blog

Het mooiste fotolied

Loudon Wainwright III ca. 2005Wat kunnen foto’s toch wonderschone liedjes opleveren. Dat zagen we onlangs al bij singer-songwriter Guy Clark. Zijn collega Loudon Wainwright III doet daar zo mogelijk nog een schepje bovenop in The Picture (van History, uit 1992), waarin hij aan de hand van een veertig jaar oud familiekiekje de relatie met zijn zusje onder de loep neemt, met onder meer de onvergetelijke regels:

‘A brother needs a sister to watch what he can do / To protect and to torture, to boss around, it’s true / But a brother will defend her / For a sister’s love is pure / Because she thinks he’s wonderful / When he is not so sure.’

Nick Lowe jongPuur door mijn smaak van de dag moet Wainwright de prijs voor het mooiste fotolied echter afstaan aan Nick Lowe. Deze voormalige new-waver, die in de jaren ’70 een bescheiden hit scoorde met ‘I Love the Sound of Breaking Glass’, is de afgelopen decennia bezig geweest het waardig ouder worden in de popmuziek te perfectioneren. Van langharige Britse pubrocker transformeerde hij geleidelijk tot witgekuifde Amerikaanse rootscrooner, met zelfgeschreven liedjes die klinken alsof ze altijd al bestaan hebben. In Long Limbed Girl (van At My Age uit 2007) vangt Lowe feilloos het gevoel van weemoed dat opkomt bij de aanblik van een vergeelde romantische foto.

Nick LoweEerst toont hij ons het beeld van het slanke langbenige meisje dat haar armen om zijn eigen jeugdige versie heeft geslagen. Lange tijd was het beeld weggestopt in een la, toegedekt door de jaren, samen met de dwaasheid en verliefdheid van de jeugd. Daarna vraagt de zanger zich af – uiteraard zonder er werk van te maken – waar zijn oude vlam nu zou zijn, en of ze het geluk uiteindelijk gevonden heeft. En ondertussen laat elegant in het midden of dit lied minder gaat over het goede leven dat hij haar toewenst -dan over zijn eigen terugverlangen naar die armen.

lowresBij al deze zoete herinneringen vermijdt Lowe gelukkig al te grote klefheid. We worden bij de les gehouden door een uptempo calypso-achtige ritme, enkele onverwachte extra maten en puntige blazersriffjes. Zodat we ons graag door de mijmeringen laten meevoeren en onwillekeurig in onze eigen la met herinneringen naar oude foto’s gaan zoeken.

Ken je andere goeie nummers die geïnspireerd zijn door foto’s? Post ze hieronder. Ik ben benieuwd hoeveel fotoliedjes er te vinden zijn!

De Basvrouw

BeyoncéOp de poppodia zijn vrouwen behoorlijk in de minderheid. Het klassieke bandje bestaat nog steeds uit een kluwen opgeschoten jongens die geleidelijk veranderen in min of meer volwassen mannen, enzovoort. De vrouwen die je wel ziet, zijn bijna allemaal zangeressen – overigens vaak buitengewoon succesvol, zie Adele, Beyoncé, Rihanna, Taylor Swift en Meghan Trainor. Maar pure instrumentalistes zijn schaars.

sterke vrouwWant hoeveel vrouwelijke drummers kun jij uit je hoofd opnoemen? Hoeveel vrouwen op sologitaar? Op toetsen? Precies. En dat is best vreemd. Maar Goeie Nummers gaat niet op zoek naar verklaringen, en ook gaan we hier geen lans breken voor meer ‘sterke vrouwen’ in de popmuziek – dat laat ik allemaal graag aan anderen. Wel vandaag aandacht voor een fenomeen dat zeer tot mijn verbeelding spreekt: de vrouw op de bas.

Dan heb ik het dus niet over zingende bass babes als Meshell Ndegeocello of Esperanza Spalding, hoe virtuoos ze ook zijn. En ook niet over Suzi Quatro, Kim Gordon (Sonic Youth) of Kim Deal (Pixies, Breeders). Nee, het gaat nu even om de vrouwen wier aandacht geheel aan dit onhandige en miskende instrument gewijd is.

Tina_Weymouth_of_Talking_HeadsDeze basvrouw verscheen in de punktijd voor het eerst op het toneel, meeliftend op de bijbehorende geest van verzet en omkering. Bij de Gang of Four had je Sara Lee en er waren er nog veel meer, zo herinner ik me, maar ze zijn om de een of andere reden niet zo gemakkelijk terug te vinden. De bekendste is ongetwijfeld Tina Weymouth, die in Talking Heads een lekker hoekig en funky ritmetandem vormde met haar man, drummer Chris Frantz op drums (dat laatste bedierf de pret maar zeer gedeeltelijk).

