popmuziek

Kippenvel – Ain’t It Enough

Kun je een overtuigend liedje schrijven over de ultieme vraag, die naar de zin van het leven? Het onderwerp is zo groot, zo eindeloos, zo ongrijpbaar. Het lijkt onbegonnen werk om het eeuwige mysterie te vangen in een popliedje van een paar minuten. Maar dat is dan toch buiten Old Crow Medicine Show gerekend.

De Amerikaanse rootsband uit Nashville, Tennessee, kwam voor het eerst op mijn net- en trommelvlies via de bekroonde documentaire Big Easy Express uit 2012. Daarin trekt de band samen met Edward Sharpe & The Magnetic Zeros en de Britse Mumford & Sons in een vintage trein van San Francisco naar New Orleans terwijl ze op podia, treinwagons en buiten in het veld lustig met elkaar rondhangen en musiceren.

Die vrije geest tref je ook aan op de zes studioalbums die Old Crow Medicine Show sinds de oprichting in 1998 afleverde en die zonder uitzondering getuigen van evenveel liefde voor oude folk en country als van muzikaal vakmanschap. Zoals op het ijzersterke Carry Me Back uit 2012, dat uitgelaten bluegrassnummers afwisselt met diepzinnige juweeltjes. Zoals Ain’t It Enough.

De eerste maten van Ain’t It Enough zetten een fraai decor neer: een ouderwets walsje, met melancholiek jankende mondharmonica en daaronder gitaren, banjo, dobro. Alsof de klanken je oren bereiken terwijl jij op een zoele zomeravond op een veranda zit. Ook de eerste zinnen nemen je mee naar verre streken: een rivier, een oceaan, een zandkasteel dat instort, een schip dat op de klippen loopt. Een beetje raadselachtig, dat wel.

Als je verder luistert, blijkt het luchtige walsje bedrieglijk. Het gaat hier over zware onderwerpen: vergankelijkheid, nietigheid, sterfelijkheid. Er is maar één ding dat tot het einde standhoudt, zingt OCMS-frontman Ketch Secor: de liefde. En is dat dan niet genoeg? vraagt hij zich retorisch af. Natuurlijk, zeg je dan, als het je zo wordt gevraagd.

In het refrein wordt het plaatje groter. Het gaat niet alleen om de liefde, maar ook om medemenselijkheid, saamhorigheid, deel uitmaken van het grote geheel, hoe miniem jouw aandeel misschien ook mag lijken. De boodschap van liefde en vrede is allesbehalve origineel, maar toch werkt het, net zoals in genre-technisch totaal andere nummers als Iedereen Is Van De Wereld (The Scene) of Hemel Valt (Typhoon).

Misschien werkt het hier omdat de muziek zo puur is, met die goudeerlijke stemmen en traditionele instrumenten. Of omdat je een band hoort die samenspeelt alsof het vrienden zijn die in hun stamkroeg toevallig een lied aanheffen. Misschien komt het ook doordat de band geraffineerd een paar verrassinkjes inbouwt om het sentiment dat op de loer ligt te dempen, zoals een extra maat tussen de coupletten en een poppy bridge na het tweede refrein.

Maar ik vermoed dat Ain’t It Enough vooral overtuigd omdat het lied jou vertelt dat het leven gewoon niet zinloos kan zijn, omdat het leven niets anders is dan een wals die we met elkaar dansen, onder een en dezelfde sterrenhemel, in één onontkoombaar ritme, verenigd in een omarming en een refrein dat antwoord geeft op het eeuwige raadsel. Voor zolang als Ain’t It Enough duurt, zolang als jij meedanst of meezingt, geeft het lied jou antwoord op de ultieme vraag – en misschien ook nog wel even daarna. Kippenvel.

