Albumverjaardag

De sergeant ziet Abraham

Sgt. Pepper's Lonely Hearts Club BandHet zal de meeste popliefhebbers niet zijn ontgaan: vorige week werd Sgt. Pepper’s Lonely Hearts Club Band vijftig jaar. Er kwam natuurlijk een nieuwe editie van het legendarische Beatles-album, in luxe en nog luxere varianten. Media besteedden aandacht allerlei trivia, zoals het hoesontwerp dat nooit werd gerealiseerd. Het hoogtepunt, in alle opzichten, werd gevormd door de documentaire ‘The Analogues – Sgt. Pepper 50 jaar later’ van Marcel de Vré.

Poster The AnaloguesThe Analogues, bassist Bart van Poppel voorop, hebben het in hun hoofd gehaald om alle Beatles-albums vanaf 1967 live getrouw na te maken. En met getrouw bedoelen ze: getrouw. Niet alleen de stemmen, melodieën en harmonieën, ook alle instrumenten en geluidjes moeten precies zo klinken als op de plaat. En bij Sgt. Pepper ligt dat best ingewikkeld. Want The Fab Four trokken in de studio werkelijk alles uit de kast – strijkorkesten, klavecimbels, een mellotron, gongs, een sitar, achterstevoren spelende tapes en wat al niet meer – om hun gewaagde ideeën vorm te geven. De vier Liverpudlians wisten tijdens de opnames al dat ze de muziek nooit live zouden hoeven spelen.

Bart van Poppel aan mengpaneelThe Analogues doen dat dus wel. In de documentaire zien Van Poppel gebogen over dikke boekwerken over The Beatles, op reis door Europa op zoek naar de meest obscure instrumenten. Want het moet wel echt zijn, zegt hij, dus geen synthesizers. We zien hem met medebandlid Diederik Nomden de tracks van Sgt. Pepper minutieus uitpluizen en digitaal nabootsen om ze daarna met de hele band weer helemaal analoog tot leven te wekken en tenslotte instuderen voor soepel draaiende theateroptredens met blazers en orkest. Waanzinnig.

FitzcarraldoDe documentaire gaat niet in op de diepere beweegredenen van Van Poppel en de andere bandleden. Daarover mogen we fantaseren. Het is liefde voor de unieke muziek van The Beatles, dat moet wel. En het nabootsen van de ingewikkelde stukken is ongetwijfeld ook een mooie uitdaging voor deze ervaren popmuzikanten. Maar ik moest ook denken aan de Werner Herzog-film Fitzcarraldo uit 1982.

Bart van Poppel met gitaarIn Fitzcarraldo laat een Europese koloniaal (een meesterlijke Klaus Kinski) midden in het Amazonegebied een enorme stoomboot door lokale indianenstammen over een steile bergkam slepen, met als uiteindelijk doel om in de wildernis een opera door Caruso op de planken te brengen. De onderneming van The Analogues heeft ook zoiets maniakaals. Willen ze misschien stiekem hun grote voorbeelden naar de kroon steken door het onspeelbare album toch te spelen? En zichzelf zo onsterfelijk maken. Net als bij de koloniaal in Fitzcarraldo vertelt de blik in de ogen van Bart van Poppel niet zozeer een verhaal van ambitie maar van regelrechte obsessie.

Of The Analogues in hun opzet slagen? Kijk naar deze concertregistratie en oordeel zelf. In elk geval verdienen ze een standbeeld voor hun poging.

Albumverjaardag: ‘Court & Spark’ van Joni Mitchell

vuurwerkHet jaar is nauwelijks begonnen, de lucht hangt nog vol kruitdampen en oliebollenwalm. Men wrijft zich in de ogen, verwenst de champagne en vraagt zich af hoe lang de goede voornemens goed zullen blijven. Dit moet ook ongeveer de situatie zijn geweest toen Court & Spark van Joni Mitchell op 1 januari 1974 op de wereld werd gezet.

big-yellow-taxiDe Canadese singer-songwriter was eind jaren 60 neergestreken aan de westkust van de VS. Met haar intrigerende melodieën en persoonlijke teksten maakte ze in het flowerpowertijdperk snel furore, scoorde zelfs hitsingles als ‘You Turn Me On, I’m a Radio’ en Big Yellow Taxi, Mitchells bekende milieuprotestsong.

