Albumverjaardag

Albumverjaardag – Layla and Other Assorted Love Songs

1970 was een buitengewoon vruchtbaar jaar voor de popmuziek. Met onder meer Let It Be (The Beatles), Idlewild South (The Allman Brothers Band), Stage Fright (The Band), Déjà Vu (CSN&Y), Ladies of the Canyon (Joni Mitchell) en Moondance (Van Morrison). En dit rijtje jubileumalbums laat zich gemakkelijk uitbreiden. Bijvoorbeeld met Layla and Other Assorted Love Songs van Derek and the Dominos, dat komende maandag 9 november vijftig wordt.

Vanaf 1963 had Eric Clapton (Ripley, 1945) op stormachtige wijze carrière gemaakt in de bluesrockbands The Yardbirds en John Mayall & the Bluesbreakers en in de ‘supergroepen’ Cream (met Jack Bruce en Ginger Baker) en Blind Faith (met Steve Winwood). Claptons ster als sologitarist was op een gegeven moment zelfs zo hoog gerezen dat de slogan ‘Clapton is God’ door een fan op een muur werd gespoten en daarna een heel eigen leven ging leiden – tot ontsteltenis van de muzikant zelf.

In 1969, pas 25 maar met al een half rockleven achter de rug, was het kennelijk tijd voor de Britse gitarist om even uit de spotlights te stappen. Hij deed wat sessiewerk en maakte deel uit van de begeleidingsband van het Amerikaanse echtpaar Delaney en Bonnie Bramlett. Daar, in de luwte, kreeg hij de kans zichzelf opnieuw uit te vinden – van gitaargod tot complete singer-songwriter-gitarist.

Begin 1970 verscheen Claptons eerste, titelloze soloalbum, waarvoor hij de meeste nummers samen met Delaney Bramlett had geschreven. De plaat werd niet slecht werd ontvangen, maar kon ook niet helemaal overtuigen. En op persoonlijk vlak ging de muzikant ondertussen door een diep dal. Niet alleen had hij een forse alcohol- en drugsverslaving ontwikkeld, hij was ook hopeloos verliefd geworden – ‘obsessief’ zou hij zelf later zeggen – op Patty Boyd, de vrouw van zijn beste vriend George Harrison.

In deze toestand zette Clapton in de loop van dat jaar een nieuwe band op met drie muzikanten uit Bramletts begeleidingsband: drummer Jim Gordon, bassist Carl Radle en toetsenist-zanger Bobby Whitlock, die samen met Clapton verantwoordelijk was voor een groot deel van de liedjes. Aanvankelijk werd als bandnaam geopteerd voor Eric Clapton & Friends, maar omdat de muzikant nog steeds low profile wilde blijven werd uiteindelijk gekozen voor Derek and the Dominos.

Op 23 augustus toog het viertal naar de Criteria Studios in Miami, Florida, om het opgebouwde repertoire vast te leggen. Na een paar onproductieve dagen bezocht Clapton op 26 augustus een concert van The Allman Brothers Band in de buurt, met slide-gitarist Duane Allman. De twee muzikanten sloten meteen vriendschap en Allman sloot als een soort vijfde bandlid aan in de studio. De rest is geschiedenis.

Zoals wel vaker leerde ik ook deze plaat kennen via de collectie en de aanprijzingen van mijn oudere broer. Het zal omstreeks 1977 geweest zijn. Layla and Other Assorted Love Songs was toen zo’n plaat ‘die je moest hebben’, vooral vanwege de virtuoze dubbele gitaarpartijen. Maar in de achterliggende periode had ik hem niet heel vaak gedraaid. Ik was benieuwd wat ik zou horen als ik er nu, zoveel jaren later, naar zou luisteren.

Het eerste wat me opviel: dit is eigenlijk een Southern Rock-plaat, geen pure rock en blues. Dat had ik eerder nooit zo gehoord. Clapton liet niet eerder zo duidelijk gospel en country doorklinken in zijn werk. Het tweede: wat een zeldzaam rauwe en openhartige teksten. Obsessief inderdaad. Zoiets hoor je niet vaak. We beleven als luisteraars het hele spectrum van de onbeantwoorde liefde mee: klagen, dreigen, dromen, twijfelen, wanhopen en smeken en nog veel meer. Claptons gewonde hart ligt opengesneden op tafel – wij staan erbij en kijken ernaar.

