Merkwaardigheden

Het nieuwe album van Spinvis (2)

spinvis 3Bijna een jaar geleden schreef ik hier over het nieuwe album van Spinvis, nom de plume van muzikant Erik de Jong. Of eigenlijk over het gemis aan dat nieuwe album. Want de opvolger van tot ziens, Justine Keller uit 2011 liet nogal op zich wachten. Zozeer dat ik wat koortsig begon te dromen over het onverwachte verschijnen van een spiksplinternieuw Spinvis-album.

spinvis 5Inmiddels zijn we bijna een jaar verder. Nog steeds niets. Nergens ook maar een spoor van nieuwe liedjes van de voormalige postbode uit Nieuwegein. En wat doe je als je geen grip kunt krijgen, dan ga je zoeken naar verborgen tekens. Nou ja, verborgen? Een zoektocht op internet brengt me bij Volkskrant-journalist Fabian de Bont die, mogelijk geteisterd door eenzelfde onrust, begin juni met De Jong sprak voor de rubriek ‘Waar is … mee bezig?’

plantjesEn wat bleek? Spinvis was in juni voornamelijk ‘in zijn binnenwereld’ bezig. En die binnenwereld wil bij hem zeggen: de studio in het souterrain van zijn huis! Elke dag was hij daar korte tijd aan het opnemen, helemaal in zijn eentje!! Afstand nemend en twijfelend, zei hij, zoals bij een groeiend veld met plantjes!!! Voor een album dat hij in december af wilde hebben!!!!

hoesje SpinvisOMG, december, dat is nu al bijna. Waarom heb ik dit niet zien aankomen? De tekenen waren achteraf toch overduidelijk. Spinvis hanteert gewoon een algoritme. In 2002 verscheen zijn titelloze debuutalbum, dat direct door het plafond van de Nederlandstalige popmuziek schoot, in 2005 kwam Dagen Van Stro, Dagen Van Gras, in 2011 gevolgd door tot ziens, Justine Keller.

fokke-en-sukke-algoritmeOp al die schijfjes koppelt hij alledaags-poëtische zinnetjes aan originele muziekjes die akelig verslavend zijn. Dat blijft elke keer hetzelfde. Maar het interval tussen opeenvolgende albums verandert steeds: eerst 3, toen 6 en nu dus 5 jaar! Logisch. De plaat hierna zal dus in 2020 verschijnen, die daarna in 2022, dan 2029 enzovoort. Als je het eenmaal ziet, is het zo simpel.

heel-goed-nieuws-lyrics-spinvisEen beetje luisteraar had deze boodschap mogelijk al uit Spinvis’ werk afgeleid, verstopt in nummers als Voor Ik Vergeet, Ik Wil Alleen Maar Zwemmen of Heel Goed Nieuws, als je de muziek deels achterstevoren afspeelt. Maar goed, die nieuwe plaat komt dus volgende maand. En dat is echt heel goed nieuws. Zelfs als die onverhoopt komende maand nog níet zou verschijnen, maar ietsje later. Het komt goed. Zo belangrijk is zo’n algoritme nou ook weer niet.

spinvis met bandBovendien kunnen we ons in dat geval troosten met de oudejaarsshow die Spinvis en een aantal Utrechtse vrienden op 28 december a.s. geven in TivoliVredenburg, onder de titel We Vieren Het Toch. Alles Verandert! Laat je vooral niet gek maken door die lange radiostiltes. Doe ik ook niet.

Het mooiste uitro

liefde-op-het-eerste-gezichtZe zeggen dat de eerste indruk bij ontmoetingen allesbepalend is. Maar andersom is ook waar: het laatste beeld dat je van iemand krijgt, is wat blijft hangen. Hetzelfde geldt voor liedjes. Over de entree van liedjes ging het op dit blog al eerder. Vandaag over de manier waarop het podium verlaten wordt: het uitro.

kwalitaria-1Het uitro lijkt een ondergeschoven kindje. Het begint al bij het woord zelf. Een mix van Latijn en Nederlands, zoiets als Kwalitaria of Doehetzelvia. Het staat niet in Van Dale of Groene Boekje. Zelfs in het Engels is outtro niet officieel erkend. En dan hebben we het nog niet over de spelling waarover we geen keuze willen maken, met één of twee t’s.

Belangrijker: luisterend naar popliedjes dringt zich de gedachte op dat met name het ding zelf niet al te veel aandacht krijgt. Alsof intro en middenstuk zo’n beetje alle creativiteit hebben opgesoupeerd. Globaal zie je slechts vier soorten eindes:

Dat is het zo’n beetje. Veel variatie is er niet in te bekennen. Terwijl de luisteraar wel met dat slotakkoord achterblijft nadat de laatste klanken zijn weggestorven…

the-buoys-give-up-your-guns-roodSoms vormt het uitro echter een belangrijk – zo niet het belangrijkste – deel van een lied. Give Up Your Guns van The Buoys is daar een mooi voorbeeld van. De romantische outlaw-song met zijn rijke strijkerspartijen, in 1972 een behoorlijke hit in ons land, lijkt gemaakt te zijn voor het uitgesponnen uitro met door elkaar heen dwarrelende fluit-, viool- en gitaarpartijen.

hoes-layla-and-other-assorted-love-songsEen ander bijzonder voorbeeld is Layla van Eric Clapton/Derek and The Dominoes uit 1970. Na het intro met de beroemde gitaarriff krijg je eerst een uptempo beginstuk met twee getourmenteerde coupletten en refreinen. Dan, na ongeveer drie minuten, vertraagt de muziek om over te gaan in iets heel anders dat er toch helemaal bij hoort. De piano begint een nieuw akkoordenschema, de jankende slide van Duane Allman valt in en vier minuten lang maakt heftige liefdespijn plaats voor puur instrumentale melancholie. Wow.

Ken je nog meer nummers met bijzondere uitro’s? Deel ze hier op Goeie Nummers.

