Het mooiste lied over…

Het mooiste lied over vriendschap

May you never John MartynOntelbare liedjes zijn er gemaakt over de romantische liefde, maar verbazingwekkend weinig over de liefde die vriendschap heet. Uit het hoofd tel ik ze op de vingers van één hand: ‘Waiting on a friend’ (Stones), ‘Hello, Old Friend’ (Eric Clapton). ‘Old Friends’ (Simon & Garfunkel), ‘With a little help from my friends’ (Beatles) en ‘You’ve got a friend’ (Carole King). Oké, ik heb nog een vinger nodig – maar die is dan wel meteen bestemd voor het mooiste vriendschapslied dat ik ken: May You Never, van de Britse singer-songwriter John Martyn.

Het lied begint meteen al fantastisch. Vanuit het niets, ondersteund door een enkele akoestische gitaar, glijdt Martyns omfloerste stem het nummer in:

‘May you never lay your head down, without a hand to hold / May you never make your bed out in the cold / You’re just like great strong brother of mine / And you know that I love you true.’

John MartynAlsof zijn lied zelf een wapen is om zijn broeders tegen alle onheil te beschermen. De tegendraadse troubadour (1948-2009) zorgt er tegelijk voor dat het lied niet klef wordt: hij weet dat vriendschap pas iets betekent als niet iedereen jouw vriend is (‘You never talk dirty behind my back and I know that there’s those that do’) en dat elk geluk in een oogwenk kan verkeren in zijn tegendeel:

‘May you never lose your temper, if you get in a bar-room fight / May you never lose your woman overnight.’

John Martyn elektrische gitaarJohn Martyn was een rusteloze en onstuimige ziel, die zijn vernieuwende folk mengde met uiteenlopende stijlen als dub, rock en jazz. Hij had ook een donkere melancholische inslag, worstelde met drugs en drank en had naar eigen zeggen moeite om ‘hoofd en hart’ in balans te houden. Misschien is het veelzeggend dat hij zijn vrienden in het refrein van ‘May You Never’ een opdracht meegeeft die, zoals bij levenslessen meestal het geval is, evenzeer aan de afzender zelf gericht lijkt:

‘Please won’t you please won’t you bear it in mind: / Love is a lesson to learn in our time / Please won’t you please won’t you bear it in mind for me.’

220px-JohnMartyn‘May You Never’ doet wat alle goede folksongs doen: mensen verbinden, over de eeuwen of andere grenzen heen. Zodat we toch iets mogen begrijpen van ons raadselachtige bestaan. Zodat we ons begrepen en gekoesterd kunnen voelen. Dit nummer is daarmee ook een prachtig statement om, zoals ik een tijdje geleden mocht ervaren, tijdens een feest met vrienden live te laten weerklinken. Houd dat alsjeblieft in gedachten.

Het mooiste treinlied

albumhoes Midnight Train to GeorgiaPopsongs houden van treinen. Rock&Roll-teksten zijn vergeven van de ‘trains’, ‘stations’ en ‘railroads’ en alles wat daarbij hoort. Mijn muziekverzameling kent alleen al meer dan vijftig nummers met een trein in de titel: Midnight Train to Georgia (Gladys Knight & The Pips), ‘Mystery Train’ (Elvis Presley), ‘Stop This Train’ (John Mayer) en Desperado’s Waiting For A Train (Guy Clark) – om er een paar te noemen.

oude treinDie treinen in liedjes doen van alles. De ene keer brengen ze je dichter bij je geliefde, de andere keer pakken ze haar/hem juist van je af. ‘Freight trains’ zijn je tijdelijke thuis tijdens omzwervingen door land en leven. En dan is er nog de trein als metafoor voor een onbestemd verlangen, naar elders, naar beter, groter, echter. Zoals in de onvergetelijke regels van Paul Simon: ‘Everybody loves the sound of a train in the distance / Everybody thinks it’s true’ (‘Train In The Distance’).

