Kippenvel – Haus am See

Sprechen Sie DeutschOp 6 juni 2009 komt een ongebruikelijk plaatje de Nederlandse Single Top 100 binnen. In de zesde week bereikt het de vierde plaats, om de lijst na een langzame afdaling pas op 24 oktober weer te verlaten. Niet slecht, maar ook niet heel bijzonder. Behalve als je bedenkt dat het om een Duitstalig nummer gaat.

338px-PeterFoxZanger-componist Peter Fox (geboren in 1971 als Pierre Baigorry) bevindt zich met Haus am See, afkomstig van zijn eerste soloalbum Stadtaffe uit 2008, in een klein rijtje Duitstalige artiesten dat een voet tussen de deur weet te krijgen in de ook bij ons zo Angelsaksisch geörienteerde popwereld. (Afgezien van schlagerzangers kom ik op: Nena, Rammstein, Kraftwerk, meer niet.) Het lied is dan ook een buitengewoon kunststukje, dat in de loop der jaren terecht uitgroeit van eendagsvlieg tot moderne klassieker:

Peter Fox2Op een bossa nova-achtig ritme, met soulkoortje en subtiele percussie, praatzingt de Berlijnse zanger zich in lekker vet Duits meteen weg uit zijn geboorteplaats:

Hier bin ich gebor’n und laufe durch die Straßen!
Kenn die Gesichter, jedes Haus und jeden Laden!
Ich muss mal weg, kenn jede Taube hier beim Namen.

Sirenen en Odysseus

Vervolgens neemt hij ons mee in een soort droom: de zon schijnt, een spannende vrouw stapt bij ons in de auto, we horen sirenen zingen, hebben de wind in de rug, alles zit mee. Als de strijkers inzetten, doen we onze ogen dicht en zien we het voor ons liggen: het huis aan het meer. Het is het zinnebeeld van alles wat de zanger zich wenst: een mooie vrouw, een grote schare nakomelingen, aandacht van iedereen, alles gaat vanzelf.

Huis aan meerIn het volgende couplet keert de zanger beladen met goud terug in zijn dorp, na vele avonturen, om bij het huis aan het meer een reusachtig feest te geven voor familie en oude vrienden. En op het eind van het lied lijkt de vervulling compleet: de twintig kinderen hebben zich vermeerderd tot honderd kleinkinderen, die cricket spelen (fijn detail) op het gazon.

Peter Fox4Maar is alles hier wat het lijkt? Met die herhalingen en die steeds dramatischer klinkende violen kruipt ook de twijfel binnen. Het beeld van succes, vrijheid en geborgenheid klinkt steeds wanhopiger. Misschien zoek ik er te veel achter, maar voor mij lijkt het lied uiteindelijk te zeggen: is dit echt de ultieme levensvervulling? Is dit alles wat we ons kunnen of moeten wensen? De laatste klanken van het lied klinken afgebroken, alsof de zanger zichzelf niet heeft weten te overtuigen.

hoes Stadtaffe Peter FoxDat idee wordt versterkt doordat Peter Fox na het grote succes van Stadtaffe (2008) terugkeerde naar de relatieve anonimiteit van zijn reggae- en dancehallband Seeed. De artiest wilde zijn privacy terug en maakte nooit meer een soloplaat. Bewust of onbewust had hij in Haus am See de keerzijde van succes en roem al voorvoeld of voorspeld. Kippenvel.

 

Waarom rijmen popliedjes?

protestantse kerkMoeten popteksten altijd rijmen? Niet per se natuurlijk, maar rijm is belangrijker dan je misschien zou denken. Recent onderzoek naar muziek binnen de protestantse kerk levert hier nieuw bewijs voor. In een binnenkort in Psychomusicology: Music, Mind, and Brain te verschijnen artikel toont de Utrechtse onderzoeker Yke Schotanus aan dat rijmende psalmen populairder waren dan andere, vooral als ze vergezeld gingen van een aantrekkelijke melodie.

hersenenHet leuke van deze conclusies is dat ze niet alleen betrekking hebben op de protestante kerk, psalmen en achterliggende eeuwen, maar net zo goed op de hedendaagse muziekwereld en ons 21e-eeuwse popliefhebbers. De hersenen van mensen, ongeacht hun geloof of muziekvoorkeur, werken immers allemaal vrijwel hetzelfde en zijn in de afgelopen eeuwen ook niet veranderd.

Processing fluencyMaar waarom is rijm in liedjes nou zo populair? Dat verschijnsel wordt verklaard door het relatief nieuwe begrip ‘verwerkingsgemak’ (processing fluency) uit de cognitieve psychologie. Hoe gemakkelijker onze hersenen een bepaald stukje informatie (tekst, muziek) kunnen verwerken, hoe fijner we dat vinden. We onthouden het beter en kunnen het gemakkelijk voor iemand anders herhalen. In huis-tuin-en-keukentaal: een zinnetje dat rijmt vinden we gewoon lekker.

Chuck BerryWaarschijnlijk heeft niemand dit zo goed begrepen als de vorig jaar overleden rock-’n-rollpionier Chuck Berry. Hij bedacht niet alleen vele klassiek geworden gitaarlicks, de duckwalk, de ‘coffee-coloured Cadillac’ en de ‘brown-eyed handsome man’, maar was bovenal een RijmMeester. Neem het openingscouplet van Johnny B. Goode, een dijk van een hit in 1958:

‘Deep down in Louisiana close to New Orleans
Way back up in the woods among the evergreens
There stood a log cabin made of earth and wood
Where lived a country boy named Johnny B Goode
Who never ever learned to read or write so well
But he could play the guitar just like ringin a bell’

Chuck Berry2Meer bewijzen voor Berry’s rijmende meesterschap nodig? Luister dan naar deze hitcollectie. Maar er is nóg een reden waarom rijm zo belangrijk is. Een onderzoek van de Amerikaanse sociale wetenschappers Matthew McGlone en Jessica Tofighbakhsh uit 2000 laat zien dat we uitspraken die we gemakkelijk verwerken ook als juister en waarheidsgetrouwer beschouwen.

Easy = TrueZe vroegen onderzoeksgroepen hoe waar ze twee verschillende gezegdes vonden: What sobriety conceals, alcohol reveals (Een dronken mond spreekt ’s hartens grond) en What sobriety conceals, alcohol unmasks. Wat denk je? De eerste zin werd als veel geloofwaardiger beschouwd dan de tweede. Met andere woorden: als je je liedje laat rijmen scoort het niet alleen beter, je inhoud is nog overtuigender ook. De kans dat je woorden werkelijkheid worden, neemt dus aanzienlijk toe.

