The Rolling Stones

Wat zegt een naam?

Romeo & JulietIn het beroemde toneelstuk van William Shakespeare stelt Juliet de retorische vraag What’s in a name? Ze wil ermee zeggen dat Romeo’s achternaam voor haar niet telt – het gaat om wie hij is. Met andere woorden: vergeet de naam, die betekent niets, dat is een toevalligheid, loze ballast, buitenkant. Wat er toe doet, dat is de binnenkant van de naamdrager, hoe die zijn of haar leven invult. Het klinkt als een uitspraak waar je niets tegenin kunt brengen – maar is het ook waar?

George BakerVoor popmuzikanten ligt het toch iets anders. Solo-artiesten kunnen natuurlijk wel gewoon ‘als zichzelf’ opereren, maar hun eigennaam is ook een merk: de artiestennaam moet lekker bekken, niet al te gewoon zijn, een tijdlang meegaan en ook de juiste uitstraling hebben. Als je Hans Bouwens heet, verwacht je dat mensen George Baker waarschijnlijk toch wat exotischer vinden, en als je bij de burgerlijke stand Stefani Joanne Angelina Germanotta heet, kort je dat misschien liever af tot Lady Gaga. (meer…)

Geachte mijnheer Johnson,

Robert_JohnsonHet komt misschien vreemd over dat ik me tot u richt alsof u een eerbiedwaardige oudere man bent. Want bij uw overlijden, vandaag tachtig jaar geleden, was u half zo oud als ik nu. De eerste van de Club van 27 – het zou me niets verbazen als u daarboven in de pophemel een notoir groepje levensgenieters aanvoert met onder meer Jimi Hendrix, Janis Joplin en Amy Winehouse in de gelederen.

bob dylan jongToch, de eerbied is onvermijdelijk. U bent – al had u het zelf nooit kunnen bedenken, zo jong nog en vol ambitie – de grondlegger geworden van zo’n beetje de helft van de populaire muziek die na uw dood ontstond. Muziek die de wereld zou veroveren: de elektrische blues, de rock-‘n’-roll, de blues- en hardrock, zelfs van het genre van de singer-songwriters, met hun zelfgeschreven liedjes en akoestische gitaren.

ShakespeareUw leven was niet alleen veel te kort, wij weten er ook nog eens ontstellend weinig van. En net als bij artistieke oervaders als Shakespeare en Homerus bevat uw biografie meer speculaties, geruchten, controverses en legendes dan feiten. Zoals de befaamde Crossroads-mythe: dat u op een zeker kruispunt nabij Clarksdale, Mississippi uw ziel aan de duivel verkocht in ruil voor virtuositeit op de gitaar. Begonnen als een mooi verkoopverhaal voor collega en halve naamgenoot Tommy Johnson, werd het postuum op uw biografie geplakt. Het faustiaanse verhaal sprak zo tot de verbeelding dat er een halve eeuw na uw vertrek zelfs een speelfilm omheen werd bedacht.

Robert Johnson 2Los van de mythes, dit zijn de erkende feiten, te vinden in Tom Graves’ biografie Crossroads, The Life and Afterlife of Blues Legend Robert Johnson: geboren op 8 mei 1911 en opgegroeid in armoede in een zwart gebroken gezin te midden van de katoenplantages in de Mississippi-delta. Dan: een poging om aan dat uitzichtloze bestaan te ontsnappen als rondtrekkende blueszanger, redelijk succesvol. Verder: een lui oog, wisselende opvoeders, een jong huwelijk dat vroeg eindigde met de dood van moeder en kind in het kraambed, en een uitgesproken liefde voor whiskey en vrouwen die vermoedelijk uw dood is geworden, op 16 augustus 1938. En twee foto’s. Meer is er niet.

single Terraplane BluesBehalve natuurlijk uw liedjes, in 1936 en 1937 opgenomen in San Antonio en Houston in Texas. In totaal 27 kale, indringende bluessongs, koortsachtig gezongen, alsof de duivel u op de hielen zat. Zang en gitaar, zonder de overdubs en andere studiotrucs die later in zwang zouden komen. Eén hitje op het Vocalion-label leverde het destijds op, Terraplane Blues. Maar hoeveel invloed die muziek zou hebben op andere artiesten, dat is bijna onvoorstelbaar. Net als bij Shakespeare en Homerus is uw naleven vele malen omvangrijker dan dat leven zelf – puur door de klasse van het werk dat overleefde.

