2016

Trouw en trouweloosheid

Robert EllisDe popmuziek is op dit moment verstoken van schokkend nieuws, zoals het overlijden van grote namen of de comeback van antieke geluidsdragers. Gelukkig maar, want dan kan ik het weer eens over Robert Ellis hebben. Onder de noemer ‘een oude ziel in een jong lichaam’ portretteerde ik hem al eens op Goeie Nummers, maar dat is alweer ruim een jaar geleden en daarmee heeft de singer-songwriter uit Texas zeker nog niet gekregen wat hem toekomt – en de lezer van dit blog evenmin.

ijswakEllis is zo’n artiest die je maar eens in de paar jaar tegenkomt. Wiens muziek als een ‘bijl het ijs van ons bewustzijn splijt’. Bij mij in elk geval wel. Niemand anders schrijft op dit moment zulke spannende popsongs die zo onmiskenbaar geworteld zijn in de rootstraditie. Of andersom: niemand flirt in zijn folk- en countrysongs zo soepel met pop en jazz. En niemand balanceert ook in zijn teksten zo overtuigend op het slappe koord tussen Trouw en Ontrouw.

hoes The Lights of the Chemical Plant van Robert EllisTot dusver produceerde Robert Ellis (1988) vier solo-albums: The Great Re Arranger (2009), Photographs (2011), The Lights from the Chemical Plant (2014) en vorig jaar zijn meest recente, gewoon Robert Ellis getiteld, alsof het zijn debuut betreft. Het is vooral met die laatste twee platen dat Ellis zich loszingt uit het pure country- en folkidioom.

albumhoes Robert EllisDat nieuwste album bevindt zich dan weer wel in de mooie poptraditie van het breakup-album. Alle liedjes van het album ademen het traumatische einde van een liefde, en ze snijden diep door de ziel. Luister maar eens naar California: ‘And she says maybe I’ll move to California / With the unbroken part of my heart I still have left / Maybe I’ll fall in love again someday / I’m not gonna hold my breath.’ De pijn van de uiteengespatte droom is tastbaar in elke vezel, alleen de fraaie melodie houdt het draaglijk.

single Free Man in Paris, Joni MitchellMaar Ellis kan en wil niet om de andere kant van de huwelijkse trouw heen, zoals in prijsnummer It’s Not Ok: ‘It’s not okay / The way we look at one another / It’s not okay / That our love has to stay undercover.’ Daarbij spaart hij ook zichzelf niet: ‘Maybe I’m destined to repeat myself forever / Don’t you think I’d learn from my mistakes?’ Zoveel openhartigheid in combinatie met zo veel schoonheid – het zal niet voor niets zijn dat hij ‘Free Man in Paris’ van Joni Mitchell tegenwoordig op zijn setlist heeft staan.

Ribs en bluesLive staat de Texaan trouwens ook zijn mannetje. Afgelopen juni speelde hij, gekleed in zijn strakke spacecowboypak en ondersteund door puike vaste begeleiders, op Ribs & Blues in Raalte. Ondanks de wat lompe geluidsmix en de barbecue-achtige sfeer op het Overijsselse festival bleven zijn subtiele nummers op het podium volledig overeind.

Robert Ellis met gitaarVoor wie zoveel lof juist twijfel oproept, kijk zelf maar naar Ellis’ Tiny Desk Concert, met louter begeleiding door ‘favorite guitar player on the planet’ Kelly Doyle. Of naar deze live-registratie, waarin de band wordt aangevuld met pedal steel. In Raalte liet Robert Ellis overigens weten alweer bezig te zijn met nieuwe nummers. Ik kan nauwelijks wachten op zijn volgende avonturen.

Kippenvel – ‘Skeleton Tree’ van Nick Cave

Nick Cave zwart jasjeHoe blijf je staande als je grootste nachtmerrie werkelijkheid is geworden? In 2015 overkwam dit de Australische singer-songwriter Nick Cave toen zijn 15-jarige zoon Arthur om het leven kwam door een val van een klif nabij zijn woonplaats Brighton (UK).