Chuck Berry 2Een dergelijk effect zal Chuck Berry (onbewust) in gedachten hebben gehad toen hij zijn Thirty Days (1955) schreef, waarin een geliefde dringend wordt verzocht terug  naar huis te komen. Hier het slotcouplet:

‘If I don’t get no satisfaction from the judge
I’m gonna take it to the FBI and voice my grudge
If they don’t give me no consolation
I’m gonna take it to the United Nations
I’m gonna see that you be back home in thirty days’

Het mooiste lied voor vader

vader en zoon buitenWie zingt over de relatie met zijn vader of moeder begeeft zich op glad ijs. Het lied moet recht doen aan een band die zo persoonlijk en vertrouwd is dat woorden algauw tekortschieten – en tegelijk moet het de luisteraar meenemen in een intieme sfeer waarin buitenstaanders slechts schoorvoetend worden gedoogd.

Ilse DeLangeVerschillende liedjesschrijvers kiezen dan ook voor heel verschillende benaderingen. Stef Bos zong zijn levende vader rechtstreeks toe in het bekende Papa (1990), steevast hoog eindigend in de jaarlijkse Top 2000 van NPO Radio 2. In Ilse DeLanges ontroerende We Are One vloeien vader en dochter in elkaar over om het aanstaande verlies draaglijk te maken.

hoes Older Than My Old Man NowVeel vaker kiezen artiesten voor een bericht naar boven. De verhouding tussen singer-songwriter Loudon Wainwright III en Loudon Wainwright II was niet gemakkelijk, maar desondanks – of juist daarom – figureert Loudons vader veelvuldig in zijn liedjes, bijvoorbeeld Older Than My Old Man Now (2012). De Britse pubrocker Ian Dury leerde zijn verwekker, een trotse bus- en privéchauffeur, pas kort voor diens dood echt kennen, en eerde hem met My Old Man (1977).

Fred Eaglesmith met hoedHet wat mij betreft mooiste lied voor vader – dat gek genoeg nooit op lp of cd verscheen – staat op naam van Fred Eaglesmith. De Canadese singer-songwriter met Friese roots (in 1957 geboren als Frederick John Elgersma) schrijft vaak over machines, treinen, tractors, auto’s en motoren, maar is ook als geen ander in staat zijn publiek binnen een paar minuten zowel een vette schaterlach als tranen van ontroering te bezorgen. In The Dad Song doet Eaglesmith, met zijn karakteristieke gruizige stemgeluid, vooral dat laatste als hij over zijn overleden vader zingt:

The morning breaks like porcelain across an eastern sky / I stare across an open field, I sit and wonder why / Why the world’s so beautiful, and how come it’s so sad / It’s times like this I sure do miss my dad

zonsopkomst 2Zo herkenbaar, hoe na het verlies de wereld zich in al zijn onbegrijpelijkheid aan je opdringt. Zoveel schoonheid, waarvoor? Je kunt het niet eens delen. Na dit indringende begin geeft Eaglesmith je even lucht: de discussies met zijn kinderen over hun huidige (muziek)modes lijken verdacht veel op die tussen zijn vader en hemzelf destijds. Zoveel lijken ze dus op elkaar. Waarna de zanger toch weer bij het gemis uitkomt:

I think it’s the little things, the things that I forgot / How I’d love to hear him sing, how I’d love to hear him talk / If he’d be here with me, I’d give him everything we never had

handJa, zo is het. Zo herkenbaar. De kleine dagelijkse dingen mis je het meeste – een stem, een gebaar, een gewoonte –  dingen die zo vanzelfsprekend waren dat je ze nauwelijks opmerkte. Toen niet. Nu wel. Achteraf. Tot slot geeft de zanger ons in zijn slotregels een vriendelijk duwtje. Pak die hand, toe maar, nu kan het nog.

Fred Eaglesmith heeft ons op subtiele wijze in zijn binnenwereld toegelaten en ons zo herinnerd aan iets wat we wel weten maar soms toch vergeten. Dank je, Fred.

Ondergedompeld in R.E.M.

onderdompeling eendAls eigentijdse muziekluisteraar ben je vooral een zapper. Als het huidige liedje niet bevalt ga je naar het volgende, hoppend van de ene artiest naar de andere, door de genres heen. Een uitstekende manier om je beperkte luistertijd efficiënt te besteden – maar persoonlijk dompel ik me liever voor langere tijd onder in één soort muziek. Door naar een heel album (!) te luisteren of, liever nog, me een aantal dagen achter elkaar (!!) onder te dompelen in het oeuvre van een bepaalde groep of artiest – mits dat natuurlijk sterk en interessant genoeg is.

Van Morrison met lichte hoedVaak gaat het dan om een artiest die in de loop van de tijd uit mijn playlist was verdwenen en door een of andere aanleiding weer op mijn pad komt. Zo verdiepte ik me een tijdje geleden in Van Morrisons album Keep Me Singing (2016) – om vervolgens weer dagenlang door Ierland te dwalen met Van the Man en zijn vroege meesterwerken Astral Weeks, Moondance en Veedon Fleece.

r.e.m. kleurEn zo was ik de afgelopen week bijna steeds diep into R.E.M., nu naar aanleiding van een interview dat ik hield met de Utrechtse Nederamericanaband The Yearlings (hun album Skywriting komt uit in november, lekkere muziek hoor, hou ze in de gaten), voor wie R.E.M. een grote inspiratiebron is.

R.E.M. Losing My ReligionDe duik in de wereld van Michael Stipe c.s. leverde onverwachte indrukken op. De indieband uit Georgia fungeerde in de media vooral als onderwerp van een muziekpolitieke discussie (‘is R.E.M. niet te commercieel geworden?’) of als wegbereider voor bands als Nirvana en Pearl Jam. Maar wie anno 2018 gewoon naar ze gaat luisteren, wordt getroffen door de  ontzettend sterke liedjes en het tijdloze karakter van hun eigenzinnige mix van sixties folkrock en seventies/eighties new wave.

farfisa orgelNeem bijvoorbeeld Begin The Begin, zo’n melodieus punky nummer waarop R.E.M. het patent heeft, met een gepassioneerde tekst waaruit afkeer én liefde spreekt. Of Stand, met vette rock-‘n-rollriff van Buck en een lekker Farfisa-achtig orgeltje. Of Finest Worksong, – let op dat verrassende baswerk van Mike Mills op het eind. Of het tedere Imitation of Life, met weer zo’n vage tekst om in te verdwalen. Het etiket ‘nineties alternative rock’ blijkt totaal niet meer te passen – dit zijn moderne klassiekers. Met R.E.M. eiste de combinatie Melancholie + Kracht voorgoed zijn plek op in de rock-‘n-roll.

11076831_bcdc79d83c_z R.E.M. Pinkpop 1989Tijdens mijn duiktocht dacht ik terug aan R.E.M.’s optreden op Pinkpop 1989 – hoog in mijn persoonlijke Concert-Top 10 – waar frontman Stipe fungeerde als Sjamaan, Voorganger en Martelaar ineen. Halverwege de meeslepende set scheurde hij zijn shirt kapot, en waar zoiets bij andere acts aanstellerig zou overkomen, was het daar op het podium in Landgraaf volkomen geloofwaardig. Rock-‘n-roll doet ertoe, dat was het effect. En datzelfde gevoel had ik vandaag toen ik weer uit het water kwam en mijn veren uitschudde.

