1969

Oppoetsen of intact laten?

Louis Couperus van oude mensenIn kringen van literatuurliefhebbers ontstond een tijdje geleden ophef over de ‘hertaling’ van Louis Couperus’ klassieker Van oude mensen, de dingen die voorbijgaan (1906) in hedendaags Nederlands. Voor- en tegenstanders vlogen elkaar in de haren. Sommigen loofden de poging om een ontoegankelijk geworden meesterwerk naar een nieuw (en jong) leespubliek te brengen, anderen spraken van verminking van een onaantastbare tekst.

abbey roadIk moest aan deze discussie denken toen ik gisteren een artikel las over de speciale heruitgave van het Beatles-album Abbey Road (1969) vanwege het vijftigjarige jubileum. De acht sporen van het oorspronkelijke album, dat werd geproduceerd door de legendarische George Martin, zijn door diens zoon – en topproducer – Giles voor deze re-issue opgepoetst met behulp van de nieuwste studiotechnieken. (meer…)

Een halve eeuw feestjes bouwen

Dutch Mountains liggendEen tijdje geleden werden mijn romantische denkbeelden over de popmuziek flink door elkaar geschud door het boek Dutch Mountains van Peter Voskuil. De zeer informatieve turf laat zien dat het vaak niet de artiesten zijn die de koers van de popmuziek bepalen, maar de platenbazen en hun marketingmedewerkers – ik schreef daar al eens over.

MOJO boekDe tweede klap die ik onlangs geheel vrijwillig incasseerde, kwam van de grote Nederlandse concertpromotor MOJO. MOJO bestaat dit jaar een halve eeuw, en om dat te vieren is er een boek (MOJO: van pionieren in de polder tot concertgigant) en een tentoonstelling (MOJO Backstage, tot 1 sept in Museum Prinsenhof Delft). (meer…)

Het mooiste vluchtlied

bob-lefsetz-3‘Music is escapism, because life is so damn hard’, schrijft de bekende muziekblogger Bob Lefsetz in een recente nieuwsbrief. En misschien slaat de Amerikaanse muziekbusinessveteraan, die van zijn hart nooit een moordkuil maakt, daarmee wel de spijker op de kop. In dat geval vraag ik me af met welke kwalificatie je het Goeie Nummer van deze week adequaat zou kunnen beschrijven: ‘Everybody’s Talkin’’.

fred-neil‘Everybody’s Talkin’’ werd geschreven door folkzanger-gitarist Fred Neil (1936-2001), een Newyorkse  vriend en leermeester van Bob Dylan tijdens diens komeetachtige carrièrestart begin jaren 60. Ik hoorde het voor het eerst in de sobere uitvoering van Stephen Stills (Stephen Stills Live, 1975), maar het nummer werd natuurlijk bekend door de fantastische uitvoering van Harry Nilsson op de soundtrack van de film Midnight Cowboy (1969).

harry-nilssonIn de openingsregels is het een en al melancholie wat de klok slaat: vervreemding, eenzaamheid, miscommunicatie, je bent er wel maar je bent er niet:

Everybody’s talking at me / I don’t hear a word they’re saying, / Only the echoes of my mind. / People stopping staring, / I can’t see their faces, / Only the shadows of their eyes.

hoes-everybodys-talkin-van-nilssonEn de strijkers doen daar nog een schepje bovenop. Maar dan slaat de stemming om. De wiegende latin-groove begint te werken, de snelle gitaartokkel geeft de ballad vaart. Zodat je ook als luisteraar een ontsnappingsroute aangeboden krijgt uit het tranendal dat eerst zo overtuigend voor je is neergezet.

I’m going where the sun keeps shining / Through the pouring rain / (…)  Sailing on a summer breeze / And skipping over the ocean like a stone.

zeilboot-op-zeeEn dan die stem. Lekker, hè? Ongemerkt ben je al weggevaren op die droevig-zonnige klanken, voortgeblazen door een zoel briesje, bijna gewichtloos stuiterend op de golven. Op weg naar een oord waar je alles kunt vergeten. Waar het weer zich aanpast aan je kleding in plaats van andersom. Je zou willen dat het nooit ophoudt. Je wilt wegblijven. Voor altijd. Zet het nummer nog maar eens op. Een vluchtlied in het kwadraat, dat is wat ‘Everybody’s Talkin’’ is.