals een stad op nieuw land betaamt, niet in het verleden hangen. Usual suspects Bach, Mozart en Beethoven liggen hier broederlijk naast nieuwlichters als Schönberg en Andriessen, en jazzcats als Louis Armstrong en Duke Ellington worden geflankeerd door hun jongere verwanten: de popartiesten.

Wat zien we hier allemaal: parallel aan de Elvis Presleystraat lopen de Jimi Hendrix- en Bob Marleystraat. Alle drie kruisen ze de doorlopende Rolling Stonesstraat, waarop ook de Beatlesweg en de Supremes- en Golden Earringstraat uitkomen. Geinig popwijkje, ingebed tussen muzikale buurten met chansons, jazz, kleinkunst en klassiek. Ik ben benieuwd hoe het hier zou klinken als deze muziek allemaal tegelijkertijd op orkeststerkte zou worden afgespeeld. (meer…)

Het weekend kan beginnen

sterrenhemelDeze week op Goeie Nummers geen diepzinnige bespiegelingen over het wezen van de popmuziek of voorspellingen hoe het daarmee verder zal gaan. Wel even de spotlight op gewoon een paar associatief gekozen goeie nummers. Van oude bekenden en nieuwe sterren aan het firmament.

London BridgeOp vrijdagmiddag ben ik toe aan wat rustgevende of juist opwekkende tracks. Jij ook? En dan komt Westerman (voluit Will Westerman) goed van pas. De 28-jarige singer-songwriter uit Londen heeft net zijn eerste album Your Hero Is Not Dead uitgebracht. De Volkskrant noemt hem vanwege zijn troostrijke popliedjes ‘de juiste man op het juiste moment’. Dit is zijn single Confirmation uit 2018. (meer…)

Topsport op rijpere leeftijd

399px-Hans_VandenburgEen van de eerste Nederpopbands die ik als tiener in mijn hart sloot was Gruppo Sportivo, in 1978 goed voor hits als Hey Girl en Disco Really Made It. Maar ik had al een hele tijd niet meer aan de Haagse band van frontman Hans Vandenburg gedacht – tot ik eerder deze week mijn versie van de KINK Album Top 1000 ging samenstellen.

Kink betere uitsnedeDaar in die lange KINK-groslijst trof ik de eerste twee, inmiddels klassiek geworden, Gruppo Sportivo-albums aan: 10 Mistakes en Back to 78. Platen om nooit te vergeten. Supermeezingbare liedjes die ook nog eens razendknap in elkaar zitten. Draai Beep Beep Love, Bernadette en Tokyo nog maar eens als het nodig is het geheugen op te frissen. (meer…)

Het mooiste lied voor vader

vaderdagOvermorgen is het Vaderdag. Daarom is Goeie Nummers deze week op zoek gegaan naar een passende popsong om af te spelen als je hem zondagochtend, zeg maar, ontbijt op bed brengt. En hoewel er flink wat goeie vader-nummers bestaan, bleek het geen eenvoudige opgave om een echt goed vaderdaglied te vinden.

loudon wainwright met een gitaarSinger-songwriter Loudon Wainwright III heeft waarschijnlijk meer dan welke artiest ook over gezinsrelaties geschreven, onder meer over zijn vader. Maar in liedjes als Older Than My Old Man Now en Surviving Twin slaat hij de spijker zo nauwkeurig op de kop dat de gezelligheid er enigszins onder lijdt. En wat ook niet echt stemmingsverhogend werkt – de zanger zingt over een vader die er niet meer is. (meer…)

Kippenvel – Banks of the Nile

Fotheringay2Vandaag op Goeie Nummers voor de verandering een liedje dat echt oud is, misschien wel twee eeuwen, maar dan in een versie van slechts een halve eeuw geleden: Banks of the Nile, van de Britse folkrockgroep Fotheringay.