Streekmarketing

Texas T-shirt WhateverTexanen zijn buitengewoon trots op hun staat, zoals je op menig T-shirt kunt lezen. Don’t mess with Texas. I’d rather be a fencepost in Texas than a king in Tennessee. Dat soort teksten. Ze zijn trots op de omvang van hun staat (na Alaska de grootste van de VS), op hun ondernemerszin, op hun eigengereidheid. En op hun artiesten.

Janis JoplinNou kan The Lone Star State ook bogen op een imposant rijtje popgrootheden. Om te beginnen de rock-‘n-rollhelden in de pophemel: Buddy Holly, Roy Orbison en Janis Joplin; countrysterren George Jones en Waylon Jennings; bluesbroeders Stevie Ray Vaughan, T-Bone Walker, Lightin’ Hopkins en Albert Collins. En dan vergeet ik bijna de onvergetelijke folkies en drinkmaatjes Guy Clark en Townes van Zandt.

SpoonOok in de ondermaanse muziekwereld bevinden zich flink wat grote Texanen: Willie Nelson, Steve Earle, Joe Ely, Robert Earl Keen Jr., ZZ Top. Bij de jongere generatie de fijne indieband Spoon, afkomstig uit state capital Austin, elk voorjaar de thuishaven van het wereldvermaarde muziekfestival South by South-West (SXSW). En natuurlijk singer-songwriter Robert Ellis, wat mij betreft de revelatie van de afgelopen jaren.

Robert EllisEn wat opvalt: die trots is overduidelijk geen eenrichtingsverkeer. Texaanse artiesten beantwoorden de eer door hun wortels in talloze fraaie liedjes te bezingen. Texas Flood (Stevie Ray Vaughn) bijvoorbeeld, Texas 1947 (Guy Clark) of Houston (Robert Ellis), en de lijst laat zich zonder moeite uitbreiden.

LyleLovettDe waarschijnlijk meest Texaanse onder de Texaanse singer-songwriter is toch wel Lyle Lovett. Lovett (Houston, 1957), die in 1988 in ons land een bescheiden hit had met She’s No Lady, mengt gospel en blues met bluegrass, folk en country en grossiert als geen ander in liedjes die het Texaanse chauvinisme op geheel eigen wijze invullen.

Texas girl T-shirtIn het fraaie This Old Porch rouwt hij weemoedig over zijn studententijd in College Station (TX). In You’re Right (You’re Not From Texas) viert en bespot hij tegelijkertijd de bijna arrogante houding van zijn staatgenoten. In Girls from Texas, samen met collega Pat Green, stelt hij zich regelrecht op als ambassadeur voor het Texaanse vestigingsklimaat: ‘Minnesota gals sure fill up a sweater, but the girls from Texas are just a little bit better’. Knappe streekmarketeer die daar tegenop kan. Ik ben benieuwd wanneer de vaderlandse provincies en gemeentes singer-songwriters gaan inzetten als communicatietool.

 

 

 

 

Wat bezielde Bob Dylan?

Planet WavesEen tijdje geleden schreef ik hier op Goeie Nummers over Bob Dylans wonderschone ‘meegroeiliedje’ Going, Going, Gone: zo’n bijzonder nummer dat in elke levensfase een nieuwe betekenis voor je krijgt.

Dylan Live at BudokanIk kreeg dan ook een schok toen ik het nummer, dat oorspronkelijk verscheen op Planet Waves (1974) onlangs op Dylans live-album At Budokan (1979) beluisterde. Niet dat het slecht klonk, integendeel, de begeleidingsband is super, de man zelf is zo goed bij stem als hij maar zijn kan. Het probleem was de tekst: afgezien van het korte refrein bleek die compleet veranderd te zijn!

slaperigheidBij de eerste regel al: ‘I’ve just reached the place where I can’t stay awake.’ Where I can’t stay awake? Dat moest een foutje zijn, het is natuurlijk ‘where the willow don’t bend’. Maar nee, die eerste afwijking was nog maar het begin. ‘There’s not much more to be said, it’s the top of the end’ was nu ‘I got to leave you baby, before my heart will break’. En zo verder.

Bob Dylan jaren 90Mijn eerste reactie was: wat een waanzin, hoe durft-ie, wat heeft hem in hemelsnaam bezield? Maar daarna vond ik het toch beter om een serieus antwoord op die vraag te vinden: wat kan Dylan ertoe gebracht hebben om het lied zo ingrijpend te wijzigen? Was het gewoon nog niet af? Of  was de tekst te persoonlijk voor de artiest die zich zo graag in nevelen hult?

Fort Worth bordVan Dylan zelf hoeven we het antwoord niet te verwachten, dat is bekend. Een zoektocht op internet leidde echter naar een interessante blogpost van de Britse Dylan-vorser Tony Attwood. Wat bleek? Er bestaat nóg een versie van Going, Going, Gone, een live-opname uit Fort Worth, Texas uit 1976, met wéér een alternatieve tekst. Het eerste couplet van de Fort Worth-versie is nog zoals het origineel, maar in het tweede couplet is ‘I’m closin’ the book on the pages and the tekst, and I don’t really care what happens next’ veranderd in ‘I’m in love with you baby but you got to understand that you want to be free, so let go of my hand.’ En ook de rest van de tekst wijkt op veel plekken af van de andere twee versies.

Dylan en SaraVolgens veel Dylan-volgers gaat Going, Going, Gone over de teloorgang van zijn eerste huwelijk, met Sara Lownds. Hebben de tekstuele aanpassingen misschien te maken met het feit dat Dylan na verloop van tijd anders ging kijken naar deze ingrijpende episode? Of was het lied van meet af aan bedoeld om zijn beweegredenen vooral tegenover Sara te verduidelijken? Met Sara, van het album Desire zou hij in 1976 tenslotte nog een ultieme maar vergeefse poging doen om haar terug te winnen (het koppel scheidde in 1977). Hoe het ook zij, er was kennelijk iets waar Dylan nog niet mee klaar was, en Going, Going, Gone was zo belangrijk dat hij er steeds aan bleef schaven.

met elkaar meegroeienBlogger Attwood geeft de voorkeur aan de Fort Worth-versie. Best opmerkelijk, zeker als je puur muzikaal oordeelt. Maar liedjes zijn nu eenmaal niet alleen dingen waarover je kunt speculeren, je kunt er net zo goed over van mening verschillen. Ook met de artiest zelf. Want voor Dylan groeide Going, Going, Gone dus niet, zoals bij mij, vanzelf met hem mee. Dat is de meest intrigerende les om hieruit te trekken. Dylan moest het lied telkens aanpassen om het mee te kunnen nemen op zijn eigen reis. Dat verschil tussen artiest en luisteraar vind ik ook iets om even bij stil te staan.