Bowie’s boeken

boek Bowie's boekenkastBoeken. Lijstjes. Popmuziek. Drie dingen waar ik geen genoeg van kan krijgen. En dus ging er een flinke shot dopamine door mijn brein toen ik onlangs het boek Bowie’s Boekenkast van John O’Connell onder ogen kreeg, met als ondertitel: De honderd boeken die het leven van David Bowie veranderden.

groot affiche David Bowie Is Groninger MuseumIn 2013 ging in het Londense Victoria & Albert Museum de expositie David Bowie Is van start, een carrière-overzicht met zo’n vijfhonderd voorwerpen uit Bowie’s persoonlijke archief, zoals kostuums, schilderijen en handgeschreven songteksten. Onderdeel van de expositie, die daarna met groot succes de wereld over zou gaan, was ook een lijst met de honderd boeken die Bowie naar eigen zeggen het meest hadden beïnvloed.

Detective2Die Top 100 van Bowie bevatte alleen auteursnamen en titels. Uitleg zat er niet bij. Voor de Britse muziekjournalist John O’Connell, tevens Bowie-bewonderaar en literatuurliefhebber, moet dit een onweerstaanbare uitnodiging zijn geweest. Wat zou deze lijst over Bowie vertellen, wat wilde Bowie ermee over zichzelf vertellen, en vooral: hoe was Bowie’s muziek beïnvloed door deze boeken? Als een soort detective ging O’Connell op onderzoek, op basis van onder meer oude interviews met het Britse genie.

boek Russische geschiedenisHet speurwerk van O’Connell leert ons allereerst hoeveel Bowie las en hoe breed zijn belangstelling was: van literaire klassiekers en science fiction tot popjournalistiek en Russische geschiedenis, hij stond voor heel veel genres open, zoals hij als artiest ook deed met verschillende elementen uit theater, mode en beeldende kunst.

1984Het meest interessant in Bowie’s boekenkast vind ik de echo’s van de boeken die O’Connell terugvindt in Bowie’s muziek. Zo kent het album Diamond Dogs (1974) twee tracks die letterlijk teruggaan op George Orwell’s klassieke sciencefictionroman 1984: Big Brother en 1984. En daarnaast het beklemmende We Are the Dead, dat teruggaat op de zin die hoofdpersonage Winston uitspreekt tegen zijn geliefde Julia vlak voordat de soldaten binnenvallen om het tweetal van elkaar te scheiden.

De TijgerkatIn zo’n lijst ga je onwillekeurig ook op zoek naar overeenkomsten tussen jezelf en de artiest, dat is een van de attracties. Je wilt weten: welke boeken heb ik ook gelezen? En zit een van mijn eigen favorieten ertussen? En ja, ik voelde een extra shot dopamine toen ik midden in de lijst De tijgerkat zag staan, het postuum verschenen meesterwerk van Guiseppe Tomasi di Lampedusa uit 1958.

De tijgerkat, geschreven in een prachtige ironische stijl, vertelt het tragische verhaal van de Siciliaanse aristocraat don Fabrizio, die beseft dat de adel, die eeuwenlang op zijn gemak van de macht heeft genoten, gedoemd is te verdwijnen. De belangrijkste zin van het boek: ‘Als we willen dat alles blijft zoals het is, moet alles anders worden’. De parallel met de neergang van het extravagante rocksterrendom kan de sensibele Bowie niet zijn ontgaan.

HeathenIn 2002 – Bowie was toen 55 – verscheen Heathen, een album waarop het besef van de eigen sterfelijkheid zich opdringt. Het album opent in doom-sfeer met Sunday, met als centrale regels: And nothing has changed / Everything has changed. De parallel met De tijgerkat is onmiskenbaar. Prachtig ook hoe Bowie zichzelf uiteindelijk uit de ellende omhoog laat trekken door het ritme van de drums, enigszins vergelijkbaar met Phil Collins’ In The Air Tonight.

Lees het boek, luister ondertussen naar Heathen. Fantastische popmuziek die kan ontstaan wanneer een groot artiest zich laat inspireren door grote schrijfkunst.

