Neil Young

Beste Kurt,

omslag Kurt Cobain - Dagboeken low resJe hield wel van schrijven maar niet van interpunctie. Dat maak ik op uit de Dagboeken die je van 1988-1994 bijhield en die in 2002, acht jaar na je dood, verschenen. Die schrijverij, een origineel soort stream of consciousness, recht uit het hart, maakt het makkelijker om je van repliek te dienen.

kurt cobainWant in die dagboeknotities ben je god en rechter en querulant en puber en nog veel meer. Complotdenker, navelstaarder, maatschappijcriticus, oprechte deugmens, humorist, striptekenaar en streber (ja die drie dingen ook, een eyeopener). Een bij tijd en wijle behoorlijk irritant product van je tijd, je land, je subcultuur, je eigen particuliere trauma’s.

Smells Like Teen SpiritUit al die notities, striptekeningen, brieven, hoesontwerpen en andere literaire vondsten komt ook een bezielde popmuzikant naar voren, met een waanzinnige drive en uitgesproken meningen. Dat was in 1991 natuurlijk ook al duidelijk geworden toen jij en je band met Smells Like Teen Spirit als lava door de aardkorst braken. Spreekbuis van een generatie. Vaandeldrager van de grunge, die gruizige mix van oerkrachten en ijzersterke melodieën. Het is nauwelijks voor te stellen dat Nirvana pas vijf jaar bestond op het moment dat jij je afscheidsbrief schreef. Vandaag precies een kwart eeuw geleden.

Neil Young 3In die brief citeerde je Neil Young uit diens song Hey Hey My My: ‘It’s better to burn out than to fade away’, weet je nog? Mooie manier om je idool te bedanken. De Canadees schreef de schrik dan ook meteen van zich af in Sleeps With Angels, dat moet je inmiddels vaak genoeg gehoord hebben. Of hebben jullie daar in de pophemel geen helemaal geluid? In mijn beleving – dank, David Byrne – is het gewoon een grote bar waarin nooit iets gebeurt. Een soort Cheers voor rockmusici die geen seconde ouder worden en ondertussen kankeren op popjournalisten. Geef mijn portie maar aan Fikkie.

Brett MorgenNaast Neil Young schreven minstens vier andere artiesten liedjes om zichzelf en de verweesde fans te troosten. Filmmaker Brett Morgen, een fan van het eerste uur, probeerde in Kurt Cobain: Montage of Heck (2015) te begrijpen hoe jij tot de beslissing kwam om alles achter te laten, inclusief je vrouw en jullie jonge kind. Hij zag de heroïne, de stress van het popsterrendom, maar vond het ultieme antwoord in je jeugd. Je zou het er vast niet mee eens zijn. Of misschien inmiddels ook wel.

Amy Winehouse en Kurt Cobain27 was je. 27 ben je. Het vreemdst van alles is om te bedenken dat ik, inmiddels ruim twee keer zou oud als jij, maar vier jaar met jou scheelde. Toch voel ik me eerder een vader dan een oudere broer of generatiegenoot; dat doet de tijd met je. Ik moest denken aan Amy Winehouse, een peuter nog toen jullie Teen Spirit maakten. Een Britse zangeres die ongeveer dezelfde weg aflegde als jij, maar als die Club van 27 echt bestaat ken je haar natuurlijk al. ‘Ze leefde niet lang genoeg om te leren leven,’ zei de bevriende oude jazz-crooner Tony Bennet later over haar. Ik denk nu hetzelfde over jou. En ik verbeeld me dat jij het inmiddels met me eens zou zijn.

Je maakte een wapen van je eenzaamheid, je drukte dat gevoel weg met drugs, je zong het van je af in je muziek – maar alles tevergeefs. Oké, achteraf is het altijd makkelijk gelijk hebben, maar toch, het was allemaal al in je dagboeken te lezen. Voor wie ze kon inzien.