Richard_Redgrave_-_The_Emigrants'_Last_Sight_of_HomeFotheringay behoorde tot de lichting Britse bands die zich eind jaren 60 afwendden van de Amerikaanse stadse popmuziek van die tijd. In plaats daarvan richtten bands als The Watersons, Pentangle en Fairport Convention zich op het eigen land. Ze zochten naar oude volksliederen die op het Britse en Ierse platteland van generatie op generatie werden doorgegeven, om daar vervolgens een eigenwijze moderne draai aan te geven. (meer…)

En toen was er een boek

screendump Goeie Nummers 1e blogpostOp 11 mei 2014 verscheen mijn eerste blogbericht hier op Goeie Nummers. ‘De mooiste country-duetten’ luidde de titel, geschreven naar aanleiding van het fraaie optreden van de Common Linnets (Ilse DeLange en Waylon) op het Eurovisie Songfestival. En nu, ruim zes jaar later, is er dan een boek: Diepe groeven. Een terugblik en vooruitblik in één.

In 2014 had ik geen idee of ik meer van die stukjes ging schrijven, maar ik wist wel dat het naar meer smaakte. Daarna kwam er dus ongeveer elke week een nieuw bericht op Goeie Nummers, meestal op vrijdagmiddag om 16.00 uur, want er werd gezegd dat het slim was om een vast tijdstip te kiezen.

maan 3En het meest bijzondere was: er dienden zich veel meer interessante onderwerpen aan dan ik had verwacht. Niet alleen mijn eigen favoriete artiesten en liedjes, maar ook intrigerende pop-verschijnselen waar ik meer van wilde weten. Zoals de bijzondere verhouding tussen fans en hun idolen. Of hoe liedjes oude herinneringen kunnen oproepen. De impact van de voortschrijdende technologie op onze muziekbeleving. Wat onze muziekvoorkeur zegt over onze identiteit. Welke mooie liedjes er zijn geschreven over de maan, en welke daarvan het allermooiste is. Nee, de onderwerpen raakten niet op, integendeel. (meer…)

Dylans cadans

VPRo-gids 23-29 mei 2020Afgelopen zondag 24 mei werd Bob Dylan 79 jaar. Een eerbiedwaardige leeftijd, zeker voor een popartiest, maar de aandacht voor deze verjaardag in de media leek eerder bij een jubileum te passen. De VPRO pakte uit, en ook Pitchfork en Star Tribune kwamen met lange stukken. De bijzondere status van Dylan intrigeert mij – zelf ook fan – al lang. Er zijn meer iconen in de popmuziek, waarom lijkt hij zo hoog boven de anderen op het ereschavot te staan?

sleutelIk schreef daar een paar jaar geleden al eens over op Goeie Nummers. Mijn conclusie was toen dat Dylans onafhankelijke persoonlijkheid de sleutelfactor voor zijn statuur is. Ik sta daar nog steeds achter, maar ik zou er inmiddels aan willen toevoegen dat Dylan, in tegenstelling tot wat vaak wordt beweerd, ook muzikaal heel wat te bieden heeft. (meer…)

Word jij ook pop-mecenas?

De rijke Romeinse staatsman Gaius Cilnius Maecenas (70 – 8 v.C.) verwierf eeuwige roem als eerste sponsor en beschermer van de kunsten. Het systeem van financiële ondersteuning waardoor kunstenaars zich onbekommerd aan hun kunst kunnen wijden, draagt ook vandaag de dag nog steeds zijn naam: het mecenaat.

concertgebouworkestZou het mecenaat voor popmuzikanten een oplossing zijn nu hun inkomsten door de coronacrisis opdrogen? Ja, zeggen hoogleraar Mecenaatstudies Helleke van den Braber en De Staat-toetsenist Rocco Hueting in een recent gezamenlijk opiniestuk in de Volkskrant. Maar ze zien ook obstakels. Ze constateren dat het mecenaat in de gevestigde kunsten allang voorkomt in de vorm van geefkringen. Zo hebben Concertgebouworkest, Internationaal Theater Amsterdam (ITA) en Residentie Orkest vaste donateurs die overheidssubsidies en andere inkomstenbronnen aanvullen. In de popmuziek ontbreekt deze vorm van steun echter volledig, stellen ze, en dat komt door de cultuur van de popmuziek. (meer…)