1974_joni_mitchellTussen 1968 en 1972 produceerde Mitchell (1943) elk jaar een album, met toenemend commercieel en artistiek succes. In 1973 besluit ze het aantal optredens echter drastisch terug te brengen en besteedt ze een groot deel van haar tijd in de studio. Wat ze daar allemaal doet wordt aan de startstreep van 1974 duidelijk.

hoes-court-sparkOp Court & Spark is Mitchells vertrouwde sobere folksound van zang, akoestische gitaar en piano verrijkt met drums, bas en elektrische gitaar, aangevuld met blazers, percussie, fluiten en strijkers. Gerenommeerde sessiemuzikanten als Larry Carlton en Joe Sample verlenen hun diensten, en het meest opvallend zijn de jazzinvloeden die de muziek doordesemen.

trein-door-landschapElk liedje op dit album lijkt je mee te nemen op een grillige trip met onbekende bestemming. Met verbazing lees je op de hoes dat de nummers meestal maar zo’n drie minuten duren. Als een vakantie van twee weken die voor je gevoel een half jaar heeft geduurd. Luister maar eens naar de titeltrack.

single-help-meNet als Blue van drie jaar eerder bevat Court & Spark bijna louter hoogtepunten, maar de toon is lichter, met onder meer het poppy ‘Help Me’ en het jazzy ‘Raised On Robbery’, beide op single uitgebracht. Het absolute prijsnummer is voor mij Down To You, zo melancholiek en troostrijk als je het in de popmuziek maar kunt vinden.

330px-joni_mitchell_1975Van alle jazzfolkplaten die Mitchell zou maken, is Court & Spark me het dierbaarst, mogelijk omdat de spanning tussen de strenge ambachtelijkheid van folk- en popsongs en de muzikale vrijheid van de jazz hier maximaal is. Het is daarmee ook een gedurfde plaat. Joni Mitchell stond met haar ene been nog in de popwereld met zijn strakke regels, met het andere stapte ze zelfbewust de vrijheid in. De releasedatum moet symbolisch bedoeld zijn. Moge Court & Spark nu, 43 jaar later, een inspiratie zijn voor ons in 2017.

 

Albumverjaardag – Good Old Boys van Randy Newman

hoes-good-old-boys-van-randy-newmanAfgezien van een uitstapje naar het Nederlandse Oosten verbleef Goeie Nummers deze zomer vooral in het Amerikaanse Zuiden. Ook vandaag nog even, met de 42e verjaardag van Randy Newmans Good Old Boys uit 1974.

New Orleans parasollen en muziekRandy Newman (1943), de grootste satiricus onder de popartiesten, neemt op zijn vierde studioalbum zijn landgenoten in de zuidelijke staten onder de loep. Onverwacht misschien voor een jood uit Los Angeles – een beetje alsof bij ons een atheïstische Amsterdammer opeens zijn pijlen zou richten op het volksdeel beneden de rivieren -, maar niet echt vreemd als je bedenkt dat Newmans moeder afkomstig was uit New Orleans en hijzelf er een deel van zijn jeugd doorbracht.

lester_maddox_georgia_governorStekeliger dan op Good Old Boys zul je het in de popmuziek niet gauw tegenkomen. In Rednecks, de openingstrack, krijgen zuid en noord er even ongenadig van langs. Newman schreef het nummer in reactie op een talkshow waarin de racistische gouverneur van Georgia, Lester Maddox, door het noordelijke studiopubliek al werd veroordeeld nog voor hij een woord had gesproken.

bord-birminghamDaarna komt het bekende ‘Birmingham’ (‘the greatest city in Alabam’’). Ook dat nummer is ongemakkelijk, omdat je niet precies weet wat je aan moet met deze oerdegelijke naïeve burgerman die zo trots is op zijn woonplaats, in die jaren toch de plek waar veel blanken de segregatie met bruut geweld in stand proberen te houden. En in ‘Louisiana 1927’ klinkt woede over de manier waarop de politieke elite met de historische watersnood in de zuidelijke staat omging – het lied werd niet voor niets veel gespeeld nadat orkaan Katrina in 2005 had huisgehouden in en om New Orleans.

toy-storyEn zo gaat het verder op dit donkere en absurdistisch-humoristische album. Newman, vanaf de jaren 80 ook succesvol als filmcomponist, dient ons het zuurs echter vakkundig met veel zoets toe. Hij zoekt de uithoeken van ragtime, pop, country en ballroommuziek op en voorziet zijn rauwe teksten van prachtige arrangementen.