The SceneVanaf die tijd kom je op de podia vaker basmeesteressen tegen: stoere godinnen, die bijna onbeweeglijk een hele band staan op te pompen met lage dreunen die je middenrif laten klotsen. Zo pronkte in ons eigen land The Scene met bassbeest Emilie Blom van Assendelft, die betonvloeren stortte waarop van de jongens van de band zich naar hartenlust konden uitleven met hun repeterende gitaartjes.

Op de grote podia heb je sindsdien ook virtuosi als Gail Ann Dorsey, die jarenlang bij David Bowie speelde, en slap-koningin Kim Clarke van jazzfunkformatie Defunkt. En natuurlijk het talent Tal Wilkenfeld, die grootheden als Herbie Hancock en Jeff Beck begeleidde en ook haar eigen band heeft.

Yolanda Charles2.pngDe topper onder al deze sexy baspriesteressen is voor mij de Britse Yolanda Charles, die ik voor het eerst zag bij Paul Weller ten tijde van zijn album Wild Wood. Zoals ze daar stond, in Paradiso: de linkerarm half verborgen achter de lange hals van de basgitaar, de rechter nonchalant geknikt in de elleboog, de vingers soepel rustend op de dikke snaren. Relaxed, geconcentreerd, soeverein. Luister, kijk en huiver. En wil je meer? Klik dan hier.

Het spannendste intro

podium2Bij een toneelstuk heb je een decor, een lichtplan, zaallicht dat langzaam dooft. Alles om het publiek in de stemming te brengen voor het verhaal dat gaat volgen. Een popliedje moet dat helemaal zelf doen, meestal in een paar seconden of maten.

Chuck Berry

Geen wonder dat artiesten vaak veel werk maken van hun intro’s. Denk aan de spetterende gitaarlick waarmee Chuck Berry Johnny B. Goode aftrapt. Aan het open akkoord waarmee The Beatles A Hard Days Night inluiden. Of aan de manier waarop  Otis Redding met de deur in huis valt in I’ve Been Loving You Too Long.

Papa was a rolling stoneWaarschijnlijk kun je aan de intro’s van popsongs gemakkelijk een hele musicologische studie wijden. Of twee. Een onderzoeksobject dat daarin in elk geval niet mag ontbreken, is het intro van Papa Was A Rolling Stone, de #1-hit van The Temptations uit 1972. Hoor je het al, via de link of gewoon in je hoofd?

Norman WhitfieldHet nummer werd geschreven door het songschrijversduo Norman Whitfield en Barrett Strong –  ook verantwoordelijk voor Marvin Gaye’s ‘I Heard It Through The Grapevine’ en vele andere Motownhits. Naar verluidt ontstond er bij de opnames ‘Papa’ flinke animositeit tussen producer Whitfield en de band. Steen des aanstoots waren onder meer de lange instrumentale gedeeltes – The Temptations waren in essentie een zanggroep. Hoe dan ook, in de zang klinkt flink wat woede door. En dat past naadloos bij de tekst.

Temptations2Dat laatste geldt ook voor het intro, dat voor een popnummer onwaarschijnlijk lang is. Het begint met alleen drums en bas – het funky basloopje zal de rest van het nummer dragen. Daarna volgen gitaar, strijkers, trompet. Het geheel overgoten met de overweldigende psychedelische galm van begin jaren ’70. Je hoort ook elektrische piano, wah-wah-gitaar, handclaps. Vier volle minuten ingehouden drama, voordat de echte tragedie zich ontvouwt, van de gekwelde zoon die eindelijk de waarheid over zijn herkomst bij zijn moeder komt opeisen.

Temptations‘Papa Was A Rolling Stone’ gaat ergens over. Over een belangrijke waarheid die altijd voor je verborgen is gehouden. Over de bezoedeling van de naam van jouw verwekker – en dus van jouzelf. En over een situatie die voor veel (zwarte) gezinnen met afwezige vaders in de Verenigde Staten – ook nu nog – bittere realiteit is. Voor zo’n verhaal heb je een zorgvuldig opgebouwd decor nodig, en acteurs die zich kunnen inhouden tot ze de volle aandacht van het publiek hebben. Whitfield en The Temptations kregen dat ondanks – of juist dankzij – hun onderlinge wrijving op onvergetelijke wijze voor elkaar.

Heb je een tip over een ander fantastisch, curieus of waanzinnig intro? Deel hem hieronder!

Hooray for the Fat Man

Fats Domino 1Ben jij een geheime Fats Domino-fan? Of zelfs een openlijke? Dan kunnen we elkaar de hand schudden. En als je nog geen fan bent – kom er gerust bij. Want de lijvige zanger-pianist uit New Orleans heeft weliswaar geen gevarieerd oeuvre, en veel vernieuwing is er de laatste jaren – lees halve eeuw – ook niet in te ontdekken. Maar wat is zijn muziek tijdloos goed en wat krijg je er een goeie zin van!