One more time with feelingOp het moment van het ongeluk was Cave met zijn band The Bad Seeds al in de studio bezig liedjes op te nemen. Dat proces ging door, maar alles werd natuurlijk anders. Om geen tekst en uitleg aan de media te hoeven geven, liet hij zich tijdens de opnames filmen door goede vriend Andrew Dominik, resulterend in de aangrijpende documentaire One More Time With Feeling.

hoes Skeleton Tree van Nick CaveOp Skeleton Tree, dat in 2016, tegelijk met de documentaire verscheen, moest de rouwende vader woorden vinden voor zijn verlies. Het album laat dan ook een andere Cave horen dan we gewend waren. Geen liedjes met verhalen, zoals ze op zijn eerdere platen veelvuldig te vinden zijn, maar vooral beelden en associaties. En weinig vaste ritmes. Alsof het waanzin was geworden om te doen alsof er ergens in deze wereld enige logica te vinden is.

Nick Cave achter pianoOp Skeleton Tree horen we naast Cave’s bariton vooral toetsen en elektronica. Vrijwel geen gitaren. Hij praat soms meer dan hij zingt. Af en toe klinkt hij ongewoon broos. Maar de algehele toon is die van beheerste wanhoop. Want voor alles is Cave artiest. Het maakt Skeleton Tree ondanks alles draaglijk, ook voor de luisteraar, en des te indringender.

Nick Cave op het podiumIn de openingstrack Jesus Alone spreekzingt Cave, boven onheilspellende synth-klanken: ‘With my voice I’m calling you’. In de daaropvolgende nummers strijden onmacht en verdriet om voorrang, en in het afsluitende titelnummer maakt hij de cirkel rond. Hoewel het het enige nummer op de plaat is met iets van een groove, gaat ook Skeleton Tree door merg en been:

‘Sunday Morning, skeleton tree / Nothing is for free / In the window a candle / Well maybe you can see’. En verderop: ‘I called out, I called out / Right across the sea / But the echo comes back empty / And nothing is for free’

Nick Cave donkere fotoHet is ons allemaal maar geschonken. En kan ons zomaar weer worden afgepakt. Het is ongerijmd dat Cave daarna nog ‘And it’s allright now,’ weet uit te brengen, ondersteund door een ijle vrouwenstem. En daarna nog twee keer. Ik begrijp hem niet. Of misschien moet hij het zingen om zijn lot te kunnen dragen. Kippenvel.

Het mooiste kerstlied #2

bing-crosby-1Onlangs sprak ik iemand wiens dochter enorm opzag tegen de kerstperiode. Niet uit afkeer van huiselijke gezelligheid, maar omdat ze in een winkel werkte waar ze de hele dag kerstliedjes moest aanhoren. Denk je eens in: ‘Last Christmas’ (Wham!), ‘All I Want for Christmas Is You’ (Mariah Carey), ‘White Christmas’ (Bing Crosby) en nog meer van dat soort werk, en dat in een oneindig lijkende loop. Zoiets gun je zelfs je ergste vijand niet.

merry-christmasHet nadeel van kerstnummers is sowieso dat ze vaak geraffineerd en mierzoet zijn en daardoor vreselijk in je kop blijven hangen. Maar het ergste is nog wel dat ze ook een verbod uitstralen op elke andere emotie dan een positieve. Zo’n verbod alleen al is genoeg om chagrijnig en rebels van te worden. En dat laatste mag natuurlijk helemaal niet met Kerst!

steve-earleDat het ook anders kan, zien we bij Steve Earle (1955). De bebaarde Texaan produceerde sinds 1986 niet alleen ruim twintig albums vol authentieke country, folk en rock, maar maakte ook naam als activist, onder meer tegen de doodstraf. Zijn album El Corazon uit 1997 bevat een van de meeste bezielde kerstsongs die ik ken: Christmas in Washington.

De zanger zit thuis tijdens de kerstdagen naar de televisie te kijken, waarschijnlijk in 1996. Wat hij ziet, de Democraten en Republikeinen in hun eigen wereldje in Washington DC, geeft hem een slecht voorgevoel. Hij roept de geest van Woody Guthrie aan, in de hoop dat die, als Jezus twee millenia eerder, opstaat uit de dood om ons in moeilijke tijden te helpen:

‘Come back Woody Guthrie / Come back to us now / Tear your eyes from paradise / And rise again somehow’

woody-guthrieWoody Guthrie (1912-1967), de aartsvader van de protestzangers, schreef onder meer het klassiek geworden This Land is Your Land. En op zijn gitaar prijkte de leus ‘This Machine Kills Fascists’. Earle roept vervolgens ook de overleden Amerikaanse mensenrechtenactivisten Emma Goldman, Joe Hill, Malcolm X en Martin Luther King terug. Zonder hun hulp redden we het niet, lijkt hij te willen zeggen. Het komt op mij over als een cruciaal verschil tussen de geëngageerde zangers van vroeger en die van nu.

good-things-are-going-to-happen‘Christmas in Washington’ prijkt veelvuldig op Earles setlist bij concerten. Soms laat hij het nummer voorafgegaan door een lange inleiding waarin hij, boven het getokkel van zijn gitaar, levende artiesten en activisten aan het vaste rijtje namen toevoegt. Daarom is het ondanks de zware inhoud een echt kerstnummer: de toekomst is duister, maar uiteindelijk zijn er helden, vroeger en nu, er zijn dingen die het waard zijn om voor te vechten – en er is hoop.

Een mooie boodschap, ook voor supermarkten, winkels en warenhuizen.

Fijne kerstdagen!

 

Het nieuwe album van Spinvis (2)

spinvis 3Bijna een jaar geleden schreef ik hier over het nieuwe album van Spinvis, nom de plume van muzikant Erik de Jong. Of eigenlijk over het gemis aan dat nieuwe album. Want de opvolger van tot ziens, Justine Keller uit 2011 liet nogal op zich wachten. Zozeer dat ik wat koortsig begon te dromen over het onverwachte verschijnen van een spiksplinternieuw Spinvis-album.

spinvis 5Inmiddels zijn we bijna een jaar verder. Nog steeds niets. Nergens ook maar een spoor van nieuwe liedjes van de voormalige postbode uit Nieuwegein. En wat doe je als je geen grip kunt krijgen, dan ga je zoeken naar verborgen tekens. Nou ja, verborgen? Een zoektocht op internet brengt me bij Volkskrant-journalist Fabian de Bont die, mogelijk geteisterd door eenzelfde onrust, begin juni met De Jong sprak voor de rubriek ‘Waar is … mee bezig?’

plantjesEn wat bleek? Spinvis was in juni voornamelijk ‘in zijn binnenwereld’ bezig. En die binnenwereld wil bij hem zeggen: de studio in het souterrain van zijn huis! Elke dag was hij daar korte tijd aan het opnemen, helemaal in zijn eentje!! Afstand nemend en twijfelend, zei hij, zoals bij een groeiend veld met plantjes!!! Voor een album dat hij in december af wilde hebben!!!!

hoesje SpinvisOMG, december, dat is nu al bijna. Waarom heb ik dit niet zien aankomen? De tekenen waren achteraf toch overduidelijk. Spinvis hanteert gewoon een algoritme. In 2002 verscheen zijn titelloze debuutalbum, dat direct door het plafond van de Nederlandstalige popmuziek schoot, in 2005 kwam Dagen Van Stro, Dagen Van Gras, in 2011 gevolgd door tot ziens, Justine Keller.

fokke-en-sukke-algoritmeOp al die schijfjes koppelt hij alledaags-poëtische zinnetjes aan originele muziekjes die akelig verslavend zijn. Dat blijft elke keer hetzelfde. Maar het interval tussen opeenvolgende albums verandert steeds: eerst 3, toen 6 en nu dus 5 jaar! Logisch. De plaat hierna zal dus in 2020 verschijnen, die daarna in 2022, dan 2029 enzovoort. Als je het eenmaal ziet, is het zo simpel.

heel-goed-nieuws-lyrics-spinvisEen beetje luisteraar had deze boodschap mogelijk al uit Spinvis’ werk afgeleid, verstopt in nummers als Voor Ik Vergeet, Ik Wil Alleen Maar Zwemmen of Heel Goed Nieuws, als je de muziek deels achterstevoren afspeelt. Maar goed, die nieuwe plaat komt dus volgende maand. En dat is echt heel goed nieuws. Zelfs als die onverhoopt komende maand nog níet zou verschijnen, maar ietsje later. Het komt goed. Zo belangrijk is zo’n algoritme nou ook weer niet.

spinvis met bandBovendien kunnen we ons in dat geval troosten met de oudejaarsshow die Spinvis en een aantal Utrechtse vrienden op 28 december a.s. geven in TivoliVredenburg, onder de titel We Vieren Het Toch. Alles Verandert! Laat je vooral niet gek maken door die lange radiostiltes. Doe ik ook niet.