randy-newman-jong-in-studio-met-orkestBovenal bevat Good Old Boys de mooiste liefdesliedjes die ooit op één album bij elkaar stonden: Marie, A Wedding in Cherokee County en Guilty. Liedjes waarin schuldbesef, medelijden, vergeving en oprechte liefde verwikkeld lijken in een strijd op leven en dood. De personages – afsplitsingen van de zanger, vul ik gemakshalve even in – weten hoezeer ze tekortschieten, maar durven toch voor zichzelf te pleiten. En doen dat op zo’n ontwapende manier dat je ze gewoon wil geloven – en vergeven.

randy-newman-closeHet karakter van dit album hangt ongetwijfeld samen met de persoonlijkheid van de schrijver, maar vooral ook met de onderhuidse woede die volgens velen sinds jaar en dag in het Amerikaanse Zuiden onder de oppervlakte sluimert. De manier waarop het persoonlijke en het politieke hier samenvallen, maakt Good Old Boys tot een van de meest interessante platen uit de popgeschiedenis.

Albumverjaardag – ‘What’s Going On’ van Marvin Gaye

hoes What's Going On van Marvin GayeWat is er nog niet gezegd of geschreven over What’s Going On van Marvin Gaye? Het album is  gekarakteriseerd als een politiek statement voor een hele generatie Afro-Amerikanen. Als een artistieke bevrijding voor popartiesten. Als een zwarte versie van Sgt. Pepper’s Lonely Hearts Club Band. Dat allemaal en nog veel meer. En vandaag wordt de soulklassieker 44 – even oud als zijn schepper uiteindelijk zou worden.

Al voor verschijning wekte What’s Going On sterke Marving Gaye 1reacties op. Allereerst bij Motown-baas Berry Gordy, die weigerde de gelijknamige single uit te brengen. Hij zou hebben gezegd dat het het slechtste nummer was dat hij ooit gehoord had. Marvin zette echter door. Hij was klaar met de vrolijke liefdesliedjes. Hij wilde een muzikaal antwoord formuleren op de toestand waarin Amerika verkeerde. Uiteindelijk gaf Gordy zich gewonnen. En toen de plaat uitkwam, gold dat evenzeer voor recensenten, publiek en collega-muzikanten.

heelal 1De 44e verjaardag is een ideale aanleiding om het album weer eens uit de kast te pakken. En als je dat doet, zijn de reacties van de eerste luisteraars goed te begrijpen. De muzikale rijkdom is ongekend: jazz, klassiek, zelfs opera voegen zich naadloos in blues, gospel, latin. Naast de gebruikelijke bas, drums, piano en gitaren hoor je fluit, xylofoon, percussie, strijkers, blazers, brede meerstemmige zanglijnen. Lang aangehouden akkoorden die vanaf het beginpunt opstijgen en uitwaaieren om ergens achter in het heelal te verdwijnen. En dat alles bijeengehouden door subtiele grooves en Marvins soepele tenor.

vader Marvin GayePièce de résistance is natuurlijk de titeltrack. In de laatste editie van De Zwarte Lijst, de Top 2000 van Radio 6,  staat ‘What’s Going On’ niet voor niets fier bovenaan. De boodschap van het lied is later, na Marvins gewelddadige dood, in verband gebracht met de getroubleerde verhouding tussen de zanger en zijn vader (‘Father, father, we don’t need to escalate’), maar ook zonder die kennis treft dit universele pleidooi voor naastenliefde je recht in het hart.

QuestloveHet nummer onttrekt zich eigenlijk aan elke analyse. Toen Questlove, drummer en bandleider van The Roots, onlangs de oorspronkelijke opnames in de studio spoor voor spoor te horen kreeg, bleek de ritme-track heel anders opgebouwd dan hij altijd had gedacht. Hij kon het haast niet bevatten. Het had in zijn oren al die tijd heel anders geklonken dan het op de studiotape stond, veel ruimtelijker en dieper. Het kenmerk van echt grootse muziek, denk ik: je hoort niet wat je hoort – de klanken en de woorden betoveren je, zodat je het in je hoofd nog mooier maakt dan het al is.