Ik ben hier HEEL onzeker over – Help!

artikel Volkskrant 18 dec 2018 kwetsbare vloggers

In de Volkskrant van een tijdje geleden stond een interessant artikel van journalist Haro Kraak over een recent fenomeen onder populaire vloggers of influencers: ze laten op YouTube en andere sociale media hun kwetsbare kant zien. Onzekerheid, worstelingen en depressies komen in de plaats van het perfecte plaatje van een succesvol bestaan dat tot dusver de norm was. ‘De toverwoorden van deze trend zijn kwetsbaarheid, eerlijkheid en openhartigheid,’ schrijft Kraak. ‘Die echtheid is wat de – veelal jonge – volgers het liefst willen zien.’

omslag We zijn nog nooit zo romantisch geweest

Onlangs las ik het inzichtgevende boek We zijn nog nooit zo romantisch geweest (Lemniscaat, 2016) van filosoof en journalist Hans Kennepohl. Daarin gaat het ook over authenticiteit. De auteur laat zien hoe achttiende-eeuwse schrijvers als Rousseau en Goethe de ideeën van de Romantiek in het publieke debat brachten. De kern van die nieuwe ideeën: de mens is van nature goed, elk mens is uniek, emotie staat boven ratio, avontuurlijkheid boven het accepteren van de status quo. Authenticiteit (trouw zijn aan jezelf) geldt als de allerhoogste waarde.

hippiebus

Die romantische opvattingen, betoogt Kennepohl, zijn in de loop van de eeuwen steeds dominanter geworden. Vooral vanaf de sixties, als gevolg van de welvaartsgroei en de ontkerkelijking.

Door dit boek kreeg ik een heel nieuw beeld van mezelf. Ik bleek veel romantischer te zijn dan ik had gedacht. Oei. Dat maakte me in eerste instantie HEEL onzeker – maar ik zag meteen ook verbanden die me eerder ontgingen, in tv-reclames en maatschappelijke discussies – en ook in de popmuziek. Daar greep ik me dankbaar aan vast.

Beatles

The Beatles waren dé trendsetters van de sixties en maakten zelf ondertussen ook een stormachtige ontwikkeling door. Vertegenwoordigden de Fab Four misschien de groeiende invloed van de romantiek in de westerse samenleving? En werden ze tijdens hun bijna tienjarige bestaan ook steeds romantischer? Help – dit zijn grote vragen waarop ik helemaal geen antwoord heb. Toch maak ik hier graag een beginnetje.

hoes Help!

Vanaf 1962 veroverden The Beatles de wereld met hun inventieve en opgewekte liedjes. Een paar jaar later begonnen ze nadrukkelijk met hun muziekstijl te experimenteren. En met hun teksten. Nummer 1-hit Help! uit 1965 is daarvan het meest sprekende voorbeeld.

Waar liedjes als From Me to You en I Want to Hold Your Hand nog de gangbare cliché’s van de liefde opvoeren, kent Help! een radicaal andere toon:

‘When I was younger so much younger than today / I never needed anybody’s help in any way / But now these days are gone, I’m not so self assured / Now I find I’ve changed my mind and opened up the doors’

kurt cobain

Hier is iemand aan het woord die geen moeite doet om de schone schijn op te houden. Het door John Lennon geschreven en gezongen nummer toont existentiële angsten en doet dat onverbloemd. Zwakte wordt omgezet in sterkte. Lennons tenor is zowel krachtig als gekweld, een onweerstaanbare combinatie die later zou terugkomen bij verder zo uiteenlopende zangers als Kurt Cobain, Ray Lamontagne en Amy Winehouse.

logo Rolling Stone

In een interview met popmagazine Rolling Stone noemde Lennon in 1970 Help! een van zijn meest ‘echte’, niet ‘op bestelling’ geschreven Beatles-liedjes, en vanwege het eerlijke karakter ook een van zijn favoriete. Help! is authenticiteit in optima forma. De recente trend van openhartige kwetsbaarheid bij vloggers begon ruim een halve eeuw geleden bij de vier jongemannen uit Liverpool. En hoe origineel die ook waren – ze hadden het weer van Goethe en Rousseau.