 

 

Leven in het nu

winnie-de-pooh-todayOnlangs sprak ik iemand die ‘helemaal in het nu’ wilde leven. Wie bezig was met terugkijken of plannen, zei ze, leefde niet in het nu – en dat was niet goed. Ze keek erbij of ze een alom geaccepteerde waarheid verkondigde – en helemaal vreemd klonk het me ook niet in de oren. Ik was het er alleen totaal niet mee eens.

futureWaar ik me wel in herkende: de verwondering over mensen die voortdurend bezig zijn met toekomstplannen. Ik vind dat heel bewonderenswaardig, vooral als iemand die plannen ook nog in werkelijkheid weet om te zetten, maar mijn gestel lijkt van nature vooral in de ontvankelijke stand te staan. De werkelijkheid laat daarop zijn indrukken achter, meer dan andersom.

h-g-wells-the-time-machine-posterIk vroeg me ook af of mijn weerzin niet wat ongerijmd is voor een popmuziekliefhebber. Want als er iets is dat alleen in het nu bestaat, dan is het wel muziek. Zodra het stopt, is het weg. Maar inmiddels denk ik er wat van te begrijpen. De weemoed en nostalgie waarmee het reizen door de popgeschiedenis gepaard gaat, leveren mij altijd veel meer genot dan pijn op. Waarom zou ik daar vrijwillig afstand van doen?

hier-en-nu-loesjeNog belangrijker is waarschijnlijk dat ik bijna wekelijks van nabij zie wat het betekent als iemand letterlijk in het nu leeft, als vrijwel uitsluitend gebeurtenissen uit de laatste halve minuut in het bewustzijn blijven. Ik zie dan vooral desoriëntatie, onrust en onzekerheid. Je vraagt je af wat er van het nu overblijft als het verleden zo diffuus en ongrijpbaar is.

iedereen-hetzelfdeMaar de belangrijkste reden voor mijn afkeer van het onversneden heden is toch het idee dat we in dat nu zouden moeten leven. Waarom zouden we in hemelsnaam allemaal hetzelfde moeten zijn? Ik zie het gewoon niet. Laat iedereen toch zichzelf kunnen zijn. Hoe ouderwets. Hoe mooi.

sandy-dennyGenoeg gedacht en gepraat. Tijd voor muziek: Who knows where the time goes? van Fairport Convention uit 1969, met de nog immer betreurde Sandy Denny. Laat haar nog eens zingen hoe afschuwelijk en raadselachtig en prachtig het is dat de tijd verstrijkt en dat alles vergaat en verglijdt.

Erfelijk belast

Jakob Dylan andere hoesJe zal maar Jakob Dylan zijn, of A.J. Croce, Layla Hathaway, Sean of Julian Lennon. Als een donkere wolk hangt de reputatie van je beroemde vader boven je eigen muziekcarrière. En ja, het was natuurlijk slimmer geweest als je een ander vak had gekozen, zoals modeontwerpster Stella McCartney en actrice Liv Tyler deden, maar dat genenpakketje is er niet voor niets.

Justin Townes EarleDaarbij helpt het ook niet dat er vaak opvallende gelijkenissen zichtbaar en hoorbaar zijn. Vergelijk de stemmen van Justin Townes Earle, Jeff Buckley of Julian Lennon maar eens met die van vaders Steve, Tim en John. Op die manier worden popsterkinderen steeds onvermijdelijk met hun beroemde voorzaat vergeleken – en vaak te licht bevonden.

Sean LennonHet kan een oplossing lijken om dan maar onder een pseudoniem te gaan opereren, zoals sommige popsterkinderen hebben geprobeerd. Maar ook in dat geval blijft het verleden je achtervolgen, zoals Sean Lennon merkte. Bovendien lijkt het dan net alsof je je verstopt, alsof je je voor je afkomst schaamt, en dat helpt dan weer niet om lekker op een podium te staan.

Andre Agassi en Steffi GrafSommige kinderen van popiconen hebben het nog een graadje zwaarder. Bij hen is niet alleen vader, maar ook moeder een rockster. Net als de kinderen van André Agassi en Steffi Graf – die in onze voorstelling al aces slaan voor ze kunnen lopen – worden deze rockwonderkinderen geconfronteerd met torenhoge verwachtingen die geen mens kan waarmaken.

familie ThompsonIn deze categorie heb je bijvoorbeeld Ben Taylor (vader James en moeder Carly Simon), Teddy Thompson (Richard & Linda) en Rufus & Martha Wainwright (Loudon Wainwright III en Kate McCarrigle). Dat deze jonge artiesten ondanks hun erfelijke belasting een naam voor zichzelf hebben weten op te bouwen, zegt waarschijnlijk veel over hun talent.

ZwijgenDe vraag dringt zich op aan wie deze ‘kinderen van’ hun weinig benijdenswaardige lot te danken hebben – afgezien van hun verwekkers. En dan moet je toegeven dat de blaam het publiek en de media treft. Door ons dus. Omdat we er niet vanaf kunnen blijven. En daarom is het ook aan ons om de popsterkinderen uit die slagschaduw bevrijden. Door die ouders gewoon nooit meer met hen in een adem te noemen.

loudon wainwright met een gitaarOm de daad maar meteen bij het woord te voegen sluit ik  af met een lied dat niet over de buitenkant maar over de binnenkant van de vader-zoonrelatie gaat. Veel interessanter ook eigenlijk. Eerdergenoemde Loudon Wainwright III zingt in Father and a Son zowel over zijn voor- als over zijn nazaat. Meer waarheid over vaders en zonen zul je niet gauw in één lied aantreffen.

 

De Basvrouw

BeyoncéOp de poppodia zijn vrouwen behoorlijk in de minderheid. Het klassieke bandje bestaat nog steeds uit een kluwen opgeschoten jongens die geleidelijk veranderen in min of meer volwassen mannen, enzovoort. De vrouwen die je wel ziet, zijn bijna allemaal zangeressen – overigens vaak buitengewoon succesvol, zie Adele, Beyoncé, Rihanna, Taylor Swift en Meghan Trainor. Maar pure instrumentalistes zijn schaars.

sterke vrouwWant hoeveel vrouwelijke drummers kun jij uit je hoofd opnoemen? Hoeveel vrouwen op sologitaar? Op toetsen? Precies. En dat is best vreemd. Maar Goeie Nummers gaat niet op zoek naar verklaringen, en ook gaan we hier geen lans breken voor meer ‘sterke vrouwen’ in de popmuziek – dat laat ik allemaal graag aan anderen. Wel vandaag aandacht voor een fenomeen dat zeer tot mijn verbeelding spreekt: de vrouw op de bas.