The Band – broederschap en plankenkoorts

Vorige week zag ik in de bioscoop de nieuwe documentaire Once Were Brothers, over de opkomst en ondergang van een van de meest invloedrijke en bijzondere bands uit de popgeschiedenis: The Band. Ik ging in één keer een heel stuk terug in de tijd.

Het verhaal van The Band in zevenmijlspassen: vier Canadezen en één Amerikaan begeleiden vanaf begin jaren 60 als The Hawks de ruige rockabilly-zanger Ronnie Hawkins. In 1966 rekruteert Bob Dylan het vijftal voor de roemruchte tournee door Europa en de VS waarop hij ‘elektrisch gaat’ en meer scheldwoorden dan applaus mag incasseren. (meer…)

Eerherstel voor de jaren 80

Een tijdje geleden heb ik me hier op Goeie Nummers – en ook in mijn boek Diepe groeven – enigszins laatdunkend uitgelaten over een tijdvak waaraan sommige popliefhebbers buitengewoon goede herinneringen blijken te koesteren: de jaren 80. Van verschillende kanten kreeg ik daar wat commentaar op – heel beschaafd hoor, bedreigingen zaten daar niet of nauwelijks bij – maar zoiets zet je toch aan het denken.

In eerste instantie was ik verwonderd over die reacties. Ze troffen me als hernieuwd bewijs van het wetenschappelijk vastgestelde feit dat muziek uit het ‘eigen’ tijdvak, dat wil zeggen de muziek die mensen ongeveer tussen hun 12e en 25e horen, altijd een bijzonder plekje in hun hart blijft innemen. Zelfs als het gaat om liedjes met de steriele synthesizerklanken en het overdreven galmende drum- en zanggeluid van de jaren 80, gespeeld door muzikanten met bizar groot en doorgeföhnd haar. (meer…)

Klanken van oorsprong

The Blue DiamondsAfgelopen maandagavond zag ik op NPO2 de documentaire Klanken van Oorsprong van Hetty Naaijkens-Retel Helmrich. Aan de hand van belangrijke hoofdrolspelers wordt hierin het verhaal verteld van de Indische Nederlanders die tussen 1946 en 1960 naar ons land kwamen en hier een muzikale carrière opbouwden. Van vroege rock-‘n-rollhelden als de Tielman Brothers en The Javelins tot The Blue Diamonds, Sandra Reemer en Doe Maar-toetsenist Ernst Jansz.

affiche docu Klanken van oorsprongIk zag de documentaire nu voor de tweede keer, de eerste keer was bij de bioscoop-release in 2018. In de zaal destijds vooral Indische Nederlanders, herinner ik me. Af en toe hoorde ik iemand zachtjes grinniken bij een smakelijke anekdote die de muzikanten, inmiddels flink op leeftijd, opdisten over hun gloriedagen. Soms werd het ook stil in de zaal, als lang verzwegen pijn naar boven kwam, bijvoorbeeld over het onbegrip waarop de Indische Nederlanders destijds in ons land stuitten. (meer…)

Waar zijn de rocksterren?

Karl Ove KnausgardAls je tegenwoordig het woord rockster tegenkomt, lijkt het steeds te gaan over mensen buiten de popmuziek. Thomas Piketty wordt ‘rockster-econoom’ genoemd, schrijver Karl Ove Knausgård ‘literaire rockster’, de alternatief boerende Joel Salatin is de ‘rockster van de landbouw’, Suzanne Schulting ‘de popster in de Nederlandse shorttrackwereld’. Popartiesten zelf worden nauwelijks nog zo aangeduid, dus de vraag rijst: waar zijn de echte rocksterren gebleven?

Uncommon PeopleEen welsprekend antwoord op die vraag wordt geleverd door David Hepworth in zijn boek Uncommon People. The Rise and Fall of the Rock Stars (2017). Volgens de Britse muziekjournalist is de rockster te vergelijken met de cowboy. Ooit werkten er in Amerikaanse Westen echte koeienherders, inmiddels is de cowboy iets van vroeger, een archetype, een benaming voor bijvoorbeeld een ondernemer die zich niks aantrekt van de regels in zijn branche. (meer…)

Hoe belangrijk is de tekst?

