popmuziek

Hoe belangrijk is goede geluidsapparatuur?

stereotoren

Bijna wekelijks doe ik hier op Goeie Nummers een voorstel over wat goeie muziek is. Ik schrijf bijvoorbeeld dat Rainy Night in Georgia (Tony Joe White) het mooiste regenliedje ever is, en The Moon is a Blind Eye (I Am Kloot) het mooiste maanliedje. Boude stellingen waar je als popliefhebber iets mee kunt. Maar waar ik het in al deze blogstukjes nooit over heb gehad, is de manier waarop al die goeie nummers onze oren bereiken. Ik denk daar zelden over na – en daarin sta ik niet alleen.

Er is in de popmuziek een grote en merkwaardige discrepantie tussen de makers aan de ene kant en de consumenten aan de andere kant. Muzikanten en opnametechnici sparen kosten noch moeite om een optimale sound te creëren voor de luisteraar, terwijl die de liedjes op zijn of haar beurt vaak achteloos afspeelt op een smartphone, draadloos speakertje of matige stereo-installatie. Een groot deel van het monnikenwerk van de artiest wordt zo tenietgedaan door vervorming, een geluidsbrij of wegvallende geluidsfrequenties. Zonde.

Nu zijn er mensen die zeggen dat het voor hun beleving van de muziek niet uitmaakt hoe die muziek is opgenomen of hoe die wordt afgespeeld. Ze kunnen daar ‘doorheen luisteren’, echt Goeie Nummers hebben dat allemaal niet nodig. Maar alle mensen die er hun beroep van hebben gemaakt om het werk van popartiesten aan de man te brengen, en die er dus verstand van hebben, weten dat dat niet waar is. Het is zelffelicitatie, want niemand kan door een gebrekkige geluidskwaliteit heen luisteren. Slechte sound is killing, ook al ben je je er niet van bewust.

Hoe belangrijk goede geluidsapparatuur precies is voor de muziekbeleving weet ik niet, maar ik hoor wel duidelijk het verschil tussen ‘oortjes’ via Bluetooth en een hoogwaardige koptelefoon met een snoer. Diepte, ruimte, bas – een wereld gaat voor je open. Ik snap natuurlijk dat er financiële grenzen zijn – en je kunt het met audio inderdaad zo gek maken als je wilt – maar ik ben ervan overtuigd dat het de moeite waard is om jezelf, de artiesten en de muziek een optimaal geluid te gunnen.

Maar nu kom ik bij mijn eigen discrepantie: als ik muziek echt zo belangrijk vind, dan zou ik hier op Goeie Nummers ook geregeld iets over geluidsapparatuur moeten schrijven. Mijn probleem is dat ik geen hoofd heb dat zich daarin wil verdiepen. Gaat gewoon niet. Gelukkig ken ik mensen die er wel iets zinnigs over kunnen zeggen. De komende tijd verschijnt er daarom af en toe een gastcolumn over audio.

Bijvoorbeeld over wat je binnen bepaalde marges kunt doen om je installatie efficiënt te upgraden. Over de kwaliteitsverschillen tussen de verschillende streamingdiensten. Of het waar is dat je eigenlijk gouden speakerkabels zou moeten kopen. Wie weet, we gaan het zien. Allemaal voor het uiteindelijke doel: meer luistergenot!

Geïnspireerd door je collega’s

Je kunt als bevriende muzikanten een tijdlang onbekommerd in een oefenruimte samenspelen, maar op een gegeven moment moet je er toch aan geloven: de band moet een naam hebben. Op internet zijn diverse tips te vinden voor het kiezen van een goede bandnaam, misschien wel omdat het altijd lastiger is om jezelf te definiëren dan een ander – en helemaal als je het ook nog onderling eens moet zien te worden. De Popschool Maastricht biedt daarvoor zelfs een online bandnaamgenerator aan.

Veel bands zoeken hun toevlucht in datgene wat de leden sowieso bindt: de muziek van hun gedeelde pophelden. Hiermee laten ze hun beoogde publiek in een notendop zien waar ze hun inspiratie vandaan halen en waar ze zelf voor staan: verleden en toekomst in één. Zo leidden The Rolling Stones hun naam af van het nummer Rollin’ Stone van bluesicoon Muddy Waters. Dat een rollende steen ook nog eens stond voor de ongebonden vrijbuiter paste toevallig ook prima bij hun gewenste imago.