Namedropping – I Feel Lucky

the purple rose of cairo2Artiesten die andere artiesten noemen in hun liedjes – ik ben er gek op. Waarschijnlijk komt dat vooral door het komische effect dat fictie en werkelijkheid opeens door elkaar gaan lopen, een beetje zoals in Woody Allens The Purple Rose of Cairo.

Maarten van RoozendaalVoor een genamedropte artiest lijkt het me niet alleen best vreemd, maar ook best vleiend om zichzelf opeens als lied-personage tegen te komen. Namedropping komt immers meestal voort uit bewondering of een gevoel van verwantschap, zoals in Hail Hail Rock ’n Roll van Garland Jeffreys, of in Randy (Het Wilde Westen, 2008) van de betreurde Maarten van Roozendaal – daarin stelt de Nederlandse zanger zijn geestverwant Randy Newman voor om een duo te vormen dat samen de wereld gaat redden met ‘het goedgeschreven lied’. Een heerlijk ironische Newman-pastiche.

janis ianMaar het kan natuurlijk ook anders uitpakken. Bijvoorbeeld als collega’s je naam opvoeren om je een flinke veeg uit de pan te geven, zoals Neil Young overkwam in Sweet Home Alabama van Lynyrd Skynyrd. Of als je, zoals countrysterren Emmylou Harris, Loretta Lynne en Dolly Parton, een paar schampschoten oplopen in Boots Like Emmy Lou’s (God & The FBI, 2000) van singer-songwriter Janis Ian.

country boots girlsIans lied is veel meer tongue-in-cheek dan Sweet Home Alabama, maar de zangeres neemt haar vrouwelijke collega’s wel aardig op de korrel. Had ze maar laarzen zoals Emmy Lou, verzucht ze, dan zou haar leven net zo luxueus en zorgeloos zijn als dat van hen, om nog maar te zwijgen van die gegarandeerde plek in de hemel. Ondanks alle wisecracks – en Ians kennelijke fascinatie voor c&w-schoenmode – wordt hier stevig geschopt tegen de zelfingenomenheid en oppervlakkigheid van de commerciële country-wereld.

Mary Chapin Carpenter2Een van de lekkerste namedropping-songs komt juist uit de (alt-)country: I Feel Lucky van Mary Chapin Carpenter uit 1992, hier in een live-uitvoering met puike begeleidingsband. Het opgewekte boogie-achtige countrynummer, dat in de VS en Canada de top 5 van de country-hitlijsten bereikte, gaat in letterlijke zin over geluk in de loterij, maar de kracht zit hem in de aanstekelijke geëmancipeerde boodschap.

Mary Chapin CarpenterDe hoofdpersoon van I Feel Lucky wint de jackpot – niet door de horoscoop te lezen of naar alle waarschuwingen uit haar omgeving te luisteren, maar gewoon door in zichzelf te geloven. En nu barst ze van het zelfvertrouwen: haar kan niets gebeuren, met haar elf miljoen dollar kan ze kopen en weggeven wat ze wil.

hot dogEn dan wordt ze ook nog begeerd door twee van haar opkomende mannelijke country-collega’s uit die tijd: Dwight Yoakam en Lyle Lovett. De een beloert haar vanuit een hoekje van de ander, de ander maakt concreet avances. De zangeres is best gestreeld door die aandacht, hoor, maar ze is geen bot om om te vechten: ‘Hey Dwight, hey Lyle, boys, you don’t have to fight. Hot dog, I feel lucky tonight.’ De rol die de twee heren in deze namedropping-song krijgen toebedeeld is maar bescheiden. De dame deelt de lakens uit.