Fats Domino 2Hier meteen dan ook maar even de bewijzen. Eerst I’m Walking, dat in 1957 de hitparade bestormde. Stoomt dat of stoomt dat? Met die unieke New Orleans-roffeldrums, die rollende piano, die vette sax. En dan duurt het ook nog maar iets meer dan twee minuten. En dan bewijsstuk nummer twee:  Sick and Tired. Lekkerrrrrrrrrrr!

hoes Fats Domino swingsEn dan – driemaal is scheepsrecht – het onvergetelijke My Girl Josephine, ook wel bekend als ‘Hello Josephine’. Ditmaal een wiegende cadans waarbij je zelfs in je Berend Boudewijn tv-stoel niet stil kunt blijven zitten. Wat een swag, wat een onschuld ook. En je begrijpt meteen waarom sommige mensen denken dat reggae is ontstaan toen Jamaicanen Fats Domino probeerden te imiteren.

standbeeld Fats DominoDeze muziek was al oud – en hopeloos uit de tijd – toen ik nog jong was. Je was niet helemaal goed bij je hoofd als je ervan hield. Het is niet voor niets dat Fats Ain’t That a Shame zingt. Ja, doe die ook nog maar. Let vooral op dat blazershuppeltje in het refrein, en dan natuurlijk die solo, au! De man verdient een standbeeld, en niet alleen vanwege de miljoenen platen die hij verkocht of de grote invloed die hij had op bands als The Beatles.

Dave Bartholomew2Nou had Fats Domino het grote geluk dat hij kon samenwerken met de legendarische trompettist en bandleider Dave Bartholomew. Iemand die wist hoe je een vijfkoppige blazerssectie precies als 2,98 man kunt laten klinken, en hoe je die precies het juiste aantal milliseconden voor of na de tel moest laten invallen.

New Orleans collageBeide mannen, inmiddels (hoog)bejaard, bleven de smeltkroes van New Orleans als muzikant en als inwoner altijd trouw. Top op de dag van vandaag. Naar verluidt was Fats Domino zelfs zo honkvast dat hij ten tijde van de orkaan Katrina in 2005, ondanks evacuatie-oproepen van de autoriteiten, weigerde zijn huis te verlaten.

Fats Domino 3Voor wie nog niet genoeg heeft van deze oer-rock ’n roller – luister en kijk naar een sterk optreden van bijna vijftig minuten in Austin, Texas, in 1986. Check him out.

Het mooiste huwelijkslied

McCartney over McCartneyOnlangs nam ik een bijna twee weken durende duik in leven en werk van Paul McCartney. Ondertussen luisterde ik naar mijn eigen playlist met dertien van zijn albums. En een van de dingen die dan opvalt, is hoe vaak – en hoe knap – de ex-Beatle zingt over die in de popmuziek zo vaak veronachtzaamde periode in een liefdesrelatie: het huwelijk.

hoes McCartneyOp elk album van de gevierde Liverpudlian is minstens één liedje te vinden dat de stabiele langdurige liefde viert. Zo bevat McCartneys solodebuut uit 1970, toen hij net met zijn Linda getrouwd was, niet alleen The Lovely Linda, Momma Miss America, maar ook het bekende Maybe I’m Amazed.

Paul & Linda McCartney.jpgHoewel hij de moeilijkere kanten van het getrouwd-zijn niet helemaal schuwt, zoals in ‘We Got Married’ van Flowers in the Dirt uit 1998, vinden sommigen zijn ‘silly love songs’ toch te zoetsappig. Die mensen zijn dan echter vergeten dat in de liefde en in de muziek alles geoorloofd is – en dit dus ook.

hoes Red Rose SpeedwayEen van Macca’s mooiste huwelijksliedjes is wel My Love, van het Wings-album Red Rose Speedway uit 1973. Het begint zo:

And when I go away / I know my heart can stay with my love / it’s understood / It’s in the hands of my love / and my love does it good

Paul & Linda McCartney3Paul en Linda McCartney kregen het in die tijd aardig voor hun kiezen. Híj werd in de publieke opinie verantwoordelijk gehouden voor het uiteenvallen van The Beatles, zíj werd in de Britse media uitgemaakt voor yankee golddigger, en haar muzikale bijdrage aan Wings werd gefileerd. Hun relatie lijkt er alleen maar sterker door te zijn geworden:

And when the cupboard’s bare / I’ll still find something there with my love / It’s understood / it’s everywhere with my love / And my love does it good

Geen liefdestwijfel hier, geen onrustig verlangen, hoogstens verwondering over zoveel liefde. En die verwondering begint al plaats te maken voor een rotsvast vertrouwen.

hartMaar die tekst is misschien niet eens zo belangrijk. Luister maar eens naar de instrumentale versie van My Love op Standing Stone, het orkestwerk van Sir Paul uit 1997, een jaar voor Linda’s dood. Dan hoor je waar de kracht van dit goeie nummer zit: daar waar die bij McCartney altijd zit. In de melodie, die in het hoofd van de luisteraar blijft hangen en toch eeuwig fris klinkt. Die vertelt je ook zonder woorden dat het tussen jullie wel goed zit.