(meer…)

Iconische drummers

Het theater van de popmuziek heeft wel wat religieuze trekjes. En dus zijn er ook iconen. Artiesten die boven de rest uitsteken, helden die in feite meer zijn dan zichzelf omdat ze een archetype vormen, een model neerzetten waaraan navolgers moeten voldoen of waaraan ze zich moeten meten.

Sommige artiesten – of eigenlijk hun managers of platenlabels – dragen zelf actief aan zo’n iconische status bij door zich te tooien met bijnamen als The King (Elvis Presley), The King of Pop (Michael Jackson) of The Queen of Soul (Aretha Franklin). In andere gevallen ontvangen ze dit soort eretitels door fans of journalisten, zoals God (Clapton) of His Bobness (Bob Dylan).

(meer…)

Zet die Frank Zappa-muziek af!

Toen in 1989 in Tsjecho-Slowakije de Fluwelen Revolutie plaatsvond, werd er opeens een verrassend licht op de popmuziek geworpen. Verschillende westerse artiesten bleken voor de mensen achter het IJzeren Gordijn een iconische status te hebben: hun muziek was voor veel dissidenten een bron van kracht geweest in hun lange moeizame strijd tegen het onderdrukkende communistische regime.

Lou Reed, bijvoorbeeld, was voor de inmiddels als president aangestelde Vaclav Havel een baken van hoop in bange dagen, al vanaf het moment dat de toneelschrijver twintig jaar eerder de hand had weten te leggen op de lp White Light/White Heat van The Velvet Underground. Het leidde in 1990 tot een veelbesproken ontmoeting tussen de twee zo ongelijksoortige beroemdheden.

(meer…)

Meer mondharmonica

Een buitenbeentje, dat is het. Klein, schel, onooglijk, bijna onzichtbaar op een podium. Niet heel veelvuldig ingezet in de popmuziek, maar er ook niet uit weg te denken. Vanaf het prille begin bezet de mondharmonica zijn eigen niche en blijkt daarin tegelijk behoorlijk veelzijdig – tenminste als je er even bij stilstaat.

Veel van de vroege bluesartiesten begeleidden zichzelf op de mondharmonica, lieten hem antwoord geven op hun gezongen klachten. Anderen, zoals Little Walter, James Cotton en Sonny Terry werden echte specialisten en haalden echt alles eruit wat erin zit. Een van de meest indrukwekkende bespelers is Sonny Boy Williamson (1912-1965), die hier door vernuftige hand- en ademtechniek van zijn bluesharp een swingend ritme-instrument maakt. Maar hij kon hem net zo gemakkelijk heerlijk laten jammeren.

(meer…)

3 Topvrouwen van eigen bodem

Vrouwelijke laborant aan het werk in het lab

Een paar weken geleden richtte ik mijn blik op het Nederlandse poplandschap, meer concreet op de recente releases van Anne Soldaat, Bertolf en Douwe Bob. Drie mannelijke soloartiesten van drie verschillende generaties die op de proppen kwamen met fraaie popplaten doordrenkt van de Amerikaanse muziektradities: country, rhythm-and-blues, folk, gospel en alles wat daartussenin zit.

Vandaag de focus op recente muziek van drie vrouwelijke popartiesten van eigen bodem. Want ook de platen van Sophie Janna, Eefje de Visser en Luwten verdienen meer aandacht dan ze door het lange vrijwel concertloze coronajaar hebben kunnen krijgen. Ik ben ook benieuwd om te zien hoe de vergelijking tussen deze drie mannen en drie vrouwen uitvalt: valt er op basis van deze kleine steekproef iets te zeggen over de verhoudingen in de vaderlandse popmuziek?

(meer…)

Ik ben hier HEEL onzeker over – Help!

artikel Volkskrant 18 dec 2018 kwetsbare vloggers

In de Volkskrant van een tijdje geleden stond een interessant artikel van journalist Haro Kraak over een recent fenomeen onder populaire vloggers of influencers: ze laten op YouTube en andere sociale media hun kwetsbare kant zien. Onzekerheid, worstelingen en depressies komen in de plaats van het perfecte plaatje van een succesvol bestaan dat tot dusver de norm was. ‘De toverwoorden van deze trend zijn kwetsbaarheid, eerlijkheid en openhartigheid,’ schrijft Kraak. ‘Die echtheid is wat de – veelal jonge – volgers het liefst willen zien.’