Dan heb ik het dus niet over zingende bass babes als Meshell Ndegeocello of Esperanza Spalding, hoe virtuoos ze ook zijn. En ook niet over Suzi Quatro, Kim Gordon (Sonic Youth) of Kim Deal (Pixies, Breeders). Nee, het gaat nu even om de vrouwen wier aandacht geheel aan dit onhandige en miskende instrument gewijd is.

Tina_Weymouth_of_Talking_HeadsDeze basvrouw verscheen in de punktijd voor het eerst op het toneel, meeliftend op de bijbehorende geest van verzet en omkering. Bij de Gang of Four had je Sara Lee en er waren er nog veel meer, zo herinner ik me, maar ze zijn om de een of andere reden niet zo gemakkelijk terug te vinden. De bekendste is ongetwijfeld Tina Weymouth, die in Talking Heads een lekker hoekig en funky ritmetandem vormde met haar man, drummer Chris Frantz op drums (dat laatste bedierf de pret maar zeer gedeeltelijk).

The SceneVanaf die tijd kom je op de podia vaker basmeesteressen tegen: stoere godinnen, die bijna onbeweeglijk een hele band staan op te pompen met lage dreunen die je middenrif laten klotsen. Zo pronkte in ons eigen land The Scene met bassbeest Emilie Blom van Assendelft, die betonvloeren stortte waarop van de jongens van de band zich naar hartenlust konden uitleven met hun repeterende gitaartjes.

Op de grote podia heb je sindsdien ook virtuosi als Gail Ann Dorsey, die jarenlang bij David Bowie speelde, en slap-koningin Kim Clarke van jazzfunkformatie Defunkt. En natuurlijk het talent Tal Wilkenfeld, die grootheden als Herbie Hancock en Jeff Beck begeleidde en ook haar eigen band heeft.

Yolanda Charles2.pngDe topper onder al deze sexy baspriesteressen is voor mij de Britse Yolanda Charles, die ik voor het eerst zag bij Paul Weller ten tijde van zijn album Wild Wood. Zoals ze daar stond, in Paradiso: de linkerarm half verborgen achter de lange hals van de basgitaar, de rechter nonchalant geknikt in de elleboog, de vingers soepel rustend op de dikke snaren. Relaxed, geconcentreerd, soeverein. Luister, kijk en huiver. En wil je meer? Klik dan hier.

Het geheim van Dylan

Bob Dylan met hoedPopjournalist Nick Cohn noemde hem in 1969 ‘a minor talent with a major gift for self-hype,’ en collega-muzikant Joni Mitchell bekritiseerde hem twee jaar geleden onder andere om zijn gebrek aan originaliteit. Vraag echter aan popliefhebbers wie volgens hen de grootste der artiesten is, en de naam van Bob Dylan zal vaak vallen. Maar waar zit die grootsheid van Dylan dan precies in? Dat is niet zo gemakkelijk te beantwoorden.

Martin BrilPuur muzikaal is het werk van Robert Zimmerman (Minnesota, 1941), zoals Dylan officieel heet, immers niet hemelbestormend. Hij zet in feite alleen de rijke folk- en bluestraditie van zijn land voort, aangevuld met wat rock, jazz, gospel en country – en zijn melodieën beklijven doorgaans nauwelijks. Sommige mensen, zoals wijlen Martin Bril, rekenen Dylans stem en zijn kenmerkende frasering tot diens ultieme wapen, maar hele volksstammen moet juist niets hebben van zijn nasale, schurende stemgeluid.

Bob Dylan eind of midden jaren 60Tekstueel is His Bobness natuurlijk wél groots: persoonlijk, fel, poëtisch en rauw tegelijk, zoals niemand vóór hem dat deed. Iemand met de allure ook van een ziener, wiens liedjes uit een oerbron of uit een ver verleden lijken te komen. Toch zijn er gemakkelijk tekstdichters te vinden die zich preciezer, pregnanter of inventiever uitdrukken, zoals Randy Newman of Paul Simon. En soms is Dylan, met zijn grote woorden, gewoon larmoyant.

jimi hendrix 3Schuilt het geheim er misschien simpelweg in dat Dylan glorieerde in de jaren dat popmuziek nog een maatschappelijke kracht was om rekening mee te houden, toen een muziekvoorkeur meteen ook een ideologisch standpunt inhield? En dat hij, in tegenstelling tot Elvis, Hendrix en Beatles, door zijn lange carrière als enige legende is overgebleven?

hoes Time Out Of Mind van Bob DylanHet zou kunnen, maar dan zien we toch iets over het hoofd: Dylans wederopstanding. Waar artiesten als de Stones, Stevie Wonder of Prince hun artistieke hoogtijdagen nooit meer konden doen herleven, herrees de oude meester vanaf de eeuwwisseling uit zijn as. Albums als Time Out Of Mind (met onder meer Love Sick en Make You Feel My Love) en Modern Times kunnen zich meten met zijn werk uit de jaren 60.

koning op troonVorige week donderdag zag ik de oude bard in levenden lijve in het Amsterdamse Carré, als onderdeel van zijn Neverending Tour. En toen ik hem daar in die theatrale ambiance zag optreden, dacht ik opeens iets van Dylans raadsel te doorgronden: het is niet zijn muziek, teksten of stem, noch zijn vernieuwingsdrang of lange staat van dienst – het is zijn persoonlijkheid. Op dat podium stond iemand die wel een buiging maakt naar zijn helden Woody Guthrie, Hank Williams en Robert Johnson, maar die verder alleen verantwoording aflegt aan zichzelf. Dat voel je, en dat wekt het ontzag dat alleen de grootsten deel valt.

Als je held je op de proef stelt

Erik van BruggenElke fan is een beetje tragisch. De liefde is nooit gelijkwaardig. Een fan wil zijn artiest delen en tegelijk voor zichzelf houden. En soms heeft hij ook nog eens te maken met helden die zich niet erg heldachtig gedragen. Daarover schrijft Erik van Bruggen in een mooi persoonlijk artikel in de Volkskrant.

