2021

Je bent veertien

Onlangs liep ik met een volgeladen winkelkarretje in de plaatselijke Plus-supermarkt, mijn ogen gericht op de schappen met vuilniszakken. Opeens hoorde ik, net boven het winkelgeroezemoes uit, de uit duizenden herkenbare klanken van On the Border van Al Stewart: ´The fishing boats go out across the evening water’. Dat exotische beeld mengde zich instant met jaren 70-behang, een langwerpige jongenskamer, een pick-up, het gevoel dat er een leven voor me lag waarin alles kon gebeuren, in Spanje of andere exotische plaatsen. De boodschappen waren even helemaal vergeten.

Ik moest terugdenken aan een mooi artikel in The Times waarop een vriend me een tijdje geleden attendeerde. De Britse popjournaliste Caitlin Moran (1975) beschrijft hierin hoe ze in een doe-het-zelfzaak plotseling volschiet bij het horen van Tracy Chapmans hit Fast Car uit 1988. Een Proustiaanse stroom herinneringen aan haar tienertijd welt op, vooral aan de vlucht-fantasieën van de getroebleerde puber die ze was. Verborgen achter haar mondkapje zingt ze de tekst nu met beverige stem mee.

Moran verklaart deze ervaring aan de hand van een recente wetenschappelijke studie. Onderzoekers van de Universiteit van Durham ontdekten dat we de sterkste emotionele binding hebben met de liedjes we als veertienjarige horen. Met die liedjes zijn we het meest vertrouwd, en ze hebben voor ons ook de sterkste autobiografische betekenis. Volgens de onderzoekers wijst dit erop dat herinneringen die de kern vormen van onze identiteit vaak onlosmakelijk verbonden zijn met muziek.

Met andere woorden, zegt Moran, we hebben bij onze eerste zoen/beha/alcoholische versnapering het gevoel alsof we in een film spelen en worden gadeslagen en speciaal worden toegezongen door de artiesten van dat moment. Bijvoorbeeld dat David Bowie speciaal voor ons zingt dat ‘we helden kunnen zijn, al is het maar voor één dag’. Of The Pointer Sisters dat ze door jouw zoen ‘in brand vliegen’. Misschien zou je op grond hiervan zelfs kunnen stellen dat ons ‘ware ik’ onze persoon op veertienjarige leeftijd is en dat het bestaat uit muziek.

Maar is het ook waar, dat van die veertien jaar? Is het waar dat de liedjes die je op die leeftijd hoort zich meer dan alle andere muziek diep in je hart, ziel en brein griffen, en op dat moment aan de kern van je persoonlijkheid worden vastgeklonken? De onderzoeksresultaten uit Durham zijn natuurlijk gemiddelden, maar het leek me leuk om mezelf eens als proefkonijn te gebruiken. Want hoe graag ik dat ook zou willen ontkennen, ik lijk waarschijnlijk verdacht veel op andere mensen.

Mijn vijftiende levensjaar vond plaats tussen oktober 1977 tot en met september 1978. Dat lijkt een eeuwigheid geleden, en dat is het ook. En toch ook weer niet. Want op Spotify vond ik een lijst met hits uit 1977. Eerste observatie: ja, daar stond-ie hoor, On the Border. Pront en pontificaal naast die andere Stewart-classic, Year Of The Cat. en in een lange rij met andere ongekende emotie-knallers: Isn’t It Time (The Baby’s), Solsbury Hill (Peter Gabriel), Heroes (David Bowie). In de lijst van 1978 gaat het rustig zo door: Baker Street (Gerry Rafferty), Wuthering Heights (Kate Bush), Because the Night (Patti Smith), enzovoort.

Toen ik die playlist opzette was 1977-1978 opeens niet meer zo lang geleden. Het is opeens nu. Ik ben opens weer veertien – de saaie vertrouwde straten van de slaapstad van destijds haarscherp voor mijn ogen, onbereikbare meisjes, fotokopieerapparaten, basketbalveldjes, zelfhaat, leraren met corduroy broeken, een vuilcontainer die in de hens staat, kaneelbrokken, een vorm van eenzaamheid die vanzelf zou verdwijnen.