omslag We zijn nog nooit zo romantisch geweest

Onlangs las ik het inzichtgevende boek We zijn nog nooit zo romantisch geweest (Lemniscaat, 2016) van filosoof en journalist Hans Kennepohl. Daarin gaat het ook over authenticiteit. De auteur laat zien hoe achttiende-eeuwse schrijvers als Rousseau en Goethe de ideeën van de Romantiek in het publieke debat brachten. De kern van die nieuwe ideeën: de mens is van nature goed, elk mens is uniek, emotie staat boven ratio, avontuurlijkheid boven het accepteren van de status quo. Authenticiteit (trouw zijn aan jezelf) geldt als de allerhoogste waarde.

hippiebus

Die romantische opvattingen, betoogt Kennepohl, zijn in de loop van de eeuwen steeds dominanter geworden. Vooral vanaf de sixties, als gevolg van de welvaartsgroei en de ontkerkelijking.

Door dit boek kreeg ik een heel nieuw beeld van mezelf. Ik bleek veel romantischer te zijn dan ik had gedacht. Oei. Dat maakte me in eerste instantie HEEL onzeker – maar ik zag meteen ook verbanden die me eerder ontgingen, in tv-reclames en maatschappelijke discussies – en ook in de popmuziek. Daar greep ik me dankbaar aan vast.

Beatles

The Beatles waren dé trendsetters van de sixties en maakten zelf ondertussen ook een stormachtige ontwikkeling door. Vertegenwoordigden de Fab Four misschien de groeiende invloed van de romantiek in de westerse samenleving? En werden ze tijdens hun bijna tienjarige bestaan ook steeds romantischer? Help – dit zijn grote vragen waarop ik helemaal geen antwoord heb. Toch maak ik hier graag een beginnetje.

hoes Help!

Vanaf 1962 veroverden The Beatles de wereld met hun inventieve en opgewekte liedjes. Een paar jaar later begonnen ze nadrukkelijk met hun muziekstijl te experimenteren. En met hun teksten. Nummer 1-hit Help! uit 1965 is daarvan het meest sprekende voorbeeld.

Waar liedjes als From Me to You en I Want to Hold Your Hand nog de gangbare cliché’s van de liefde opvoeren, kent Help! een radicaal andere toon:

‘When I was younger so much younger than today / I never needed anybody’s help in any way / But now these days are gone, I’m not so self assured / Now I find I’ve changed my mind and opened up the doors’

kurt cobain

Hier is iemand aan het woord die geen moeite doet om de schone schijn op te houden. Het door John Lennon geschreven en gezongen nummer toont existentiële angsten en doet dat onverbloemd. Zwakte wordt omgezet in sterkte. Lennons tenor is zowel krachtig als gekweld, een onweerstaanbare combinatie die later zou terugkomen bij verder zo uiteenlopende zangers als Kurt Cobain, Ray Lamontagne en Amy Winehouse.

logo Rolling Stone

In een interview met popmagazine Rolling Stone noemde Lennon in 1970 Help! een van zijn meest ‘echte’, niet ‘op bestelling’ geschreven Beatles-liedjes, en vanwege het eerlijke karakter ook een van zijn favoriete. Help! is authenticiteit in optima forma. De recente trend van openhartige kwetsbaarheid bij vloggers begon ruim een halve eeuw geleden bij de vier jongemannen uit Liverpool. En hoe origineel die ook waren – ze hadden het weer van Goethe en Rousseau.

Zo, dat lucht op, ik heb alles weer op een rijtje. Ik kan er weer tegenaan!

3 x toptraditie van eigen bodem

Als er op Goeie Nummers aandacht is voor muziek van landgenoten gaat het meestal om artiesten die in het Nederlands zingen, zoals Spinvis, Daniël Lohues of Eefje de Visser. Misschien is dat logisch omdat de in het Engels zingende landgenoten in mijn hoofd moeten concurreren met zowat de hele popwereld, maar toch zou het zonde zijn om deze artiesten over het hoofd te zien.

Zeker als we kijken naar de sterke soloalbums die Douwe Bob, Bertolf en Anne Soldaat de afgelopen maanden uitbrachten. Drie gevestigde namen, van drie verschillende generaties, die bijna gebroederlijk alle drie komen met nieuwe muziek die zoveel traditie ademt dat je het misschien wel als retro kunt betitelen.

(meer…)

Popartiest of filosoof?