Een rokerige nachtclub in de jaren ’30

ML&TLBHJe stapt over de drempel van een nachtclub in de jaren dertig. Achter in het etablissement, door de rookslierten heen, ontwaar je op het krappe podium een swingende ragtime-band. Al snel raak je in de ban van de stoere, sexy zangeres achter de microfoon. Dit is ongeveer wat je overkomt als je luistert naar Meschiya Lake & The Little Big Horns.

Meschiya Lake live.jpgEen paar jaar geleden hoorde en zag ik de neo-traditionele band uit New Orleans voor het eerst, op het festival Take Root in Groningen. Met een retestrakke tuba in plaats van de contrabas of basgitaar brachten de vijf mannen en een vrouw het oude jazz-, ragtime- en bluesmateriaal volkomen overtuigend naar de 21e eeuw. Zangeres Meschiyah (spreek uit: Mà-sjie-ja) Lake maakte zowel indruk door haar verschijning als haar stem. Met haar rijkelijk getatoeëerde armen en torso past ze helemaal in het beeld van de vrouw die haar carrière begon als vuurspuwer en glaseter in een circus.

meschiyalakeandthelittle2De band debuteerde in 2012 met Lucky Devil, een jaar later gevolgd door Foolers Gold. Na deze twee albums volgde een uitgebreide tournee over de wereld, en nu is er een nieuw album, Bad Kids Club: misschien een tikkeltje moderner en gevarieerder dan de voorgangers, maar verder is er weinig veranderd. En dat is maar goed ook.

ML&TLBH picknickLekker smerig klinkt Lake’s stem in Brand New Funk. Weemoedig als Billie Holliday in Hey Marry Wanna en Woman Seeking Man. Uitdagend in het aloude ‘Lectric Chair Blues van Blind Lemon Jefferson. En de trombones, saxofoons, klarinetten en trompetten buitelen ouderwets als jonge honden over elkaar heen.

ML&TLBH tuba.pngDe drie albums zijn, vooral als je je versterker een beetje opendraait, heerlijke opwarmers voor de plek waar mevrouw Lake & De Kleine Grote Hoorns volledig tot hun recht komen: op het podium. En dat komt goed uit. Tussen 5 en 13 mei kun je op diverse plekken in ons land, bijvoorbeeld in TivoliVredenburg en Paradiso, een tijdreis maken naar een rokerige jazzclub in The Big Easy. Check ‘em out.

Kippenvel – ‘Babylon Sisters’ van Steely Dan

Steely DanSommige mensen hebben niets met Steely Dan. Ze vinden de complexe jazzy funkpop van Donald Fagen en Walter Becker koud en gevoelloos, en hebben het over ‘zielloos gefreak’. Nou vind ik het altijd moeilijk te begrijpen als mensen mijn muzieksmaak niet delen, maar in dit geval helemaal. Luister dan toch eens naar een nummer als Babylon Sisters, zou ik ze willen toeroepen.

GauchoBecker en Fagen, die al de naam hadden niet snel tevreden te zijn, sloegen bij de opnames van hun zevende studioalbum Gaucho (1980) een beetje door. Een lange stoet gerenommeerde sessiemuzikanten trok voorbij om de complexe composities van het tweetal in te spelen. Het al niet geringe opnamebudget werd fors overschreden. Het verhaal gaat dat zanger Donald Fagen in de studio in Los Angeles eindeloos aan de mix van openingstrack ‘Babylon Sisters’ bleef schaven en pas bij de 274e versie content was. Terug in zijn woonplaats New York hoorde hij toch nog een basnoot die hem niet beviel, waarop hij terugvloog naar LA om het ongerechtigheidje te repareren. Alsof zijn reputatie nog bewijzen nodig had.

BabylonNet als de rest van Gaucho ademt ‘Babylon Sisters’ decadentie. De tekst is cryptisch, stijlvol, levensmoe en vaag dreigend. Volgens sommige mensen gaat het over een man die een zwoele autorit langs de Californische kust maakt in het gezelschap van een of meer dames van lichte zeden en zich onderwijl realiseert dat hij te oud wordt voor dit soort oppervlakkige uitspattingen.

Bernard PurdieEen verheffende moraal is dan wellicht moeilijk te vinden, ‘Babylon Sisters’ is wel spannend vanaf de eerste tel. Het moet te maken hebben met de combinatie van het reggae-ritme met de fameuze shuffle van drummer Bernard Purdie. En met de manier waarop wrange, bluesy klanken steeds weer verrassend oplossen in harmonieuze akkoorden. En met de dreigend aanzwellende blazers, en met … nou ja, wat dan ook.