 

 

5 redenen om Neil Young te gaan zien

Neil Young 2

Na een afwezigheid van drie jaar doet Neil Young binnenkort ons land weer aan. De eigenzinnige Canadese folkrocker staat op 9 juli in de Ziggo Dome in Amsterdam. Goeie Nummers geeft je 5 redenen om dit concert niet links te laten liggen.

dinosaurusVerrassing. Een dinosaurus, wordt Young (Toronto, 1945) wel genoemd. Een vos die wel zijn haren maar niet zijn streken verliest. Met of zonder dierenmetafoor, de man heeft in elk geval altijd geweigerd om zijn publiek te behagen door simpelweg zijn oude hits te recyclen. En zo werkt hij nog steeds. Het zou trouwens ook zomaar kunnen dat hij straks de Ziggo Dome op het verkeerde been zet door juist ontroerende succesnummers als ‘Heart of Gold’ of ‘Old Man’ op de setlist te zetten.

Neil Young 4Jeugdig vuur. Young blijkt keer op keer in staat het heilige vuur in zichzelf brandend te houden. En op deze tournee krijgt de 69-jarige daarbij hulp van zijn jonge backing band Promise of the Real, met daarin onder meer de twee zonen van country-outlaw Willie Nelson. Deze jongens speelden een paar jaar geleden op hun tienerslaapkamers nog  luchtgitaar bij ‘Down By The River’ en ‘Cowgirl In The Sand’. Nu mogen ze voor het echie, en dat doen ze even enthousiast als vakbekwaam.

hoes The Monsanto Years van Neil YoungEngagement. Young schreef begin jaren ‘70 klassieke protestsongs als Ohio en ook ‘Southern Man’, dat aanleiding gaf tot een heuse rockvete met de zuidelijke rockers van Lynyrd Skynyrd. En in tegenstelling tot de meeste van zijn generatiegenoten toont hij zich in zijn muziek nog steeds maatschappelijk betrokken. Op The Monsanto Years, zijn meest recente studioalbum, laat hij andermaal horen dat popmuziek zich niet hoeft te beperken tot persoonlijke sores en gelukzaligheden.

Hernando CortesGitaarsolo’s. De technisch meest begaafde gitarist ter wereld is Young niet. Maar met zijn feedbackende melodieuze solo’s op elektrische gitaar kan hij iets wat snarensprinters als Steve Vai, Joe Satriani en Eddie van Halen niet zo gauw voor elkaar krijgen: de luisteraar kippenvel bezorgen en meevoeren naar een planeet op vele lichtjaren buiten ons zonnestelsel. Zoals in Cortez the Killer.

Neil Young (jong) met akoestische gitaarAfvinken. De minst eervolle maar evenzogoed legitieme reden. Je moet deze poplegende minstens een keer gezien hebben en die ervaring in je eigen poptempel bijzetten. Nu het nog kan. En om het wat persoonlijker te maken: mogelijk wordt Youngs concert in Ahoy van 1982, toen hij zijn publiek verraste met muziek van het niet 100% geslaagde techno-album Trans, op 9 juli a.s. voorgoed uit het geheugen gewist.

Genoeg argumenten dus om je weerzin tegen ticketorganisaties te overwinnen en over een paar weken naar de Ziggo Dome af te reizen. Voor mij in elk geval wel.

Zij ook al?

John F KennedyVroeger was alles beter. Nou ja, de wereld was in elk geval een stuk overzichtelijker, als ik het me goed herinner. Je wist bijvoorbeeld vrij zeker wie de goeien waren en wie de slechteriken. Nixon was fout, Kennedy goed. De TROS fout, de VPRO goed. Enzovoort.

wurgcontractenIn de popmuziek was dat lange tijd ook zo. Artiesten waren namelijk oké, platenbazen fout. De integere muzikanten leefden puur voor de muziek, maar werden dwarsgezeten door gehaaide managers met wurgcontracten, en door platenbazen die hun artistieke vrijheid beknotten.

martelaarAan ons, getuigen van die ongelijke strijd tussen Daders en Slachtoffers, kwam de rol van Redders toe. Via de media kozen we partij voor de artiesten, tegen de boze platenbobo’s. En deze driehoek bleef lang tot ieders tevredenheid in stand: de artiest kreeg zijn kunstenaars- of martelaarsstatus, het publiek zijn reddersrol en de muziekindustrie haar geld.

