Maand: december 2017

Popmuziek is…

snoepgoedTroost. Verstrooiing. Verslavend snoepgoed. Baltsgedrag. Maskerade. Fun. Diepe ernst. Intens verdriet. Een pad naar binnen.

Arbeidsvitaminen. Een basbonk bij de buren. Brug of splijtzwam tussen ouders en tieners. Behang tijdens het winkelen. Een cocon in het ov. Vakantieherinneringen.

stadion met publiekHet amateurbandje in de kroeg. Ambitieuze jonge honden op een poppodium. Een superster in een stadion. Een intieme act in het theater. Eendagsvliegen, dwaalgasten en groenblijvers.

Heaven exemplaarVoer voor bladen. Mode. Hype. Studieobject. Speeltuin. Wilde Westen. Een business met 13 miljard euro omzet. Exportproduct. Een arena met gladiatoren. Ploeteren. Show. Glamour. Roem. Extase.

Uitlaatklep. Samenbinder. Vergetelheid. Afrodisiacum. Liturgie. Roes. Spreekbuis voor de onderdrukten. Lifestyle. Clubtenue.

borstroffel gorillaEen mix-tape om een hart te stelen. Een borstroffel. Lijstjes. Discussiestof. Roependen in de woestijn. Projectiescherm voor dromen. Poëzie.

sjamaanOpgroeicoach. Een tijdmachine terug naar je jeugd. Balsem voor de ziel. Vriend. Dokter. Sjamaan.

 

Pop Muzik in studio twee vrouwenPop Muzik

Het belangrijkste onder de onbelangrijke dingen in het leven. In elk geval voor mij.

Best veel eigenlijk.

Het mooiste kerstlied #3

John Mayer 3Voor een goed kerstliedje hoeven er geen kerstwoorden in de titel of het refrein te staan. Een enkele verwijzing in een hoekje van een vers volstaat. Dat bewijst John Mayer in Waiting On The World To Change.

hoes Continuum van John MayerDe Amerikaanse zanger-gitarist brak in 2006 door met het album Continuum, dat paradoxaal genoeg aansloeg bij jonge (vrouwelijke) fans én bij collega-muzikanten. ‘Waiting On The World To Change’, van datzelfde album, lijkt zelf ook behoorlijk tegenstrijdig: een vette groove, een lekker meezingbaar refrein, maar qua tekst op het eerste gezicht allesbehalve opwekkend.

John Mayer, geboren in 1977, begint het nummer met een klacht. Hij en zijn generatiegenoten worden alsmaar verkeerd begrepen:

They say we stand for nothing / and there’s no way we ever could / Now we see everything that’s going wrong / With the world and those who lead it / We just feel like we don’t have the means / To rise above and beat it.

ribbonEven verderop spiegelt hij ons voor dat alles beter zal gaan als zijn generatie eenmaal het heft in handen krijgt. Toen ik het voor het eerst hoorde, wist ik niet van ik ervan moest denken. Dat werd nog sterker bij het derde couplet, waarin Mayer ook de kerstperiode erbij haalt:

Now if we had the power / To bring our neighbors home from war / They would have never missed a Christmas / No more ribbons on their door

John Mayer 2Mayers ‘oplossing’, die hij ons in het refrein steeds voorhoudt, is om te wachten tot de wereld verandert, onder het circulaire motto: ‘we kunnen niets doen, dus doen we maar niets’. Dat klinkt behoorlijk defensief, als een excuus, zo je wilt.

Maar goed beschouwd is die houding niet voorbehouden aan de generatie van Mayer. Iedereen wordt dagelijks via de media geconfronteerd met maatschappelijke misstanden en met toekomstvoorspelling die niet rooskleurig zijn. En geef toe, ongeacht tot welke generatie je behoort, een afwachtende houding is best begrijpelijk en verleidelijk.

John Mayer closeMaar het knappe is: in het eerste refrein kun je Mayers woorden nog opvatten als een serieus gemeend pleidooi, als rechtvaardiging. Maar bij het derde of vierde refrein gaat dat niet meer. Je wordt een beetje ziek van die herkenbare maar o zo futiele uitweg die je wordt geboden. Het lied vertelt je dat het tijd is om die onzin achter je te laten – en gewoon te doen wat je kunt om de wereld een beetje beter te maken. Zo heeft de zanger ‘Waiting On The World To Change’ natuurlijk ook bedoeld. Een fijne Kerstgedachte en goed voornemen in één. Dank je, John.