U2 in vier portrettenVan Bruggen (1968-2020) mede-oprichter van de politieke vernieuwingsbeweging Niet Nix, is U2-fan van het eerste uur, schrijft hij. Het was liefde op het eerste gezicht. En het mooie was: de Ierse band, die deze week vier keer in een uitverkochte Ziggo Dome staat, ontwikkelde zich tegelijk met hemzelf van radicaal tot gematigd idealistisch.

hoes All you can't leave behind van U2En zo ging het lang goed tussen Van Bruggen en U2. Maar na de eeuwwisseling werden de albums minder avontuurlijk en de shows juist megalomaner, met ruimteschepen en al. Bovendien merkte Van Bruggen dat de jongere generatie U2 alleen nog maar zag als ‘schijnheilige wereldverbeteraars’, die preekten over een betere wereld maar ondertussen in Nederland de belastingen ontdoken. En toen sloot de band onlangs ook nog eens een bedenkelijke monsterdeal met multinational Apple.

imagesafbeelding Petrus verloochent JezusTja, daar sta je dan, als echte fan, met helden die jou door hun gedrag danig op de proef stellen. Hoeveel loyaliteit mag er van jou gevraagd worden als je omgeving steeds minder begrijpt waarom jij nog fan bent? Hoe lang kan het duren voordat je je idolen verloochent? Petrus had het na Jezus’ kruisiging waarschijnlijk niet veel moeilijker dan jij.

trouwe hondVan Bruggen gaat ver in zijn trouw. Hij twijfelt, maar neemt het toch voor U2 op. Niemand is immers brandschoon. We sluiten allemaal compromissen. Bono c.s. zijn ook maar mensen. En bovenal heeft de band hem en vele anderen in al die jaren zo veel moois gegeven dat hij het uiteindelijk weer zeker weet: U2 is en blijft zijn band. En ik weet dan: Erik van Bruggen is een echte fan. Zo iemand die trouw blijft in voor- en tegenspoed, in ziekte en gezondheid enzovoorts.

plaquette Trou moet BlyckenNa lezing van het artikel vroeg ik me af: voor welke popartiesten zou ik zo veel loyaliteit kunnen opbrengen? En het antwoord is: ik weet het niet. Ik houd mijn oor en oog vooral gericht op hun muziek, verder wil ik liever niet te veel weten. Mijn helden zouden zomaar mensen kunnen blijken te zijn.

Haalt kennis de magie uit de muziek? (Part 2)

chill outHet blogbericht op Goeie Nummers van vorige week ging over de vraag of we minder van muziek kunnen genieten als we er veel vanaf weten. En over wat die terugkerende, o zo gewoon lijkende vraag zegt over de plaats die muziek in ons leven inneemt.

Laat je niet bang maken door angstOp de een of andere manier heb ik het gevoel dat die vraag wordt gesteld omdat we bang zijn voor (te veel) kennis over muziek. Bang, ja. Het terugkerende karakter doet immers sterk denken aan een bezwering. Elke interviewer herhaalt de vraag, als een ritueel, de geïnterviewde geeft hetzelfde voorspelbare antwoord, dat uiteindelijk toch niet helemaal overtuigt. Waarna het spel opnieuw moet worden opgevoerd.

boom kennis goed en kwaadAls dat waar is, waar zijn we dan precies bang voor? Zien we het opdoen van muziekkennis misschien als het eten van een verboden vrucht, waardoor de muzikale genade voorgoed buiten ons bereik komt? Klinkt op het eerste gezicht misschien wat vergezocht, maar toch niet ongeloofwaardig. Want het begrijpen (ratio) kan vervoering en ontroering (emotie) gemakkelijk in de weg zitten. Terwijl dat is juist wat we zoeken in muziek: emoties. Emoties die ons wegvoeren van de vergankelijke plek waar we zijn, weg van zorgen of moeilijke gedachten. Emoties ook die maken dat de wereld nooit meer hetzelfde is als daarvoor.

hoes Let's Change The World With MusicOf dit de definitieve verklaring is voor de terugkerende vraag naar de schadelijke invloed van muziekkennis, weet ik niet. Maar een aanwijzing daarvoor kunnen we wel vinden in de popmuziek zelf. Bijvoorbeeld bij de Britse band Prefab Sprout en hun bijzondere album ‘Let’s Change The World With Music’ (2009). Singer-songwriter Paddy McAloon wijdt deze plaat geheel aan de ‘transformerende’ kracht van muziek, met als mooiste voorbeeld I Love Music. Laat je bezweren, zou ik zeggen.

Iets meer huwelijk graag

stream I Love You HoneybearDe popmuziek kent heel veel liedjes – zelfs hele albums – over het einde van relaties. Daar schreef ik al eens over. Ook het hartstochtelijke prille begin komt geregeld uitgebreid aan bod, zoals op I Love You Honeybear van Father John Misty, een bijzonder groeibriljantje. Maar waarom zijn er eigenlijk zo weinig liedjes die gaan over de situatie waar zo veel mensen zich een groot deel van hun volwassen leven in bevinden: de min of meer stabiele relatie – al of niet met dezelfde partner?

huwelijk 2Aan de andere kant, misschien is dat wel logisch. Rock-‘n-roll richt zich natuurlijk van oudsher op het uitzonderlijke. En als er weinig schokkends gebeurt, is er minder te melden. Een goede langdurige relatie is met andere woorden leuker om te hebben dan om over te zingen en naar te luisteren.

oud gelukkig stelToch vraag ik me af of het niet eens tijd wordt om dit taboe te doorbreken. Het is vreemd dat een laagdrempelige kunstvorm als de popmuziek zo’n groot deel van de menselijke ervaring links laat liggen. In een bestendige liefdesrelatie komen toch ook volop momenten van hoop, twijfel, verrukking en inzicht voor? Om nog maar niet te spreken van herkenbare conflicten en mooie oplossingen. Die passen echt wel in een mooi liedje. Nu de popmuziek inmiddels zelf de leeftijd des onderscheids heeft bereikt, is het hoog tijd om wat meer huwelijk toe te laten.

Paul & Linda McCartneyEr zijn artiesten die laten zien dat het wel degelijk kan. Paul McCartney bijvoorbeeld – die is er zelfs zo’n beetje specialist in. Als Beatle bedreef hij al opgewekt huwelijkstherapie met het nog immer fris klinkende We Can Work It Out. Later vierde hij het gezinsleven in nummers als Put It There, This One en We Got Married (alle drie op Flowers In The Dirt, 1989).