trein interieur2Andersom houdt de trein ook heel veel van popsongs. Het is de perfecte plek om naar goeie nummers te luisteren. Het zachte suizen van de intercity. De onhoorbare geluiden buiten, achter de getinte ramen. Het landschap dat voorbij flitst terwijl jij zelf rustig in je wagon zit met je koptelefoon op. Bovendien, de reis zelf is een tussentijd. Straks als je aankomt moet je weer van alles, maar nu kun je niet zoveel. Je hoeft ook niet zoveel. Een ideale cocon om je door de muziek te laten meevoeren naar verre streken. Zo reis je dubbel.

little feat - dixie chickenEn dan de laatste stap. Je zet het hilarisch jagende ‘Freight Train’ van Fred Eaglesmith op. Of Two Trains van Little Feat. Je reist nu driedubbel. De dag kan niet meer stuk. Mijn topteinnummer is toch wel ‘Riding Home’ van J.J. Cale. Dat ritme al, dat super-relaxte boemelritme dat in niets doet denken aan onze huidige jachtige tijd en gestroomlijnde intercity’s of TGV’s. De zanger trouwens wel willen dat het dat sneller ging. Maar mij als luisteraar duurt dit liedjes van 2 minuut 34 eigenlijk te kort. Fijne mondharmonicasolo ook. Ik voel ik een zoele bries door de coupé stromen, deze trein is voor mij het ultieme zomergevoel.

Heb jij ook een TopTreinNummer, of zelfs een TopTreinLijstje? Deel het op Goeie Nummers!

Het mooiste kerstlied

Joni Mitchell BlueMijn favoriete kerstlied is een nummer dat eigenlijk geen kerstlied is. Hoop en saamhorigheid zijn er niet in te ontdekken. Maar River, van Joni Mitchells sterk autobiografische album Blue (1971), raakt wel een snaar diep vanbinnen.

It’s coming on Christmas / They’re cutting down trees / They’re putting up reindeer / And singing songs of joy and peace / Oh, I wish I had a river I could skate away on.

Joni MitchellDe zangeres is haar lief kwijt. Verdriet en zelfverwijt strijden om voorrang. Ontheemd voelt Mitchell zich ook. Ver weg van haar vaderland Canada, in het groene Californië met zijn merkwaardige muziekwereldje. De gezellige kerstrituelen maken dat alles nog ondraaglijker. Alleen een bevroren rivier lijkt een oplossing te kunnen bieden:

I wish I had a river so long / I would teach my feet to fly / Oh, I wish I had a river I could skate away on / I made my baby say goodbye.

Hoe persoonlijk ook, ‘River’ is herkenbaar voor iedereen die het gevoel van zweven op de ijzers kent. En vooral voor hen die zich oneindig ver verwijderd voelen van hun directe omgeving. Het lied steekt al die eenzame zielen een hart onder de riem door te zeggen: er is een uitweg. Als het gezelschap van mensen je niets te bieden heeft, is er altijd – in de werkelijkheid of in je hoofd – nog het lege landschap van sneeuw en ijs dat jou wel begrijpt. Het maakt ‘River’ tot een van de ontroerendste (kerst)liedjes die ik ken.

Heb je ook een mooi kerstnummer dat je wilt delen? Wees welkom om dat hier te doen.

You Can Call Me Al – Paul Simon

hoes single You Can Call Me Al‘You Can Call Me Al’. Hitsingle van Paul Simon uit 1986. Afkomstig van zijn succesalbum Graceland. Koddig videoclipje met Chevy Chase. En natuurlijk dat catchy riffje: Páá PaPa Pá, Páá PaPa Padá. Onlangs hoorde ik het nummer voorbijkomen op de radio, en ik vroeg me af of dit luchtige deuntje misschien een dubbele bodem bevat. Paul Simon (Newark, New Jersey, 1941) verstopt in zijn bedrieglijk opgewekte muziek immers wel vaker ingewikkelde of sombere hersenspinsels.

