Check ‘em out

3 x toptraditie van eigen bodem

Als er op Goeie Nummers aandacht is voor muziek van landgenoten gaat het meestal om artiesten die in het Nederlands zingen, zoals Spinvis, Daniël Lohues of Eefje de Visser. Misschien is dat logisch omdat de in het Engels zingende landgenoten in mijn hoofd moeten concurreren met zowat de hele popwereld, maar toch zou het zonde zijn om deze artiesten over het hoofd te zien.

Zeker als we kijken naar de sterke soloalbums die Douwe Bob, Bertolf en Anne Soldaat de afgelopen maanden uitbrachten. Drie gevestigde namen, van drie verschillende generaties, die bijna gebroederlijk alle drie komen met nieuwe muziek die zoveel traditie ademt dat je het misschien wel als retro kunt betitelen.

Douwe Bob (Douwe Bob Posthuma, 1992), in 2016 nog de Nederlandse inzending naar het Eurovisie Songfestival met Slow Down, bracht eerder vier platen uit met smaakvolle popliedjes die de invloed van countryrock verraden. Op zijn nieuwe album Born to Win, Born to Lose haalt hij die Amerikaanse muziektradities nog sterker naar voren, aangevuld met een fikse scheut soul en gospel. Wat vooral opvalt, naast de fraaie en persoonlijke liedjes, is Douwe Bobs ijzersterke zang – in dat opzicht staat hij voor mij in ons land op eenzame hoogte. Luister bijvoorbeeld naar Hold On. Ook leuk: in Amsterdam weet hij de plattelandsmuziek van de VS op overtuigende wijze in onze hoofdstad te laten landen.

Bertolf (Bertolf Lentink, 1980) maakte naam als zanger-multi-instrumentalist in talloze samenwerkingsverbanden en produceerde vanaf 2009 al verschillende soloalbums. Bertolf is zo iemand die zingt en speelt alsof het hem allemaal geen enkele moeite kost – en misschien is dat ook zo. Geweldige melodieën en arrangementen, prachtig gespeeld, maar de teksten overtuigden mij niet altijd, waardoor ik me niet helemaal aan zijn muziek kon overgeven. Op Happy In Hindsight, zijn achtste soloalbum, zijn muziek en tekst juist helemaal in evenwicht en word je aangenaam meegesleurd van de ene naar de andere stijl van eind jaren 60 en begin 70. Geniet van de heerlijke titeltrack of de vrolijk huppelende country van Don’t Look Up, Don’t Look Down.

Ook Anne Soldaat (1965) bracht zijn achtste solo-album uit: Facts & Fears. De voormalige zanger-gitarist van Daryll-Ann toerde de afgelopen jaren samen met Yorick van Norden langs theaters met covers van veronachtzaamde liedjes van ‘unsung heroes’ als Emitt Rhodes, Gene Clark en Biff Rose. Het coveren lijkt Soldaat geïnspireerd te hebben om ook in zijn eigen werk op Facts & Fears ruim te putten uit de stijlen van de jaren 60 en 70. De nummers zitten vol met verrassende wendingen en meezingbare melodietjes, en Soldaat geeft zijn gitaar steeds net dat beetje vervorming mee waardoor het lekker gaat rocken. Luister naar het Kinks-achtige You’re Hard to Find of het fraaie I Was Lost.

Betekent het iets dat deze Nederlandse artiesten alle drie voor een ‘retro’-aanpak kiezen? Doen ze mee aan wat popjournalist Simon Reynolds afkeurend ‘onze verslaving aan de popgeschiedenis’ heeft genoemd? Ik weet het niet. Het is waar dat geen van drieën echt iets nieuws aan de genres toevoegt, maar of dat erg is? Het levert in elk geval zeer genietbare muziek op waar het spelplezier vanaf spat – iets waar we in dit lange coronajaar inmiddels wel naar snakken. Bovendien geven zowel Douwe Bob als Bertolf en Anne Soldaat zich in hun teksten op een subtiele manier bloot. Retro? Ik zou zeggen: de mannen geven hun eigen unieke kleur aan de traditie.

Meer goeie nummers van deze artiesten horen? Op de Spotify-playlist van Goeie Nummers vind je de genoemde liedjes plus nog een paar extra.

Albumverjaardag – Tigermilk van Belle and Sebastian

Een paar weken geleden zou ik iets gaan schrijven over een album dat zojuist een kwart eeuw oud was geworden: Tigermilk, het debuutalbum van Belle and Sebastian uit 1996. Dat stukje kwam er niet van, maar het onderwerp was in mijn ogen belangwekkend genoeg voor een herkansing. Niet omdat Tigermilk is opgenomen in Robert Dimery’s standaardwerk 1001 Albums You Must Hear Before You Die – al is zoiets wel een pré – en ook niet omdat de stijl van de Schotten zo’n groot stempel op de popmuziek heeft gezet. Waarom dan wel?