Eric_Clapton_Wonderful_tonightEric Clapton kan het ook. Hij schreef een nummer dat ik lang heb verafschuwd: Wonderful Tonight. Een eenvoudig en herkenbaar verhaaltje over een stel dat samen naar een feestje gaat en weer thuiskomt. Veel bijzonders gebeurt er niet. Behalve dat de ik-figuur, de man, beseft hoezeer hij zijn geliefde waardeert – en dat ook tegen haar zegt. Wonderful Tonight is misschien wat zoet, maar het werkt ontegenzeggelijk.

Er zijn vast meer van dit soort goeie nummers – of zelfs hele albums – die de waarde van de lange betekenisvolle relatie vertolken. Heb je een goeie tip, deel hem op dit blog!

Luister jij ook nooit naar teksten?

hoofd met elektrodes eropAls je mensen vraagt waar hun favoriete nummers over gaan, moeten ze vaak het exacte antwoord schuldig blijven. En opvallend vaak zeggen ze – ik hoor trouwens ook bij die groep – ‘eigenlijk nooit naar teksten te luisteren’. Maar wat blijkt? Recent hersenonderzoek toont aan dat dat onmogelijk is.

Procol Harum - A Whiter Shade of PaleDat zit zo. Ons brein is zo geconstrueerd dat we automatisch proberen te begrijpen wat er aan taaluitingen bij ons binnenkomt. Of we willen of niet. Alleen wanneer de gebruikte taal ons volkomen vreemd is, gaat de tekst langs ons heen. Maar aangezien de meeste popmuziek Engels is, en wij Nederlanders die taal tot op zekere hoogte beheersen, kunnen we nooit helemaal aan de teksten van liedjes ontsnappen. Je begrijpt er dus altijd iets van, al is het maar een flintertje. Zelfs van A Whiter Shade of Pale – dat had je vast niet achter jezelf gezocht.

studerend meisje boven boekEen van de conclusies van dat onderzoek is dat het niet verstandig is om onder het studeren naar popmuziek te luisteren. Instrumentale muziek kan de concentratie soms nog wel vergroten, maar muziek met teksten is funest. Onze hersenen kunnen immers maar weinig dingen tegelijk en het onbewuste luisteren naar woorden en zinnen leidt af van de studie.

dansende mensen rock and rollEn dat is ook heel logisch. Popmuziek is van oudsher helemaal niet bedoeld om bij te studeren. Integendeel, het is juist bedoeld om je van je huiswerk af te houden. Rock & roll is een regelrechte oproep om je boeken opzij te gooien, jezelf mooi te maken en uit te gaan. Om je uit te leven op de dansvloer, interessante mensen te ontmoeten en te doen wat daar verder allemaal bij hoort.

Bill_Haley_(1974)De vroegste hits uit de rock & roll, zoals Rock Around The Clock (Bill Haley, 1954), Whole Lotta Shakin’ Goin’ On (Jerry Lee Lewis, 1957) en Sweet Little Sixteen (Chuck Berry, 1958) zijn daar het levende bewijs van. Want als je die hoort, sta je binnen een paar seconden als een aap mee te zingen of brullen met dit soort goeie nummers. Of je bent als een wilde aan het shaken, rocken en rollen. Zo veel impact hebben de teksten waar we nooit naar luisteren.

De lokroep van de trein

albumhoes Midnight Train to GeorgiaPopsongs houden van treinen. Rock&Roll-teksten zijn vergeven van de ‘trains’, ‘stations’ en ‘railroads’ en alles wat daarbij hoort. Mijn muziekverzameling kent alleen al meer dan vijftig nummers met een trein in de titel: Midnight Train to Georgia (Gladys Knight & The Pips), ‘Mystery Train’ (Elvis Presley), ‘Stop This Train’ (John Mayer) en Desperado’s Waiting For A Train (Guy Clark) – om er een paar te noemen.

oude treinDie treinen in liedjes doen van alles. De ene keer brengen ze je dichter bij je geliefde, de andere keer pakken ze haar/hem juist van je af. ‘Freight trains’ zijn je tijdelijke thuis tijdens omzwervingen door land en leven. En dan is er nog de trein als metafoor voor een onbestemd verlangen, naar elders, naar beter, groter, echter. Zoals in de onvergetelijke regels van Paul Simon: ‘Everybody loves the sound of a train in the distance / Everybody thinks it’s true’ (‘Train In The Distance’).

trein interieur2Andersom houdt de trein ook heel veel van popsongs. Het is de perfecte plek om naar goeie nummers te luisteren. Het zachte suizen van de intercity. De onhoorbare geluiden buiten, achter de getinte ramen. Het landschap dat voorbij flitst terwijl jij zelf rustig in je wagon zit met je mp3 op je hoofd. Bovendien, de reis zelf is een tussentijd. Straks als je aankomt moet je weer van alles, maar nu kun je niet zoveel. Je hoeft ook niet zoveel. Medereizigers roepen alleen een vage, vrijblijvende interesse op. Een ideale cocon om je door de muziek te laten meevoeren naar verre streken. Zo reis je dubbel.

little feat - dixie chickenEn dan de laatste stap. Je zet ‘Riding Home’ van J.J. Cale op, met dat super-relaxte boemelritme. Of het hilarisch jagende ‘Freight Train’ van Fred Eaglesmith. Of gewoon Two Trains van Little Feat. Je reist nu driedubbel. De dag kan niet meer stuk. Heb jij ook een TopTreinNummer, of zelfs een TopTreinLijstje? Deel het op Goeie Nummers!