‘You Can Call Me Al’ geeft daarvoor inderdaad wel een paar aanwijzingen. In het eerstes couplet zien we een man die kennelijk in een midlife-crisis zit: ‘A man walks down the street / He says, Why am I soft in the middle now? / The rest of my life is so hard!’ Hij voelt zich eenzaam en verloren: ‘My nights are so long! / Where’s my wife and family? / What if I die here?’ Existentiële vragen zonder antwoord, maar het blijft verteerbaar door de nonchalante praat-zang en de absurde woordkeuze: ‘Don’t want to end up a cartoon, in a cartoon graveyard’.

Dan komt het  refrein: ‘If you’ll be my bodyguard, / I can be your long lost pal! / I can call you Betty, / And Betty, when you call me, / You can call me Al!’ Dit raadselachtige toneelstukje lijkt een oplossing te bieden. Maar wat betekenen die nieuwe namen, die lijfwacht en die verloren kameraad voor de problemen van de man?

Paul Simon (ca. 2010)Een tipje van de sluier wordt opgelicht door een anekdote uit Paul Simons persoonlijke leven. De zanger en zijn toenmalige echtgenote Peggy verschenen eens op een feestje waar de gastheer hen per abuis aanzag voor het echtpaar ‘Al’ en ‘Betty’. Simon tilt dit alledaagse voorval in ‘You Can Call Me Al’ naar een ander niveau: als de gast en de gastheer/vrouw afspreken hun bestaande naam en identiteit te vergeten, kunnen ze allebei nieuwe rollen aannemen. De verrassende deal geeft ruimte: we kunnen helemaal opnieuw beginnen, zonder de ballast van het verleden. Geen gekke oplossing voor iemand in een mid-life crisis.

In het derde couplet komt er nog iets anders bij. De man bevindt zich hier in een vreemd land, wellicht in de Derde Wereld. Hij is onthand omdat hij de taal niet spreekt, geen ruilmiddel tot zijn beschikking heeft. In deze onzekere situatie gaan de ogen van de man weer open. In die onbekende wereld, met zijn nieuwe beelden, klanken en geuren krijgen de dingen om hem heen plotseling weer betekenis. Hij ontwaart ‘angels in the architecture’. Sterker nog, deze nieuwe wereld brengt hem verlossing: ‘Amen, Hallejulah’.

Als je dan het refrein er weer bij betrekt, lijkt de zanger in dit ogenschijnlijk luchtige liedje zelfs een voorstel te doen voor een nieuwe verhouding tussen Noord en Zuid, rijk en arm, blank en zwart: de rijke landen beschermen de arme met hun macht en geld (bodyguard), en in ruil daarvoor wordt de ontheemde westerse blanke weer opgenomen in de mensengemeenschap (long lost pal). Dan kunnen ze allebei weer met een schone lei beginnen. Of zie ik er nu te veel in?

hoes GracelandDat is mogelijk, maar ik denk het niet. Paul Simon heeft de grote maatschappelijke en existentiële thema’s nooit geschuwd. Bovendien was hijzelf ten tijde van Graceland  het middelpunt van een felle controverse over de omgang met de apartheid in Zuid-Afrika. Nee, ik ben ervan overtuigd dat ‘You Can Call Me Al’ gewoon gaat over de menselijke existentie, wedergeboorte, verlossing en een nieuwe wereldorde. Páá PaPa Pá, Páá PaPa Padá.