Het mooiste uitro

liefde-op-het-eerste-gezichtZe zeggen dat de eerste indruk bij ontmoetingen allesbepalend is. Maar andersom is ook waar: het laatste beeld dat je van iemand krijgt, is wat blijft hangen. Hetzelfde geldt voor liedjes. Over de entree van liedjes ging het op dit blog al eerder. Vandaag over de manier waarop het podium verlaten wordt: het uitro.

kwalitaria-1Het uitro lijkt een ondergeschoven kindje. Het begint al bij het woord zelf. Een mix van Latijn en Nederlands, zoiets als Kwalitaria of Doehetzelvia. Het staat niet in Van Dale of Groene Boekje. Zelfs in het Engels is outtro niet officieel erkend. En dan hebben we het nog niet over de spelling waarover we geen keuze willen maken, met één of twee t’s.

Belangrijker: luisterend naar popliedjes dringt zich de gedachte op dat met name het ding zelf niet al te veel aandacht krijgt. Alsof intro en middenstuk zo’n beetje alle creativiteit hebben opgesoupeerd. Globaal zie je slechts vier soorten eindes:

Dat is het zo’n beetje. Veel variatie is er niet in te bekennen. Terwijl de luisteraar wel met dat slotakkoord achterblijft nadat de laatste klanken zijn weggestorven…

the-buoys-give-up-your-guns-roodSoms vormt het uitro echter een belangrijk – zo niet het belangrijkste – deel van een lied. Give Up Your Guns van The Buoys is daar een mooi voorbeeld van. De romantische outlaw-song met zijn rijke strijkerspartijen, in 1972 een behoorlijke hit in ons land, lijkt gemaakt te zijn voor het uitgesponnen uitro met door elkaar heen dwarrelende fluit-, viool- en gitaarpartijen.

hoes-layla-and-other-assorted-love-songsEen ander bijzonder voorbeeld is Layla van Eric Clapton/Derek and The Dominoes uit 1970. Na het intro met de beroemde gitaarriff krijg je eerst een uptempo beginstuk met twee getourmenteerde coupletten en refreinen. Dan, na ongeveer drie minuten, vertraagt de muziek om over te gaan in iets heel anders dat er toch helemaal bij hoort. De piano begint een nieuw akkoordenschema, de jankende slide van Duane Allman valt in en vier minuten lang maakt heftige liefdespijn plaats voor puur instrumentale melancholie. Wow.

Ken je nog meer nummers met bijzondere uitro’s? Deel ze hier op Goeie Nummers.

 

 

Het mooiste vluchtlied

bob-lefsetz-3‘Music is escapism, because life is so damn hard’, schrijft de bekende muziekblogger Bob Lefsetz in een recente nieuwsbrief. En misschien slaat de Amerikaanse muziekbusinessveteraan, die van zijn hart nooit een moordkuil maakt, daarmee wel de spijker op de kop. In dat geval vraag ik me af met welke kwalificatie je het Goeie Nummer van deze week adequaat zou kunnen beschrijven: ‘Everybody’s Talkin’’.

fred-neil‘Everybody’s Talkin’’ werd geschreven door folkzanger-gitarist Fred Neil (1936-2001), een Newyorkse  vriend en leermeester van Bob Dylan tijdens diens komeetachtige carrièrestart begin jaren 60. Ik hoorde het voor het eerst in de sobere uitvoering van Stephen Stills (Stephen Stills Live, 1975), maar het nummer werd natuurlijk bekend door de fantastische uitvoering van Harry Nilsson op de soundtrack van de film Midnight Cowboy (1969).

harry-nilssonIn de openingsregels is het een en al melancholie wat de klok slaat: vervreemding, eenzaamheid, miscommunicatie, je bent er wel maar je bent er niet:

Everybody’s talking at me / I don’t hear a word they’re saying, / Only the echoes of my mind. / People stopping staring, / I can’t see their faces, / Only the shadows of their eyes.

hoes-everybodys-talkin-van-nilssonEn de strijkers doen daar nog een schepje bovenop. Maar dan slaat de stemming om. De wiegende latin-groove begint te werken, de snelle gitaartokkel geeft de ballad vaart. Zodat je ook als luisteraar een ontsnappingsroute aangeboden krijgt uit het tranendal dat eerst zo overtuigend voor je is neergezet.