Zo, dat lucht op, ik heb alles weer op een rijtje. Ik kan er weer tegenaan!

Over songwriters en spindoctors

Rinus MichelsMetaforen zijn geinige dingen. Door twee verschillende begrippen aan elkaar gelijk te stellen ken je aan het eerste begrip de eigenschappen van het tweede toe. Als je bijvoorbeeld net als Rinus Michels zegt dat voetbal oorlog is, ken je het populaire balspel automatisch eigenschappen toe als gewelddadig, doelgericht en meedogenloos – en worden andere eigenschappen van de sport, zoals schoonheid, plezier en sportiviteit, buiten beeld geplaatst. Een metafoor is een toverstokje.

Metaphors We Live ByVorige week linkte Goeie Nummers naar een mooi artikel van de Nijmeegse onderzoeker Lucas Seuren over het inventieve spel met metaforen in Bette Midlers klassieker ‘The Rose’ uit 1979. Seuren beschouwt het lied als een fraaie illustratie van de theorie van de Amerikaanse wetenschappers George Lakoff en Mark Johnson. Die lieten in hun boek Metaphors We Live By (1980) zien hoezeer onze dagelijkse taal, meestal zonder dat we het beseffen, voor een groot deel uit metaforen bestaat. En ook hoezeer we veel belangrijke abstracte zaken – zoals een gesprek, een carrière, maar ook de liefde – op een bepaalde manier begrijpen door de (onbewust) gekozen metaforen.

Framing Hans de BruijnMaar met dat linkje van vorige week was ik nog niet van het onderwerp af. Het bleef me achtervolgen, en ik werd getroffen door een opvallende parallel met mijn dagelijks werk in copywriting en communicatie. Want volgens veel communicatie- en retorica-deskundigen worden maatschappelijke discussies tegenwoordig in grote mate gekenmerkt door ‘framing’, in feite niets meer of minder dan een vorm van handig metaforen-gebruik.

parodieposter VVDPolitici en andere opiniemakers laten je door een slim gekozen kader (frame) naar een bepaald onderwerp kijken, met als uiteindelijk doel om hun eigen oplossing geaccepteerd te krijgen. Ze presenteren bijvoorbeeld de hypotheekrenteaftrek als ‘lastenverlichting’, die de burger helpt ontsnappen aan staatsdwang (rechts) – of juist als ‘villasubsidie’, die de rijken ten onrechte bevoordeelt (links). De onderliggende – niet uitgesproken – metafoor in het eerste frame is: de staat is een machtshongerige machine, in het tweede is de staat een rechtvaardige ouder.

Amanda McBroomAls je gewapend met deze kennis nog eens naar The Rose luistert, ontwaar je een framing war in optima forma. Niet over de hypotheekrenteaftrek, maar over de liefde. Songwriter Amanda McBroom breekt een lans voor haar eigen frame ten koste van andere frames. Ze zegt: sommige mensen stellen liefde voor als een rivier, anderen als een scheermes of als een honger – maar mijn frame, de roos, is het beste: liefde moet je voorstellen als natuurlijk, groeiend, heerlijk geurend, in staat om de winter onder de grond te overleven en in de lente te ontkiemen.

399px-Jack_de_Vries_2009_(1)Volgens de beste redenaarswetten maakt McBroom gebruik van de ‘drieslag’ van foute oplossingen om met de vierde haar gelijk te halen (wie deze week filmfragmenten met Martin Luther King zag, zal de vorm herkennen). En dat haar eigen oplossing klinkt precies op het moment dat de melodie weer thuiskomt in het beginakkoord, zal ook geen toeval zijn. Dit is geen dichtkunst meer, dit is je reinste retorica. En knap overtuigend. Een goede dichter is een beetje een spindoctor. Of moet elke goede spindoctor een beetje een dichter zijn?

