folk

Nick Drake – Five Leaves Left

Five_Leaves_LeftEr zijn flink wat  klassieke albums die dit jaar hun gouden jubileum vieren. Een daarvan is Five Leaves Left, het debuutalbum van singer-songwriter Nick Drake. Destijds, in de zomer van 1969, bracht de verstilde folkpop van de melancholieke Brit (1948-1974) niet meer dan een kleine rimpeling in de vijver teweeg: een paar ongeïnspireerde recensies, lage verkoopaantallen. Ook de twee albums die Drake daarna maakte, Bryter Layter (1971) en Pink Moon (1972), deden weinig.

Nick_Drake_(1971) of 1969Na zijn vroegtijdige dood in 1974, aan een overdosis pillen, werd Drake postuum een cultartiest, gekoesterd in een kleine kring van gelijkgestemde romantisch-gekwelde zielen. Zelf leerde ik zijn muziek kennen via een bevriende muzikant, een fan die bijna even introvert en zwaarmoedig was als zijn idool. Maar in 2000 vond de muziek van de Britse zanger-gitarist opeens een groot publiek nadat Volkswagen de titeltrack van Pink Moon in een reclamefilmpje gebruikte om een van hun modellen te promoten. Het kan verkeren.

Sufjan StevensMaar hoe klinkt Five Leaves Left nu, vijftig jaar later, voor onze eenentwintigste-eeuwse oren? Heeft het album de tand des tijds doorstaan of is het een relikwie uit de sixties geworden? Of heeft Nick Drake inmiddels zoveel invloed gehad op andere artiesten – denk aan de rijk georkestreerde fluisterfolkpop van Belle and Sebastian en Sufjan Stevens – dat zijn originele werk inmiddels belegen is gaan klinken?

Way To BlueIk nam de proef op de som, en mijn conclusie is: Five Leaves Left is de jaren ongeschonden doorgekomen. Eigenlijk alles is bijzonder aan deze muziek. Nog steeds. De fraaie barokke orkestratie (Way To Blue). De ongebruikelijke akkoordenwisselingen (Time Has Told Me). Drake’s unieke finger-picking gitaartechniek die zoveel drive aan de ingetogen liedjes geeft (Cello Song).

Nick DrakeDaarbij: Drake’s liedjes verraden een schat aan invloeden en tradities – hij luisterde zowel naar Bob Dylan, Van Morrison en Muddy Waters als naar Johann Sebastian Bach, Miles Davis en John Coltrane. Voorbeeld: Fruit Tree. Maar uiteindelijk is Drake’s grootste geheim is dat hij liedjes maakte die niet naar jou toe komen, maar die jou naar zich toe trekken. Langzaam en onverbiddelijk. Liedjes waar je in wilt verdwijnen, met het idee dat je, als je dat wilt, nooit naar het heden hoeft terug te keren. Ga mee met River Man. Sluit af met Day Is Done.

Vreemd volk

The Byrds hoesFolkmuziek, zowel de Britse als de Amerikaanse variant, kent een bijzondere flexibiliteit. Hoe diep de wortels van het genre ook reiken, het zuigt even gemakkelijk invloeden uit rock, country en pop in zich op (Dylan, Byrds, Fairport Convention) als uit jazz (Van Morrison, Joni Mitchell, John Martyn en, recenter, Ryley Walker). En bij de folkartiesten van nu valt vooral de bloeiende samenwerking met moderne elektronica op.

Alice in Wonderland titelMaar het allerleukste aan folk vind ik het weirde dat je er vaak in aantreft: als luisteraar ben je als Alice die door een spiegel in een wonderwereld stapt: klein is daar groot, groot is klein, sprookjesfiguren lopen naast gewone mensen, een servies is een drumstel, de tijd stroomt trager. Even is het raar, maar al snel vind je het zo logisch als wat. Vandaag presenteert Goeie Nummers vier van die vreemde moderne folkies, drie van eigen bodem en eentje uit de VS.

Andrew Bird1De Amerikaan Andrew Bird (1973) timmert al een tijdje aan de weg. Sinds zijn solodebuut Weather Systems (2003) bracht de klassiek geschoolde multi-instrumentalist tien platen vol muzikale verrassingen uit. Bird is beïnvloed door Ierse en Schotse folk, klassieke muziek en jazz, maar werkt ook met repeterende loops. Zijn album Break It Yourself (2012) geeft een goed beeld van zijn fraaie melodieën en eigenzinnige gevoel voor humor.

