Maand: januari 2018

De mooiste begrafenisliedjes

hodie mihi cras tibi2Soms hoor ik een liedje dat zo mooi is dat de gedachte ‘dit zouden ze op m’n begrafenis mogen draaien’ bij me opkomt. Het zal met de leeftijd te maken hebben, maar ongetwijfeld ook met de kwaliteiten van de liedjes zelf.

Mieke TelkampLange tijd hadden begrafenissen in onze samenleving hun vaste vorm en rituelen, inmiddels zijn de mogelijkheden schier eindeloos. Ook qua muziek. Vroeger klonken er kerkliederen, klassieke muziek of ‘Waarheen, Waarvoor’ van Mieke Telkamp. Kortgeleden hoorde ik Lou Reed en Van Morrison tussen Antonio Vivaldi en Franz Schubert, en ik herinner me ook een plechtigheid waarbij Rammstein op het programma stond. We hebben iets te kiezen.

hoes-motherland-van-natalie-merchantMaar wat maakt een liedje dan begrafenis-waardig, en hoe zou mijn persoonlijke afscheidslijstje eruit zien? Leuk dat je het vraagt, maar die vragen zijn makkelijker te stellen dan te beantwoorden. Ik merk dat ik eerst bij mezelf naga welke nummers ik mijn ‘lijfliedjes’ zou kunnen noemen – Take Me To the River van Al Green, Motherland van Natalie Merchant, ‘Stranger to Stranger’ van Paul Simon. Een aardig begin, zou ik denken.

Frederic Chopin2Maar misschien moet ik toch iets meer om de aanwezigen bij het afscheid denken. Het is prettig als die ook een beetje leuke tijd hebben, met klanken die vertrouwd aanvoelen en troost geven. In dat geval zou ik meer voor instrumentaal moeten gaan, songteksten zijn soms net te expliciet. Een vioolsonate van Bach of Prelude in E klein van Chopin bijvoorbeeld. Altijd mooi. Maar nee, als popliefhebber voelt het als verraad wanneer je te veel voor instrumentaal gaat. Je laat dan een heel verkeerd beeld achter. Dat wil je niet.

hobotalk notes on sunsetHet hoeft ook niet, want in de poparchieven zijn voldoende kandidaten te vinden. Hier een paar waar iedereen zijn voordeel mee kan doen: I Shall Be Released (The Band), Who Knows Where The Time Goes (Fairport Convention), I’ll Take Care of You (Bobby “Blue” Bland) en Little Light (Hobotalk). Stuk voor stuk wonderschone liedjes, waarmee een mens verder kan. Die de tijd voor een ogenblik stilzetten, al te aardse gedachten in de ijskast stallen en het raadsel van het Grote Niets enigszins begrijpelijk maken. En waarmee ik bovenal nog even over mijn graf heen kan regeren.

I Was Made for Lovin' YouWant ik moet er niet aan denken dat mijn nabestaanden, die het allemaal moeten regelen, door alle emoties en stress straks de kluts kwijt zijn en dan in arren moede maar kiezen voor een ‘I Was Made For Loving You’ van Kiss of een ‘Sun of Jamaica’ van Goombay Dance Band. Niet doen, niet aan denken. Bij zulke nummers zie ik me mezelf al omdraaien in mijn graf.

Een Wereldster

omslag Roger Steffens Bob MarleyEen tijdje terug schreef ik hier op Goeie Nummers over reggaelegende Bob Marley als goedheiligman, omdat hij op 5 december 1975 zijn prachtplaat Live! uitbracht en me zo liet kennismaken met de reggae. Toch heb ik me sindsdien nooit echt in de beroemde Jamaicaanse zanger en bandleider verdiept. Vorige week kwam daar verandering in door een nieuwe biografie, eenvoudigweg getiteld Bob Marley, van de hand van de Amerikaanse reggae-expert Roger Steffens.