Al vanaf mijn tienerjaren – de jaren 70 – speel ik als zanger-gitarist in amateurbandjes op kleine podia mijn zelfgeschreven popliedjes. Zonder grote ambities of verdiensten. Het is een pretentieloze bezigheid die tegelijkertijd heel belangrijk voor me is. Niet alleen vanwege ‘het sociale gebeuren eromheen’, maar ook omdat ik met die liedjes iets van mezelf kan uitdrukken, in een stijl die precies bij mij past – iets waar in mijn dagelijks werk niet zoveel ruimte voor is.

Zo’n tien jaar geleden besloot ik één ding te veranderen: ik schakelde van het Engels over op het Nederlands. Vanaf toen zong en schreef ik alleen nog in mijn moedertaal. En dat ene ding bleek een bijzonder verschil te maken. Het was alsof ik over een drempel stapte en in een onbekende wereld terechtkwam, misschien zelfs wel in een wereld die er daarvoor gewoon nog niet was. (meer…)

Een wijk vol popartiesten

muziekwijk AlmereBegin jaren 90 kreeg ook Almere-Stad zijn eigen muziekwijk. Een wijk voor zo’n twintigduizend inwoners, met straten die werden vernoemd naar beroemde componisten en musici. Daarbij bleef men, zoals een stad op nieuw land betaamt, niet in het verleden hangen. Usual suspects Bach, Mozart en Beethoven liggen hier broederlijk naast nieuwlichters als Schönberg en Andriessen, en jazzcats als Louis Armstrong en Duke Ellington worden geflankeerd door hun jongere verwanten: de popartiesten.

Wat zien we hier allemaal: parallel aan de Elvis Presleystraat lopen de Jimi Hendrix- en Bob Marleystraat. Alle drie kruisen ze de doorlopende Rolling Stonesstraat, waarop ook de Beatlesweg en de Supremes- en Golden Earringstraat uitkomen. Geinig popwijkje, ingebed tussen muzikale buurten met chansons, jazz, kleinkunst en klassiek. Ik ben benieuwd hoe het hier zou klinken als deze muziek allemaal tegelijkertijd op orkeststerkte zou worden afgespeeld. (meer…)

Muziek als medicijn: spijt

senecaSpijt is een indringer die zich doorgaans moeilijk laat verdrijven. Filosofen van de stoïcijnse levenskunst beweren dat dergelijke nare gevoelens het gevolg zijn van denkfouten en dat je zo’n fout door logisch redeneren kunt rechtzetten. Maar zonder me met Seneca c.s. te willen meten, vraag ik me af of muziek in dit geval niet veel meer uithaalt dan de ratio.

jackson-browne-nuLuister maar naar These Days van Jackson Browne, van zijn album For Everyman uit 1973. De Amerikaanse singer-songwriter, tegenwoordig een montere 68-jarige die oogt alsof de tijd hem al twee decennia met rust heeft gelaten, was destijds nog een vroegoude jongeling die vaak met de handen in het haar zat. Gelukkig voor ons. (meer…)

Het weekend kan beginnen

sterrenhemelDeze week op Goeie Nummers geen diepzinnige bespiegelingen over het wezen van de popmuziek of voorspellingen hoe het daarmee verder zal gaan. Wel even de spotlight op gewoon een paar associatief gekozen goeie nummers. Van oude bekenden en nieuwe sterren aan het firmament.

London BridgeOp vrijdagmiddag ben ik toe aan wat rustgevende of juist opwekkende tracks. Jij ook? En dan komt Westerman (voluit Will Westerman) goed van pas. De 28-jarige singer-songwriter uit Londen heeft net zijn eerste album Your Hero Is Not Dead uitgebracht. De Volkskrant noemt hem vanwege zijn troostrijke popliedjes ‘de juiste man op het juiste moment’. Dit is zijn single Confirmation uit 2018. (meer…)