Shakespeare

Wat zegt een naam?

Romeo & JulietIn het beroemde toneelstuk van William Shakespeare stelt Juliet de retorische vraag What’s in a name? Ze wil ermee zeggen dat Romeo’s achternaam voor haar niet telt – het gaat om wie hij is. Met andere woorden: vergeet de naam, die betekent niets, dat is een toevalligheid, loze ballast, buitenkant. Wat er toe doet, dat is de binnenkant van de naamdrager, hoe die zijn of haar leven invult. Het klinkt als een uitspraak waar je niets tegenin kunt brengen – maar is het ook waar?

George BakerVoor popmuzikanten ligt het toch iets anders. Solo-artiesten kunnen natuurlijk wel gewoon ‘als zichzelf’ opereren, maar hun eigennaam is ook een merk: de artiestennaam moet lekker bekken, niet al te gewoon zijn, een tijdlang meegaan en ook de juiste uitstraling hebben. Als je Hans Bouwens heet, verwacht je dat mensen George Baker waarschijnlijk toch wat exotischer vinden, en als je bij de burgerlijke stand Stefani Joanne Angelina Germanotta heet, kort je dat misschien liever af tot Lady Gaga.

Elvis Costello2Er zijn ook artiesten die via hun pseudoniem hun inspiratiebronnen tonen. Bob Dylan, geboren als Robert Allen Zimmerman, ontleende zijn artiestennaam aan de door hem bewonderde Welshe dichter Dylan Thomas. Elvis Costello (Declan McManus) deed hetzelfde met Elvis Presley, en in ons eigen land vernoemde Jett Rebel (Jelte Steven Tuinstra) zich naar het nummer Rebel Rebel van rolmodel David Bowie. Zo’n naam zegt dus echt wel iets.

The Kinks2In tegenstelling tot solo-artiesten moeten bands sowieso een naam kiezen. Bovendien moeten de bandleden het onderling eens worden – ga er maar aan staan. Veel beginnende bandjes breken zich dan ook het hoofd over een geschikte naam. Zo gingen de Britse broers Davies en hun medemuzikanten door het leven als The Ray Davies Quartet, The Pete Quaife Quartet, The Ramrods, The Bo-Weevils en The Ravens voordat ze uiteindelijk The Kinks werden.

muddy waters2Om hun eigen merk te ‘laden’ vernoemen sommige bands zich naar een songtitel van hun favoriete artiest. Het Schotse Deacon Blue toonde zich schatplichtig aan Steely Dan (Deacon Blues), Radiohead aan Talking Heads (Radio Head) en The Sisters of Mercy aan Leonard Cohen (The Sisters of Mercy). De lijst van zulke ‘inspiratie-bandnamen’ is lang, met als beroemdste voorbeeld natuurlijk The Rolling Stones. De jonge Britten waren begin jaren 60 zo wild van de Amerikaanse blues dat ze Muddy Waters’ tekstregel ‘I’m a rollin’ stone’ (uit Mannish Boy) gewoon letterlijk namen.

Zangeres zonder NaamAl met al zit Juliet er dus behoorlijk naast als het over de popwereld gaat: de naam is allesbehalve onbelangrijk. Maar we moeten het ook niet overdrijven. Want de woordbetekenis van de band- of artiestennaam, de betekenis die zich bij eerste kennismaking aan je opdringt, verdwijnt op den duur steeds meer naar de achtergrond. Net zolang tot de naam synoniem is geworden met de bijbehorende muziek en muzikanten.

Doe Maar2Ga maar na: het woordkoppel Doe Maar is nauwelijks nog herkenbaar als veelgebruikte idiomatische uitdrukking – het staat in de eerste plaats voor De Band die de Nederlandstalige Popmuziek Volwassen Maakte. De eerste indruk van The Beatles, een wat flauwe woordspeling, werd al snel volledig overvleugeld door hun fenomenale nummers en hun frisse optreden. Deze transformatie was Romeo en Juliet helaas niet gegeven; hun naam bleef aan hen kleven, met alle ellende van dien. Voorzichtige conclusie: in de popmuziek heerst meer rechtvaardigheid dan in de liefde.

Wat is voor jou de gaafste bandnaam ooit – en waarom? Laat het weten bij reageer-optie hieronder!

Geachte mijnheer Johnson,

Robert_JohnsonHet komt misschien vreemd over dat ik me tot u richt alsof u een eerbiedwaardige oudere man bent. Want bij uw overlijden, vandaag tachtig jaar geleden, was u half zo oud als ik nu. De eerste van de Club van 27 – het zou me niets verbazen als u daarboven in de pophemel een notoir groepje levensgenieters aanvoert met onder meer Jimi Hendrix, Janis Joplin en Amy Winehouse in de gelederen.

bob dylan jongToch, de eerbied is onvermijdelijk. U bent – al had u het zelf nooit kunnen bedenken, zo jong nog en vol ambitie – de grondlegger geworden van zo’n beetje de helft van de populaire muziek die na uw dood ontstond en de wereld veroverde: de elektrische blues, de rock-‘n’-roll, de blues- en hardrock, zelfs van het genre van de singer-songwriters, met hun zelfgeschreven liedjes en akoestische gitaren.