Wailer Marley en ToshSteffens wekt de wereld van de hoofdpersoon tot leven alsof je er zelf bij bent.  Hij laat Marleys levensverhaal grotendeels vertellen door een lange stoet vrienden, bandleden en andere betrokkenen, vanaf Marleys jongensjaren tot zijn vroegtijdige dood aan kanker in 1981. Zo krijgen we onder meer een levendig beeld van de jeugdige zanger in de Jamaicaanse hoofdstad Kingston, waar hij in de jaren 60 met muzikale kompanen Peter Tosh en Bunny Wailer eindeloos oefent op meerstemmige zangpartijen, geïnspireerd door de Amerikaanse popsoul van Curtis Mayfield en diens groep The Impressions.

kaart Caribisch gebiedNog interessanter wordt zo’n levensbeschrijving als die je de ogen opent voor iets wat je tot dusver over het hoofd hebt gezien. Het is misschien wat naïef, maar ik beschouwde Bob Marley en zijn Wailers onbewust altijd als een soort Amerikaanse artiesten. Jamaica lag in de Cariben, dus vanuit hier gezien dicht bij de VS. En ze zongen in het Engels – een ongebruikelijk Engels weliswaar, maar niet moeilijker te verstaan dan dat van Otis Redding of Bob Dylan.

Bob Marley 2 - kopieDoor Steffens boek besefte ik dat ik het al die tijd verkeerd zag. Marley was een artiest uit de Derde Wereld, niet uit Amerika. Het Jamaica van Marleys tijd was een voormalige Britse kolonie die pas in 1962 onafhankelijk werd. Een witte bovenlaag maakte er nog steeds de dienst uit. De zwarte bevolking was veelal straatarm. Jamaica deed dus in veel opzichten meer denken aan Zimbabwe of Zuid-Afrika dan aan de VS.

Bob Marley naast Che Guevara op muurAls aanhanger van het Rastafari-geloof was Marley ook sterk gericht op Afrika, met Ethiopië als het beloofde land waar zijn volk in vrede zou kunnen leven. Meer dan wie ook gaf hij een stem aan de onderdrukte zwarte bevolking in Afrika en de diaspora. En het Afro-Amerikaanse publiek dat Marley heel graag wilde bereiken haakte pas een stuk later aan, toen hij na zijn dood echt een Wereldster werd en sommigen hem zelfs als een profeet gingen beschouwen.

Tosh Marley WailerDoor deze biografie, die gelukkig niet meedoet aan die heiligenverering, ging ik ook opnieuw naar Marleys werk luisteren. Naar Rat Race. Naar Lively Up Yourself. Naar Concrete Jungle (uit 1973, nog met Tosh en Wailer). Onveranderd mooi en opwindend, en toch anders dan voorheen.

 

 

 

 

Het mooiste huwelijksaanzoek

aanzoek kikkersDe meest overtuigende manier om een huwelijksaanzoek te doen is niet op één knie, bloemen enzovoort, maar natuurlijk met muziek. Dat wisten onze voorouders al, ze hebben enkele eeuwen geleden niet voor niets de aubade uitgevonden: een lied waarin een man zijn aanbedene het hof maakt, liefst onder aan haar raam – ze deden toen nog amper aan genderneutraal – onder begeleiding van een lieflijk betokkeld snaarinstrument. Geef toe, welk hart zou daar niet van smelten?

jongen met luitAls je de schrijvers uit vervlogen tijden mag geloven, klonken deze muzikale aanzoeken van edelen en troubadours in de Middeleeuwen en de Renaissance geregeld op allelei openbare gelegenheden. Om de een of andere reden hoor je ze tegenwoordig nog maar zelden, en dat is jammer. Een mogelijke verklaring is dat aubades nu gewoon verstopt zitten in popliedjes.

Sam Cooke You send meVoor het fraaiste aanzoekliedje moeten we wel een stukje terug in de tijd, toen we de huwelijkse geloften nog wat letterlijker namen dan tegenwoordig. Naar 1957, om precies te zijn. In dat jaar steeg You Send Me van Sam Cooke naar de nummer 1-positie in de Amerikaanse Billboard R&B Charts.