Het raadsel van Spinvis

avatars-000472544898-5pm7us-originalBegin deze week stuitte ik op de podcast ‘Met Groenteman in de kast’, waarin journalist Gijs Groenteman elke week in gesprek gaat met iemand die hem op de een of andere manier heeft verwonderd of is opgevallen. Ditmaal sprak hij met Erik de Jong, beter bekend onder zijn artiestennaam Spinvis.

spinvis 6Onderwerp van gesprek: de tien liedjes die Spinvis als muzikant gevormd hebben. Duizend of tienduizend hadden het er kunnen worden, maar hij moest zich tot tien beperken. Een verrassend lijstje werd het. Voor mij tenminste wel. Spinvis opent met het mij onbekende Jesamine van The Casuals (een prachtige ‘eendagsvlinder’ uit 1968), en komt dan via de progrock van Genesis (de ‘oude’ Genesis natuurlijk, met Peter Gabriel) uit bij crooner Frank Sinatra. Wie had dat gedacht.

captain BeefheartOp deze fijnzinnige orkestrale popmuziek volgt de georganiseerde chaos van artiesten als Captain Beefheart, de ‘design-punk’ The Gang of Four, de vernuftige lofi-hiphop van OutKast en de weirde collage-funk van Krautrocklegende Holger Czukay. Om daarna zonder blikken of blozen af te sluiten met de droompop van Beach House en de moderne chansons van Barbagallo.

acda en de munnikTussen de liedjes door betoont Gijs Groenteman (zoon van journaliste en tv-presentator Hanneke, bovendien Man van columniste Aaf Brandt Corstius, maar dit geheel terzijde) zich een vaardig en geïnteresseerd interviewer, die De Jong interessante uitspraken ontlokt. Bijvoorbeeld dat De Jongs metamorfose tot Spinvis begon met Acda en De Munnik (eind jaren 90 hoorde hij als postsorteerder ’s nachts hun liedjes op Sky Radio en dacht: ‘dat kan ik toch beter’). Of dat de zanger-gitarist ‘eigenlijk’ drummer is en pas op zijn veertigste ging zingen (‘er scheurde iets in me open’). En nog veel meer, te veel om hier samen te vatten – ga luisteren, zou ik zeggen.

Spinvis 2Gaandeweg de podcast begon het kwartje bij mij te vallen. Het verrassende lijstje bleek een logisch lijstje. Het raadsel van Spinvis werd een klein beetje verklaard. De fraaie romantische harmonieën, de merkwaardige geluidjes, de tegendraadse energie – ja, het zit er allemaal in. Je hoort het pas als je het doorhebt, zeg maar. Luister maar naar Van de bruid en de zee, naar Astronaut of naar kindje van god.

hoesje SpinvisMaar hoe Spinvis deze afwijkende genres dan samenbrengt in de unieke stijl waarmee het Nederlandse poplandschap sinds 2002 is verrijkt, dat blijft gelukkig een raadsel. Luister nog maar eens naar Ronnie gaat naar huis. Raadselachtig mooi.

Aretha

Aretha FranklinHet was niet de bedoeling om vandaag alweer te gaan bloggen, maar het droevige nieuws van het overlijden van The Queen of Soul gisteren – uitgerekend op 16 augustus, de sterfdag van blues-oervader Robert Johnson én rock-‘n-rollkoning Elvis Presley –  zorgde bij mij voor een stroom gedachten en gevoelens die zich niet lieten onderdrukken.

Aretha Franklin oud in zilveren mantelRecente berichten bij monde van Aretha Franklins familie voorspelden al weinig goeds, en haar gezondheid liet al enige jaren te wensen over, dat was bekend. Toch gaf ze in 2015 nog een kippenvel-uitvoering van (You Make Me Feel Like) A Natural Woman in het Kennedy Center in Washington DC, ten overstaan van een laaiend enthousiast publiek, waaronder het presidentiële echtpaar Obama. Zodat je kon denken dat ze het eeuwige leven had.

Blues Brothers2Voor mij – net als voor vele anderen – begon de kennismaking met Aretha Franklin pas echt met haar optreden in de Blues Brothers-film, ook al bevond een aantal van haar liedjes (Spanish Harlem, I Say A Little Prayer) zich al in mijn achterhoofd. Met het nummer Think, dreigend zwaaiend met een koekenpan als ik het me goed herinner, maakte de soulkoningin haar echtgenoot duidelijk dat hij niet bij haar hoefde terug te komen als hij besloot zich toch weer met zijn oude bandmaten in te laten. Hij kon het verder schudden, maar ik was verkocht.

Aretha Franklin jong 2Dus kocht ik een geweldig verzamelalbum van haar dat ik gisteren ondanks gekmakend graafwerk niet in de platenkast kon vinden (als jij het toevallig ooit een keer van me geleend hebt, breng het terug en ik vergeef je). Man, wat heb ik die plaat vaak gedraaid op mijn studentenkamer. Dat gemak, die diepte, die timing. En de power van mevrouw Franklin was zo groot, die kon alle euforie versterken en alle eventuele muizenissen wegblazen.

Aretha Franklin jongBijvoorbeeld met het extatische Save Me, waarover ik eerder op Goeie Nummers al schreef. Of met Franklins versie van Otis Reddings Respect, die het origineel in de schaduw stelde. Since You’ve Been Gone, ook al zo’n ongelooflijke kraker. En natuurlijk haar cover Sam Cookes A Change Is Gonna Come, dat zou uitgroeien tot een anthem van de zwarte burgerrechtenbeweging.

wolkenloze hemelMaar het nummer dat voor mij echt elk wolkje van de hemel kon vegen, was een andere, veel minder bekende Sam Cooke-compositie: Good Times. Want Aretha kon niet alleen treuren, smeken, respect opeisen, op haar strepen staan of haar hart laten spreken. Nee, ze hield ook gewoon van een feestje. Zo’n feestje dat te goed is om ooit op te houden. Luister maar. En kijk daarna omhoog.

Geachte mijnheer Johnson,

Robert_JohnsonHet komt misschien vreemd over dat ik me tot u richt alsof u een eerbiedwaardige oudere man bent. Want bij uw overlijden, vandaag tachtig jaar geleden, was u half zo oud als ik nu. De eerste van de Club van 27 – het zou me niets verbazen als u daarboven in de pophemel een notoir groepje levensgenieters aanvoert met onder meer Jimi Hendrix, Janis Joplin en Amy Winehouse in de gelederen.

bob dylan jongToch, de eerbied is onvermijdelijk. U bent – al had u het zelf nooit kunnen bedenken, zo jong nog en vol ambitie – de grondlegger geworden van zo’n beetje de helft van de populaire muziek die na uw dood ontstond. Muziek die de wereld zou veroveren: de elektrische blues, de rock-‘n’-roll, de blues- en hardrock, zelfs van het genre van de singer-songwriters, met hun zelfgeschreven liedjes en akoestische gitaren.