Ten eerste omdat het album een eenling is, een solitaire boom in een weiland, en de band een uniek rondreizend circus in het weidse poplandschap. De ontstaansgeschiedenis van het album ook al bijzonder. Op basis van een ingestuurde demo kregen singer-songwriter Stuart Murdoch en drummer Richard Colburn van het Glasgowse Stow College de kans om een heel album op te nemen. Ze raapten inderhaast een stel jonge muzikanten bij elkaar, doken de studio in en de rest is geschiedenis, in elk geval popgeschiedenis in de niche die de band sindsdien eigenhandig heeft gecreëerd.

(meer…)

Smeltkroes, Stoofpot en Spons

De lof van New Orleans als muziekstad moet geregeld opnieuw bezongen worden. Bijvoorbeeld hier op Goeie Nummers. Want als er één stad aanspraak kan maken op de titel Bakermat van de Rock-‘n-Roll dan is het The Big Easy, zoals de stad in Louisiana ook wel wordt genoemd. In deze ‘noordelijkste stad van de Cariben’ (weer een ander alias) kwamen invloeden uit Cuba, Sicilië, Frankrijk en Afrika in de eerste helft van de 20e eeuw samen in een culturele en muzikale smeltkroes waaruit de jazz en de oervorm van de rock-‘n-roll ontstonden, waaruit vervolgens zo’n beetje alles in de popmuziek voortkwam.

New Orleans baarde grootheden als Louis Armstrong, Jelly Roll Morton, Fats Domino en Little Richard. Hun opvolgers hadden namen als Allen Toussaint, Dr. John, The Meters en The Neville Brothers. Zij demonstreerden dat NOLA (alias nr 4) ook een spons was voor nieuwe stijlen, met name funk. Ze voegden die ingrediënten aan de bestaande mix toe om er een typisch-Zuidelijke New Orleans-stoofpot mee te brouwen, waarin alle smaken onnavolgbaar door elkaar heen lopen en elkaar versterken.

(meer…)

3 x Engeland

Toen ze nog bij de EU hoorden konden we ze vaak wel schieten, die eigenwijze Britten. Toen ze aan de Brexit gingen doen nog meer. Maar nu ze zich in overdrachtelijke zin zeker 200 mijl van ons verwijderd hebben, beginnen we die excentrieke eilanders toch wel een beetje te missen. Het is misschien ook daarom dat ik de laatste weken behoorlijk verslingerd ben geraakt aan drie vrij recente acts uit het VK: Snowpoet, Sault en Arlo Parks.

Snowpoet laat zich moeilijk in een hokje stoppen. De pers maakt wel vergelijkingen met Björk, maar wat mij betreft is de IJslandse zangeres een stuk minder aards dan dit Londense duo. Hun recente album Wait For Me bevat folkachtige popsongs met sterke melodische hooks, ingebed in subtiele elektronica. Er zit iets mysterieus in, iets dat sluimert maar ook kan opflakkeren en misschien zelfs uitbarsten. Grootste troef van Snowpoet is zangeres Lauren Kinsella, die afwisselend intiem, ontwapenend, afstandelijk en groots klinkt. Ze houdt je als luisteraar als het ware aan een touwtje, zodat je aandacht steeds opnieuw naar haar toe wordt getrokken. Luister bijvoorbeeld naar Roots.

(meer…)

Wat je muzieksmaak over jou zegt

ABBA2Toen ik een tiener was, wist ik precies wat goed en niet goed was. In elk geval op het gebied van muziek. Alternatieve countryrock (Crosby, Stills, Nash & Young, The Band) was goed, Top 40 (ABBA, Michael Jackson) was fout. Folk, punk en new wave? Top. Disco, Franse chansons en het Nederlandse levenslied? Weg ermee. Houthakkershemden waren goed, gekke pakjes fout. Klassiek en jazz waren voor oude mensen, telden dus sowieso niet mee. Hoe heerlijk overzichtelijk was het leven.

schutting2Terugkijkend over meerdere decennia lijkt de ontwikkeling van mijn muzieksmaak het meest op het geleidelijk, één voor één, omvallen van hekken en schotten. Er gaat eigenlijk niets af, er komt alleen steeds meer bij. En dat proces gaat tot op de dag van vandaag door. Herkenbaar? (meer…)

Het nieuwe Spinvis-album

Op Goeie Nummers probeer ik de waan van de dag te mijden. Tijdloze muziek, tijdloze vragen over muziek, daarover moet het bij voorkeur gaan. Vandaag voert de actualiteit toch de boventoon, want vorige week – precies op mijn verjaardag, 2 oktober, dat kan geen toeval zijn – verscheen het nieuwe album van Spinvis: 7.6.9.6. Een mysterieuze woordloze titel die er natuurlijk om vraagt door Spinvis-exegeten te worden uitgeplozen.

