U2

Als je held je op de proef stelt

Erik van BruggenElke fan is een beetje tragisch. De liefde is nooit gelijkwaardig. Een fan wil zijn artiest delen en tegelijk voor zichzelf houden. En soms heeft hij ook nog eens te maken met helden die zich niet erg heldachtig gedragen. Daarover schrijft Erik van Bruggen in een mooi persoonlijk artikel in de Volkskrant.

U2 in vier portrettenVan Bruggen (1968-2020) mede-oprichter van de politieke vernieuwingsbeweging Niet Nix, is U2-fan van het eerste uur, schrijft hij. Het was liefde op het eerste gezicht. En het mooie was: de Ierse band, die deze week vier keer in een uitverkochte Ziggo Dome staat, ontwikkelde zich tegelijk met hemzelf van radicaal tot gematigd idealistisch.

hoes All you can't leave behind van U2En zo ging het lang goed tussen Van Bruggen en U2. Maar na de eeuwwisseling werden de albums minder avontuurlijk en de shows juist megalomaner, met ruimteschepen en al. Bovendien merkte Van Bruggen dat de jongere generatie U2 alleen nog maar zag als ‘schijnheilige wereldverbeteraars’, die preekten over een betere wereld maar ondertussen in Nederland de belastingen ontdoken. En toen sloot de band onlangs ook nog eens een bedenkelijke monsterdeal met multinational Apple.

imagesafbeelding Petrus verloochent JezusTja, daar sta je dan, als echte fan, met helden die jou door hun gedrag danig op de proef stellen. Hoeveel loyaliteit mag er van jou gevraagd worden als je omgeving steeds minder begrijpt waarom jij nog fan bent? Hoe lang kan het duren voordat je je idolen verloochent? Petrus had het na Jezus’ kruisiging waarschijnlijk niet veel moeilijker dan jij.

trouwe hondVan Bruggen gaat ver in zijn trouw. Hij twijfelt, maar neemt het toch voor U2 op. Niemand is immers brandschoon. We sluiten allemaal compromissen. Bono c.s. zijn ook maar mensen. En bovenal heeft de band hem en vele anderen in al die jaren zo veel moois gegeven dat hij het uiteindelijk weer zeker weet: U2 is en blijft zijn band. En ik weet dan: Erik van Bruggen is een echte fan. Zo iemand die trouw blijft in voor- en tegenspoed, in ziekte en gezondheid enzovoorts.

plaquette Trou moet BlyckenNa lezing van het artikel vroeg ik me af: voor welke popartiesten zou ik zo veel loyaliteit kunnen opbrengen? En het antwoord is: ik weet het niet. Ik houd mijn oor en oog vooral gericht op hun muziek, verder wil ik liever niet te veel weten. Mijn helden zouden zomaar mensen kunnen blijken te zijn.

Foute muziek die goed wordt – ABBA

guilty pleasuresWat een guilty pleasure is in de popmuziek staat niet voor altijd vast. Kijk bijvoorbeeld naar de ‘werdegang’ van Mark Knopfler en zijn Dire Straits: aanvankelijk door recensenten de hemel in geprezen, daarna heel rap in het bakje Fout.

ABBA 1Dat het ook andersom kan, zie je bijvoorbeeld in Nederland met André Hazes en – in een iets ander genre – André van Duin. Wereldwijd wordt dit fenomeen het mooist gedemonstreerd door ABBA. In mijn jeugd (de jaren ‘70) gold de Zweedse echtparenpopgroep als Flink Fout: rete-commerciële burgerkitsch. Ze wonnen nota bene het Eurovisiesongfestival (met Waterloo), dat zei eigenlijk al genoeg. Met die gekke pakjes. Bovendien hielden foute mensen altijd van ABBA. En dat die mensen fout waren, bleek wel uit het feit dat ze van ABBA hielden.

ABBA 3Maar het kan verkeren. Vanaf begin jaren ’90 kreeg de band van Agnetha, Björn, Benny en Anni-Frid, al bijna tien jaar officieus opgeheven, postume erkenning. Nu ook bij de serieuze popfans. Zo zeer zelfs dat je vanaf eind vorige eeuw, zoals de Amerikaanse muziekcriticus Chuck Klosterman schreef, ‘veel tegendraadser was als je ABBA haatte dan als je van ze hield’. Hoe is die comeback te verklaren?

Bono en The EdgeIn elk geval waren daar wat ambassadeurs met straatgeloofwaardigheid voor nodig. Eerst was daar U2, die Björn and Benny tijdens een concert in Stockholm in 1992 lieten meespelen op hun versie van ‘Dancing Queen’. Twee jaar later verschenen er twee spraakmakende Australische cultfilms waar de bewondering voor het Zweedse fenomeen vanaf spatte: The Adventures of Priscilla, Queen of the Desert en Muriel’s Wedding.

ABBA bij Mamma Mia!Toen was het hek van de dam. Diverse, sterk uiteenlopende acts omarmden ABBA door covers op te nemen, zoals Evan Dando van The Lemonheads (‘Knowing Me, Knowing You’), Sinéad O’Connor (‘Chiquitita’) en Dionne Warwick (‘SOS’). Vanaf 1999 toerde de musical Mamma Mia!, gebaseerd op de muziek van ABBA, jarenlang de wereld rond – later kwam er nog een succesvolle filmversie. Om het af te maken – in 2009 werd de groep opgenomen in de Rock and Roll Hall of Fame.

hoes The VisitorsWat bij die erkenning ook meespeelde: de teksten van ABBA werden op hun laatste platen steeds persoonlijker. Zo geven de huwelijksproblemen van de vier groepsleden de opgewekte muziek van hun zwanenzang The Visitors een diepere, melancholieke laag. Net zoals hun liedjes onder de oppervlakte volzitten met muzikale vondsten die niet onderdoen voor die van Beatles of Beach Boys. De conclusie lijkt onontkoombaar: ABBA is altijd flink goed geweest, niet fout. Misschien geldt dat ook wel voor de mensen die in de jaren ’70 van ABBA hielden.