ShakespeareUw leven was niet alleen veel te kort, wij weten er ook nog eens ontstellend weinig van. En net als bij artistieke oervaders als Shakespeare en Homerus bevat uw biografie meer speculaties, geruchten, controverses en legendes dan feiten. Zoals de befaamde Crossroads-mythe: dat u op een zeker kruispunt nabij Clarksdale, Mississippi uw ziel aan de duivel verkocht in ruil voor virtuositeit op de gitaar. Begonnen als een mooi verkoopverhaal voor collega en halve naamgenoot Tommy Johnson, werd het postuum op uw biografie geplakt. Het faustiaanse verhaal sprak zo tot de verbeelding dat er een halve eeuw na uw vertrek zelfs een speelfilm omheen werd bedacht.

Robert Johnson 2Los van de mythes, dit zijn de erkende feiten, te vinden in Tom Graves’ biografie Crossroads, The Life and Afterlife of Blues Legend Robert Johnson: geboren op 8 mei 1911 en opgegroeid in armoede in een zwart gebroken gezin te midden van de katoenplantages in de Mississippi-delta. Dan: een poging om aan dat uitzichtloze bestaan te ontsnappen als rondtrekkende blueszanger, redelijk succesvol. Verder: een lui oog, wisselende opvoeders, een jong huwelijk dat vroeg eindigde met de dood van moeder en kind in het kraambed, en een uitgesproken liefde voor whiskey en vrouwen die vermoedelijk uw dood is geworden, op 16 augustus 1938. En twee foto’s. Meer is er niet.

single Terraplane BluesBehalve natuurlijk uw liedjes, in 1936 en 1937 opgenomen in San Antonio en Houston in Texas. In totaal 27 kale, indringende bluessongs, koortsachtig gezongen, alsof de duivel u op de hielen zat. Zang en gitaar, zonder de overdubs en andere studiotrucs die later in zwang zouden komen. Eén hitje op het Vocalion-label leverde het destijds op, Terraplane Blues. Maar hoeveel invloed die muziek zou hebben op andere artiesten, dat is bijna onvoorstelbaar. Net als bij Shakespeare en Homerus is uw naleven vele malen omvangrijker dan dat leven zelf – puur door de klasse van het werk dat overleefde.

Muddy WatersVeel nummers uit de twee Texaanse sessies werden klassiek, zoals Sweet Home Chicago en Ramblin’ On My Mind. En uw unieke speelstijl, die ritme- en solo(slide)gitaar combineerde, zou wereldwijd school maken, via Elmore James en Muddy Waters naar Duane Allman en Stevie Ray Vaughn, naast vele andere snarenwonders die u mogelijk nog niet kent.

Cassandra WilsonU moet een moord hebben gedaan voor eigen succes. Toch zie ik zomaar voor me hoe u nu daarboven achterover leunt, strak in het pak, een goed glas whiskey bij de hand, genietend van het geruzie van historici over uw exacte levensloop, maar vooral van wat andere muzikanten allemaal van uw liedjes hebben gemaakt: Howlin’ Wolf met Dust My Broom, Cassandra Wilson met Come On In My Kitchen, misschien zelfs The Rolling Stones met Love in Vain. En nog veel meer. Here’s to you, Mr. Johnson.

 

Ontsnapt aan de jaren 80

zwart gatIk weet niet hoe het met jou zit, maar voor mij waren de jaren 80 een groot zwart gat. Muzikaal gezien dan. Verdwenen was de intimiteit van de singer-songwriters van begin jaren 70, verdwenen was ook de rebelse energie van de Britse punk en new wave van daarna. In de plaats kregen we onpersoonlijke acts met veel gespeeld drama – denk Rick Astley, Duran Duran, Ultravox, The Human League, Simple Minds, Orchestral Manoeuvres in the Dark.

synthesizerWie de popgeschiedenis vanaf de jaren 50 snel aan zich voorbij laat trekken, zal tussen 1980 en 1990 stuiten op een merkwaardige wereld die geheel in zichzelf opgesloten lijkt te zijn: absolute leegte, ingepakt in dikke lagen pathos, met synthesizers, kunstmatige galm en knallende drums uit een kastje. Geen wonder dat die muziek vanaf 1 januari 1990 al meteen gedateerd klonk.

Led ZeppelinNou waren de doomy eigthies niet alleen moeilijk voor popfans zoals ik, ook topacts als The Rolling Stones, Joni Mitchell, Paul Simon, Stevie Wonder, Led Zeppelin en Paul McCartney zaten met de handen in het haar. Goeie nummers leken uit, flutmuziek was in. Zelfs Bob Dylan raakte in die jaren de weg  kwijt.

Tracy_Chapman_-_Tracy_ChapmanEn toch, ergens in die donkere hopeloze jaren drong af en toe een lichtstraaltje door. Eerst, in 1985, Suzanne Vega met haar Marlene On The Wall. De Newyorkse singer-songwriter bewees dat popmuziek zich nog steeds kon vernieuwen. Een jaar later ontweek Paul Simon de tijdgeest – en de culturele boycot van Zuid-Afrika – met zijn aanstekelijke album Graceland. En twee jaar later drong het kleinste én krachtigste lichtstraaltje van allemaal de verduisterde kamer binnen: Tracy Chapman, met haar klassieker Fast Car.

Tracy ChapmanMet haar ontwapenende glimlach vertegenwoordigde de jonge zwarte zangeres in haar eentje zo’n beetje alles wat de jaren 80 ontbeerden: onschuld, oprecht engagement, een aan de folk- en gospeltraditie herinnerend stemgeluid. En ook eindelijk weer: een gewone, onvervormde akoestische gitaar. Chapman was het licht aan het eind van de tunnel: na haar kwamen tal van (vrouwelijke) singer-songwriters op die de geest van de jaren 60 en 70 deden herleven, zoals Nanci Griffith, Michelle Shocked, Sheryl Crow, Jeff Buckley, Elliot Smith en vele anderen daarna.

Bob DylanIn hun kielzog hervonden ook veel van de Groten hun elan. Bonnie Raitt herpakte zich in 1989 met Nick of Time. In datzelfde jaar stelde MTV Unplugged het liedje weer centraal, met fijne gevolgen voor onder meer Neil Young, Eric Clapton en Sting – en hun fans. Ook Bob Dylan kwam in 1993 eindelijk uit zijn eighties-depressie, met het volledig akoestische World Gone Wrong.

snelle autoEn het zou me niets verbazen als de kiem van die wederopstanding werd gezaaid in 1992, tijdens het concert ter ere van Bobs 30-jarige albumcarrière, waarbij tal van collega-artiesten acte de présence gaven. Want wie stond daar tussen al die coryfeeën? Inderdaad, de bescheiden singer-songwriter die een paar jaar eerder de boze jaren 80 vaarwel had gekust met een liedje over een snelle auto waarmee zij en haar geliefde aan de uitzichtloosheid konden ontsnappen.