Albumverjaardag – ‘Goodbye Jumbo’ van World Party

cd hoes Goodbye Jumbo van World PartyToeval of niet, Goodbye Jumbo, met zijn alarmerende titel, verscheen 25 jaar geleden op World Earth Day. De Britse singer-songwriter Karl Wallinger (Prestatyn, 1957), voormalig lid van The Waterboys, debuteerde met zijn World Party vier jaar eerder al met Private Revolution, met de tijdloze hit Ship of Fools. Maar in 1990 kwam alles bij elkaar op Goodbye Jumbo.

Karl Wallinger jongOndanks Wallingers serieuze boodschap klinkt Goodbye Jumbo vooral als zijn hobby. In de onweerstaanbare melodieën is de ‘lust for pop’ – vooral die van de jaren ’60 – het belangrijkste ingrediënt. De verwijzingen naar zijn voorbeelden zijn even talloos als speels. Neem het ‘ooh ooh’-koortje uit ‘Sympathy For The Devil’ (Stones) in Way Down Now of het Al Kooper-orgel van Blonde on Blonde (Dylan) in Take It Up. De Beatle-citaten uit ‘Mr. Postman’ in When The Rainbow Comes of de broeierige Sly Stone-funk in Ain’t Gonna Come Till I’m Ready. Je zou zo een popquiz van alle muzikale citaten kunnen maken.

Karl Wallinger middelMaar Goodbye Jumbo is gek genoeg niet retro. Wallinger smeedt het gevarieerde album vakkundig tot een eenheid, en de muziek is van begin tot eind doortrokken van zijn persoonlijke bezieling. Van zijn zin voor muziek, voor spiritualiteit, voor zijn medemensen, voor de wereld. Zelden kreeg ecologisch bewustzijn zoveel soul mee.

Karl Wallinger met gitaarNa Goodbye Jumbo werd World Party een gouden toekomst voorspeld. Het liep iets anders. Opvolgers Bang! (1993) en Dumbing Up (2000), losten de verwachtingen niet helemaal in, al bevatte Egyptology (1997) wel het prachtige ‘She’s the One’, waarmee Robbie Williams een nummer 1-hit had. Ernstiger was dat Wallinger in 2001 werd getroffen door een cerebraal aneurysma waarvan hij vijf jaar lang moest revalideren.

arkeologyIn 2012 verscheen Arkeology, een 5-cd-box met nummers die de cd net niet haalden, live-opnames, B-kantjes, demo’s en ‘doodles’. Ik moet dat album nog uitchecken, voorlopig blijf ik nog even stilstaan bij de meesterlijke afscheidsgroet aan onze planeetgenoot de olifant. Je kunt hier met me mee meedoen op Spotify.

Albumverjaardag – The Nightfly van Donald Fagen

Donald Fagen hoes The NightflyVandaag is het precies 32 jaar geleden dat Donald Fagens The Nightfly verscheen. Destijds, in 1982, waren de meningen over het eerste soloalbum van de zanger-toetsenist van Steely Dan nogal verdeeld. Die van mijzelf trouwens ook, herinner ik me: ‘mooi, maar veel te glad’ – in dat soort categorieën dacht ik als 19-jarige. Het album bleef in de schaduw hangen van erkende Steely Dan-klassiekers als Aja (1977) en Gaucho (1980). Ten onrechte. Want The Nightfly is zo’n plaat die elk jaar mooier wordt.

The Nightfly is een conceptalbum in de beste betekenis van dat beladen woord: een verzameling liedjes die één thema speels en van verschillende kanten benadert. In een krappe 39 minuten brengt Donald Fagen (Passaic, New Jersey, 1948) een hele verdwenen wereld tot leven: die van een Amerikaanse tiener die eind jaren ’50 gegrepen wordt door de (jazz)muziek, de beat-poets en het verlangen naar het spannende leven dat hem over een paar jaar te wachten staat. Ook de muziek op het album ademt helemaal de sfeer van die tijd, bijvoorbeeld het swingende Ruby Baby (een cover van Leiber en Stoller), het jazzy ‘Walk Between the Raindrops’ en ‘Maxine’, met zijn vijfstemmige zangpartijen. Ondertussen is de digitale productie van begin jaren ’80 strak en modern – anno 2014 klinkt de plaat nog steeds fris en lekker.

IgylogoI.G.Y. is het bekendste nummer. Dit International Geophysical Year is niet verzonnen; dit was een internationaal wetenschappelijk project uit 1957-1958 dat beoogde de wereld te verbeteren door middel van de techniek. Met de ontnuchterende kennis van de voorafgaande 25 jaar kijkt de zanger in dit nummer terug op dat naïeve optimisme. Maar niet cynisch. De volwassen Fagen veroordeelt zijn jeugdige alter ego niet. Dat het mooie van The Nightfly: nostalgie en ironie houden elkaar perfect in evenwicht.