Becker en Fagen2.pngIn de liedjes van Becker en Fagen hoor ik vooral het rusteloze zoeken naar een vorm, een stijl, die de zwaartekracht van het leven kan opheffen. Het personage in ‘Babylon Sisters’ houdt zichzelf willens en wetens voor de gek (‘Tell me I’m the only one’) en kijkt vanaf een peilloze hoogte op zichzelf neer. Het is weliswaar niet meer in de mode, maar ik vind deze superieure ironie een verademing tussen alle romantische clichés in de popmuziek .

Bach_faceIn die 275e mix van ‘Babylon Sisters’ komt alle muzikale bezetenheid van Steely Dan eruit. Het nummer kan voor mij tippen aan de meest ontroerende passages van Mozart en Bach. Waar een ander bij Steely Dan misschien kilheid ervaart, hoor ik vooral liefde. En krijg ik kippenvel.

Een knipoog van Drenthe naar de VS

Daniël Lohues 3Midden jaren 90 werd hij bekend als frontman van Skik. Hij maakte speedpunk, rootsrock en als soloartiest vanaf 2006 vooral blues, folk en country, vermengd met vleugjes Beatles en Bach. Zijn stem werd geleidelijk aan toegankelijker, minder knauwend, en hij ontwikkelde hij zich ook tot producer van andere artiesten. En het belangrijkste – als singer-songwriter voelt Daniël Lohues (Emmen, 1971) zich duidelijk steeds comfortabeler in zijn eigen oplossing voor een fundamenteel pop-probleem.

misverstanden Engels NederlandsZoals alle niet-Engelstaligen zijn wij als Nederlanders altijd tot op zekere hoogte vreemdelingen in de rock & roll. De muziek zelf is vrijwel overal op de planeet onmiddellijk te begrijpen, maar van de taal waarin die liedjes doorgaans worden gezongen – het Engels – ontgaan ons vele nuances. Voor artiesten levert dat een lastige spagaat op. Ze moeten de clichés en het idioom van een vreemde taal imiteren om mee te kunnen doen met het grote spel. Maar tegelijkertijd zweren we in de popmuziek bij authenticiteit. En hoe kun je jezelf zijn als je druk bezig bent een ander na te doen?

Rowwen Heze fanartDe oplossing is natuurlijk: zingen in je moerstaal. De taal die je tot in je haarvaten kent, in alle finesses, zelfs zonder dat je je daarvan bewust hoeft te zijn – kortom de taal waarin je thuis bent. Die keuze leverde ons al klassieke Nederpop op van Raymond van het Groenewoud, Doe Maar, Spinvis, Roosbeef, Thé Lau, Typhoon en vele anderen. En sommigen – niet de minsten – gingen nog een stapje verder. Ze zochten het nog dichter bij huis, lieten het ABN voor wat het was en kozen voor hun streektaal: Normaal, Rowwen Hèze, Gé Reinders. En Daniël Lohues dus.

hoes Aosem Daniël LohuesOok Lohues begon ooit met liedjes in het Engels, tot een bekrompen Bussumse werkgever hem eens vanwege zijn accent afwees. Het bracht de Drent als liedjessmid voorgoed terug bij zijn eigen variant van het Nedersaksisch – we mogen Bussum daar wel eeuwig dankbaar om zijn. Vorige week verscheen Lohues’ nieuwe solo-album Aosem, zijn tiende alweer. Niet alleen de titel is een vette knipoog van Drenthe naar de VS. Het hele album lang staat de singer-songwriter fier met het ene been in het grote land van over de oceaan en het andere in Noord-Nederlandse bodem. De muziek traditioneel Amerikaans, de teksten doortrokken van de tradities van zijn eigen streek.

Lohues met gitaar en baardEn niemand kan ons platteland bezingen zoals Lohues: een appelboom, een paasvuur, een weg tussen de velden, de zon die achter de bomen zakt. Kleine doodgewone dingen uit zijn woonomgeving in Erica, die tegelijk voor de luisteraar een heel universum oproepen. En het lijkt hem allemaal zo moeiteloos af te gaan, dat maakt het alleen maar mooier. Kijk hier of luister op Spotify. Check him out.

.