De vloek van een droomdebuut

molensteen 3Sommige artiesten debuteren met een album dat inslaat als een bom. Ze vestigen meteen hun naam, verwerven instant-roem, soms wordt hun plaat zelfs een mijlpaal in de popgeschiedenis. Maar zo’n droomdebuut kan een keerzijde hebben. Bij sommige artiesten hangt het als een molensteen om hun nek. Hun volgende platen worden altijd met die eerste vergeleken – en te licht bevonden. Aan hun carrière kleeft iets van niet ingeloste beloftes.

hoes Rickie Lee JonesWe kennen allemaal wel van die voorbeelden: de titelloze debuutalbums van Roxy Music (1972), The Modern Lovers (1976), Rickie Lee Jones (1979) en The La’s (1990). Of denk aan #1 (Big Star, 1972), Never Mind the Bollocks, Here’s the Sex Pistols (1977), Marquee Moon (Television, 1977) en Definitely Maybe (Oasis, 1994). Vaak maakten de artiesten daarna nog wel degelijk goede platen, maar in de ogen van de wereld staken die toch steeds bleek af tegen hun eersteling.

hoes Roxy MusicKomt dit, zoals wel wordt gesuggereerd, doordat artiesten op hun eerste album vaak hun beste nummers van de voorgaande tien jaar zetten en dat ze daarna niet elk jaar net zo veel goeie nieuwe nummers kunnen schrijven? Of doordat het snelle grote succes ten koste gaat van de urgentie en de bezieling?

his master's voiceHet zou kunnen, maar ik geloof dat een deel van de verklaring ook bij de luisteraar ligt. Gewoonweg omdat oordelen relatief zijn. Net als bij onze zintuigen: wanneer we uit de winterkou thuiskomen vinden we het binnen lekker warm, als we uit bed moeten stappen ervaren we dezelfde temperatuur als schrikwekkend koud.

hoes Definitely MaybeBij muziek is het misschien nog iets ingewikkelder. Ons oordeel hangt bijvoorbeeld af van wat we kort daarvoor hebben beluisterd. Van onze oudere muzikale herinneringen. Van de mening van anderen. Van iets ongrijpbaars dat we ‘de tijdgeest’ noemen. Van onze toevallige stemming van het moment. Enzovoort. Twee dingen zijn zeker: (1) objectiviteit is ver weg en (2) we zijn ons van dit alles maar deels bewust.

hoes Never Mind The Bollocks, Here's The Sex PistolsIk vermoed dat we ons van die meesterlijke debuutalbums niet zozeer de kwaliteit van de muziek herinneren, maar vooral de sterke schok die die plaat bij ons teweegbracht. En dat we bij elk volgend werkstuk van de artiest onbewust wachten op datzelfde heftige gevoel van ontdekking en verwondering. Teleurstelling kan op die manier bijna niet uitblijven.

hoes Look Sharp!Zo bezien is het bijna een wonder dat er artiesten zijn die aan de vloek van hun droomdebuut weten te ontsnappen. Bijvoorbeeld The Beatles (Please Please Me), The Who (My Generation), Kate Bush (The Kick Inside) en Joe Jackson (Look Sharp!) – om er een paar te noemen en een groot aantal te vergeten. Ze wisten hun publiek blijkbaar ook na hun eerstelingen nog vaak een schok te bezorgen. Respect!

Wat je muziekverzameling over jou zegt

DSC_0717‘Toon mij uw boekenkast en ik vertel u wie u bent’, zo luidt een bekend gezegde. Voor mij geldt dat evenzeer voor het platen- of cd-rek. Bij nieuwe kennissen snuffel ik graag zogenaamd achteloos in hun muziekcollectie, onder meer om daaruit iets over karakter van de eigenaren te kunnen afleiden.

DSC_0720Maar de link tussen platenkast en karakter wordt onduidelijker nu Spotify, mp3’tjes of andere digitale muziekformaten de tastbare producten steeds meer gaan vervangen. Cd’s, net als boeken, verdwijnen in rap tempo uit onze huiskamers. En iemand tussen neus en lippen door vragen om zijn playlists van de afgelopen weken even aan je te tonen, dat zie ik mezelf niet zo gauw doen.

gruppo sportive back to 78De nieuwe website Muziekklik.nl koppelt persoonlijkheid en muzieksmaak op een heel hedendaagse manier aan elkaar. Op deze (dating)site kunnen mensen elkaar vinden op basis van gedeelde muzikale voorkeuren. Voor die aanpak lijkt me veel te zeggen. Op z’n minst vermijd je zo het soort ontgoocheling waarmee de hoofdpersoon in I Said No van Gruppo Sportivo te maken krijgt: zijn nieuwe verkering ziet de copycats Jack Jersey en Long Tall Ernie aan voor de originelen Elvis Presley en Jerry Lee Lewis. Wat een afknapper!

moeder en kind1Het verband tussen karakter en muzieksmaak heeft overigens ook de belangstelling van wetenschappers. Je popsmaak zou vooral bepaald worden door die van je moeder, de belangrijkste opvoeder in de eerste levensjaren. Ik vind die theorie allesbehalve overtuigend en vooral ook buitengewoon onhandig. Want als dat waar is, zou je op muziekklik.nl de platenbak van je (aanstaande schoon)moeder dus vooraf al in de relatie moeten betrekken! Dat gaat hem niet worden.

stem op de zwarte lijstKarakter en muziek zijn ook op een meer overtuigende manier te matchen. Op de site van NPO Radio 6 kun je tot 19 maart stemmen  op je favoriete soul-, funk-,  blues- en jazznummers van de Zwarte Lijst, de ‘zwarte’ variant op de Top 2000 van Radio 3. Maar je vindt er ook een bijzondere Stemwijzer. Een beetje zoals we die al kennen uit de politiek, maar dan anders. Na het maken van een paar confronterende keuzes (Ben jij Vinyl of Mp3, Herfst of Lente, Hond of Kat, Koffie of Thee, enzovoort), kom je niet uit bij een politieke partij maar bij de Zwarte-Lijstartiest die schuilgaat in het Diepst van Jouw Eigen Ziel.

Welke zwarte lijst artiest ben jijHet mooie van deze Stemwijzer is dat hij door louter deskundigen in de muziek en de psychologie moet zijn gemaakt, want na het invullen bleek ik Marvin Gaye te zijn!!! Dan laat je dus zien dat je het begrepen hebt. Ik zou zeggen: check out die Zwarte Lijst Stemwijzer – tenminste als je ook wilt weten wie je bent.

