pop

Een rockfilm die rockt

Bohemian RhapsodyHet is niet zo dat de rockfilm onlangs is uitgevonden, maar popliefhebbers kunnen tegenwoordig in de bioscoop wel hun hart ophalen. Bohemian Rhapsody (biopic Freddie Mercury/Queen) was de filmhit van vorig jaar, en daarnaast verschenen onder meer de documentaire Devil’s Pie (over soulfenomeen D’Angelo), de speelfilms A Star is Born (de 3e remake), Wild Rose (feelgood over Schotse country-zangeres), Yesterday (rom-com rondom Beatles-songs) en Rocketman (biopic Elton John).

sitting ducks speelgoedMaar nemen deze rockfilms ons als popliefhebbers en filmkijkers serieus, voegen ze echt iets toe aan onze beleving van de muziek of ons inzicht in de artiesten? Of zien de makers ons vooral als sitting ducks – meelijwekkende figuren die ongeacht de kwaliteit toch wel op de rolprent afkomen, verslaafd als we zijn aan onze popidolen en onze popnostalgie?

rocketmanOp zoek naar een antwoord ging ik naar Rocketman, de biografische speelfilm over zanger-pianist Elton John. Eerste probleem: ik ben geen echte Elton John-fan. Tweede probleem: de biopic is een buitengewoon lastig genre. Want als de film waarheidsgetrouw is, is hij vaak ook saai; maar als de regisseur wat vrijheid neemt, staan woedende fans en kritische popcritici meteen bij hem op de stoep. Gelukkig – spoiler alert – weet Rocketman-regisseur Detcher Fletcher al die klippen te omzeilen, sterker nog, hij vliegt er gewoon overheen.

Elton John hoesRocketman voert de kijker in een wervelend tempo mee door het leven van Reginald Dwight, zoals Elton John eigenlijk heet, vanaf diens vijfde tot pak ‘em beet zijn 35e levensjaar. De focus ligt op de jaren 1967-1980, de periode waarin de bebrilde artiest klassiekers als ‘Goodbye Yellow Brick Road’, ‘Sorry Seems To Be The Hardest Word’ en ‘Your Song’ produceert – en dat is fijn, want zo wordt het zwakkere songmateriaal van daarna vermeden. Het zijn ook de jaren waarin Elton John opkomt, bijna ten onder gaat en uiteindelijk weer opkrabbelt – zodat de film ook een meer universeel menselijk thema vertelt.

Elton John3Want Rocketman gaat dan wel over beroemde popartiest, de film is in de eerste plaats een ode aan de menselijke veerkracht. Het verhaal van Elton John/Reggie Dwight laat zien dat het mogelijk is om je te ontworstelen aan de erfenis van een kille, liefdeloze jeugd en aan de destructieve patronen die je kunt ontwikkelen om met die erfenis om te gaan. Dat is geen originele moraal, maar de film overtuigt op alle fronten, onder meer door de onorthodoxe, soms bijna surrealistische scènes, waarin natuurwetten worden getart.

bernie taupin en elton johnDe film is ook een ode aan de vriendschap. In dit geval een vriendschap die ontstond uit noodzaak. De 21-jarige Elton John had een geweldig talent voor melodie en harmonie – maar niet voor teksten. Bernie Taupin was een 17-jarige toondove boerenzoon met een creatieve pen die gek was op popmuziek. Een kleine krantenadvertentie was het begin van een samenwerking die beiden de kans zou geven om ver boven zichzelf uit te stijgen.

vriendschapKijkend naar de film krijg je het idee dat de liedteksten Elton John door Bernie Taupin werkelijk op het lijf werden geschreven. De nuchtere tekstschrijver kroop in de huid van zijn flamboyante en getroebleerde vriend, gaf hem zo indirect misschien ook wel wat goede raad mee. De vriendschap tussen de twee kent een paar fikse dalen, maar blijft ondertussen glansrijk overeind, alsof de film wil zeggen dat muziek de sterkste verbinding tussen mensen vormt. Dat is wat mij betreft een mooi en bevredigend inzicht.

