folkrock

Liege & Lief is 50 geworden

Fairport_Convention-Liege_&_Lief_(album_cover) (1)In 2006 werd Liege & Lief van Fairport Convention door de luisteraars van BBC Radio 2 uitgeroepen tot het meest invloedrijke Britse folkrockalbum aller tijden. Ook bij verschijning, in december 1969, kreeg het goede kritieken. En wie het album nu opzet, een halve eeuw later, wordt niet alleen getroffen door de tijdloze klasse maar ook door de manier waarop de groep – met onder meer gitarist Richard Thompson en zangeres Sandy Denny – zich het ‘klassieke erfgoed’ durfde toe te eigenen.

What We Did On Our HolidaysAlles lachte Fairport Convention in de eerste helft van 1969 toe. De Londense band, opgericht in 1967, had een nieuw, ambitieus platenlabel gevonden (Island Records) en met folkzangeres Denny voorzichtig een nieuwe koers ingezet. In januari was het album What We Did On Our Holidays uitgekomen, en de opnames voor opvolger Unhalfbricking waren in het voorjaar afgerond. (meer…)

Beste Sandy,

Sandy Denny hoesIn je dagboeken schreef je brieven aan jezelf, en je liedjes klonken als flessenpost aan de wereld. Daarom voel ik me vrij genoeg om jou nu te schrijven, precies veertig jaar nadat je van ons wegging, op 21 april 1978. Hoewel jij me nog minder goed kent dan ik jou.

Sandy Denny2Ik stel me voor dat er ergens in de pophemel een rij postvakken staat waarin op onverklaarbare manier brieven vanuit onze wereld terechtkomen. In wisselende frequenties en hoeveelheden. Dat jullie met een schuin oog elkaars vakjes in de gaten houden en elkaar vervolgens halfhartig feliciteren met de oogst van de dag.

liege & liefWant zo verging het jou bij leven ook. Als Brits meisje uit de middenklasse werd je midden jaren 60 al gegrepen door de Londense folkscene. Dat was je leerschool. In je eentje met een gitaar op een podium. Een paar jaar later, op 21e, straalde je in Fairport Convention, groeide zelfs uit tot het boegbeeld van de Engelse folkrockband, beter gezegd tot hun sirene. Je stem herbergde het lief en leed van wel duizend jaar. Ik weet niet of je daar iets kunt horen, maar ik luister nu terug naar de traditional She Moves Through the Fair  en natuurlijk naar jouw eigen Who knows where the time goes. Kippenvel.

hoes SandyBewonderaars had je genoeg, ook met je band Fotheringay (1970-1971) maar je was even onzeker als overtuigd van je eigen klasse. Je solocarrière kwam nooit echt van de grond, ondanks liedjes als Late November. Met de kennis van nu: vanuit de folk of de folkrock doorbreken naar de pop was bijna onmogelijk. Aan de overkant van de plas deden collega’s dat wel: Bob Dylan, James Taylor, Joni Mitchell (mocht je je afvragen waar ze blijven, ze zijn nog hier). Maar niet in het Verenigd Koninkrijk, niet vanuit de Britse folk.

cover I've always kept a unicornIk las je biografie, I’ve Always Kept A Unicorn, die ruim vijfendertig jaar na je vertrek verscheen. Met daarin zo’n beetje heel je leven. Je vreugdes, je worstelingen. Opkomst en ondergang. Het verhaal stemt triest, om de druk die jou te veel werd en de verwijten die je jezelf maakte. En vanwege die stomme drugs en alcohol die jou alleen verder lieten afdrijven.

amy winehouse 3Richard Thompson, je muziekvriend, vond destijds in zijn nieuwe religie een manier om je vertrek te accepteren. Maar ik, niet gezegend met zo’n sterk geloof, kan dat niet. Ik moest denken aan Nick Drake, maar vooral aan Amy Winehouse. Misschien ben je haar al tegengekomen, ze is een paar jaar jonger nog dan jij. Ook zo’n ongelooflijk talent, zo’n geschenk voor alle stervelingen met oren. En net als bij Amy voel ik de drang om terug te reiken, door de tijd heen, en iets te doen. Iets. Ik weet, het is een futiele, kinderachtige gedachte. Maar toch.