Hier op Goeie Nummers verbind ik de popmuziek graag af en toe met andere domeinen van het leven. Bijvoorbeeld door te doen alsof popmuziek een sportwedstrijd is, een medicijn, een wetenschapsdiscipline of zelfs een vorm van psychotherapie (en ik hou me aanbevolen voor tips op dit gebied).

Daarom was ik verrast toen ik gisteren in mijn mailbox een bericht aantrof met de kop ‘this is why philosophy should be more like popmusic’. Hier was iemand aan het woord met dezelfde voorliefde als ik, maar dan omgekeerd: zijn/haar eigen ‘vakgebied’, in dit geval de filosofie, vergelijken met de popmuziek.

(meer…)

Over songwriters en spindoctors

Rinus MichelsMetaforen zijn geinige dingen. Door twee verschillende begrippen aan elkaar gelijk te stellen ken je aan het eerste begrip de eigenschappen van het tweede toe. Als je bijvoorbeeld net als Rinus Michels zegt dat voetbal oorlog is, ken je het populaire balspel automatisch eigenschappen toe als gewelddadig, doelgericht en meedogenloos – en worden andere eigenschappen van de sport, zoals schoonheid, plezier en sportiviteit, buiten beeld geplaatst. Een metafoor is een toverstokje.

Metaphors We Live ByVorige week linkte Goeie Nummers naar een mooi artikel van de Nijmeegse onderzoeker Lucas Seuren over het inventieve spel met metaforen in Bette Midlers klassieker ‘The Rose’ uit 1979. Seuren beschouwt het lied als een fraaie illustratie van de theorie van de Amerikaanse wetenschappers George Lakoff en Mark Johnson. Die lieten in hun boek Metaphors We Live By (1980) zien hoezeer onze dagelijkse taal, meestal zonder dat we het beseffen, voor een groot deel uit metaforen bestaat. En ook hoezeer we veel belangrijke abstracte zaken – zoals een gesprek, een carrière, maar ook de liefde – op een bepaalde manier begrijpen door de (onbewust) gekozen metaforen.

Framing Hans de BruijnMaar met dat linkje van vorige week was ik nog niet van het onderwerp af. Het bleef me achtervolgen, en ik werd getroffen door een opvallende parallel met mijn dagelijks werk in copywriting en communicatie. Want volgens veel communicatie- en retorica-deskundigen worden maatschappelijke discussies tegenwoordig in grote mate gekenmerkt door ‘framing’, in feite niets meer of minder dan een vorm van handig metaforen-gebruik.

parodieposter VVDPolitici en andere opiniemakers laten je door een slim gekozen kader (frame) naar een bepaald onderwerp kijken, met als uiteindelijk doel om hun eigen oplossing geaccepteerd te krijgen. Ze presenteren bijvoorbeeld de hypotheekrenteaftrek als ‘lastenverlichting’, die de burger helpt ontsnappen aan staatsdwang (rechts) – of juist als ‘villasubsidie’, die de rijken ten onrechte bevoordeelt (links). De onderliggende – niet uitgesproken – metafoor in het eerste frame is: de staat is een machtshongerige machine, in het tweede is de staat een rechtvaardige ouder.

Amanda McBroomAls je gewapend met deze kennis nog eens naar The Rose luistert, ontwaar je een framing war in optima forma. Niet over de hypotheekrenteaftrek, maar over de liefde. Songwriter Amanda McBroom breekt een lans voor haar eigen frame ten koste van andere frames. Ze zegt: sommige mensen stellen liefde voor als een rivier, anderen als een scheermes of als een honger – maar mijn frame, de roos, is het beste: liefde moet je voorstellen als natuurlijk, groeiend, heerlijk geurend, in staat om de winter onder de grond te overleven en in de lente te ontkiemen.

399px-Jack_de_Vries_2009_(1)Volgens de beste redenaarswetten maakt McBroom gebruik van de ‘drieslag’ van foute oplossingen om met de vierde haar gelijk te halen (wie deze week filmfragmenten met Martin Luther King zag, zal de vorm herkennen). En dat haar eigen oplossing klinkt precies op het moment dat de melodie weer thuiskomt in het beginakkoord, zal ook geen toeval zijn. Dit is geen dichtkunst meer, dit is je reinste retorica. En knap overtuigend. Een goede dichter is een beetje een spindoctor. Of moet elke goede spindoctor een beetje een dichter zijn?

Ken jij andere nummers met een fraaie liefdesmetafoor? Deel ze hier op Goeie Nummers!