Muziek als medicijn – Alcoholverslaving

drankfles plus glasAls we veel folk-, country- en bluesnummers mogen geloven, is de drank het geneesmiddel van eerste keus bij verdriet en eenzaamheid. Maar na de roes en de vergetelheid volgt ook altijd weer de kater. De schaamte en de nadorst. Die zich het liefst laten verdrijven door een borrel of biertje. En als dit gedrag inslijt kun je wel spreken van een serieus alcoholprobleem. Net als wanneer de fles de vaste metgezel wordt op eenzame avonden.

Mary Gauthier met gitaarMaar wie, behalve de verslaafde zelf, kan hem of haar er vanaf helpen? Familie en partner raken snel verstrikt in gevoelens van machteloosheid. Buitenstaanders bieden veel remedies maar vooral ook veel onbegrip. Ex-lotgenoten zijn in een betere positie om te helpen. Vooral wanneer ze goede liedjes schrijven, zoals de singer-songwriter Mary Gauthier (New Orleans, 1962).

Mary Gauthier met violisteGauthier, als kind geadopteerd door een ongelukkig getrouwd echtpaar, raakt op jonge leeftijd al verslaafd aan alcohol en drugs. Op haar 35e, eindelijk clean, ontdekt ze het songschrijven – naar eigen zeggen haar redding. Haar weinig opwekkende levenservaringen zet de Amerikaanse om in indringende country- en folknummers waarin ze het steevast opneemt voor de underdog en de outcast.

hoes Drag Queens In LimousinesIn I Drink (van het album Drag Queens In Limousines uit 1999) geeft Gauthier de luisteraar op wrang-humoristische wijze een paar scherpe inzichten mee. Allereerst de notie dat de drinker meestal een voorbeeld in de directe omgeving heeft – hier een vader die zich met drank, sigaretten en gefronst gelaat terugtrekt in zijn eigen cocon: Now that same frown’s in my mirror, I got my daddy’s blood inside my veins.

visIn het refrein steekt Gauthier haar (voormalige) lotgenoten nog nadrukkelijker een hart onder de riem. Vissen zwemmen, vogels vliegen, vaders schreeuwen en moeders huilen, oude mannen peinzen, zingt ze. Het is hun wezen, ze kunnen niet anders. En ik? Ik ben een drinker. Net als jij, lijkt ze te zeggen tegen wie het horen wil.

glas whiskeyGauthier doet niet aan ontkennen, bagatelliseren of romantiseren. Geen uitvluchten alsjeblieft. Aanvaarding is de sleutel. Je hoeft je niet schuldig te voelen. Als je geen drinker was, had je ook niet gedronken. Exit dat fnuikende gevoel van falen, dat je weer naar de fles doet grijpen. Sterker nog, een geliefde die jou dat slechte gevoel geeft door je te willen veranderen, da’s pas erg. Dan is een glas whiskey beter gezelschap.

startGeen wijzend vingertje, geen melodramatisch gedoe, geen hallelujah. Dit lied is geen opgepoetste levensles. Wel overtuigend. Alleen door te accepteren wie je bent kun je een begin maken met het aanpakken van je probleem. I Drink kan het begin van dat begin zijn. En waarom ook niet? Gauthier kent de kracht van muziek net zo goed uit eigen ervaring.

Albumverjaardag – Music From Big Pink

Bob Dylan 2In het voorjaar van 1966 trok Bob Dylan zich terug in de landelijke omgeving van het kunstenaarsdorpje Woodstock, op een paar uur afstand van New York. Weg van de muziekbusiness en de persmuskieten, misschien ook weg van de herinneringen aan de wereldtournee van het afgelopen jaar, met publiek dat hem uitschold voor verrader omdat hij ‘elektrisch was gegaan’.

330px-The_Big_Pink_(crop)In het najaar voegden The Hawks, Dylans uit Canada afkomstige begeleidingsband, zich bij hem. Gitarist Robbie Robertson huurde met zijn vrouw Dominique een eigen woning; bassist Rick Danko, pianist Richard Manuel en organist Garth Hudson betrokken samen voor 125 dollar per maand een groot vrijstaand huis in West Saugerties dat in de volksmond ‘Big Pink’ werd genoemd.

hoes The Basement TapesHet grote huis herbergde onder meer een ruime kelder, en die veranderde dus al snel in een repetitieruimte annex opnamestudio. En in die sfeer van ongekende vrijheid en afzondering ontstond iets wat je wel een nieuw muziekgenre kunt noemen. Dylan en de vier Canadezen – plus de uit Arkansas afkomstige drummer Levon Helm, die zich met zijn oude Hawks-maten had herenigd – putten diep uit de rijke folk-, country-, blues- en gospeltradities van hun land. En maakten daar vervolgens gloednieuwe en bezielde rock-‘n-roll van. De  nummers die ze spelenderwijs opnamen zouden in 1975 officieel verschijnen als The Basement Tapes.

hoes Music From Big PinkMaar de eerste versie van The Basement Tapes kwam al uit op 1 juli 1968: Music From Big Pink van The Band, zoals The Hawks zich inmiddels waren gaan noemen. Vandaag precies een halve eeuw geleden. Het album bevat drie (deels) door Dylan geschreven nummers uit de keldersessies, maar is toch op en top The Band, met de stemmen en composities van Helm, Manuel, Danko en Robertson en klassiekers als The Weight en Chest Fever.

Greil MarcusMusic From Big Pink sloeg in als een bom, in de VS en daarbuiten. De muziek bood iets waar de rockwereld op dat moment naar snakte, aldus de bekende Amerikaanse criticus Greil Marcus. Het album opende een vergeten wereld, een oer-Amerika dat in de voorgaande decennia onzichtbaar was geworden, maar onder de radar was blijven bestaan: the Old Weird America. Dylan en The Band groeven die ondergrondse stroming op en wekten haar tot leven.

330px-The_Band_-2005710053-En wat bijzonder was, hun muziek was dan wel doordesemd van de traditie, maar allesbehalve nostalgisch. De wereld van boeren, gokkers, zwervers en eenzame oude vrijsters die ze bezongen was in de eerste plaats hard, angstig en onzeker. Omstandigheden die ook Amerikaanse stedelingen in de tweede helft van de 20e eeuw bekend voorkwamen – en blijkbaar ook die in Europa.

latte macchiatoDe betekenis van The Band en Music From Big Pink is moeilijk te overschatten. Hun stijl – ongepolijst, authentiek en tijdloos – ging lijnrecht in tegen de gladde en vluchtige oppervlakkigheid van veel andere popmuziek. The Band was daarmee de belangrijkste inspiratiebron van de latere alt.country- of americana-stroming, met bands als Wilco, Los Lobos, Old Crow Medicine Show, The Gourds en The Drive-By-Truckers. Sterker nog, er loopt een bijna rechte lijn van het bebaarde vijftal naar de hipstergeneratie van nu, al werd er in die tijd nog weinig latte macchiato maar des te meer alcohol gedronken.

downloadBig Pink is de plaat waarmee dat allemaal begon. Hij zou gevolgd worden door The Band’s titelloze tweede album, met evergreens als The Night They Drove Old Dixie Down, Upon Cripple Creek en When You Awake. En nog veel meer moois. Reden om Music From Big Pink vandaag maar weer eens op te zetten en te denken aan het moment dat heden en verleden elkaar weer ontmoetten. In de popmuziek.