Het zijn herinneringen die waarschijnlijk niemand behalve mij iets zeggen. De liedjes mogelijk wel, maar dan met heel andere beelden erbij. Wat wel duidelijk wordt: mijn persoonlijke ervaringen – en die van Caitlin Moran – lijken in elk geval de conclusie van de Universiteit van Durham voorzichtig te ondersteunen. Wil jij ook de proef op de som nemen? Op Spotify is voor zo’n beetje elk jaar wel een hitlijst. Tel gewoon veertien jaar bij je geboortejaar op en klik op de bijbehorende playlist. Hou wel rekening met een emotionele achtbaan.

Kwetsbaarheid

Minister Bruno Bruins persconferentie maart 2020. Fotocredit: Phil Nijhuis

Op 18 maart 2020 zakte minister van Medische zorg Bruno Bruins in de Tweede Kamer voor het oog van de camera’s in elkaar tijdens het beantwoorden van kritische vragen van het parlement. Een dag later trad hij af vanwege oververmoeidheid. Hij was in zekere zin het eerste bekende slachtoffer van de corona-epidemie.

Nu, bijna een jaar later, kijk ik naar een foto van Bruins tijdens een persconferentie over het coronavirus. De foto moet niet lang voor zijn afscheid zijn genomen. Hier stond de minister nog rechter, maar het is moeilijk om naar deze foto te kijken zonder de kennis over het vervolg erbij te gebruiken.

(meer…)

Jekyll en Hyde in de popmuziek

Wil ik dit wel weten? Die vraag stelde ik mezelf deze zomer toen Akwasi ophef veroorzaakte met zijn uitspraak over Zwarte Piet tijdens de Black Lives Matter-demonstratie op de Dam. En onlangs opnieuw bij het nieuws dat de rapper-activist EO-journalisten onheus had bejegend. Het gevolg van dit soort informatie is namelijk dat je de muziek van Akwasi bijna zou vergeten. En dat zou jammer zijn, bijvoorbeeld vanwege zijn vorig jaar verschenen album Sankofa, een lekkere positieve hiphopplaat met Afrikaanse invloeden (prijsnummer Je Bent Nodig, samen met Typhoon & Fresku).

Het is niet de eerste keer dat ik worstel met de discrepantie die tussen een artiest en zijn muziek aan de ene kant en ‘de mens achter die artiest’ aan de andere kant. Zo maakte soulster James Brown opwindende feelgood muziek, terwijl de man Brown voor zijn omgeving vaak een tiran was. De artiest John Lennon zong over vrede op aarde, de mens Lennon gedroeg zich privé vaak minder harmonieus. Het meest recente voorbeeld in dit illustere rijtje: Van Morrison. De Belfast Cowboy smelt in zijn werk mystiek, folk en soul op onnavolgbare wijze samen, maar dreigde onlangs de Noord-Ierse regering met een rechtszaak tegen de coronamaatregelen, die volgens hem zijn gebaseerd op ‘pseudo-wetenschap’.

(meer…)

Het mooiste sneeuwlied

In een popsong kan regen veel verschillende dingen betekenen: somberheid en tegenslag maar ook vrijheid en ontlading. Wind wijst vaak op veranderlijkheid maar ook op verkoeling. Van de meteorologische verschijnselen in liedjes is sneeuw misschien wel het meest eenduidige én het meest positieve: het staat voor plezier en schoonheid. Maar bij mijn zoektocht naar het mooiste sneeuwlied merkte ik dat artiesten toch verschillende aspecten van de fraaie sneeuwkristallen bezingen.

Denk je aan sneeuwliedjes, dan denk je waarschijnlijk in eerste instantie aan populaire kerstkrakers als Jingle Bells of White Christmas. In deze nummers staat sneeuw voor pret, jolijt, gezelligheid en saamhorigheid. We glijden op een arrenslee door een wit landschap, werpen een blik vanuit het warme knusse huis op kinderen die buiten een sneeuwpop maken of sneeuwballen gooien. Deze positieve clichés leveren echter niet gauw een lied van bijzondere kwaliteit op.

(meer…)