In een interview las ik dat 7.6.9.6. vanwege de splendid isolation van corona wederom vooral huisvlijt was geworden, net als Spinvis’ baanbrekende debuutalbum uit 2002. Op dat titelloze debuut had Erik de Jong, zoals Spinvis voor de burgerlijke stand heet, vrijwel alles thuis in zijn eentje in elkaar geknutseld met behulp van echte instrumenten en allerlei elektronica. Ik was benieuwd of die werkwijze weer zo’n bijzonder album zou opleveren. (meer…)

Het weekend kan beginnen

sterrenhemelDeze week op Goeie Nummers geen diepzinnige bespiegelingen over het wezen van de popmuziek of voorspellingen hoe het daarmee verder zal gaan. Wel even de spotlight op gewoon een paar associatief gekozen goeie nummers. Van oude bekenden en nieuwe sterren aan het firmament.

London BridgeOp vrijdagmiddag ben ik toe aan wat rustgevende of juist opwekkende tracks. Jij ook? En dan komt Westerman (voluit Will Westerman) goed van pas. De 28-jarige singer-songwriter uit Londen heeft net zijn eerste album Your Hero Is Not Dead uitgebracht. De Volkskrant noemt hem vanwege zijn troostrijke popliedjes ‘de juiste man op het juiste moment’. Dit is zijn single Confirmation uit 2018. (meer…)

Topsport op rijpere leeftijd

399px-Hans_VandenburgEen van de eerste Nederpopbands die ik als tiener in mijn hart sloot was Gruppo Sportivo, in 1978 goed voor hits als Hey Girl en Disco Really Made It. Maar ik had al een hele tijd niet meer aan de Haagse band van frontman Hans Vandenburg gedacht – tot ik eerder deze week mijn versie van de KINK Album Top 1000 ging samenstellen.

Kink betere uitsnedeDaar in die lange KINK-groslijst trof ik de eerste twee, inmiddels klassiek geworden, Gruppo Sportivo-albums aan: 10 Mistakes en Back to 78. Platen om nooit te vergeten. Supermeezingbare liedjes die ook nog eens razendknap in elkaar zitten. Draai Beep Beep Love, Bernadette en Tokyo nog maar eens als het nodig is het geheugen op te frissen. (meer…)

Het raadsel Nick Lowe

Nick Lowe jongDe carrière van Nick Lowe is nauwelijks te bevatten. Eind jaren 70, begin 80 beleeft de Britse zanger-basgitarist successen als solo-artiest met inventieve maar weinig authentieke liedjes (I Love the Sound of Breaking Glass, Cruel To Be Kind). Terwijl zijn meesterwerken vanaf midden jaren 90 (The Impossible Bird, The Convincer) nooit meer dan een beperkte schare trouwe fans bereiken. Hoe kan dat? Is het een bewijs voor de stelling dat kwaliteit en commercieel succes gewoon niet kunnen samengaan?

boek Cruel To Be KindIk ging op zoek naar het antwoord in Lowe’s recente biografie Cruel To Be Kind, van de hand van popjournalist Will Birch. Birch sprak vele mensen uit Lowe’s omgeving, alsmede de man zelf, en biedt zo een mooi inkijkje achter de schermen van de publieke persona die de Engelsman ons laat zien. Zodat we geleidelijk steeds dichter bij de kern van het enigma komen. (meer…)

Gerechtigheid

Af en toe ontwaakt in mij een koene ridder die onversaagd en onbaatzuchtig opkomt voor de verdrukten der aarde. Meestal gaat het dan om ondergewaardeerde artiesten of platen. Daarbij bevind ik mij als 21e-eeuwse Robin Hood in goed gezelschap: in de popjournalistiek zijn zulke rechtvaardigheidscampagnes een genre op zichzelf geworden.

Zo heb je om te beginnen het fenomeen van het Vergeten Meesterwerk: een plaat dat om onbegrijpelijke redenen uit beeld is geraakt. Denk aan Tunnel of Love van Bruce Springsteen of Who Are You van The Who – doen ze een belletje rinkelen? Daarnaast zijn er de Icoon-Rehabilitatie-acties: een artiest die ooit door de hele popwereld werd omarmd maar daarna zo werd verguisd dat dit beeld inmiddels weer rechtgezet moet worden. Denk Sting, Mark Knopfler of Phil Collins. (meer…)