Uit m’n bubbel – latin

kaart zuid midden amerikaDe kop van deze blogpost is een ietsie-pietsie misleidend. Want hoewel ik het meest luister naar singer-songwriters en ouderwets-goeie soul, dringt er al geruime tijd muziek uit Zuid- en Midden-Amerika inclusief de Cariben door in mijn bubbel. En in de jaren 80 zong ik nota bene in een latinrockband. Maar afgezien van reggae besteedde Goeie Nummers er tot nog toe weinig aandacht aan. Ten onrechte.

Celia Cruz en Tito Puente nog vrij jongDaarom vandaag een paar namen, en dan om te beginnen maar meteen die van de grootsten: percussionist-bandleider Tito Puente en zangeres Celia Cruz. Ergens in de jaren 90 zag ik de peetvader en -moeder van de mambo en de salsa samen in een grote festivaltent op de Dam in Amsterdam – een spetterend optreden dat ik nooit zal vergeten. Inmiddels zijn beiden helaas niet meer onder ons.

De toptijd van de SalsaEn een jaar of wat geleden presenteerde de Volkskrant de cd-verzamelbox De Toptijd van de Salsa, samengesteld door jazz-expert Koen Schouten: vijf wereldplaten uit de jaren 60 en 70 van Eddie Palmieri, Ray Barretto, Willie Colón & Rubén Blades, Héctor Lavoe en de Fania All Stars. Voor mij was die Cubaans-Amerikaanse kruisbestuiving die salsa heet toen nog totaal onbekend en nieuw. En totaal top.

Maite HonteléHedendaagse salsa –  ook heel tof – wordt onder meer gemaakt door Afrikando, Issac Delgado en de half-Nederlandse trompettiste Maite Hontelé.  Tik die namen in YouTube of Spotify en ga luisteren. Aan het weergaloze Pasaporte van Alexander Abreu en Havana D’ Primera mag je überhaupt niet voorbijgaan – ook niet als je ‘gewoon niet zoveel met latin en salsa hebt’ – dan heb je maar even gewoon wel wat met latin en salsa!

corazonDe reden waarom het hier bij Goeie Nummers ondanks al dat moois bijna nooit over latin gaat: ik spreek maar twee woorden Spaans. Corazon is hart en amor liefde, verder kom ik niet. Daarom luister ik naar die merengues, rumba’s, mambo’s, cumbia, son enzovoort alsof het te gekke dansbare instrumentale jazz is waarin ook de stemmen instrumenten zijn. Muziek waaraan je je met lijf en leden overgeeft en je hoofd thuislaat. Heerlijk.

Dias Latinos2Volgend weekend kun jij dat allemaal ook gaan doen! Van vrijdag 29 juni tot en met zondag 1 juli vindt in mijn woonplaats Amersfoort  festival Dias Latinos plaats. Drie dagen live-muziek, dans, vervoering, de rest. De meeste namen op het programma zeggen me net zoveel als de teksten van de liedjes. En dat maakt dus helemaal niets uit.

 

Albumverjaardag – Songs for Beginners

hoes Songs for Beginners van Graham Nash47 is geen jubileumgetal, maar de verjaardag van Songs for Beginners, dat verscheen op 28 mei 1971mag wat mij betreft elke keer gevierd worden. De bescheidenheid die uit de titel sprak maakte de critici mogelijk blind voor de pure klasse van Graham Nash’ solodebuut, maar terugkijkend en -luisterend moet je constateren dat het in al zijn eenvoud en directheid gewoon een meesterwerk is. Een uniek breakupalbum ook.

The HolliesNash, geboren in 1942 in Noord-Engeland, maakte eerst furore in de popgroep The Hollies. In 1969 stak hij over naar de VS. Daar hoopte hij zich bij nieuwe vlam Joni Mitchell te voegen en nieuwe muzikale wegen in te slaan, aangestoken door de sfeer van vrijheid en creativiteit die  aan de Amerikaanse westkust heerste.

CSNYIn een recent BBC-interview verhaalt Nash hoe een taxi hem vanaf het vliegveld naar het huis aan Lookout Mountain Avenue in Los Angeles bracht – het huis dat hij later met CSNY zou vereeuwigen in Our House op hun klassieker Déjà Vu. De Brit verwachtte daar alleen Mitchell aan te treffen, maar David Crosby (ex-The Byrds) en Stephen Stills (ex-Buffalo Springfield) waren er ook, experimenterend met wat nieuwe zelfgeschreven liedjes. Toen de drie mannen hun stemmen een kwartier later magisch lieten samenvloeien was zijn teleurstelling snel vervlogen. De rest is popgeschiedenis.

1974_joni_mitchellHet huis in Laurel Canyon was een idylle: twee jonge getalenteerde mensen die onder de Californische zon musiceerden, elkaar liefhadden en vrienden ontvingen. En het kon dus ook niet blijven duren. In juni 1970 verbrak Mitchell de relatie, Nash achterlatend met een gebroken hart. Zij zou over hem zingen in nummers als ‘My Old Man’ en ‘River’ van haar klassieker Blue. Nash maakte Songs for Beginners.

hoes dubbelelpee Crosby Nash low res bijgesnedenHet was een van de eerste albums die ik als puber kocht, de helft van een dubbelelpee – de andere helft was David Crosby’s solodebuut If I Could Only Remember Your Name. Totaal contrasterende platen: Crosby’s uitgesponnen acid-folkstukken tegenover de elf kraakheldere ambachtelijke popsongs van Nash. Er zaten heel wat weken zakgeld in die dubbelaar, maar hij was het waard.

CSNY2Het bijzondere van Songs for Beginners: het is een breakup- en doorstartplaat ineen. Je voelt Nash’ diepe pijn, maar ook de veerkracht van een working class Brit die zichzelf uit het moeras omhoog trekt: Someone is gonna take my heart, Noone is gonna break my heart again, zingt hij in het intrieste én glorieuze I Used To Be A King, met bovenaardse pedal steel van Jerry Garcia (Grateful Dead). En op de dag dat de relatie met Mitchell definitief stukliep schreef hij het ontwapenende Simple Man, en speelde het diezelfde avond nog live met CSNY.

hoes Military MadnessNash weet zich op het album omringd door fantastische muzikanten die zich volledig inleven in zijn songs. Dat moet ook hebben geholpen. Luister naar het hartverscheurende Sleep Song. Of naar Military Madness, de nog immer actuele protestsong die zo heerlijk meebrult. En verwonder je erover dat uit zulke ellende zoiets moois kan ontstaan.