Ik wens je een fantastisch en actief 2018 toe!

 

Guilty Pleasure – Chris Rea

399px-Chris_Rea._personal_pictureDe donkere dagen voor Kerst lenen zich goed voor bekentenissen, en na vorige week heb ik de smaak te pakken. Vandaag zet ik mijn biecht voort met Chris Rea. Ja, Chris Rea. Hoewel weinig vooruitstrevend, verrassend of vernieuwend, kan niemand ontkennen dat zijn muziek gewoon erg lekker is – en daar gaat het bij guilty pleasures toch om. Bovendien kan de Brit momenteel wel wat extra steun gebruiken, nadat hij onlangs op het podium in Oxford onwel werd en zijn tournee moest afbreken.

hoes Josephine van Chris ReaIn de jaren 70 en vooral 80 vierde Chris Rea (Middlesborough, VK, 1951) triomfen met hits als Fool (If You Think It’s Over), Josephine en de kerstklassieker Driving home for Christmas. Lekker hoor. Daarna verdween de man met het aangename schuurpapieren stemgeluid grotendeels uit de hitlijsten, maar bleef hij wel platen uitbrengen – ruim vijfentwintig, verzamelaars niet meegerekend – en ook optreden, zelfs nadat er in 2001 alvleesklierkanker bij hem werd geconstateerd.

hoes Wired to the MoonMijn belangrijkste kennismaking met Chris Rea is het album Wired to the Moon uit 1984, een plaat vol lekkere nummers, waaronder de bescheiden hit ‘I Can Hear Your Heartbeat’. Voor mij springt The Ace of Hearts eruit. Een liefdesliedje dat de spanning tweeënhalve minuut vasthoudt, tot de drums en de bas echt gaan meedoen. Ooit had ik een cassette met een live-uitvoering waarin Rea’s band die dynamiek nog wat uitvergrootte. Lekker hoor.

Chris ReaBij mij leeft het idee dat Chris Rea zo’n muzikaal zondagskind is dat alles komt aanwaaien. Zo iemand die in drie dagen gitaar leert spelen, in twee dagen piano en op zaterdag en zondag liedjesschrijven. Voor een hit pakt hij een bierviltje, voor een bluesnummer zijn bottleneck, en een bossanovaatje componeert hij even tussen de reclame en het journaal.

sprezzaturaRea doet in werkelijkheid waarschijnlijk gewoon alsóf het hem zo gemakkelijk afgaat. Dat is zijn geheim. Sprezzatura noemen de Italianen dat. Jíj hoeft je nergens zorgen over te maken, híj zorgt dat het goedkomt. Het is die schijn van moeiteloosheid die maakt dat zijn muziek zo lekker klinkt.

Chris Rea 2Kerstmis is niet alleen een goede tijd voor bekentenissen en vergeving, ook voor weemoed. Ik zet Wired to the Moon nog eens op, schenk mezelf een glas wijn in. Als je daar ook zin hebt, doe dan mee en klink met me op de gezondheid van Chris Rea.

Guilty Pleasure – Randy Crawford

Randy CrawfordHoe komt het toch dat muziek zo in je systeem kan gaan zitten? Dat er een perfecte driehoek kan ontstaan tussen jouzelf, een bepaalde levensfase en een bepaalde artiest of plaat? En dat je met z’n drieën sindsdien onlosmakelijk met elkaar verbonden bent? Die vraag kwam bij me op toen ik onlangs een nummer van Randy Crawford op de radio hoorde.

El Cid websiteIn 1981, op de drempel tussen middelbare school en studententijd, maakte ik kennis met de jazzy soulmuziek van Randy Crawford (Georgia, 1952). Ik was bijna achttien en doorliep de initiatierite van een nieuwe wereld: de introductieweek van de universiteit. Mijn broer was die week op vakantie en ik mocht zijn kamer gebruiken.

hoes Now We May Begin van Randy Crawford.jpgOp zijn draaitafel lag Crawfords een jaar eerder verschenen album Now We May Begin. En als ik ’s avonds laat thuiskwam, moe en opgewonden van alle nieuwe mensen, mogelijkheden en vergezichten, lag dat album op me te wachten. Een album waarop Crawford met haar uit duizenden herkenbare stemgeluid telkens weer zong over afscheid en een nieuw begin. Hoe passend.