Ken jij andere nummers met een fraaie liefdesmetafoor? Deel ze hier op Goeie Nummers!

 

Je kinderen opvoeden met goede muziek

muziek oudheid

Opvoeden is een fikse klus. Een hele industrie houdt zich ermee bezig en veel ouders zijn er ook maar druk mee. En een van de voornaamste onderdelen van de opvoeding, al sinds de oudheid, is de muziek.

Plato

De Griekse wijsgeer Plato (ca. 427-347 v.C.) zag muziek als de belangrijkste stimulans voor de geest. Wanneer muziek centraal staat in de opvoeding van een jongeman, zo stelde de Griekse denker (hij had het niet over vrouwelijke leerlingen), dan zal hij zich ontwikkelen tot een filosofisch denker. Dat was dus goed.

Schopenhauer postzegel

Ook latere filosofen kenden de muziek een belangrijke plaats toe in de opvoeding, zoals Arthur Schopenhauer (1788-1860) en Friedrich Nietzsche (1844-1900). Voor Schopenhauer stond muziek rechtstreeks in contact met ‘het geheim van de wereld’. Nietzsche vond muziek belangrijk omdat het ‘onze gedachten naar boven kan leiden, zodat het ons verheft.’

erik-scherder

De huidige hersenwetenschap geeft Plato, Schopenhauer en Nietzsche een steuntje in de rug. Hoogleraar neuropsychologie Erik Scherder van de VU stelt op basis van onderzoek dat muziek maken buitengewoon gunstig is voor de ontwikkeling van het brein – en pleit daarom hartstochtelijk voor de terugkeer van goed muziekonderwijs op school.

Buddy Holly

Als ouder zie ik als rol voor mezelf vooral: de kinderen een goede muzieksmaak bijbrengen. Ik ben daar dus al vroeg mee begonnen. Toen onze oudste nog in de buik zat, draaide ik Buddy Holly, Ray Charles, Bob Dylan, Aretha Franklin en The Beatles totdat het mijn vrouw op de zenuwen begon te werken. De jaren daarna danste ik met mijn dochter op I Wish en Superstition van Stevie Wonder – en oké, ook weleens op Kusjesdag en MaMaSé! van K3.

The Rhythm of the Saints

Met de jongste pakte ik het wat subtieler aan. Terwijl we samen een spelletje of puzzel deden, zette ik zonder er speciaal de aandacht op te vestigen Paul Simons The Rhythm of the Saints of Eric Claptons JJ Cale-tribute The Breeze op. Priming noemen ze dat geloof ik in de beïnvloedingswetenschap. Bij het aankweken van een goede muzieksmaak mag je geen middel onbeproefd laten.

Ariana Grande

Inmiddels zijn de kinderen 18 en 15. Ze luisteren op hun ‘oortjes’ naar de popsterren van nu: Ariana Grande, Billie Eilish en Bruno Mars. Naar Nederlandstalige rappers als Ronnie Flex, Famke Louise en Boef. Naar andere artiesten die bij mij het ene oor in en het andere oor uit gaan. Veel succes lijk ik dus niet gehad te hebben. Of is dat maar schijn?

surprise Abbey Road

De afgelopen tijd zet mijn zoon geregeld uit vrije wil Michael Jacksons Greatest Hits op, en vraagt hij om The Breeze als we weer eens een puzzel gaan leggen. En samen zingen broer en zus uit volle borst mee met Let’s Get It On en It Takes Two van Marvin Gaye. Klap op de vuurpijl was de Abbey Road Sinterklaas-surprise die dochterlief vorig jaar voor me had gemaakt – zie hiernaast. Mag ik stiekem hopen dat mijn muzikale opvoeding uiteindelijk toch vruchten heeft afgeworpen?