Muddy WatersVeel nummers uit de twee Texaanse sessies werden klassiek, zoals Sweet Home Chicago en Ramblin’ On My Mind. En uw unieke speelstijl, die ritme- en solo(slide)gitaar combineerde, zou wereldwijd school maken, via Elmore James en Muddy Waters naar Duane Allman en Stevie Ray Vaughn, naast vele andere snarenwonders die u mogelijk nog niet kent.

Cassandra WilsonU moet een moord hebben gedaan voor eigen succes. Toch zie ik zomaar voor me hoe u nu daarboven achterover leunt, strak in het pak, een goed glas whiskey bij de hand, genietend van het geruzie van historici over uw exacte levensloop, maar vooral van wat andere muzikanten allemaal van uw liedjes hebben gemaakt: Howlin’ Wolf met Dust My Broom, Cassandra Wilson met Come On In My Kitchen, misschien zelfs The Rolling Stones met Love in Vain. En nog veel meer. Here’s to you, Mr. Johnson.

 

5 argumenten tegen de Stones

Stones recentWaar je ook kijkt of luistert, overal worden The Rolling Stones tegenwoordig op een huizenhoog voetstuk gezet. In het tv-programma Zomergasten prezen auteurs Peter Buwalda en Annejet van der Zijl de oude rockers de hemel in, afgelopen zaterdag zong cabaretier Hans Teeuwen hun lof in Volkskrant Magazine. Onlangs onthulden twee min of meer toevallige tafelgenotes me ook nog dat Mick Jagger voor hen het toppunt van woeste aantrekkingskracht was. Waarom zijn die Rollende Stenen opeens voor iedereen het einde? Bij mij roept deze massale verering een duiveltje wakker. Hij komt met vijf goede redenen om een hekel aan Stones te hebben:

  1. hoes SatisfactionDe Stones zijn in wezen imitators. Ze ontleenden hun naam aan een nummer van bluesgigant Muddy Waters en werden beroemd door zwarte Amerikanen na te doen. De legendarische mondharmonicaspeler Sonny Boy Williamson gaf als commentaar: ‘Those English boys, they want to play the blues real bad. And they do – real bad.’
  2. Mick & Keith (of ‘keef’, zoals fans de onverbeterlijke piraat schijnen te noemen) hebben in hun tijd een paar onverwoestbare krakers geschreven. Ik noem een Satisfaction, een Tumbling Dice, een Hand of Fate. Helaas, sinds Miss You (1978) staat het duo creatief gezien vrijwel droog.
  3. Dat kan niet gezegd worden van de bankrekening van de band. Door eindeloos te blijven touren strijken de heren astronomische bedragen op. Zo verpesten ze de markt voor jonge artiesten die nog wel iets te melden hebben en een bescheiden boterham willen verdienen. ‘Roll Over, Jagger-Richards’, zou ik de miljonairs willen toeroepen.
  4. BeatlesDe Beatles en de Stones zijn sinds jaar en dag communicerende vaten. Lof voor de een gaat ten koste van de ander. En het waren John, Paul, George en Ringo die met z’n viertjes binnen tien jaar de popmuziek van kleur, gezicht en gedaante deden veranderen. De Stones pakken tegenwoordig dus de eer die de Fab Four in feite toekomt.
  5. Dan het belangrijkste: Mick Jagger heeft een reputatie-issue van formaat. Ooit zei hij meermaals dat hij liever dood zou zijn dan op zijn vijfenveertigste nog ‘Satisfaction’ te zingen. Hoe kunnen we hem dan nu nog geloven als hij ‘Angie, I still love you baby’ of iets anders zingt?

logo StonesIedereen die zich op een feestje of borrel wil onderscheiden met een tegendraadse popmening kan hier vrijelijk uit putten. Je kunt natuurlijk ook laten horen waarom de Stones wél een plaats op de Olympus verdienen.