Donald Fagen als jonge jongenHet is waarschijnlijk ook Donald Fagens meest persoonlijke album. Bij Steely Dan verschansten hij en zijn muzikale partner Walter Becker zich achter een façade van cryptische songteksten en schimmige antwoorden in interviews. In de liner notes van The Nightfly schrijft Fagen echter dat de liedjes een weergave zijn van ‘certain fantasies that might have been entertained by a young man growing up in the remote suburbs of a northeastern city during the late fifties and early sixties, i.e., one of my general height, weight and build’. Voor Fagens doen ongehoord expliciet.

Donald Fagen nuNa The Nightfly maakte Fagen nog drie soloalbums: Kamakiriad (1993), Morph the Cat (2006) en Sunken Condo’s (2012). Stuk voor stuk geweldige platen, luister/kijk maar eens naar Wheather in My Head. Maar toch, geen daarvan haalt het voor mij bij zijn eersteling. Soms lijkt het of de zanger zich na The Nightfly liever weer terugtrok in zijn comfort zone. Jammer, maar bij nader inzien volkomen logisch. Zo’n album maak je maar eens in je leven.

Meer weten? Lees dit boeiende Engelstalige artikel uit 2007 naar aanleiding van de jubileumeditie van The Nightfly.

Albumverjaardag – Fulfillingness’ First Finale van Stevie Wonder

hoes Fulfillingness' First FinaleVandaag, 22 juli 2014, wordt Stevie Wonders Fulfillingness’ First Finale 40 jaar. Een mooie leeftijd. Kunnen we F3, zoals we het album tegenwoordig wel mogen afkorten, inmiddels op waarde schatten?

Op zijn dertiende is Little Stevie Wonder (1950) al een van de sterren uit de stal van Motown, de zwarte hitfabriek in Detroit van de roemruchte Berry Gordy. Maar geleidelijk weet hij zich aan het regime van Motown te ontworstelen. De multi-instrumentalist wil geen verzameling hitsingles meer opnemen, maar echte (concept-)albums maken. Hij laat zich beinvloeden door klassieke muziek, jazz, reggae, latin. Midden jaren zeventig maakt hij de platen die tot zijn hoogtepunten gerekend worden: Talking Book (1972),  Innervisions (1973), Fulfillingness’ First Finale (1974) en Songs In The Key of Life (1976).

Stevie Wonder middenF3 lijkt qua aandacht altijd een beetje gesandwiched tussen Innervisions en SITKOL. Misschien speelde de moeilijk uitspreekbare titel de recensenten parten. Maar F3 bevat tien fantastische nummers, zonder een enkele zwakkere broeder ertussen. De sound is warm en ruimtelijk. De gospelachtige koortjes en het toetsenwerk zijn fabelachtig. En geen enkel nummer duurt te lang – en dat kun je van SITKOL toch echt niet zeggen.

Luister maar. Smile Please: fijne opener, met zijn lichte latin-touch. ‘Too Shy To Say’: kwetsbaar en openhartig. ‘Boogie On Reggae Woman’ met zijn lekkere mix van boogie, reggae en funk. De invoelbare liefdestwijfel van Creepin’, met die waanzinnige mondharmonicasolo. Het felle ‘You Haven’t Done Nothing’, over politici die hun verkiezingsbeloften vergeten zodra ze op het pluche zitten.

En natuurlijk met They Won’t Go When I Go, dat Wonder schreef samen met tekstdichter Yvonne Wright. Misschien wel de mooiste ballad die hij ooit op de plaat zette – en dat zegt wel iets.

Hoor je het verstilde piano-intro al? Het doet denken aan Chopin of Beethoven, het heeft iets van een dodenmars. Niet gemakkelijk om naar te luisteren. Het lied beneemt letterlijk de adem: met zijn sombere tekst, gedragen akkoorden en die verschillende melodielijnen van zang, piano en toetsinstrumenten.

Het tussenstuk voert je even weg, naar een gospel- en bluesachtige climax: ‘There ain’t no room for the hopeless sinner / Who will take more than he will give’. Dan weer terug naar die langzame droevige mars. ‘When I go / Where I’ll go / No one can keep me / From my destiny.’