Eerie Wanda2Eerie Wanda is het geesteskind van de Nederlands-Kroatische Marina Tadic. Na debuutalbum Hum (2016) verscheen onlangs opvolger Pet Towns. Centraal staan akoestische gitaar en dromerige zanglijnen, daarachter doemt af en toe een gek retro-orgeltje op, wat suggestieve percussie, flarden Beach Boys, Jefferson Airplane, Beach House, een elektrische gitaar. De liedjes lijken eenvoudig, maar suggereren steeds een dubbele bodem. Check out de nieuwe single Moon.

Eefje de VisserEefje de Visser (1986) is de enige neofolkie in dit rijtje die in het Nederlands zingt. De Utrechtse won in 2009 de Grote Prijs van Nederland in de categorie singer-songwriter en maakte tot nu toe drie goed ontvangen albums vol ingenieuze en poëtische liedjes. De zangeres-gitariste werkt steeds nadrukkelijker met elektronica en laat zich live soms louter door loops en drumcomputer begeleiden. Hier is De Visser met Jong.

LuwtenDe muziek van Luwten, de band van Tessa Douwstra, wordt wel knisper-folktronic genoemd, geen gekke benaming. Op het titelloze debuutalbum uit 2017 werkt Douwstra samen met geluidskunstenaar-percussionist Frank Wienk (aka Brinkbeats). Rondom Douwstra’s hypnotiserende zang, die soms doet denken aan Suzanne Vega, bouwt Wienk een minimalistisch geluidsdecor dat toch warm aanvoelt. Bekijk hier In Over My Head II, live met 14-koppige bezetting.

Alice in WonderlandBijzonder hoe deze artiesten de oude traditie koppelen aan een 21e-eeuws levensgevoel, met soundscapes die toegang bieden tot een parallelle werkelijkheid, ver weg van de moderne wereld van sociale media, drukte en sociale druk. Check gerust in, zou ik zeggen.

Nog niet verzadigd met moderne folk? Check out de fijne YouTube-playlist Wanderlust.

 

Beste Sandy,

Sandy Denny hoesIn je dagboeken schreef je brieven aan jezelf, en je liedjes klonken als flessenpost aan de wereld. Daarom voel ik me vrij genoeg om jou nu te schrijven, precies veertig jaar nadat je van ons wegging, op 21 april 1978. Hoewel jij me nog minder goed kent dan ik jou.

Sandy Denny2Ik stel me voor dat er ergens in de pophemel een rij postvakken staat waarin op onverklaarbare manier brieven vanuit onze wereld terechtkomen. In wisselende frequenties en hoeveelheden. Dat jullie met een schuin oog elkaars vakjes in de gaten houden en elkaar vervolgens halfhartig feliciteren met de oogst van de dag.

liege & liefWant zo verging het jou bij leven ook. Als Brits meisje uit de middenklasse werd je midden jaren 60 al gegrepen door de Londense folkscene. Dat was je leerschool. In je eentje met een gitaar op een podium. Een paar jaar later, op 21e, straalde je in Fairport Convention, groeide zelfs uit tot het boegbeeld van de Engelse folkrockband, beter gezegd tot hun sirene. Je stem herbergde het lief en leed van wel duizend jaar. Ik weet niet of je daar iets kunt horen, maar ik luister nu terug naar de traditional She Moves Through the Fair  en natuurlijk naar jouw eigen Who knows where the time goes. Kippenvel.

hoes SandyBewonderaars had je genoeg, ook met je band Fotheringay (1970-1971) maar je was even onzeker als overtuigd van je eigen klasse. Je solocarrière kwam nooit echt van de grond, ondanks liedjes als Late November. Met de kennis van nu: vanuit de folk of de folkrock doorbreken naar de pop was bijna onmogelijk. Aan de overkant van de plas deden collega’s dat wel: Bob Dylan, James Taylor, Joni Mitchell (mocht je je afvragen waar ze blijven, ze zijn nog hier). Maar niet in het Verenigd Koninkrijk, niet vanuit de Britse folk.

cover I've always kept a unicornIk las je biografie, I’ve Always Kept A Unicorn, die ruim vijfendertig jaar na je vertrek verscheen. Met daarin zo’n beetje heel je leven. Je vreugdes, je worstelingen. Opkomst en ondergang. Het verhaal stemt triest, om de druk die jou te veel werd en de verwijten die je jezelf maakte. En vanwege die stomme drugs en alcohol die jou alleen verder lieten afdrijven.

amy winehouse 3Richard Thompson, je muziekvriend, vond destijds in zijn nieuwe religie een manier om je vertrek te accepteren. Maar ik, niet gezegend met zo’n sterk geloof, kan dat niet. Ik moest denken aan Nick Drake, maar vooral aan Amy Winehouse. Misschien ben je haar al tegengekomen, ze is een paar jaar jonger nog dan jij. Ook zo’n ongelooflijk talent, zo’n geschenk voor alle stervelingen met oren. En net als bij Amy voel ik de drang om terug te reiken, door de tijd heen, en iets te doen. Iets. Ik weet, het is een futiele, kinderachtige gedachte. Maar toch.