Elton John2Toen ik de bioscoop weer uit kwam, had ik gelachen, gewalgd, gezucht, me diep verwonderd en ook een paar tranen weggepinkt. Ik snapte wat meer van de mens en de artiest Elton John en was doordrongen van een paar waardevolle levenslessen. Nog steeds geen echte fan, wel een iets ander mens. Dat doet een rockfilm die rockt.

Een spijkerjasje met een ziel

japanVoor Japanners heeft alles in de wereld een ziel – ook dieren, planten, stenen en andere stoffelijke zaken. In ons romantische Westen loopt er juist een diepe scheidslijn tussen de bezielde mensheid en – afgezien van huisdieren en paarden – de ‘zielloze’ rest. Ook in de popmuziek. Popliedjes gaan over mensen en hun verwikkelingen. Over liefde of het gebrek daaraan. En niet over dingen. Maar sommige artiesten lappen die regel aan hun laars en getuigen toch gewoon van hun onbetamelijke liefde voor stoffelijke zaken.

Neil Young bij zijn auto met zijn band The SquiresHet eerste liedje waarvan ik besefte – pas later, overigens – dat het over een ding ging, was Long May You Run van The Stills-Young Band. Een zonnig hitje uit 1976, ontsproten aan het brein van Neil Young (1945). De ‘you’ uit de titel bleek geen geliefde, vriend of vriendin, maar een auto: de Canadees brengt een eerbetoon aan zijn geliefde ‘Mort’, de Buick-lijkwagen waarmee hij begin jaren 60 met zijn eerste bandje door zijn vaderland toerde.

Fred Eaglesmith met hoedEen andere liedjesschrijver die zeker zoveel van spullen houdt als van mensen, is Fred Eaglesmith – toevallig of niet ook een Canadees. Eaglesmith is verzot op treinen, auto’s, motorfietsen en andere machines. Zoals te horen is in 18 Wheels. Zijn machineliefde belet hem overigens niet om ook mooie songs over ménsen maken, zoals deze ode aan zijn overleden vader.

The JacketMaar het mooiste ding-liedje staat wat mij betreft voorlopig op naam van country-artieste Ashley McBryde (1983). De Amerikaanse singer-songwriter, vorig jaar debuterend met het album Girl Going Nowhere, focust niet op een auto maar op kleding. (Inderdaad, deze voorbeelden suggereren dat traditionele man-vrouw-patronen ook in de rock-‘n-roll behoorlijk standvastig zijn.)

Willie Nelson in spijkerjackIn The Jacket gaat het, passend bij deze outlaw-artieste, om een spijkerjasje. Het jasje van een vader. Een gehavend kledingstuk, met een ontbrekende knoop en slijtplekken op de ellebogen. Wordt het niet eens tijd om het weg te doen, pa, zegt dochterlief. Kan niet, zegt vader. Zijn leven zit in dat jasje. Als het regende, hing hij het om de schouders van haar moeder. Liftend naar Boulder, naar Willie Nelson-concerten, een nacht in de cel – waar hij ook ging, in goede en slechte tijden, het spijkerjasje was erbij, zegt hij terwijl hij zijn dochter omhelst.

Ashley McBrideEn het verhaal van het jasje gaat verder. Al bijna op het eind van het lied houdt McBryde even in en zingt dan: ‘It ain’t much to look at, but he let me have it,’ en ze vervolgt: ‘So I could feel his arms around me in that old jeans jacket.’ Een bijzonder geschenk voor een dochter die de wijde wereld in trekt om haar eigen weg te zoeken. Een schild om de elementen, lelijke woorden en tegenslagen mee op te vangen.

leap of faithAls luisteraar kruip je in dit lied in de huid van de dochter, maar ik – als vader van een al behoorlijk zelfstandige vijftienjarige – kijk ook mee vanaf de andere kant. Ik begin me al voor te stellen hoe het is om mijn dochter los te laten. Niet gemakkelijk. Je zou ze toch het liefst voor altijd voor alle ellende en gevaar behoeden. De oplossing van deze vader is zo gek nog niet, en vereist maar een kleine leap of faith: dingen hebben van zichzelf dan misschien geen ziel, ze kunnen die wel verwérven.