I’m going where the sun keeps shining / Through the pouring rain / (…)  Sailing on a summer breeze / And skipping over the ocean like a stone.

zeilboot-op-zeeEn dan die stem. Lekker, hè? Ongemerkt ben je al weggevaren op die droevig-zonnige klanken, voortgeblazen door een zoel briesje, bijna gewichtloos stuiterend op de golven. Op weg naar een oord waar je alles kunt vergeten. Waar het weer zich aanpast aan je kleding in plaats van andersom. Je zou willen dat het nooit ophoudt. Je wilt wegblijven. Voor altijd. Zet het nummer nog maar eens op. Een vluchtlied in het kwadraat, dat is wat ‘Everybody’s Talkin’’ is.

Leven in het nu

winnie-de-pooh-todayOnlangs sprak ik iemand die ‘helemaal in het nu’ wilde leven. Wie bezig was met terugkijken of plannen, zei ze, leefde niet in het nu – en dat was niet goed. Ze keek erbij of ze een alom geaccepteerde waarheid verkondigde – en helemaal onbekend klonk het me ook niet in de oren. Ik was het er alleen totaal niet mee eens.

futureWaar ik me wel in herkende: de verwondering over mensen die voortdurend bezig zijn met toekomstplannen. Ik vind dat heel bewonderenswaardig, vooral als iemand die plannen ook nog in werkelijkheid weet om te zetten, maar mijn gestel lijkt van nature vooral in de ontvankelijke stand te staan. De werkelijkheid laat daarop zijn indrukken achter, meer dan andersom.

h-g-wells-the-time-machine-posterIk vroeg me ook af of mijn weerzin niet wat ongerijmd is voor een popmuziekliefhebber. Want als er iets is dat alleen in het nu bestaat, dan is het wel muziek. Zodra het stopt, is het weg. Maar inmiddels denk ik er wat van te begrijpen. Regelmatige lezers van dit blog vast ook. De weemoed en nostalgie waarmee het reizen door de popgeschiedenis gepaard gaat, leveren mij immers zo veel meer genot dan pijn op. Voor welke leer of overtuiging zou ik daar vrijwillig afstand van doen?

hier-en-nu-loesjeNog belangrijker is waarschijnlijk dat ik bijna wekelijks van nabij zie wat het betekent als iemand letterlijk in het nu leeft, als vrijwel uitsluitend gebeurtenissen uit de laatste halve minuut in het bewustzijn blijven. Vooral desoriëntatie, onrust en onzekerheid, dat is wat ik zie. Je vraagt je af wat er van het nu overblijft als het verleden zo diffuus en ongrijpbaar is.

iedereen-hetzelfdeMaar de belangrijkste reden voor mijn afkeer van het onversneden heden is toch het idee dat we in dat nu zouden moeten leven. Ik gun het iemand om volkomen in het hier en nu te zijn, net zoals als ik een ander zijn toekomstplannen gun – en mijn geestverwanten zeker hun hang naar vroeger. Waarom zouden we in hemelsnaam allemaal hetzelfde moeten zijn? Ik zie het gewoon niet. Laat iedereen toch zichzelf kunnen zijn. Zonder te schreeuwen en zonder te gillen. Hoe ouderwets. Hoe mooi.

sandy-dennyGenoeg gedacht en gepraat. Tijd voor muziek: Who knows where the time goes? van Fairport Convention uit 1969, met de nog immer betreurde Sandy Denny. Laat haar nog eens zingen hoe afschuwelijk en raadselachtig en prachtig het is dat de tijd verstrijkt en dat alles vergaat en verglijdt.

 

 

Coveren uit weemoed

bachWe zijn zo gewend geraakt aan popartiesten die hun eigen liedjes zingen, dat we bijna vergeten dat dat in de muziek allesbehalve gewoon is. In de klassieke muziek worden veel oude stukken steeds opnieuw uitgevoerd door steeds weer nieuwe musici, steeds net even anders. En in de jazz is het gemeengoed om standards van decennia geleden tot leven te wekken door ze al improviserend binnenstebuiten te keren of ondersteboven te houden.