 

Het mooiste lied over verlies

In de afgelopen veertig jaar maakte hij tientallen albums. Beroemde collega-muzikanten, zoals Bonnie Raitt en R.E.M., namen zijn nummers op. Toch is Richard Thompson Richard Thompson(Londen, 1949) voor veel mensen nog steeds een onbekende. Moeilijk te bevatten. Hoewel, toen ik ooit – het moet in 1980 zijn geweest – met de Britse singer-songwriter kennismaakte, via het nachtelijke Rockpalast op de Duitse tv, had ik moeite om wakker te blijven. Ik zag een sombere, magere man met baardje die vooral lange en vreemde gitaarsolo’s produceerde. Pas in de jaren ’90 werd ik door hem gegrepen. Maar toen ook voorgoed. Hij is een van die bijzondere artiesten die constant is én ook na zoveel jaren nog steeds beter wordt.

Andere artiesten zingen vaak over stoere vrije jongens of ze vertellen een bekend verhaal over liefdesverdriet. Zo niet bij Thompson. De personen die hij in zijn liedjes opvoert zijn zelden opgewekte winnaars, maar wel uitstekende verliezers. En bij Richard Thompson heeft verliezen veel gezichten.

Misschien wel zijn mooiste verliesliedje is Beeswing, van Mirror Blue uit 1994 – een sobere folkballad met prachtig getokkelde gitaar over een man die vol weemoed terugdenkt aan het beeldschone vrijgevochten meisje waarmee hij jaren geleden in de Summer of Love een relatie had. Haar vrijheidsdrang was sterker dan alles. ‘And you wouldn’t want me any other way,’ voegde ze hem toe voor ze hem verliet.

De sobere, traditionele begeleiding leidt al onze aandacht naar het tragische verhaal dat hier wordt verteld. Inmiddels leeft de vroegere geliefde op straat, verslaafd aan heroïne, in gezelschap van een wolfshond. Haar vroegere schoonheid is verdwenen door ‘hard weather and hard booze’, heeft de zanger gehoord. Hij stelt zichzelf eerst nog even gerust met een dooddoener: ‘I guess that’s just the price you pay for the changes you refuse’. Maar zijn eigen verlies, beseft hij dan, is minstens zo groot:

If I could just taste all of her wildness now / If I could hold her in my arms today / Well I wouldn’t want her any other way’

Zo mooi als zijn leven toen was, wordt het nooit meer. Hij ziet welk deel van hemzelf onvervuld is gebleven – en zal blijven. Bij Richard Thompson wordt verliezen levenskunst. En mooi verliezen de hoogste deugd.

Het mooiste lied over verlies

In de afgelopen veertig jaar maakte hij tientallen albums. Beroemde collega-muzikanten, zoals Bonnie Raitt en R.E.M., namen zijn nummers op. Toch is Richard Thompson Richard Thompson(Londen, 1949) voor veel mensen nog steeds een onbekende. Moeilijk te bevatten. Hoewel, toen ik in 1980 met de Britse singer-songwriter kennismaakte, via het nachtelijke Rockpalast op de Duitse tv, had ik moeite om wakker te blijven. Ik zag een sombere, magere man met baardje die vooral lange en vreemde gitaarsolo’s produceerde. Pas in de jaren ’90 werd ik door hem gegrepen. Maar toen ook voorgoed. Hij is een van die bijzondere artiesten die constant is én steeds beter wordt.

Andere artiesten zingen vaak over stoere vrije jongens of ze vertellen een bekend verhaal over liefdesverdriet. Zo niet bij Thompson. De personen die hij in zijn liedjes opvoert zijn zelden opgewekte winnaars. Wel waardige verliezers. Bij Richard Thompson heeft verliezen veel gezichten.

Zijn misschien wel mooiste verliesliedje is Beeswing, van Mirror Blue uit 1994 – een sobere folkballad met prachtig gitaarspel over een man die vol weemoed terugdenkt aan het beeldschone vrijgevochten meisje waarmee hij jaren geleden in de Summer of Love een relatie had. Haar vrijheidsdrang was sterker dan alles. ‘And you wouldn’t want me any other way,’ voegde ze hem toe voor ze hem verliet.