Wat dacht je zelf, tegen het einde van je leven? Berustte je, zoals sommigen zeggen, of toch niet? Misschien is een antwoord te vinden in een van je mooiste maar ook droevigste liedjes, Solo:

Sandy DennyI could tell you that the grass is really greener
On the other side of the hill
But I can’t communicate with you
And I guess I never will

We’ve all, all gone solo
We all play solo
Ain’t life, life a solo?

 

Het mooiste lied voor de overkant

Guy_Clark_at_the_2009_Newport_Folk_FestivalVorige week, op 17 mei, overleed Guy Clark, 74 jaar oud. De Texaanse folk- en countryzanger was niet bijzonder bekend bij het grote publiek, maar voor zijn beperkte schare trouwe fans was hij een wijze, tegendraadse held. En in het creatieve gilde van de liedjessmeden gold hij als de ultieme vakman. Iemand die louter nummers schreef die tekstueel en muzikaal van begin tot eind kloppen.

hoes Old No 1Hier geen volledige opsomming van zijn verdiensten, al was hij natuurlijk wel even de componist van veelgecoverde juweeltjes als Desperados Waiting For A Train en ‘L.A. Freeway’. Een duik in een van zijn mooiste liedjes volstaat.

hoes My favorite picture of youMy Favorite Picture of You is de titelsong van Clarks gelijknamige, Grammy-winnende album uit 2013. Een jaar eerder overleed zijn echtgenote Susanna, met wie hij veertig jaar samen was. Op de hoes heeft hij de bewuste foto in zijn hand: toen zij op een dag thuiskwam en daar haar man en zijn songschrijvende boezemvriend Townes Van Zandt (1944- 1997) voor de zoveelste keer stomdronken aantrof, stormde Susanna woedend naar buiten. Daar werd de polaroid gemaakt. Nu, kijkend naar die foto, komt de hele scène bij Clark terug:

There’s a fire in your eyes / You’ve got your heart on your sleeve / A curse on your lips but all I can see / Is beautiful / Oh and you were so angry / It’s hard to believe / We were lovers at all

Guy en Susanna Clark jongDe foto geeft een moment weer waarop alles op springen stond. Geen gemakkelijk moment, maar het is dit stilstaande beeld, zonder begin en zonder eind, dat de zanger troost biedt:

My favorite picture of you / Is bent and it’s faded / And it’s pinned to my wall / A thousand words / In the blink of an eye / The camera loves you and so do I / Click

Guy en Susanna ClarkHet lied is onopgesmukt, direct. Clark probeert zo eerlijk mogelijk te zijn. Door de eerlijkheid van zijn vrouw op te roepen. Een ultieme poging om de overkant te bereiken – en wie weet is het hem destijds, drie jaar geleden, met ‘My Favorite Picture of You’ al gelukt om weer even bij zijn geliefde te zijn.

Lees ook het mooie artikel dat Geert Henderickx in 2015 over ditzelfde nummer schreef voor popmagazine Heaven. Of droom weg bij een andere prachttrack van Clark, Magnolia Wind.

Het mooiste lied over vriendschap

May you never John MartynOntelbare liedjes zijn er gemaakt over de erotische of romantische liefde. En hoe weinig over de liefde die vriendschap heet. Uit het hoofd tel ik ze op de vingers van één hand: ‘Waiting on a friend’ (Stones), ‘Hello, Old Friend’ (Eric Clapton). ‘Old Friends’ (Simon & Garfunkel), ‘With a little help from my friends’ (Beatles) en ‘You’ve got a friend’ (Carole King). Oké, ik heb nog een vinger nodig – die is dan wel meteen bestemd voor het mooiste vriendschapslied dat ik ken: May You Never, van de Britse singer-songwriter John Martyn.