Goeie nummers over slechte mensen

successful lyric writingJaren geleden las ik het Amerikaanse lesboek Successful Lyric Writing, geschreven door Sheila Davis. Een van haar eerste adviezen voor (aanstaande) liedjesschrijvers luidt: stel degene die het lied zingt (meestal de ik-figuur) in een gunstig daglicht. Maak diegene zo ‘likable’ dat je publiek zich er gemakkelijk mee kan identificeren en zich daarom graag door het liedje laat meeslepen.

the boxerEn in negen van de tien liedjes werkt het ook zo, bijvoorbeeld door de bescheidenheidsformule: ‘I am just a poor boy though my story’s seldom told’ (Simon & Garfunkel, The Boxer) of ‘Ik heb geen cent te makken en ik heb nooit een vak geleerd (De Dijk, Nergens Goed Voor). Of door o zo herkenbare liefdesperikelen te vertellen (het ‘My baby’s gone and left me’ van talloze bluesnummers). Maar is het ook mogelijk om die regel een beetje op te rekken, of hem zelfs helemaal aan je laars te lappen?

randy-newman-jong-in-studio-met-orkestSinger-songwriter Randy Newman (Los Angeles, 1943) vindt kennelijk van wel. In de liedjes van de eigenzinnige Amerikaan is geregeld iemand aan het woord die behoorlijk onsympathiek of moreel weinig hoogstaand is. Je zou bijna kunnen zeggen dat Newman daar zijn handelsmerk van heeft gemaakt. Het is misschien ook een van de redenen waarom hij in Europa, dat een sterkere cabaret-traditie kent, populairder is dan in eigen land.

BirminghamIn het bekende Birmingham (van Good Old Boys uit 1974) horen we iemand die je niet zo gemakkelijk als goed of slecht kunt kwalificeren. Wat moet je aan met deze oerdegelijke burgerman die zo trots is op zijn woonplaats terwijl die destijds toch ook bij uitstek een plaats was van discriminatie en racistisch geweld? Je zingt het aanstekelijke refrein onwillekeurig mee, maar ondertussen blijft die ambivalentie door je hoofd zeuren. Newman zal zich bij die gedachte bij voorbaat al hebben verkneukeld.

Sail AwayEen ander mooi voorbeeld van Newmans dubieuze personages figureert in Sail Away, van het gelijknamige album uit 1972. In het eerste couplet heb je het nog niet door: ‘In America you’ll get food to eat / Won’t have to run through the jungle / And scuff up your feet / You’ll just sing about Jesus and drink wine all day / It’s great to be an American.’

randy-newman-met-piano2Tegen wie heeft hij het, en wie is hier eigenlijk aan het woord? Pas bij het tweede couplet krijg je het door. Je was bezig was je te identificeren met een denkbeeldige reclameman die in Afrika slaven komt ronselen – de vertrouwd aanvoelende 20e-eeuwse sales pitch heeft zo weinig relatie met de historische werkelijkheid dat de tenen ervan krom trekken. Je weet niet hoe gauw je weer afstand moet nemen.

Short PeopleHoe moeilijk luisteraars het hebben om personage en artiest uit elkaar te houden, blijkt wel uit de verwikkelingen rondom Newmans hit Short People, van Little Criminals, uit 1977. De regels ‘Short people got no reason to live’ en ‘don’t want no short people round here’ leverden de zanger een aantal bedreigingen op – ja, ook toen al – en bijna een radioboycot. Dat de tekst ironisch bedoeld was, dat de ik-figuur juist niet de mening van de zanger van het liedje vertegenwoordigde, ging er bij een groot deel van het publiek niet in.

Darth VaderNee, de artiest die klootzakken, hypocrieten of andere slechteriken als hoofdpersonages opvoert, maakt het zichzelf allesbehalve gemakkelijk. Maar het levert wel spannende liedjes op die je op het verkeerde been zetten en je laten nadenken – en die je nooit meer vergeet.