Stevie Wonder nuDit lied overschrijdt alle grenzen van een standaard popnummer. Dit gaat over rechtvaardigheid, het Laatste Oordeel. Veelzeggend: Stevie Wonder speelde het nummer ook bij de herdenkingsplechtigheid voor Michael Jackson in 2009. Maar na zoveel zwaarmoedigheid wil Wonder F3 afsluiten met twee opwekkende latin-achtige nummers: ‘Bird of Beauty’ en ‘Please Don’t Go’. Weer met die prachtige koortjes.

Waar staat Fulfillingness’ First Finale nu, 40 jaar na verschijning? Wat mij betreft trots als het onmisbare derde steunpunt in de driehoek met Innervisions en SITKOL. En samen vormen die drie platen misschien wel het bovenste deel van de pop-piramide van de jaren zeventig. Overdreven? Ik denk het niet. Want welke andere artiest maakte ooit in een paar jaar tijd drie van zulke topplaten op rij?

 

Albumverjaardag – Bad Love (1999) van Randy Newman

Vandaag, 1 juni 2014, wordt Bad Love 220px-Bad_love15 jaar. Kort na verschijnen luisterde ik vaak op mijn walkman naar dit album van Randy Newman, in de trein op weg naar kantoor. Maar ja, samen met de cassettebandjes verdween Bad Love geleidelijk naar de achtergrond. Totdat collega en muziekliefhebber Bob Hartog, tevens leadzanger van LaagLicht, me er een paar jaar geleden gelukkig aan herinnerde.

Randy Newman (Los Angeles, 1943) trad in de jaren ’70 toe tot de eregalerij der singer-songwriters met prachtplaten als 12 Songs, Sail Away en Good Old Boys. Daarna werkte hij vooral achter te schermen als componist van filmmuziek. Met Bad Love keerde de Amerikaanse zanger-pianist in 1999 terug in de schijnwerpers. Scherper dan ooit. Niets en niemand ontziend. Ook zichzelf niet.

In de pijnlijk-hilarische rocker I’m Dead (But I Don’t Know It) gaat het bijvoorbeeld over ouder wordende rocksterren: ‘Everything I write sounds the same / Each record that I’m making / Is like a record that I’ve made /  Just not as good’. Gek genoeg klinkt zelfspot bij Newman nooit koket. Ik vermoed dat hij in z’n hart vreest dat het pop-cliché van de artiest-op-z’n-retour daadwerkelijk voor hemzelf opgaat.

In de aangrijpende ballade I Miss You bedankt Newman in zijn ex-vrouw, vele jaren na hun scheiding, voor de goede tijden en verontschuldigt hij zich voor zijn fouten.  ‘And it’s a little bit late / Twenty years or so […] But I’d sell my soul and your souls for a song.’ Hij vond het liedjesschrijven kennelijk altijd belangrijker dan al het andere. Het refrein lijkt op papier afgezaagd, maar de zinnen ‘I miss you / And I still love you so’ gaan door merg en been, door Newmans ongepolijste voordracht bovenop een prachtige melancholieke melodie.

In het topnummer The World Isn’t Fair wordt Karl Marx, aartsvader van het communisme, door Newman rondgeleid in het hedendaagse Karl Marxkapitalistische Amerika. Hoogtepunt is als hij Marx meeneemt naar de ouderavond van de basisschool van de kinderen uit zijn recente tweede huwelijk. ‘Karl, you never have seen such a glorious sight / As these beautiful women arrayed for the night / Just like countesses, empresses, movie stars and queens.’ De knappe jonge moeders worden veelal vergezeld door ‘men much like me / Froggish men, unpleasant to see / Were you to kiss one, Karl / Nary a prince would there be.’ Deze rijke kikkers hebben een aanzienlijke voorsprong bij de partnerkeuze – het is oneerlijk verdeeld in de wereld. Newman is tevreden en schaamt zich daarvoor, maar beseft met pijn in het hart dat hij niets dan compassie te bieden heeft.

En zo is er veel meer moois op Bad Love. De plaat is – misschien door zijn ervaring als filmcomponist in de jaren ’80 en ‘90 – muzikaal nog rijker en gevarieerder dan Newmans eerdere werk. De teksten zijn persoonlijker en schuren daardoor nog meer. Bad Love laat je lachen terwijl het pijn doet en doet je pijn terwijl je lacht. Dat is wel een felicitatie waard!