 

Het mooiste slaaplied

wiegelied tekstWiegeliedjes – altijd moeilijk voor een popartiest. Zo’n nummer heeft een ingewikkelde dubbele taak: het moet de toegezongene in slaap wiegen maar tegelijk de andere toehoorders bij de les houden. Voor je het weet wordt het te zoetsappig of te intiem en ben je die laatste groep kwijt. Binnen de communicatietheorie spreekt men in zo’n situatie waarschijnlijk over ‘een primaire en een secundaire doelgroep met divergente doelen’ of iets dergelijks – en zoiets moet je dan natuurlijk niet willen proberen. tom Waits Closing TimeMaar het kan wel. Een beetje popartiest is niet voor één gat te vangen en voert deze koorddans-act zelfs uit alsof het geen moeite kost. James Taylor doet het bijvoorbeeld in Daddy’s Baby (Walking Man, 1974) met een geavanceerde en verrassende akkoordenreeks, Tom Waits blijft in Midnight Lullaby (Closing Time, 1973) kunstig in balans door zijn karakteristieke gromstem. ian dury met brilEn er zijn meer opties. Pubrocker Ian Dury, gesteund door muzikale duivelskunstenaar Chaz Jankel, kiest met zijn Lullaby for France/is van zijn tweede album Do It Yourself (1979) voor een buitengewoon subtiele reggae-groove. De Britse zanger en tekstdichter (1942-2000) kan zijn poëtische vernuft goed kwijt in de korte zinnen die horen bij het herkenbare dagelijkse bedritueel: ‘Go to sleep now France/is / You’ve done all you can with the day / Safe and sound now, that’s a promise / You’ll be welcome in the milky way.’ steeple chase2jpgIn het volgende couplet brengt hij termen uit compleet andere levensterreinen (shut the index, impose a curfew, call a halt to the steeple chase) de slaapkamer binnen om de dwarrelende gedachten tot rust te brengen. Het tussenstuk biedt een kleine verrassing, die tegelijk laat zien hoe universeel dit weinig bezongen thema is: de toegezongene blijkt geen kind maar een volwassene te zijn. ‘If your life or some old lover cause concern / Or puzzle or perturb / The more you discover, the more you learn / Go to sleep now / Please do not disturb‘ speeldoosje 2Hiermee is er wat Dury betreft genoeg gezegd voor vandaag. Frances of Francis (jongen of meisje, man of vrouw – maakt niet uit) kan gaan slapen. De zanger herhaalt nog een refrein, op milde, hypnotiserende, liefdevolle, rustgevende toon. Er volgen wat xylofoonachtige geluidjes, een melodica, alsof we naar een speeldoosje luisteren. En dat allemaal op dat swingwiegende ritme. De primaire doelgroep mag inmiddels onder zeil zijn, voor mij als luisteraar zou het nog een hele tijd mogen doorgaan. Ik ben er nog helemaal bij. Koorddans-act geslaagd. Wie andere voorbeelden van sterke popslaapliedjes kent – deel ze hier op Goeie Nummers!

Het mooiste nostalgie-lied

JeugdsentimentHet woord nostalgie heeft vaak een wat negatieve bijklank, zeker in de popmuziek. Het is iets zinloos waaraan je niet moet toegeven, ‘want die tijd komt toch nooit terug’. Terugverlangen naar je jonge jaren noemen we niet voor niets ‘jeugdsentiment’. Maar bijna iedereen kent het gevoel, en een goed popnummer kan dat herkenbare verlangen prachtig oproepen.

hoes New Moon Shine van James TaylorEen van de besten in dat genre is James Taylor. Al vanaf de tijd dat hij jong was, trouwens. De eerste platen van de singer-songwriter uit North Carolina (VS) zijn gevuld met folkliedjes vol heimwee en ander onvervulbaar verlangen als ‘Carolina In My Mind’ en ‘Country Road’. Op New Moon Shine uit 1991 staat zijn misschien wel mooiste nostalgie-nummer: Copperline.

Vanaf de eerste maten word je teruggevoerd in de tijd, of zelfs naar de tijd daarvoor: ‘Even the old folks never knew why they call it like they do / I was wondering since the age of two, down on Copperline’.

Taylor kinderenCopperline was een ruig gebied in de buurt van het stadje Chapel Hill in North Carolina waar Taylor met zijn broers en zus opgroeide: een landschap waarin slangen en hagedissen rondkropen en waar ook illegaal whisky en andere spiritualiën werden gestookt. Voor de jonge James was het een paradijs waar hij ‘s avonds na het eten stiekem in kon verdwijnen voor allerhande avonturen.

James_Taylor_-_Columbia jaren 70Copperline, vertelt de zanger in het tweede couplet, was ook de plaats waar hij een onverwachte kant te zien kreeg van zijn vader, de arts en docent Isaac Taylor: ‘One time I saw my daddy dance, watched him moving like a man in a trance. / He brought it back from the war in France, down onto Copperline.’ Op de een of andere manier is dit ook altijd het moment waarop de trance van de vader en die van het nummer, met zijn repetitieve cadans, op mij overslaat.

james taylor 5Maar zoals het altijd lijkt te gaan met paradijzen, zo blijkt ook Copperline niet meer te zijn wat het was. Taylor keert er als volwassene terug, om te bemerken dat nieuwe prefab-huizen van multiplex het landschap van zijn jeugd hebben aangetast (‘Tore up and tore up good‘). Gelukkig is daar dan nog zijn geheugen om het oude Copperline terug te brengen naar het heden. En naar ons.