Sam Cooke 2Sam Cooke (1931-1964), afkomstig uit een zwart domineesgezin met acht kinderen, begon zijn korte en stormachtige carrière als gospelzanger en switchte daarna naar pop en soul. Crooner Nat King Cole was zijn grote voorbeeld, maar de ruigere stijl van de soul trok hem ook. Als zanger was Cooke een natural. Hij had het allemaal: kracht, bereik, zuiverheid, souplesse, en desgewenst gaf hij zijn stem een rauw randje mee. En dat alles zonder dat het hem enige moeite leek te kosten.

Sam Cooke 4In You Send Me toont Cooke zijn zoetgevooisde, intieme benadering. We zien de twee geliefden meteen voor ons, ze zijn al vertrouwd met elkaar: ‘Darling, you send me, honest you do.’ De zanger bekent dan dat hij zijn gevoelens een tijdlang niet serieus durfde te nemen: ‘At first I thought it was infatuation.’ Die overwonnen bindingsangst maakt zijn liefdesverklaring des te geloofwaardiger: ‘Now I find myself wanting to marry you / and take you home.’ Zo simpel, zo direct, zo puur. Zo ouderwets bijna. En dan die onvergelijkbare stem van Cooke – je ziet bruid en bruidegom al bijna naar het altaar lopen.

Gregory PorterMaar voor wie nu nog aarzelt met haar jawoord, hier is een fraaie versie van Gregory Porter, die ‘You Send Me’ bijna een halve eeuw na dato opnieuw tot leven wekt. Niet ouderwets dus, maar tijdloos. En stukken overtuigender dan kaarslicht, ringen of rozen maar kunnen zijn.

Muziek als medicijn – Zwak vlees

joggerWij mensen zijn natuurlijk au fond een stelletje slampampers, met al onze verkeerde gewoontes: te veel drinken, eten, werken en piekeren en te weinig sporten, ontspannen en liefhebben. We nemen ons dan ook geregeld voor, met name aan het begin van het nieuwe jaar, om het nu eens anders te aan te pakken. We weten in ons hart ook best hoe dat moet. En toch, eerlijk is eerlijk, komt er meestal niet veel van. Het vlees is nu eenmaal zwak.

hoes van De laatste rit van RvhGEn daar zitten we dan ook nog eens mee. Raymond van het Groenewoud heeft deze terugkerende paradox prachtig weten te vangen in een lied op zijn album De laatste rit uit 2011. De Vlaamse veteraan, die al menig klassieker op zijn naam heeft staan – denk aan Meisjes (kijken!), ‘Vlaanderen Boven’ en ‘Je Veux de l’Amour’ – geeft ons een mogelijk antwoord op ons geploeter in Ik onthou het niet.

De 10 gebodenBij de eerste regels ben je meteen wakker: ‘Niet met een heel jong meisje / Niet met een and’re man / Ook niet met and’re dieren / Daar komt ellende van’. De kerkelijke verboden die de Belg waarschijnlijk met de paplepel zijn ingegoten veranderen verderop in het lied in meer universele deugden: mededogen, naastenliefde, ruimhartigheid en vasthoudendheid. Prachtige idealen, stuk voor stuk de moeite van het nastreven waard, zoveel maakt Van het Groenewoud wel duidelijk.

Raymond van het Groenewoud en profilDe uitkomst echter, alles overziend, is steeds dezelfde: ‘Ik weet het wel / Ik ken dat lied / Ik weet het wel / Maar ‘k onthou het niet.’ De zanger beseft dat zijn eigen gedrag angstwekkend ver van het ideaal verwijderd blijft. De onmacht lijkt hem in zijn greep te krijgen. In het tussenstuk schreeuwt hij het uit: ‘Maar ‘k onthou het niet, ‘k onthou het niet / Het is te moeilijk, ’t is te moeilijk.’

Nietzsche Slecht geheugenIn de eeuwige strijd tussen verheven idealen en het menselijk tekort vindt Van het Groenewoud geen hulp in de goede maar juist in een slechte eigenschap. Een falend geheugen als medicijn. Aanvaard je beperkingen, zo luidt de boodschap van de zanger, zodat je niet aan zelfhaat ten onder gaat. Hij wijst ons handzaam de weg door het laatste refrein bewust niet af te maken. Zijn laatste woorden zijn ‘ik weet het wel’ – zodat we het zelf mogen aanvullen.