BeatlesTot de jaren 60 was het ook in de popmuziek eerder regel dan uitzondering om stukken van anderen te zingen. Bing Crosby, Frank Sinatra, Elvis Presley, ze werkten allemaal zo. Maar in het decennium van Beatles, Stones en Beach Boys werd popmuziek langzaam serieus. Het werd kunst. En daar hoorde authenticiteit bij. Serieus te nemen artiesten schreven hun eigen liedjes. Wie alleen uitvoerend bezig was, kwam lager op de ladder te staan. En dat is best gek. Want artiesten die in staat zijn om de (verborgen) schoonheid van een liedje volledig naar boven te halen, zijn bijzonder waardevol – en behoorlijk schaars.

bonnie-raitt-3Joe Cocker is zo iemand. Hij trok onder meer ‘With A Little Help From My Friends’ (The Beatles) en ‘Ruby Lee’ (Bill Withers) overtuigend naar zich toe. Bonnie Raitt kan het ook. Met haar soepele, licht-hese alt maakte ze prachtige liedjes als ‘You Can’t Fail Me Now’ (Loudon Wainwright III) en Dimming of the Day (Richard Thompson) nog mooier dan ze al waren.

sweet-en-hoffsEen nummer coveren kan iets hebben van ‘dat kan ik ook’, of ‘dat kan ik beter’, maar het is tegelijk altijd een eerbetoon. Dat horen we ook bij het onverwachte koppel Matthew Sweet en Susanna Hoffs. De voormalige powerpop-prins en de ex-Bangle hebben het coveren zo’n beetje tot hun handelsmerk gemaakt. Op drie albums, getiteld Under the Covers Vol. 1, Vol. 2 en Vol. 3 (uit 2007, 2009 en 2013) laten ze hun niet geringe talenten los op hun favoriete nummers uit de jaren 60, 70 en 80.

hoes-under-the-covers-vol-2Het cover-duo kiest vooral voor melodieuze nummers met licht-gruizig, fraai gitaarwerk. Nummers van Dylan, Young, Beatles, Velvet Underground, Bowie, Fleetwood Mac, The Faces, R.E.M., Tom Petty en The Smiths. Vol. 3, gericht op het decennium waarin beide artiesten zelf hun carrière begonnen, bevat ook wat minder bekende tracks.

hoes-under-the-covers-vol-3Met hun afwijkende, maar fraai bij elkaar passende stemmen blijven Sweet en Hoffs dicht bij de oorspronkelijke versies. Ze zoomen in op wat die liedjes zo tijdloos en geliefd maakt. Luister maar eens naar hun live-versie van Neil Youngs Cinnamon Girl. Of naar Roxy Musics More Than This, waarbij de toetsen en galm van het origineel gelukkig wel wat zijn ingetoomd. Alles aan deze drie albums ademt oprechte liefde voor de liedjes – en weemoed om een tijdperk dat voorbij is. Ik ben benieuwd wanneer Vol. 4 uitkomt, en of ze deze lijn kunnen doortreken naar de jaren 90. Check ‘em out.

Kippenvel – ‘Motherland’ van Natalie Merchant

Where in the hell can you go / Far from the things that you know / Far from the sprawl of concrete that keeps / Crawling its way about 1,000 miles a day?

hoes Motherland van Natalie Merchant.pngMet deze lange, geladen vraag begint Motherland van Natalie Merchant (Jamestown, NY, 1963). In de volgende strofe komen daar nog ‘this wasteland’, ‘this terrible place’, ‘the bottomless, cavernous greed’ bij. Woorden vol weerzin jegens de kapitalistische maatschappij. En dat allemaal op de lieflijke klanken van een walsje, met akoestische gitaar, accordeon, banjo en andere traditionele folk-instrumenten.

nine eleven.png‘Motherland’ staat bol van dit soort tegenstellingen. Het gelijknamige album kwam uit in november 2001, twee maanden na 9/11. Hoewel de opnames al twee dagen voor de aanslagen op de Twin Towers waren afgerond, werd het album er onvermijdelijk mee geassocieerd. Daarvoor waren de politieke standpunten van de voormalige leadzangeres van 10,000 Maniacs ook te bekend. En leek de toon van haar muziek ook nadrukkelijk aan te sluiten bij alle emoties van die periode.