James_Taylor_at_TanglewoodHet nummer bevat veel autobiografische elementen, zoals de kreek bij het huis van de Taylors (Morgan Creek) en de hond Hercules. Maar ondanks deze details over onbekende plekken, dingen en mensen kunnen we ons uitstekend in deze wereld verplaatsen. Ik denk dat dat is omdat we uiteindelijk allemaal ons eigen Copperline hebben: dat moeilijk te beschrijven gevoel van avontuur en zorgeloosheid dat verbonden is met bepaalde plaatsen van je jeugd en dat je af en toe best weer zou willen hebben – al weet je dat het niet kan. Behalve in je herinnering. Met hulp van een nummer als Copperline.

Kippenvel – ‘Between You And Me’ van Graham Parker

hoes howlin' wind graham parkerHet is 1976. De jonge Britse singer-songwriter Graham Parker (Londen, 1950) heeft een vers platencontract op zak en kan zijn baan als pompbediende eraan geven. Hij duikt de studio in om met begeleidingsband The Rumour zijn debuutalbum Howlin’ Wind op te nemen: pakkende rythm & blues, gezongen met die rauwe, bijtende stem die zijn handelsmerk zou worden. Alles loopt gesmeerd. Maar er is één nummer, een ballad die mooi met de andere nummers contrasteert, dat ze maar niet zo op tape krijgen als ze zouden willen: Between You and Me.

Charlie GillettDat nummer staat al wel op de demo waarmee Parker en zijn band hun platencontract binnensleepten. Het werd een jaar eerder opgenomen tijdens sessies voor het radioprogramma Honkie Tonk van diskjockey Charlie Gillett, de man die ook Dire Straits en Ian Dury ontdekte. Die demo klinkt wat doffer en minder strak dan de andere nummers van Howlin’ Wind, en de achtergrondzang is misschien niet helemaal loepzuiver. Ondanks die bezwaren is dit de versie die uiteindelijk op het album belandt.

graham parker toenEn als je ernaar luistert begrijp je dat. Het nummer heeft een magie die onmiskenbaar is maar die zich moeilijk laat duiden. Ik denk dat het juist dat onvolmaakte is dat het zo sterk maakt. Dat is niet reproduceerbaar; en hoe meer je ernaar streeft om het terug te halen, hoe verder het uit beeld verdwijnt. Dit nummers is het levende bewijs dat je het onvolmaakte nodig hebt om perfectie te bereiken.

haven lichten zeeMisschien draagt ook de vaagheid van de tekst bij aan de betovering. Er is een ik (de zanger), een jij, een flits, lichten in de haven, zee, een storm, stilte, en iets dat voorbij is. Maar wat gaat het precies over? Over een zeeman met een liefje aan wal, of zijn die zee en die haven metaforen voor onverenigbare polen? Of voor iets anders? Je kunt er veel kanten mee op, maar wat wel duidelijk overkomt, is de melancholie om wat voorgoed voorbij is en om het onbegrijpelijk weinige dat ervan overblijft.

Het cruciale deel van het nummer – zoals zo vaak bij het vroege werk van GP & The Rumour – is het tussenstuk, als de muziek even het normale stramien van couplet en refrein verlaat: ‘Say, did you realize when this bit came to be? / Yeah, it’s always in somebody’s eyes / When they really don’t wanna see, yeah’.

ogenBij deze laatste twee zinnen gebeurt het. Het is alsof de zanger hier een waarheid aanraakt die zich normaal achter een hoge façade schuilhoudt. Hij stuit op een plek waar geen woorden meer gesproken worden, waar de ogen alles zeggen. Een plek waar iemand definitief niet kan voldoen aan wat de ander verwacht. Waar iemand alleen maar aan zichzelf kan gehoorzamen. Dat de herinnering aan die blik het enige is wat overblijft. Kippenvel.

Het mooiste treinlied

albumhoes Midnight Train to GeorgiaPopsongs houden van treinen. Rock&Roll-teksten zijn vergeven van de ‘trains’, ‘stations’ en ‘railroads’ en alles wat daarbij hoort. Mijn muziekverzameling kent alleen al meer dan vijftig nummers met een trein in de titel: Midnight Train to Georgia (Gladys Knight & The Pips), ‘Mystery Train’ (Elvis Presley), ‘Stop This Train’ (John Mayer) en Desperado’s Waiting For A Train (Guy Clark) – om er een paar te noemen.

oude treinDie treinen in liedjes doen van alles. De ene keer brengen ze je dichter bij je geliefde, de andere keer pakken ze haar/hem juist van je af. ‘Freight trains’ zijn je tijdelijke thuis tijdens omzwervingen door land en leven. En dan is er nog de trein als metafoor voor een onbestemd verlangen, naar elders, naar beter, groter, echter. Zoals in de onvergetelijke regels van Paul Simon: ‘Everybody loves the sound of a train in the distance / Everybody thinks it’s true’ (‘Train In The Distance’).