De sobere begeleiding van traditionele instrumenten leidt alle aandacht naar het tragische verhaal. Inmiddels leeft de vroegere geliefde op straat, verslaafd aan heroïne, in gezelschap van een wolfshond. Haar vroegere schoonheid is verdwenen door ‘hard weather and hard booze’, heeft de zanger gehoord. Hij stelt zichzelf eerst nog even gerust met een dooddoener: ‘I guess that’s just the price you pay for the changes you refuse’. Maar zijn eigen verlies, beseft hij dan, is minstens zo groot:

If I could just taste all of her wildness now / If I could hold her in my arms today / Well I wouldn’t want her any other way’

Hij ziet welk deel van hemzelf onvervuld is gebleven – en zal blijven. Bij Richard Thompson wordt verliezen levenskunst. En mooi verliezen de hoogste deugd.

De mooiste country-duetten

Ilse%20en%20Waylon2_0

Ilse en Waylon

Op 10 mei 2014 beleefde ik, samen met waarschijnlijk driekwart Nederland, een bijzondere avond. Met dank aan Ilse en Waylon. Bij mij had dat niet alleen met vaderlandsliefde te maken, maar ook met de herinneringen die het prachtige duet van The Common Linnets opriep. Dit Nederlandse duo staat in een lange countrytraditie van Amerikaanse mannen- en vrouwenstemmen die elkaar wonderschoon aanvullen.

hoes Comes A Time van Neil YoungNeil & Nicolette
Neil Young & Nicolette Larson, dat was het duo waar ik het eerst aan moest denken. Wie luistert naar Comes A Time, de countryplaat waarmee Young in 1978 vriend en vijand verraste, hoort dat hun stemmen gewoon voor elkaar gemaakt zijn. Bijvoorbeeld in het bekende titelnummer of in het afsluitende ‘Four Strong Winds’. De nasale, zoekende stem van Young tegen de zuivere, onopgesmukte van Larson. Comes A Time was meteen de zwanenzang van de samenwerking. Young en Larson hadden een relatie, maar die liep al snel stuk. Misschien maakt dat de melancholieke liedjes achteraf nog kostbaarder.

cd BegoniasCaitlin & Thad
Caitlin Cary en Thad Cockrell zijn van recenter datum. Ik zag ze één keer live, een jaar of wat geleden tijdens het Blue Highways-festival in Utrecht. De kleine, dikkige Thad en de lange, nimfachtige Caitlin. Zijn soepele tenor cirkelde heel dicht om haar lichte alt heen. Meestal zong zij de hoogste partij, soms hij. Naast hun fraaie eigen nummers speelden ze een cover waar ik totaal kippenvel van kreeg: ‘Warm & Tender Love’, de grote countrysoulhit van Percy Sledge uit 1966. Cary en Cockrell waren geen stel, maar het is of de duvel ermee speelt – ook zij maakten samen maar één plaat: Begonias (2005).

Gram Parsons Emmylou Harris2Gram & Emmylou
En dan is daar natuurlijk nog het iconische paar uit de alt.country: Gram Parsons & Emmylou Harris. De eerste twee soloalbums van Parsons, GP (1973) en Grievous Angel (postuum, 1974) bevatten hun onvergetelijke duetten. Zijn wat ruwe, dominante stem, omgeven door haar frêle en onnavolgbare melodieën. Door de vroegtijdige dood van Parsons moeten we het met deze twee, inmiddels klassieke, albums doen. Zojuist luisterde ik ‘Love Hurts’ nog eens terug. Word je stil van.

samen maar toch alleen
Wat is het toch aan die tweestemmige man-vrouw-samenzang in de country dat mensen er wereldwijd zo door geraakt worden? Ik denk dat die stemmen zeggen: we zijn samen, maar niet één. We willen het wel, maar het gaat niet. Dicht bij elkaar, toch apart. Het blijft spannend. Te spannend misschien wel om lang te blijven duren.