Ken jij meer sterke voorbeelden van goeie nummers met slechte mensen? Laat het weten bij Geef Een Reactie hieronder!

 

Muziekjes waar je vrolijk van wordt

Today is gonna be a good day2Er zijn van die liedjes die me altijd opvrolijken, hoe chagrijnig of lamlendig ik me op dat moment ook voel. Vaak ongecompliceerde deunen die toch uitnodigen om nog een keer op te zetten. Vandaag presenteer ik er een paar die jou hopelijk ook goeie zin geven.

Juan Luis GuerraJuan Luis Guerra (Santa Domingo, 1957) is sinds de jaren 80 een hele grote meneer in Latijns-Amerika. Wereldwijd verkocht hij miljoenen platen en won hij diverse Grammy’s. Zijn album Todo Tiene Su Hora (2014) opent met het onweerstaanbare Cookies and Cream. Guerra smeert vintage R&B van Louis Jordan en Creed Taylor op zijn merengue, met knoeivette retestrakke blazers die over elkaar heen buitelen als een nest jonge katjes. Lekker hoor!!!

Chet Atkins & Mark Knopfler Neck and NeckChet Atkins en Mark Knopfler tappen op hun samenwerkingsalbum Neck and Neck (1990) uit rustiger vaatje met There’ll Be Some Changes Made. Heerlijke zelfspot. Over een muziekveteraan die op z’n ouwe dag tegen beter weten in nog graag een keer een beetje sex, drugs en rock-‘n-roll zou willen meepikken. Een virtuoos gitaarduel op allesbehalve ruige gitaren. Twee mannen die hoorbaar lol hebben met elkaar. Ze toveren een grijns op m’n gezicht die zeker een halfuur blijft plakken.

Jesse Dayton Country Soul BrotherAls de magie van Atkins en Knopfler een beetje is uitgewerkt, kan ik bij Jesse Dayton terecht. De Texaanse zanger-gitarist die onder andere  Johnny Cash en Waylon Jennings begeleidde, bracht in 2004 het solo-album Country Soul Brother uit, met daarop de dopaminerijke uptempo countrypunk-gospeltrack Jesus Pick Me Up. Wie hiernaar luistert, weet: hoe erg ik ook in de shit kom te zitten, er is daarboven altijd hulp te vinden. Dank, Jesse, voor deze reminder!

Heb jij ook een paar van die nummers die jou altijd weer vrolijk kunnen maken? Voel je vrij om ze hier op Goeie Nummers te delen!

 

 

 

Popmuziek is…

snoepgoedTroost. Verstrooiing. Verslavend snoepgoed. Baltsgedrag. Maskerade. Fun. Diepe ernst. Intens verdriet. Een pad naar binnen.

Arbeidsvitaminen. Een basbonk bij de buren. Brug of splijtzwam tussen ouders en tieners. Behang tijdens het winkelen. Een cocon in het ov. Vakantieherinneringen.

stadion met publiekHet amateurbandje in de kroeg. Ambitieuze jonge honden op een poppodium. Een superster in een stadion. Een intieme act in het theater. Eendagsvliegen, dwaalgasten en groenblijvers.

Heaven exemplaarVoer voor bladen. Mode. Hype. Studieobject. Speeltuin. Wilde Westen. Een business met 13 miljard euro omzet. Exportproduct. Een arena met gladiatoren. Ploeteren. Show. Glamour. Roem. Extase.

Uitlaatklep. Samenbinder. Vergetelheid. Afrodisiacum. Liturgie. Roes. Spreekbuis voor de onderdrukten. Lifestyle. Clubtenue.

borstroffel gorillaEen mix-tape om een hart te stelen. Een borstroffel. Lijstjes. Discussiestof. Roependen in de woestijn. Projectiescherm voor dromen. Poëzie.

sjamaanOpgroeicoach. Een tijdmachine terug naar je jeugd. Balsem voor de ziel. Vriend. Dokter. Sjamaan.

 

Pop Muzik in studio twee vrouwenPop Muzik

Het belangrijkste onder de onbelangrijke dingen in het leven. In elk geval voor mij.

Best veel eigenlijk.