Het begint meteen al fantastisch. Vanuit het niets, ondersteund door een enkele akoestische gitaar, glijdt Martyns omfloerste stem het nummer in:

‘May you never lay your head down, without a hand to hold / May you never make your bed out in the cold / You’re just like great strong brother of mine / And you know that I love you true.’

John MartynAlsof zijn lied zelf een wapen is om zijn broeders tegen alle onheil te beschermen. De tegendraadse troubadour (1948-2009) zorgt er tegelijk voor dat het lied niet klef wordt: hij weet dat vriendschap pas iets betekent als niet iedereen jouw vriend is (‘You never talk dirty behind my back and I know that there’s those that do’) en dat elk geluk in een oogwenk kan verkeren in zijn tegendeel:

‘May you never lose your temper, if you get in a bar-room fight / May you never lose your woman overnight.’

John Martyn elektrische gitaarJohn Martyn was een rusteloze ziel, die zijn vernieuwende folk mengde met uiteenlopende stijlen als dub, rock en jazz. Hij had ook een donkere melancholische inslag, worstelde met drugs en drank en had naar eigen zeggen moeite om ‘hoofd en hart’ in balans te houden. Misschien is het veelzeggend dat hij zijn vrienden in het refrein van ‘May You Never’ een opdracht meegeeft die, zoals bij levenslessen meestal het geval is, evenzeer aan de afzender zelf gericht lijkt:

‘Please won’t you please won’t you bear it in mind: / Love is a lesson to learn in our time / Please won’t you please won’t you bear it in mind for me.’

220px-JohnMartyn‘May You Never’ doet wat alle goede folksongs doen: mensen verbinden, over de eeuwen of andere grenzen heen. Zodat we toch iets mogen begrijpen van ons raadselachtige bestaan, en we ons begrepen en gekoesterd kunnen voelen. Dit nummer is daarmee ook een prachtig statement om, zoals ik onlangs mocht ervaren, tijdens een feest met vrienden live te laten weerklinken. Hou dat alsjeblieft in gedachten.

Het mooiste lied over verlies

In de afgelopen veertig jaar maakte hij tientallen albums. Beroemde collega-muzikanten, zoals Bonnie Raitt en R.E.M., namen zijn nummers op. Toch is Richard Thompson Richard Thompson(Londen, 1949) voor veel mensen nog steeds een onbekende. Moeilijk te bevatten. Hoewel, toen ik in 1980 met de Britse singer-songwriter kennismaakte, via het nachtelijke Rockpalast op de Duitse tv, had ik moeite om wakker te blijven. Ik zag een sombere, magere man met baardje die vooral lange en vreemde gitaarsolo’s produceerde. Pas in de jaren ’90 werd ik door hem gegrepen. Maar toen ook voorgoed. Hij is een van die bijzondere artiesten die constant is én steeds beter wordt.

Mooi verliezen

Richard Thompson is specialist in verlies, kun je zeggen. Onder de personen die hij in zijn liedjes opvoert vind je zelden opgewekte winnaars. Wel uitstekende verliezers. Andere artiesten hebben het vaak over stoere vrije jongens of ze vertellen een bekend verhaal over liefdesverdriet. Zo niet bij Thompson. Bij hem heeft verliezen veel gezichten.

Zo licht als een bijenvleugel

Een van zijn mooiste verliesliedjes is Beeswing (kijken op YouTube). De ik-figuur in deze folkballade van het album Mirror Blue uit 1994 denkt vol weemoed terug aan het beeldschone vrijgevochten meisje waarmee hij jaren geleden in de Summer of Love een relatie had. Haar vrijheidsdrang was sterker dan alles. ‘And you wouldn’t want me any other way,’ voegde ze hem toe voor ze hem verliet. Nu leeft ze op straat, zo heeft hij gehoord, verslaafd aan heroïne, in gezelschap van een wolfshond. Haar vroegere schoonheid is verdwenen door ‘hard weather and hard booze’. Hij heeft eerst een geruststellende verklaring: ‘I guess that’s just the price you pay for the changes you refuse’. Maar zijn eigen verlies, beseft hij dan, is minstens zo groot:

‘Oh she was a rare thing, fine as a bee’s wing / And I miss her more than ever words could say / If I could just taste all of her wildness now / If I could hold her in my arms today / Well I wouldn’t want her any other way’

Begeleid door een enkele fingerpicking-gitaar ziet de ik-figuur welk deel van hemzelf onvervuld is gebleven – en zal blijven. Bij Thompson wordt verliezen levenskunst. En mooi verliezen de hoogste deugd.