Abraham Laboriel basMaar ook zonder die persoonlijke omstandigheden is het een geweldig album. Crawford laat zich begeleiden door The Crusaders, de jazzrockformatie waarmee ze in 1979 de funky hit Street Life scoorde. Joe Sample op toetsen, Abraham Laboriel op bas, dat werk. Je hoort het terug in de inventieve arrangementen en het ogenschijnlijke gemak waarmee de nummers worden neergezet.

ginger rogers en fred astaireBijvoorbeeld de opener Last Night At Danceland. Swingend, jazzy en subtiel: ‘I felt like Ginger Rogers after she lost Fred Astaire.’ Hetzelfde geldt voor haar grote hit One Day I’ll Fly Away: een ballad zo groovend en zo vol verlangen hebben we daarna nooit meer in de hitlijsten gehad. Maar het absolute pareltje van de plaat is voor mij het titelnummer. Elke noot komt uit het diepst van haar ziel. Luister en huiver.

Secret Combination van Randy CrawfordNa Now We May Begin zou Crawford nog een paar sterke platen maken, zoals Secret Combination (1981) met de hits You Might Need Somebody en Rainy Night in Georgia en Windsong (met ‘One Hello’). Daarna ging haar werk steeds meer richting gladde cocktail-jazz en verdween ze langzaam naar de periferie van de popscene. Maar in de soundtrack van mijn leven neemt de zangeres met de fraai loensende ogen een heel belangrijke plek in, dat begrijp je. Die pakt niemand haar meer af. En mij ook niet.

Bob Marley als goedheiligman

Bob Marley Live!Op 5 december 1975, vandaag precies 42 jaar geleden, gaven Robert Nesta “Bob” Marley (1945-1981) en zijn Wailers de wereld het mooiste cadeau denkbaar: het album Live! In mijn geval overigens niet echt een presentje: het was de eerste elpee die ik als veertienjarige kocht. Na lang wikken en wegen en twee keer luisteren bij de platenzaak, want zo’n elpee was een rib uit je lijf.

Bob Marley met gitaar liveMaar man, wat een plaat. Ook nu nog. Het uitroepteken in de titel is niet overdreven: het is één brok leven en opwinding wat tot je komt vanuit The Lyceum Ballroom in Londen, waar Live! op 18 juli 1975 werd opgenomen. Die aankondiging van de spreekstalmeester alleen al: ‘All the way from Trenchtown, Jamaica: Bob Marley & the Wailers. Come on!’ En als de band dan Trenchtown Rock inzet, ben je verkocht. Marley trakteert je meteen op een van de fraaiste statements uit de rock-‘n-rollgeschiedenis : ‘One good thing about music, when it hits you feel no pain’. Je haalt me de woorden uit de mond.

rastafari-vlagNiet dat alle tracks op Live! zo opgewekt zijn. Het Jamaicaanse Rastafari-geloof dat Marley met zijn muziek uitdroeg – een levensbeschouwing die deels teruggaat op het boek Openbaringen uit de Bijbel – staat voor een groot deel in het teken van lijden. Dat hoor je in tracks als Burnin’ And Lootin’ en ‘No Woman, No Cry’. Maar altijd is er die unieke reggae-beat die alle zorgen als bij toverslag wegneemt – in elk geval voor zolang de muziek duurt.

t-shirt Get Up, Stand UpEn het gaat in de reggae natuurlijk niet alleen over pijn, maar ook en vooral over solidariteit en liefde, over verzet en verlossing. Zoals in Lively Up Yourself, aan de eind van de eerste plaathelft. En even verderop in Get Up, Stand Up (mijn persoonlijke Marley-favoriet). Fraaie protestsongs, die anders dan bij die andere Bob ook nog eens waanzinnig dansbaar zijn. En uitermate geschikt om een menigte mee op te zwepen.