De Funky Drummer – over loon en werken

soulfeest jaren zeventigBegin dit jaar ontdekten muziekwetenschappers het geheim van de ‘groove’: dat ongrijpbare kenmerk van bepaalde nummers waardoor je gewoon niet stil kunt blijven zitten en wel móet gaan dansen. Die groove, vooral waargenomen in de soul en funk uit de jaren ’70 en ’80, blijkt het gevolg van de optimale combinatie van voorspelbaarheid en onvoorspelbaarheid. Een regelmatige beat met precies voldoende onregelmatige noten, net vóór of net na de tel. Dat vindt ons brein fijn, vanaf onze geboorte al.

single Funky DrummerEn de ultieme groove, daar zijn geleerden en ervaringsdeskundigen het wel zo’n beetje over eens, is te vinden in het nummer ‘Funky Drummer’ van James Brown uit 1970. Het drumpatroon is niet voor niets honderden keren met veel succes hergebruikt in pop- en rapnummers. Van Public Enemy en Run DMC tot Madonna en Prince. Maar het nummer met de onverslijtbare groove heeft ook een keerzijde, leerde ik onlangs.

affiche Mr DynamiteIn de nieuwe muziekdocumentaire Mr. Dynamite. The Rise of James Brown, komt ook de Funky Drummer zélf in beeld. Eerst als jongeman van begin twintig, strak in het pak, fenomenaal drummend op het podium achter showman James Brown (1933-2006). Daarna als trotse man van een jaar of 70, op rustige toon verhalend over lang vervlogen tijden op tournee met ‘the hardest working man in showbusiness’. Zijn naam: Clyde Stubblefield.

Clyde Stubblefield met stokkenAls hem wordt gevraagd naar ‘Funky Drummer’, betrekt Stubblefields gezicht even. ‘How I hate that song’, ontsnapt hem voordat hij kleurrijk uit de doeken doet hoe het befaamde nummer tot stand kwam. Hoe slavendrijver Brown zijn backingband midden in de nacht – iedereen was bekaf na het zoveelste optreden – meesleepte naar de studio om een nieuwe track op te nemen. De rudimentaire tekst werd ter plekke verzonnen, een titel ontbrak nog. Maar James Brown was kennelijk tevreden met het slagwerk. En schreef het nummer als ‘Funky Drummer’ op zijn naam.

James Brown 3

Het misnoegen van Stubblefield is niet moeilijk te begrijpen: zoals alle sessiemuzikanten in die tijd ontving hij geen royalties over de nummers waarop hij meespeelde. Ook van de honderden keren dat zijn drumpartij werd hergebruikt door andere artiesten zag hij geen cent terug. Er is in de muziekbusiness inmiddels wel wat veranderd. Hoewel sampling nog steeds een juridisch grijs gebied is, krijgen meespelende muzikanten sinds een jaar of twintig ook een vergoeding – net als liedjesschrijvers – wanneer hun nummers op de radio worden gedraaid.

Voor Clyde Stubblefield kwam die regeling in elk geval te laat. In de documentaire maakt hij er verder geen woorden aan vuil. Er is blijkbaar eerder al genoeg over gezegd. Maar of hij er nu vrede mee heeft? Het feit dat hij een soloplaat maakte onder de titel The Revenge of the Funky Drummer zegt waarschijnlijk genoeg.

Een literaire rockster?

Bruce 1Onlangs las ik op internet over de literaire inspiratiebronnen van Bruce Springsteen. De VPRO-gids van diezelfde week meldde dat de nieuwe plaat van Johnny Marr (ex-The Smiths) vernoemd was naar Homo ludens van historicus Johan Huizinga. En als je zo even verder zoekt, kom je op talloze plekken de leesvoorkeuren van popsterren tegen.

J Kessels The NovelMaar andersom? Kun jij één auteur noemen die de wereld graag laat weten welke popmuziek hij of zij op de iPod heeft staan? Ik niet. Klassieke muziek speelt soms nog wel een rol, zoals bij Maarten ’t Hart en Anna Enquist, maar popmuziek? Er zijn een paar uitzonderingen, zoals countryfan P.F. Thomèse (J. Kessels: The Novel) en (post)punker Jonathan Franzen (Vrijheid). Maar verder schittert de popmuziek in de literaire wereld vooral door afwezigheid.

Ik vraag me af hoe dat komt. Leven schrijvers in een stiltegebied? Luisteren ze alleen naar klassiek of jazz? Nauwelijks voorstelbaar, zeker niet bij de huidige generatie. Biedt popmuziek dan een te beperkte inspiratiebron voor een hele roman? Misschien. Een gemiddeld liedje duurt maar een paar minuten en telt hoogstens twintig regels tekst. Toch is dat ook geen logische verklaring: goeie nummers wekken in dat korte bestek een complete wereld of een diep-tragische geschiedenis tot leven. Genoeg basisstof voor een vuistdikke roman.

Nick CaveIk vrees dat het uiteindelijk toch om maatschappelijke status gaat. Ja, status. Zelfs anno 2014. Want ook na al die eeuwen vooruitgang geldt literatuur nog steeds als hoge kunst, en popmuziek als lage. Schrijvers halen zichzelf omlaag als ze laten zien popmuziek serieus te nemen. Het aanzien van ‘oppervlakkige’ popmuzikanten stijgt juist als ze af en toe een (goed) boek blijken te lezen. Sommige popartiesten zetten dan ook nog een stapje omhoog: ze gaan zelf schrijven. Denk aan Huub van der Lubbe (De Dijk) en Thé Lau (The Scene) en in het buitenland aan muzikale wildeman Nick Cave.

Karl Ove KnausgardMaar ho – de schone letteren reiken ook naar de rock & roll. Jawel. Want schrijvers snakken diep in hun hart naar de populariteit en de coole uitstraling van popartiesten. Dat blijkt vooral bij de man die op jaloersmakende wijze het beste van twee werelden heeft: Karl Ove Knausgård, de schrijver van de zesdelige autobiografie Mijn strijd.

Vader van Karl Ove KnausgardKnausgård krijgt niet alleen uitstekende recensies. De Noor verkoopt ook miljoenen boeken en heeft met zijn onaangepaste karakter en ruige looks de bohemien-uitstraling waar de meeste van zijn collega’s alleen maar van dromen. De media geven hem al het vaste voorvoegsel ‘literaire rockster’ – de mooiste titel die een kunstenaar tegenwoordig lijkt te kunnen krijgen. Maar wat mij betreft is dat toch net iets te veel eer. Hoe meeslepend en verslavend Mijn strijd ook mag zijn, Knausgård is geen popster. Mocht-ie willen. Hij is gewoon een vet rockende schrijver.