Gelukkig is er de muziek om de ellende draaglijk te maken. Why does love got to be so sad? heeft een opzwepend gospelritme dat de titel weerspreekt. Bell Bottom Blues slingert heen en weer tussen melodische liefdesbetuigingen en dissonante verwijten. Even is er ruimte voor verstilling en contemplatie tussen al het emotioneel tumult: I Am Yours. En dan Layla natuurlijk: de versmade minnaar doet een ultieme poging het hart van zijn aanbedene te veroveren, ditmaal met een gitaarlick die in het geheugen van talloze popliefhebber gegrift zal staan.

Het belangrijkste is misschien nog wel dat Layla and Other Assorted Love Songs inderdaad een plaat van een band is, geen soloalbum. Gordon en Carl Radle vormen een solide fundament waarop de rest kan bouwen. Bobby Whitlocks toetsen en bezielde vocalen tillen die van Clapton naar een hoger plan. De slide van Duane Allman doet hetzelfde met het gitaarwerk van zijn Britse collega. Dit is een band zoals een band bedoeld is.

We horen hier vier muzikanten die hun vriend gebroederlijk door het dal slepen. Zodat hij er uiteindelijk glorieus uit tevoorschijn komt. Want Layla and Other Assorted Love Songs was het album waarmee Clapton definitief doordrong tot de eregalerij van de popmuziek. En als deze plaat iets bewijst, dan is het dat je het in moeilijke tijden van je vrienden moet hebben. Achteraf was de eerste bandnaam dus toch de beste.

Albumverjaardag – After the Goldrush

Neil Young’s After the Goldrush, deze week vijftig jaar oud, was een van de eerste lp’s die ik kocht, omstreeks 1977 denk ik. Mijn fascinatie begon met de hoes: de voorkant somber donkergrijs met goudkleurige letters, de zanger die met opgetrokken schouders door een onbestemde straat loopt, de achterkant een close-up van Young’s hippiespijkerbroek. Binnenin de uitklaphoes ligt de artiest ontspannen met gitaar op een sofa. Zoveel vrijheid en melancholie, onweerstaanbaar voor de tiener die ik was, opgroeiend in slaapstad Zoetermeer.

En dat was alleen nog maar de buitenkant van After the Goldrush. Van het vinyl stegen de prachtigste liedjes op, vol liefdespijn en eenzaamheid. In 1977 was After the Goldrush al een oude plaat. Mijn klasgenoten draaiden nieuwe lp’s van The Eagles, Fleetwood Mac, ELO en Supertramp. Dit was iets anders. Vanaf het begin van mijn luistercarrière was ik gericht op de muziek van voor mijn tijd: The Beatles, CSNY, The Band, Joni Mitchell, de soul van Stax en Motown. De rol van buitenstaander paste me destijds het beste. (meer…)

The Band – broederschap en plankenkoorts

Vorige week zag ik in de bioscoop de nieuwe documentaire Once Were Brothers, over de opkomst en ondergang van een van de meest invloedrijke en bijzondere bands uit de popgeschiedenis: The Band. Ik ging in één keer een heel stuk terug in de tijd.

Het verhaal van The Band in zevenmijlspassen: vier Canadezen en één Amerikaan begeleiden vanaf begin jaren 60 als The Hawks de ruige rockabilly-zanger Ronnie Hawkins. In 1966 rekruteert Bob Dylan het vijftal voor de roemruchte tournee door Europa en de VS waarop hij ‘elektrisch gaat’ en meer scheldwoorden dan applaus mag incasseren. (meer…)

Albumverjaardag – Déjà Vu

 Goeie Nummers heeft de pretentie voorbij te gaan aan de waan van de dag. Daarom vandaag niets over virussen, epidemieën of vreemdelingenangst. Wel iets over de waan van de dag van toen. Afgelopen woensdag precies 50 jaar geleden kwam Déjà Vu van Crosby, Stills, Nash & Young uit. Een album dat, om in moderne termen te blijven, flink gehypet werd. Of was de euforie over Déjà Vu achteraf niet meer dan terecht?