Bob Marley 2 - kopieLive! was mijn kennismaking met Bob Marley. Sindsdien ben ik verslingerd aan de muziek van de man die tot een legende zou uitgroeien. In zijn korte leven bracht hij maar liefst vijftien albums uit, solo of samen met The Wailers. De meeste daarvan, zoals Rastaman Vibration, Kaya en Survivor, zijn sowieso topplaten. Maar Live! heeft een speciaal plekje in mijn hart. Geweldig dat er zulke onverwoestbare sinterklaascadeaus bestaan.

 

Luisteren met voorkennis

Death Cab for CutieEen tijdje geleden had ik het hier op Goeie Nummers over de geneugten van het Pure Luisteren. Zomaar random iets uit je digitale muziekverzameling kiezen, zonder voorkennis over de artiest, en dan gewoon de oren de kost geven: wat hoor ik, welke beelden komen naar boven? Een interessante ervaring, waarvoor ik de band Death Cab for Cutie als proefkonijn gebruikte.

Death Cab for Cutie2Maar het bloed kruipt waar het niet gaan kan: ik begon me daarna natuurlijk te verdiepen in dat bandje. En het bleek een behoorlijk intrigerend gezelschap te zijn. Want hoe komen de indierockers uit het noordwesten van de VS bijvoorbeeld aan die merkwaardige naam? Waarom klinkt elk van de acht albums die de band sinds 1997 maakte zo anders dan het voorgaande? En waar halen ze de inspiratie voor hun bijzondere songs en teksten vandaan?

 

Chris WallaOp die naam komen we nog terug – eerst over die sound. De eerste zeven albums van Death Cab For Cutie, door de volgers meestal verkort tot Death Cab of DCFC, zijn geproduceerd door gitarist Chris Walla en klinken allemaal behoorlijk verschillend. Een constante is de zuivere en lichte stem van frontman Ben Gibbard (Washington, 1976) en de manier waarop harmonieuze zang-, gitaar- en pianopartijen contrasteren met de bijna ruw gemonteerde drums en subtiele noise-effecten. DCFC’s laatste album, Kintsugi, werd geproduceerd door Rick Cosey (Muse, Interpol, Rage Against The Machine) en dat hoor je terug in het strakkere geluid. Ook weer heel anders dan daarvoor.

KintsugiVerhaal Meer een band van albums dan van losse liedjes, zeggen ze zelf. Bij elke plaat starten de mannen met zo’n dertig ruwe songs van Gibbard, waaruit ze samen geleidelijk een verhaal destilleren. Zo is Kintsugi genoemd naar een Japanse methode om gebroken keramiek te repareren: in plaats van de scherven onzichtbaar aan elkaar te lijmen wordt er goud aan de lijm toegevoegd om het voorwerp een compleet nieuw leven te geven. Wat voor Gibbard een mooie metafoor was voor hoe hij zijn gestrande huwelijk probeerde om te zetten in elf elegante liedjes.

Teenage Fanclub BandwagonesqueInspiratie Dit jaar coverde Ben Gibbard solo het hele album Bandwagonesque, waarmee Teenage Fanclub in 1991 doorbrak. De Schotse band, hoog op mijn favorietenlijstje, is kennelijk een van zijn inspiratiebronnen. Net als een aantal andere namen die rond de band cirkelen, zoals die van Big Star, Freedy Johnston en Sun Kil Moon. En zo vallen allerlei puzzelstukjes op hun plaats. Luister maar eens naar het betoverende Transatlanticism, of naar I Will Possess Your Heart met zijn gedurfd lange intro van meer dan vierenhalve minuut.

Neil InnesTot slot dan die naam. ‘Death Cab for Cutie’ is een nummer van de Britse artrockgroep Bonzo Dog Doo-Dah Band, bekend geworden door de Beatles-film Magical Mystery Tour uit 1967. Songschrijver Neil Innes – die daarna onder meer met Monty Python werkte – ontleende die songtitel weer aan een Amerikaans pulp-fiction crime magazine. Zo is het cirkeltje mooi rond, maar hoe dit absurdistische doowop-achtige nummer zich verhoudt tot de muziek van Death Cab For Cutie is voor mij vooralsnog een raadsel. En dat is eigenlijk ook wel zo leuk. Check ‘em out.