Waarom lijstjes belangrijk zijn

loesje - to do lijstjeLijstjes. We kunnen er geen genoeg van krijgen. Ik tenminste niet. To-do-lijstjes, bucket lists, de Top 2000, lijstjes met persoonlijke muziekfavorieten, gelezen boeken, top-concerten. Herkenbaar?

Nick Hornby High FidelityLijstjes maken kan zelfs een vorm van kunst zijn. Dat zie je bijvoorbeeld in het boek High Fidelity van Nick Hornby uit 1994. Deze hilarische en herkenbare Britse roman  – in 2000 verfilmd door Stephen Frears, met John Cusack in de hoofdrol – gaat over platenhandelaar Rob Fleming, een dertiger die zojuist door zijn vriendin Laura is verlaten.

high fidelity film posterRob besteedt een groot deel van zijn tijd aan lijstjes, meestal in de vorm van een Top 5: van favoriete boeken, meisjes die hem gedumpt hebben, waanzinnigste gitaarsolo’s, beste Motown-duetten – en ga zo nog maar even door. Hij en zijn vrienden, allemaal oudere jongeren die nooit helemaal volwassen zijn geworden, zijn nogal monomaan bezig met popmuziek. En met lijstjes dus.

Tijdens een chic etentje merkt Rob jaloers op dat de andere gasten, zoals de succesvolle vrienden van zijn mooie ex-vriendin Charlie, allemaal meningen hebben. Zelf heeft hij alleen maar lijstjes. En wat stellen die nou voor tegenover meningen? Zo zit hij zichzelf steeds maar omlaag te halen.

‘Rob, stop daarmee!’ zou je hem willen toeroepen. Want lijstjes hebben zo veel te bieden.

Uit persoonlijk archief

Lijstje uit persoonlijk archief

Een Top 5 is op zijn tijd zelfs onmisbaar. Want je laat ermee zien – aan jezelf en je omgeving – wie je bent. Niemand maakt immers dezelfde keuzes uit de onmetelijke hoeveelheid aan meer of minder belangwekkende dingen die er op de wereld bestaan. En als uiting van je identiteit is een lijstje onmiskenbaar eleganter dan een mening.

Bovendien: als je leven een chaos is – omdat je vriendin je in de steek heeft gelaten of omdat je überhaupt niet weet hoe je je leven richting moet geven -, dan vormt een lijstje een ideale vluchtheuvel. Een klein eiland om bij te komen voordat je je weer op het woelige water begeeft. Een veilige plek waarop je met je vrienden oeverloos en vrijblijvend kunt kissebissen over wat wel en niet een plek op het lijstje verdient. Dat is toch zeker verre te verkiezen boven in je eentje doelloos dobberen op een ruwe zee?

Nick Hornby 2

Nick Hornby

Nick Hornby zegt het in High Fidelity niet met zoveel woorden, hij laat het Rob ook niet zeggen, maar ik ben ervan overtuigd dat hij het met me eens is: lijstjes zijn beter dan meningen. Wat vind jij?

Hoe geuren en muziek instant herinneringen oproepen

hejira foto van coverRuik ik kaneel en koffie, dan hoor ik een fractie van een seconde later Joni Mitchell zingen over ‘dreams and false alarms’. Hoor ik ‘Amelia’ van Joni’s beroemde album Hejira (1976), dan denk ik meteen aan een vriendin die ik in de loop der jaren uit het oog verloor. Geregeld ervaar ik hoe krachtig muziek en geuren allebei in een flits hele werelden kunnen terugroepen in het bewustzijn. Maar er is vast ook een verschil tussen de werking van klanken en aroma’s. Hoe zit dat eigenlijk? Ik neem mezelf maar eens als proefpersoon.

marcel proustIn Marcel Prousts romancyclus Op zoek naar de verloren tijd is het de geur en smaak van een madeleine, gedoopt in bloesemthee, die bij de hoofdpersoon de sluizen van de herinnering openzetten. In meer dan drieduizend bladzijden wekt de Franse schrijver (1871-1922) vervolgens een verdwenen wereld zeer gedetailleerd en zeer persoonlijk tot leven. Ik vraag me af of muziek hetzelfde vermogen heeft om zoveel gevoelens en details op te roepen.

Muziek lijkt sterker aan specifieke levensfases te plakken: bij het horen van een bepaald lied denk je vaak terug aan één bepaalde tijd. Zo ben ik bij ‘I Was Made For Loving You’ van Kiss en ook bij ‘Cheek to Cheek’ van Lowell George meteen weer 15 jaar en sta ik ongelukkig te zijn in een dampende campingdisco in het zuiden des lands. Waaruit overigens blijkt dat elk liedje, ongeacht de kwaliteit, kan dienstdoen om onbedoeld wat oude wonden open te rijten.

soulfeest jaren zeventigWat muziek veel beter kan dan geur, is een collectief tijdsbeeld oproepen. Bij ‘Staying Alive’ wordt ik ongetwijfeld samen met heel veel generatiegenoten teruggevoerd naar klassenfeestjes met rijtjes suf dansende leeftijdsgenoten. Inclusief de bijbehorende permanentjes en soulbroeken. Instant herkenning. Ook zijn er nummers die je samen met een geliefde of in een vriendenclub intens hebt beleefd: ‘ons nummer’. Als je zo’n lied na lange tijd weer hoort, voel je die oude verbondenheid opeens weer, alsof de tijd heeft stilgestaan.

dampend kopje koffieBij geuren lijkt het allemaal veel individueler te zijn. Geuren lijken via een onzichtbare weg verbinding te maken met een oud gevoel. Een gevoel dat helemaal van jou is, dat alleen jij kent. Moeilijk in woorden te vangen, moeilijk te delen met anderen. Ik associeer die geur-herinneringen ook altijd met een weldadige eenzaamheid. De tijd staat speciaal voor mij even stil.

De wetenschap heeft vast veel interessants te melden over de zintuigen, het geheugen en dit specifieke fenomeen. Discussiestof voor later. Voorlopig eindigt de wedstrijd Herinneringen Oproepen voor mij in een remise tussen geuren en muziek. Beiden zijn supersnel en krachtig, maar geur gaat dieper, muziek is socialer. Mee eens? Herken jij je in dit verhaal? Ik ben benieuwd naar jouw beleving.