ShakespeareUw leven was niet alleen veel te kort, wij weten er ook nog eens ontstellend weinig van. En net als bij artistieke oervaders als Shakespeare en Homerus bevat uw biografie meer speculaties, geruchten, controverses en legendes dan feiten. Zoals de befaamde Crossroads-mythe: dat u op een zeker kruispunt nabij Clarksdale, Mississippi uw ziel aan de duivel verkocht in ruil voor virtuositeit op de gitaar. Begonnen als mooi verkoopverhaal voor collega, tijdgenoot en halve naamgenoot Tommy Johnson, werd het postuum van lieverlee op u van toepassing verklaard. Het faustiaanse verhaal sprak zo tot de verbeelding dat er een halve eeuw na uw vertrek zelfs een speelfilm omheen werd bedacht.

Robert Johnson 2Dit zijn de erkende feiten, zoals te vinden in Tom Graves’ uitstekende biografie Crossroads, The Life and Afterlife of Blues Legend Robert Johnson: geboren op 8 mei 1911 en opgegroeid in armoede in een zwart gebroken gezin te midden van de katoenplantages in de Mississippi-delta, waaraan u via een carrière als rondtrekkende blueszanger probeerde te ontsnappen, met redelijk succes. Verder: een lui oog, wisselende opvoeders, een jong huwelijk dat vroeg eindigde met de dood van moeder en kind in het kraambed, en een uitgesproken liefde voor whiskey en vrouwen die vermoedelijk uw dood is geworden, op 16 augustus 1938. En twee foto’s. Meer is er niet.

single Terraplane BluesBehalve natuurlijk uw liedjes, in 1936 en 1937 opgenomen in San Antonio en Houston in Texas. In totaal 27 kale, indringende bluessongs, koortsachtig gezongen, alsof de duivel u op de hielen zat. Zang en gitaar, zonder de overdubs en andere studiotrucs die later in zwang zouden komen. Eén hitje op het Vocalion-label leverde het destijds op, Terraplane Blues. Maar hoeveel invloed die muziek zou hebben op andere artiesten, dat is bijna onvoorstelbaar. Net als bij Shakespeare en Homerus is uw naleven vele malen omvangrijker dan dat leven zelf – puur door de klasse van het werk dat overleefde.

Muddy WatersVeel nummers uit de twee Texaanse sessies werden klassiek, zoals Sweet Home Chicago en Ramblin’ On My Mind. En uw unieke speelstijl, die ritme- en solo(slide)gitaar combineerde, zou wereldwijd school maken, via Elmore James en Muddy Waters naar Duane Allman en Stevie Ray Vaughn, naast vele andere snarenwonders die u mogelijk nog niet kent.

Cassandra WilsonU moet een moord hebben gedaan voor eigen succes. Toch zie ik zomaar voor me hoe u nu daarboven achterover leunt, strak in het pak, een goed glas whiskey bij de hand, genietend van het geruzie van historici over uw exacte levensloop, maar vooral van wat andere muzikanten allemaal van uw liedjes hebben gemaakt: Howlin’ Wolf met Dust My Broom, Cassandra Wilson met Come On In My Kitchen, misschien zelfs The Rolling Stones met Love in Vain. En nog veel meer. Here’s to you, Mr. Johnson.

 

De omweg naar je popheld

standbeeld op sokkelIn het openbaar iets schrijven over je grootste muziekhelden is altijd lastig. Als je er al aan toe bent om je idool met anderen te delen, dan blijven er nog genoeg andere valkuilen over. Bijvoorbeeld dat elke beschrijving de bewonderde artiest tekort lijkt te doen. Of dat de held misschien wel té menselijk wordt als je hem of haar zo dicht nadert – en daardoor van het voetstuk valt. Of dat je lezers het te klef zullen vinden. Je bevindt je dus bij voorbaat ‘between a rock and a hard place’, zoals de Amerikanen zeggen. Of is er toch een uitweg? Ik denk het wel.

hartVoorwerpen van adoratie benader je bij voorkeur via een omweg, stap voor stap. Een beetje zoals bij een verliefdheid. Je verklaart de aanbedene niet plompverloren de liefde, nee, liever zoek je eerst een onverdachte aanleiding om in elkaars nabijheid te zijn. Samen huiswerk maken, een studieopdracht, projectoverlegje, klusje, gedeelde interesse. Je speelt jezelf onnadrukkelijk in de kijker. Een beetje vergelijkbaar met Jonathan Richman, die in The New Teller steeds in de rij voor het bankloket gaat staan omdat hij een oogje heeft op de nieuwe caissière.

Shakespeare‘What’s in a name?’, vroeg Shakespeare zich retorisch af. Nou, heel veel, zou ik zeggen. Ook het noemen van namen is een onmisbaar ritueel in de toenadering. Hoe vaker je de naam van je geliefde laat vallen, in gedachten of hardop, hoe meer die naam van jou wordt, en hoe meer jij degene wordt die hem mag gebruiken. Zodat je straks als het erop aankomt nog enigszins uit je woorden kunt komen.

bob dylan jongZo kun je het vast ook aanpakken met je grootste pophelden. Ondanks al die schroom besteedde Goeie Nummers de afgelopen tijd aandacht aan artiesten als Paul Simon, Joni Mitchell, Neil Young, Bob Dylan en Marvin Gaye. Andere grootheden komen in de toekomst vast nog aan de beurt. Mits het lukt om ze met de gepaste omzichtigheid te benaderen en hun naam vaak en onnadrukkelijk genoeg te laten vallen.