Het enthousiasme rond CSN&Y had in elk geval een basis in de realiteit. De vier twintigers hadden in 1969 al een behoorlijke staat van dienst toen ze bij elkaar kwamen: David Crosby bij The Byrds, Graham Nash bij The Hollies, Stephen Stills en Neil Young bij Buffalo Springfield. En op de beste momenten vulden hun talenten en temperamenten elkaar ook fantastisch aan: de vier stemmen die wonderschoon samenvloeiden; het Britse popgevoel van Nash dat iets extra’s aan de Amerikaanse folk en rock gaf; de rauwe emotionaliteit van Canadees Young die net de nodige bite toevoegde. (meer…)

Duel tussen twee classic albums

duelDeze week stormt het in mijn hoofd. Twee klassieke popalbums, allebei een halve eeuw oud, strijden om mijn aandacht: Bridge Over Troubled Water van Simon & Garfunkel (26 januari 1970) en Moondance van Van Morrison, dat welgeteld één dag later uitkwam. Beiden maken aanspraak op de hoogste eer, willen dat ik partij kies. We laten ze netjes na elkaar pleiten, in volgorde van anciënniteit.

bridge over troubled waterBridge Over Troubled Water: de zwanenzang van Paul Simon en Art Garfunkel als duo balt hun werk van vijftien jaar samen. Twee stemmen die zo lang onafscheidelijk leken en samen evergreens als The Sound of Silence, Mrs. Robinson, Scarborough Fair en Homeward Bound tot grote hoogten zongen, nemen hier afscheid van elkaar en van ons. Op de toppen van hun kunnen, dat maakt het extra tragisch. Luister naar The Boxer en de tijdloze titeltrack, in 1971 grandioos gecoverd door soul- en gospelkoningin Aretha Franklin. (meer…)

Liege & Lief is 50 geworden

Fairport_Convention-Liege_&_Lief_(album_cover) (1)In 2006 werd Liege & Lief van Fairport Convention door de luisteraars van BBC Radio 2 uitgeroepen tot het meest invloedrijke Britse folkrockalbum aller tijden. Ook bij verschijning, in december 1969, kreeg het goede kritieken. En wie het album nu opzet, een halve eeuw later, wordt niet alleen getroffen door de tijdloze klasse maar ook door de manier waarop de groep – met onder meer gitarist Richard Thompson en zangeres Sandy Denny – zich het ‘klassieke erfgoed’ durfde toe te eigenen.

What We Did On Our HolidaysAlles lachte Fairport Convention in de eerste helft van 1969 toe. De Londense band, opgericht in 1967, had een nieuw, ambitieus platenlabel gevonden (Island Records) en met folkzangeres Denny voorzichtig een nieuwe koers ingezet. In januari was het album What We Did On Our Holidays uitgekomen, en de opnames voor opvolger Unhalfbricking waren in het voorjaar afgerond. (meer…)

Albumverjaardag: Tom Petty – Wildflowers

WildflowersExact 25 jaar geleden, op 1 november 1994, verscheen Wildflowers, het tiende studioalbum van Tom Petty (1950-2017), als we soloalbum Full Moon Fever (1989) en zijn Heartbreakers-platen samenvoegen. Voor Petty’s fans geldt Wildflowers als zijn beste – vlak voor Damn the Torpedoes – getuige een poll van rockmagazine Rolling Stone uit 2013. Waaraan verdient dit album die toppositie, en wat horen we als we er nu anno 2019 naar luisteren?

plakkaat Berliner MauerHet eerste dat opvalt is dat het lijkt alsof er veel meer tijd verstreken is dan die kwart eeuw. Zo is het tenminste voor mij. Het waren zulke andere tijden. Midden jaren 90, toen ik Wildflowers vaak op mijn walkman draaide als ik naar mijn werk forensde, zaten we volop in de liberalisering. De Muur was gevallen, de markt was heilig, er werd gezegd dat we ons aan het einde van de geschiedenis bevonden. In ons land, en de rest van de westerse wereld, hing een vreemde triomfalistische sfeer en ikzelf was niet zo lang daarvoor aan mijn werkzame bestaan begonnen, dus al met al liep ik nogal verweesd rond in de wereld. (meer…)

Albumverjaardag – Music From Big Pink

Bob Dylan 2In het voorjaar van 1966 trok Bob Dylan zich terug in de landelijke omgeving van het kunstenaarsdorpje Woodstock, op een paar uur afstand van New York. Weg van de muziekbusiness en de persmuskieten, misschien ook weg van de herinneringen aan de wereldtournee van het afgelopen jaar, met publiek dat hem uitschold voor verrader omdat hij ‘elektrisch was gegaan’.