330px-nataliemerchant-2010De zangeres droeg het album op aan de slachtoffers van 9/11 en vertelde later hoe die gebeurtenis en de nasleep ervan de betekenis van het titelnummer voor haarzelf hadden veranderd: van een aanvankelijk wat escapistische oproep werd het een indringend, meer hoopvol pleidooi voor onschuld: ‘To be faceless, nameless, innocent, blameless, free’.

natalie_merchant_03-08-2016Bijna lijzig gezongen, met zwarte gospel-ondertonen, kruipt ‘Motherland’ ongelooflijk dicht onder de huid. De coupletten zuigen je naar het troebele duister, het refrein brengt je als een wiegelied terug naar de geborgenheid van de kindertijd:

Motherland, cradle me, close my eyes / Lullaby me to sleep / Keep me safe, lie with me / Stay beside me, don’t go

boek-het-raadsel-van-de-muziek-andre-m-polsHet is een raadselachtig lied ook. Want wie is de ‘jij’ die de zangeres toezingt? Is dat de ‘five and dime queen’, ‘the shot gun bride’? En wat is de relatie tussen haar en de ‘ik’ van het refrein en het tussenstuk? Geen idee. Zoals veel echt goeie nummers laat ‘Motherland’ zich niet helemaal begrijpen. Het maakt ook niet uit, elke keer als ik het hoor is het weer kippenvel.

 

Het web is af

Pieter Steinz2Deze week staat Goeie Nummers in mineur, vanwege het overlijden van schrijver Pieter Steinz. Hoewel het nieuws afgelopen dinsdag niet als een verrassing kwam – Steinz was in 2013 gediagnosticeerd met de onbehandelbare ziekte ALS -, werd ik er toch door getroffen. Hetzelfde bouwjaar (1963), ook als jongetje voorgoed de literatuur ingezogen door Het Sleutelkruid van Paul Biegel, en een groot popliefhebber bovendien.

Made in EuropeBovenal was en is Steinz voor dit blog een immense inspiratiebron. De voormalige ‘chef boeken’ van NRC Handelsblad paarde een grote belezenheid aan een frisse, open geest. Grenzen tussen ‘hoge’ en ‘lage’ cultuur waren er om te doorbreken; zijn boek Made in Europe (2014) behandelt net zo gemakkelijk Kuifje en Lego als Ovidius’ Metamorphoses en James Joyce’ Ulysses. En uit zijn zeer leesbare artikelen over boeken, films, beeldende kunst en muziek spreekt vooral bewondering en enthousiasme, naast de wens om andere mensen daarin te laten delen.

J.C. BloemDe culturele omnivoor, zoals NRC hem in zijn necrologie noemt, had daarbij een bijzonder vermogen om onverwachte dwarsverbanden tussen uiteenlopende werelden te zien. Zo schonk Steinz ons de prachtige vergelijking tussen de Zutphense dichter J.C. Bloem en de oude bluesmannen uit de Mississippidelta. En die tussen literair personage Oblomov en ‘Sunny Afternoon’ van The Kinks. In zijn blog Lezen met ALS verbond hij dit soort observaties ook nog eens op even ontroerende als geestige wijze met zijn eigen situatie.

Luisteren etcetera jaren 70Steinz was verknocht aan lijstjes, schema’s en overzichten. Dingen die orde scheppen in de onmetelijkheid van onze cultuuruitingen en de chaos van het leven. Dat deed hij bijvoorbeeld, samen met Bertram Mourits, in Luisteren &cetera. Het web van de popmuziek in de jaren zeventig (2011). De auteurs beschrijven daarin 25 bepalende albums van dat decennium, en leiden de lezer daarbij uiterst informatief en met veel geestdrift naar verwante artiesten, albums en liedjes. Een even aanstekelijk deel over de jaren 80 en 90 volgde, een deel over de jaren 50 en 60 verschijnt binnenkort, waarmee een fraai web is geconstrueerd van een halve eeuw popmuziek.

Paul Simon GracelandEn dan. Wat kan ik nog zeggen. Een liedje om af te sluiten dan maar. Vanaf het begin van dit blog heb ik me tenslotte voorgenomen om – als het maar even mogelijk is – elke post op een optimistische noot te laten eindigen. De door Steinz bewonderde Nick Cave met Death Is Not the End? Toch maar niet. Een andere van zijn favorieten past toch beter: Paul Simons Graceland, met de onuitwisbare regels ‘I have reason to believe / We all will be received / In Graceland’.