Wat dacht je zelf, tegen het einde van je leven? Berustte je, zoals sommigen zeggen, of toch niet? Misschien is een antwoord te vinden in een van je mooiste maar ook droevigste liedjes, Solo:

Sandy DennyI could tell you that the grass is really greener
On the other side of the hill
But I can’t communicate with you
And I guess I never will

We’ve all, all gone solo
We all play solo
Ain’t life, life a solo?

 

Van je luisteraar een voyeur maken – ‘Benji’ van Sun Kil Moon

Mark Kozelek 1Deze week in Goeie Nummers even geen bekentenissen over guilty pleasures, maar een blik op een artiest die muziekpolitiek gezien behoorlijk correct is. Wel iemand met liedjes vol ‘incorrecte’ bekentenissen en een moeilijk karakter: Sun Kil Moon, nom de plume van de Amerikaanse singer-songwriter Mark Kozelek.

Mark Kozelek 3Kozelek (1967), in de jaren ’90 voorman van de door critici bejubelde Red House Painters, is vanaf de eeuwwisseling vooral actief als solo-artiest. Productief, veelzijdig en eigengereid. Een man die de confrontatie niet schuwt. Zozeer zelfs dat de NRC hem vorig jaar omschreef als ‘iemand met wie je geen ruzie wilt krijgen, maar dat binnen de kortste keren wel krijgt.’

Benji hoesDan maar liever de aandacht op zijn muziek. Als Sun Kil Moon bracht Kozelek sinds 2003 acht albums uit. Benji, zijn meeste recente, gooide terecht hoge ogen in de jaarlijstjes van 2014. Niet dat de folkrock-liedjes allemaal zo licht verteerbaar zijn. Integendeel, de zanger hanteert vaak een soort spreektaal die de cadans van de muziek lijkt te negeren, en in zijn teksten wedijveren somberheid, wrange humor en ongemakkelijke openhartigheid met elkaar. Toch word je, misschien juist door die schijnbare nonchalance, vanaf het eerste nummer meegezogen.

Mark Kozelek 4Tegen een achtergrond van melodieuze gitaarpartijen die soms doen denken aan Joni Mitchell’s Hejira ( 1976) vertelt Kozelek indringende verhalen. In een soort stream of consciousness, recht uit het (eigen) leven. Bijvoorbeeld over zijn achternichtje dat op haar 35e op bizarre manier om het leven komt, nota bene net zoals haar grootvader eerder: ‘Carissa burned to death last night in a freak accident fire / In her yard in Bruster her daughter came home from a party and found her / Same way as my uncle who was her grandfather / An aerosol can blew up in the trash, goddamn, what were the odds? (Carissa).

Of onverbloemd over zijn eerste seksuele ervaringen: ‘She reached down my pants and discovered I was bald. And when I touched her down there she was blossoming and soft. And the next day at school she ignored me in the halls’ (Dogs). Wat minder in your face, maar in zijn kwetsbaarheid even confronterend, zingt Kozelek over de relatie met zijn moeder in I Can’t Live Without My Mother’s Love. Dit moest er kennelijk allemaal uit, en ondertussen ben je als luisteraar een soort voyeur geworden.

hoes Still Crazy After All These YearsDe wereld van Mark Kozelek is een rafelig en onherbergzaam universum waarin het noodlot regeert. Maar er moet een wet zijn die bepaalt dat liedteksten ruim baan mogen geven aan heel veel pessimisme en troosteloosheid, als het allemaal  maar op mooie muziek staat. Paul Simon haalde in 1975 zo’n kunststukje uit op Still Crazy After All These Years. Mark Kozelek doet het op Benji op een minder gestileerde, maar net zo bijzondere manier – check him out.