330px-The_Big_Pink_(crop)In het najaar voegden The Hawks, Dylans uit Canada afkomstige begeleidingsband, zich bij hem. Gitarist Robbie Robertson huurde met zijn vrouw Dominique een eigen woning; bassist Rick Danko, pianist Richard Manuel en organist Garth Hudson betrokken samen voor 125 dollar per maand een groot vrijstaand huis in West Saugerties dat in de volksmond ‘Big Pink’ werd genoemd.

hoes The Basement TapesHet grote huis herbergde onder meer een ruime kelder, en die veranderde dus al snel in een repetitieruimte annex opnamestudio. En in die sfeer van ongekende vrijheid en afzondering ontstond iets wat je wel een nieuw muziekgenre kunt noemen. Dylan en de vier Canadezen – plus de uit Arkansas afkomstige drummer Levon Helm, die zich met zijn oude Hawks-maten had herenigd – putten diep uit de rijke folk-, country-, blues- en gospeltradities van hun land. En maakten daar vervolgens gloednieuwe en bezielde rock-‘n-roll van. De  nummers die ze spelenderwijs opnamen zouden in 1975 officieel verschijnen als The Basement Tapes.

hoes Music From Big PinkMaar de eerste versie van The Basement Tapes kwam al uit op 1 juli 1968: Music From Big Pink van The Band, zoals The Hawks zich inmiddels waren gaan noemen. Vandaag precies een halve eeuw geleden. Het album bevat drie (deels) door Dylan geschreven nummers uit de keldersessies, maar is toch op en top The Band, met de stemmen en composities van Helm, Manuel, Danko en Robertson en klassiekers als The Weight en Chest Fever.

Greil MarcusMusic From Big Pink sloeg in als een bom, in de VS en daarbuiten. De muziek bood iets waar de rockwereld op dat moment naar snakte, aldus de bekende Amerikaanse criticus Greil Marcus. Het album opende een vergeten wereld, een oer-Amerika dat in de voorgaande decennia onzichtbaar was geworden, maar onder de radar was blijven bestaan: the Old Weird America. Dylan en The Band groeven die ondergrondse stroming op en wekten haar tot leven.

330px-The_Band_-2005710053-En wat bijzonder was, hun muziek was dan wel doordesemd van de traditie, maar allesbehalve nostalgisch. De wereld van boeren, gokkers, zwervers en eenzame oude vrijsters die ze bezongen was in de eerste plaats hard, angstig en onzeker. Omstandigheden die ook Amerikaanse stedelingen in de tweede helft van de 20e eeuw bekend voorkwamen – en blijkbaar ook die in Europa.

latte macchiatoDe betekenis van The Band en Music From Big Pink is moeilijk te overschatten. Hun stijl – ongepolijst, authentiek en tijdloos – ging lijnrecht in tegen de gladde en vluchtige oppervlakkigheid van veel andere popmuziek. The Band was daarmee de belangrijkste inspiratiebron van de latere alt.country- of americana-stroming, met bands als Wilco, Los Lobos, Old Crow Medicine Show, The Gourds en The Drive-By-Truckers. Sterker nog, er loopt een bijna rechte lijn van het bebaarde vijftal naar de hipstergeneratie van nu, al werd er in die tijd nog weinig latte macchiato maar des te meer alcohol gedronken.

downloadBig Pink is de plaat waarmee dat allemaal begon. Hij zou gevolgd worden door The Band’s titelloze tweede album, met evergreens als The Night They Drove Old Dixie Down, Upon Cripple Creek en When You Awake. En nog veel meer moois. Reden om Music From Big Pink vandaag maar weer eens op te zetten en te denken aan het moment dat heden en verleden elkaar weer ontmoetten. In de popmuziek.