cd burnerXPIn het afgelopen decennium is dit overzichtelijke schema door de digitalisering flink gaan wankelen. Eerst kregen we het branden, toen het streamen. Veel muziek werd gratis of spotgoedkoop. De inkomsten uit cd’s liepen terug, platenlabels krompen of hielden op te bestaan. Voor de popliefhebber ging de aardigheid eraf – aan zo’n zwakke vijand valt ten slotte weinig eer te behalen.

logo SpotifyHet probleem is: wie moeten we nu dan gaan redden en vooral, aan wie moeten we een hekel krijgen? Spotify c.s. misschien? Die schijnen de artiesten nogal weinig te betalen per stream of click of hoe dat heet. Maar ja, niemand wil een dief van zijn eigen portemonnee zijn. De nieuwe crowdfunding-organisaties dan, zoals Pledge Music en Kickstarter, die nieuwe albums helpen financieren? Tot dusver trekken die heel collegiaal met de artiesten op, dus daar hebben we voor nu ook even niets aan.

adele

Ik heb wel een goede kandidaat op het oog: de ticketverkopers van concerten, met hun zogenaamde administratiekosten. Onlangs nog: 10 euro per kaartje voor Neil Young in Ziggo Dome. Voor het toezenden van een pdf’je met veel reclame dat je vervolgens zelf mag uitprinten. De ergste zijn natuurlijk de illegale doorverkopers, die gewetenloos misbruik maken van je verslaving als popliefhebber. Een kaartjes voor een uitverkocht optreden van Adele werd onlangs aangeboden voor maar liefst 1760 euro.

ticket Bob Dylan Carré paintDie ticketorganisaties zijn dus uitstekende kandidaten voor de rol van slechterik. Maar ik twijfel over de goeien, en dat is erger. Want bij grotere acts is een entreeprijs van zo’n honderd euro geen uitzondering – en zo’n bedrag begint bij de gage van de artiest. En als ik dan ook nog hoor dat sommige sterren ervoor kiezen hun concertkaartjes via veilingsites te verkopen, dan denk ik: zij ook al…?

Het wordt nooit meer zoals vroeger.

Albumverjaardag – ‘Live at Massey Hall’ van Neil Young

Neil Young 3Als iemand de soundtrack van mijn tienerjaren bepaalde, was het wel Neil Young. Zoals wel meer pubers was ik tamelijk ontvankelijk voor gevoelens van eenzaamheid en neerslachtigheid – én voor manieren om daaraan te ontkomen. De Canadese singer-songwriter bood mij zo’n ontsnappingsroute. Met zijn hoge, klaaglijke stem drukte hij op de een of andere manier precies uit wat ik voelde. En gedeelde smart is tenslotte halve smart.

Neil Young hoes Live at Massey HallOp 19 januari 1971, vandaag op de kop af 44 jaar geleden, gaf Neil Young (1945) een soloconcert voor een enthousiast publiek in zijn geboortestad Toronto. Zijn toenmalige manager David Briggs vond de opnames zo goed dat hij voorstelde ze meteen als live-plaat uit te brengen. Maar de eigenzinnige Young concentreerde zich liever op zijn nieuwe studio-album Harvest. Het zou tot 2007 duren voordat Live at Massey Hall eindelijk officieel uitkwam.

Neil Young - hoes After the GoldrushIn 1971 heeft Young, op zijn 26e, al heel wat op zijn naam staan als hij begint aan een solotournee door Noord-Amerika: Buffalo Springfield, Crosby, Stills, Nash & Young en drie goed onthaalde soloalbums (zijn titelloze debuutalbum, Everybody Knows This Is Nowhere en After the Goldrush). Maar waar zijn studioalbums uit die tijd vaak uitgebreide arrangementen hebben, is Young op Live in Massey Hall volledig op zichzelf aangewezen: een zanger alleen, zichzelf begeleidend op akoestische gitaar of piano. Unplugged uit de tijd dat die term nog niet bestond.