trein interieur2Andersom houdt de trein ook heel veel van popsongs. Het is de perfecte plek om naar goeie nummers te luisteren. Het zachte suizen van de intercity. De onhoorbare geluiden buiten, achter de getinte ramen. Het landschap dat voorbij flitst terwijl jij zelf rustig in je wagon zit met je koptelefoon op. Bovendien, de reis zelf is een tussentijd. Straks als je aankomt moet je weer van alles, maar nu kun je niet zoveel. Je hoeft ook niet zoveel. Een ideale cocon om je door de muziek te laten meevoeren naar verre streken. Zo reis je dubbel.

little feat - dixie chickenEn dan de laatste stap. Je zet het hilarisch jagende ‘Freight Train’ van Fred Eaglesmith op. Of Two Trains van Little Feat. Je reist nu driedubbel. De dag kan niet meer stuk. Mijn topteinnummer is toch wel ‘Riding Home’ van J.J. Cale. Dat ritme al, dat super-relaxte boemelritme dat in niets doet denken aan onze huidige jachtige tijd en gestroomlijnde intercity’s of TGV’s. De zanger trouwens wel willen dat het dat sneller ging. Maar mij als luisteraar duurt dit liedjes van 2 minuut 34 eigenlijk te kort. Fijne mondharmonicasolo ook. Ik voel ik een zoele bries door de coupé stromen, deze trein is voor mij het ultieme zomergevoel.

Heb jij ook een TopTreinNummer, of zelfs een TopTreinLijstje? Deel het op Goeie Nummers!

De mooiste country-duetten

Ilse%20en%20Waylon2_0

Ilse en Waylon

Op 10 mei 2014 beleefde ik, samen met waarschijnlijk driekwart Nederland, een bijzondere avond. Met dank aan Ilse en Waylon. Bij mij had dat niet alleen met vaderlandsliefde te maken, maar ook met de herinneringen die het prachtige duet van The Common Linnets opriep. Dit Nederlandse duo staat in een lange countrytraditie van Amerikaanse mannen- en vrouwenstemmen die elkaar wonderschoon aanvullen.

hoes Comes A Time van Neil YoungNeil & Nicolette
Neil Young & Nicolette Larson, dat was het duo waar ik het eerst aan moest denken. Wie luistert naar Comes A Time, de countryplaat waarmee Young in 1978 vriend en vijand verraste, hoort dat hun stemmen gewoon voor elkaar gemaakt zijn. Bijvoorbeeld in het bekende titelnummer of in het afsluitende ‘Four Strong Winds’. De nasale, zoekende stem van Young tegen de zuivere, onopgesmukte van Larson. Comes A Time was meteen de zwanenzang van de samenwerking. Young en Larson hadden een relatie, maar die liep al snel stuk. Misschien maakt dat de melancholieke liedjes achteraf nog kostbaarder.

cd BegoniasCaitlin & Thad
Caitlin Cary en Thad Cockrell zijn van recenter datum. Ik zag ze één keer live, een jaar of wat geleden tijdens het Blue Highways-festival in Utrecht. De kleine, dikkige Thad en de lange, nimfachtige Caitlin. Zijn soepele tenor cirkelde heel dicht om haar lichte alt heen. Meestal zong zij de hoogste partij, soms hij. Naast hun fraaie eigen nummers speelden ze een cover waar ik totaal kippenvel van kreeg: ‘Warm & Tender Love’, de grote countrysoulhit van Percy Sledge uit 1966. Cary en Cockrell waren geen stel, maar het is of de duvel ermee speelt – ook zij maakten samen maar één plaat: Begonias (2005).

Gram Parsons Emmylou Harris2Gram & Emmylou
En dan is daar natuurlijk nog het iconische paar uit de alt.country: Gram Parsons & Emmylou Harris. De eerste twee soloalbums van Parsons, GP (1973) en Grievous Angel (postuum, 1974) bevatten hun onvergetelijke duetten. Zijn wat ruwe, dominante stem, omgeven door haar frêle en onnavolgbare melodieën. Door de vroegtijdige dood van Parsons moeten we het met deze twee, inmiddels klassieke, albums doen. Zojuist luisterde ik ‘Love Hurts’ nog eens terug. Word je stil van.

samen maar toch alleen
Wat is het toch aan die tweestemmige man-vrouw-samenzang in de country dat mensen er wereldwijd zo door geraakt worden? Ik denk dat die stemmen zeggen: we zijn samen, maar niet één. We willen het wel, maar het gaat niet. Dicht bij elkaar, toch apart. Het blijft spannend. Te spannend misschien wel om lang te blijven duren.