Neil Young 2En Young is in de concertzaal in Toronto geweldig in vorm. Tussen de nummers door vertelt hij anekdotes, stemt z’n gitaar bij, maakt grapjes die bij het thuispubliek in goede aarde vallen. Zijn zang is krachtig en vast, z’n gitaarspel trefzeker. En dan die liedjes. In deze pure vorm valt eens te meer op hoe goed ze zijn. Er zitten nummers tussen die op dat moment voor Youngs publiek gloednieuw zijn, maar die zouden uitgroeien tot klassiekers in zijn oeuvre, zoals ‘Heart of Gold’ en ‘Old Man’.

Neil Young 4Young doet in Massey Hall waarin hij een meester is: spelen op de emotie, in de beste betekenis van de uitdrukking. Elke stembuiging, elk woord komt aan. Al luisterend kom je steeds een stapje dichter bij het verdriet – en bij de troost. Langzaam laat je je zakken in dat weldadige bad vol melancholie. Alles spoelt van je af.

Het is prachtig dat Live at Massey Hall uiteindelijk toch uit Youngs archieven is gehaald om de wereld ervan te laten genieten. Voor mij had dat wel een paar decennia eerder mogen gebeuren.

Namedropping: ‘Sweet Home Alabama’ van Lynyrd Skynyrd

Lynyrd Skynyrd2Sweet Home Alabama’ van Lynyrd Skynyrd is met afstand het beroemdste namedropping-lied dat ik ken. Vanaf de start van de Top 2000 staat deze hit uit 1974 bijvoorbeeld elk jaar ergens tussen nummer 230 en 440 op de lijst. Belangrijker is dat er over dit lied al heel veel is gezegd en geschreven. Door de betrokken artiesten zelf, door journalisten, door fans. Zelfs door politici. Het eerste couplet zet de toon:

“Well I heard Mister Young sing about her [‘her’ verwijst hier naar de staat Alabama, CB] / Well, I heard ol’ Neil put her down / Well, I hope Neil Young will remember / A Southern man don’t need him around anyhow.”

Als de naam van een artiest in een liedjes voorkomt, is dat meestal op te vatten als een speels eerbetoon of als vette knipoog. Hier valt de naam van Neil Young – nota bene drie keer – op een wat minder vriendelijke manier. Waar ging dit over?

Neil Young 3Neil Young, woonachtig in de VS maar Canadees van geboorte, had begin jaren ’70 veel inwoners van de zuidelijke staten van de VS behoorlijk op de tenen getrapt met twee protestsongs: ‘Southern Man’ (van After the Goldrush) en ‘Alabama’ (van Harvest). Daarin nam hij de segregatie en het nog steeds sterke racisme in het Zuiden fel onder vuur. Een reactie kon bijna niet uitblijven. Lynyrd Skynyrd (spreek uit: ‘lĕh-‘nérd ‘skin-‘nérd), een uitgesproken Zuidelijke band, antwoordde dan ook in 1974 met een eigen nummer: ‘Sweet Home Alabama’.

Flag_of_Alabama_svg

Officiële vlag van Alabama

Volgens sommige media vormde dit loflied op de staat Alabama het begin van een ‘grote rockvete’ tussen Neil Young en Lynyrd Skynyrd. Wat daarvan waar is? Feit is dat voorman Ronnie van Zant en de andere bandleden Youngs muzikale aanklachten veel te generaliserend vonden. Niet elke Southern Man was tenslotte een racist. Maar feit is ook dat beide artiesten fans van elkaar waren en dat ze naderhand veel moeite deden om die zogenaamde vete te ontkrachten. Ronnie Van Zant, die een paar jaar later bij een vliegtuigongeluk zou omkomen, droeg tijdens optredens bijvoorbeeld vaak een T-shirt met Youngs beeltenis erop.

Namedropping was in dit geval dus niet zo onschuldig. Sterker nog, ‘Sweet Home Alabama’ maakte ook allerlei krachten buiten de muziek los. Concerten van Lynyrd Skynyrd werden een tijdlang goed bezocht door rechts-extreme blanken. Een uiterst conservatieve politicus van de rechterflank adopteerde het nummer als zijn lijflied. En in progressieve kringen kreeg de band het negatieve ‘redneck’stempel. Wat volgens de band was begonnen als een goedbedoelde grap met serieuze ondertoon ging uiteindelijk een totaal eigen leven leiden.

Drive By Truckers2‘Sweet Home Alabama’ leidde in 2001 zelfs tot een nieuw ‘antwoordnummer’, met namedropping en al, van The Drive-By Truckers. In ‘Ronnie and Neil’  doet deze Zuidelijke band een bezielde poging om waarheid en mythe over het Amerikaanse Zuiden – en over Neil en Ronnie –  te ontwarren. Het wachten is nu op iemand die de eerbiedwaardige traditie voortzet met een lied over Ronnie, Neil en The Drive-By Truckers.

De mooiste country-duetten

Ilse%20en%20Waylon2_0

Ilse en Waylon

Gisteravond beleefde ik, samen met waarschijnlijk driekwart Nederland, een bijzondere avond. Met dank aan Ilse en Waylon. Bij mij had dat niet alleen met vaderlandsliefde te maken, maar ook met de herinneringen die het prachtige duet van The Common Linnets opriep. Dit Nederlandse duo staat in een lange countrytraditie van Amerikaanse mannen- en vrouwenstemmen die elkaar wonderschoon aanvullen.

hoes Comes A Time van Neil YoungNeil & Nicolette
Neil Young & Nicolette Larson, dat was het duo waar ik het eerst aan moest denken. Wie luistert naar Comes A Time, de countryplaat waarmee Young in 1978 vriend en vijand verraste, hoort dat hun stemmen gewoon voor elkaar gemaakt zijn. Bijvoorbeeld in het bekende titelnummer of in het afsluitende ‘Four Strong Winds’. De nasale, zoekende stem van Young tegen de zuivere, onopgesmukte van Larson. Comes A Time was meteen de zwanenzang van de samenwerking. Young en Larson hadden een relatie, die al snel stukliep. Misschien maakt dat de melancholieke liedjes achteraf nog kostbaarder.

cd BegoniasCaitlin & Thad
Caitlin Cary en Thad Cockrell zijn van recenter datum. Ik zag ze één keer live, een jaar of acht geleden tijdens het Blue Highways-festival in Utrecht. De kleine, dikkige Thad en de lange, nimfachtige Caitlin. Zijn soepele tenor cirkelde heel dicht om haar lichte alt heen. Meestal zong zij de hoogste partij, soms hij. Naast hun fraaie eigen nummers speelden ze een cover waar ik totaal kippenvel van kreeg: ‘Warm & Tender Love’, de grote countrysoulhit van Percy Sledge uit 1966. Cary en Cockrell waren geen stel, maar het is of de duvel ermee speelt – ook zij maakten samen maar één plaat: Begonias (2005).

Gram Parsons Emmylou Harris2Gram & Emmylou
En dan is daar natuurlijk nog het iconische paar uit de alt.country: Gram Parsons & Emmylou Harris. De eerste twee soloalbums van Parsons, GP (1973) en Grievous Angel (postuum, 1974) bevatten hun onvergetelijke duetten. Zijn wat ruwe, dominante stem, omgeven door haar frêle en onnavolgbare melodieën. Door de vroegtijdige dood van Parsons moeten we het met deze twee, inmiddels klassieke, albums doen. Zojuist luisterde ik ‘Love Hurts’ nog eens terug. Aanrader.

samen maar toch alleenSpannend
Wat is het toch aan die tweestemmige man-vrouw-samenzang in de country dat mensen er wereldwijd zo door geraakt worden? Ik denk dat die stemmen zeggen: we zijn samen, maar niet één. We willen het wel, maar het gaat niet. Dicht bij elkaar, toch apart. Het blijft spannend. Te spannend om lang te blijven duren.