 

De mooiste beginzin

NescioIn een roman is de eerste zin van groot belang. Sommige zijn zelfs beroemd, zoals Nescio’s ‘Jongens waren we – maar aardige jongens’ of Marcellus Emants’ ‘Mijn vrouw is dood en reeds begraven’. Maar in de popmuziek is de eerste regel misschien nog wel belangrijker. Een valse of zwakke start is nauwelijks goed te maken in de lange sprint die een popsong nu eenmaal is. De eerste zin moet de luisteraar meteen pakken, om hem vervolgens mee te sleuren en niet meer los te laten voordat het lied ten einde is. Ga er maar aan staan.

Bob Dylan eind of midden jaren 60Bob Dylan is een meester van de openingsregel. Krachtig en intiem in Going, Going, Gone: ‘I’ve just reached the place where the willow don’t bend’ (zie twee weken geleden). Openhartig in ‘I hate myself for loving you, and the weakness that it shows’ (Dirge). Intrigerend in All Along The Watchtower: ‘There must be someway out of here, said the joker to the thief.’ Hoe verschillend ook, His Bobness brengt zijn luisteraars steeds midden in zijn verhaal (een situatie, plaats, gebeurtenis, sfeer) en in het hoofd van een personage. En hij maakt je nieuwsgierig naar wat gaat komen.

Joni Mitchell HejiraZijn collega Joni Mitchell bekende later hoe ze destijds, in de jaren 60, van haar sokken werd geblazen door Dylans ongehoord snerende beginzin ‘You got a lotta nerve to say you are my friend’ (Positively 4th Street). Maar La Mitchell ontwikkelde zelf ook bijzondere openingszetten voor haar autobiografische songs. ‘Just before our love got lost, you said “I am as constant as a northern star” (A Case Of You) bijvoorbeeld. Of ‘Help me, I think I’m falling, in love again’ (Help me). Een van haar mooiste liedjes, Song for Sharon (van Hejira uit 1976), opent met ‘I went to Staten Island, Sharon, to buy myself a mandolin.’

ferry naar Staten IslandEen doodgewoon zinnetje, van iemand die een recente gebeurtenis uit haar eigen leven aan een vriendin vertelt. Maar we zien in die eerste zin al heel veel: dit lied is een monoloog, een virtuele brief van de zangeres aan een vriendin. In Mitchells biografie Reckless Daughter las ik dat deze Sharon daadwerkelijk een jeugdvriendin van Joni was, en deze wetenschap maakt het lied voor mij nog indrukwekkender. Je voelt hoe de artieste een poging doet om de afstand tot haar oude vriendin te overbruggen – en ook om zichzelf en passant beter te begrijpen. En ondertussen reizen we als luisteraars met haar mee.

bruidsjurk 2De concrete, uit het leven gegrepen trip van de zangeres naar Staten Island zet een hele reeks associaties en overdenkingen in gang. Het lied gaat aan de oppervlakte over een reisje met de veerboot naar een gitaarwinkel, maar daaronder over veel belangrijker zaken – over ontheemd zijn, over de droom van de romantische liefde, over de existentiële keuzes die een moderne vrouw moet maken en de prijs die daarvoor betaald moet worden. En dat volgt allemaal uit die eerste zin, heel natuurlijk, alsof het vanzelf gaat. Fantastisch.

Heb je ook zo’n bijzondere beginzin die je wilt delen? Zet hem bij de reacties hieronder!

Het mooiste lied over broer en zus

c'est quoi la fraterniteDe afgelopen weken ging het hier op Goeie Nummers vaak over broers en zussen, met name over hoe het is als die samen in een popgroep zitten. Niet alleen pais en vree, zo bleek. Broers gaan vaak niet heel gebroederlijk met elkaar om en ook bij zussen is het niet altijd je dat.

history van Loudon Wainwright IIIAls mensen het hebben over de relatie tussen broer en zus klinkt er vaak een ander geluid: minder rivaliteit, meer harmonie, karakters die elkaar aanvullen. Of niet? Op zijn album History uit 1992 heeft de Amerikaanse singer-songwriter Loudon Wainwright III het thema van de broer-zus-relatie gevangen in een liedje van tijdloze klasse: The Picture.

foto van inlay History 'the picture' low resOp de piano van de zanger staat een oude zwart-witfoto van hemzelf en zijn zusje: herfstbladeren op de grond, twee kinderen, 6 en 5 jaar oud, die aan tafel zitten te kleuren. Het meisje kijkt naar haar grote broer om te zien hoe ze het moet doen. Een vertederend tafereel waarin hun hele kinderwereld lijkt te zijn samengevat. Herkenbaar ook. Wainwright is vast niet de enige met zo’n fotolijstje op de piano of in de kast.

Loudon Wainwright III liveMaar dan duikt de zanger – die bekendstaat om zijn wrange humor – naar de laag ónder de idylle. In een paar zinnen krijgen we een paar ongemakkelijke waarheden voor de kiezen: een broer houdt van zijn zusje omdat hij haar lekker kan koeioneren, zegt hij, en hij beschermt haar vooral omdat zij hem steeds blijft bewonderen, ook op de momenten dat hij aan zichzelf twijfelt.

mansplaining 2Het is een flinke tik die Wainwright hier aan zichzelf en zijn medebroeders uitdeelt, maar heeft hij ook gelijk? Nou ja, toch wel een beetje, denk ik (en als broer van een twee jaar jonger zusje kan ik het weten). In het laatste couplet plaatst hij hun relatie in de bredere context. De zanger herinnert zijn zusje eerst aan hun overleden vader, die hun had kunnen vertellen welke auto er precies op de foto afgebeeld staat, en hij vervolgt:

But dad is dead and we grow old / It’s true that time flies by / And in forty years the world has changed / As well as you and I

klokVan de idylle is weinig meer over. De tijd is het allerwreedste monster. De achterliggende jaren hebben niet alleen de buitenwereld veranderd, maar ook broer en zus zelf. Hun kinderparadijs is verdwenen. De zanger lijdt daaronder, dat voel je. En wij lijden met hem mee, want we herkennen het gevoel. En toch is het lied ontroerend en prachtig en op de een of andere manier troostend. De idylle is ook een gedeelde herinnering die niemand broer en zus kan afnemen.

 

 

 

Een meegroeilied

Planet WavesEen liedje, eenmaal vastgelegd en ter wereld gebracht, blijft steeds hetzelfde. Maar jijzelf verandert wel. Er zijn liedjes die na verloop van tijd hun bekoring verliezen, andere hebben de bijzondere eigenschap dat ze met je mee lijken te groeien. Dat je er elke keer weer iets nieuws in hoort. Bob Dylans ‘Going, Going, Gone’ van Planet Waves (1974) is voor mij zo’n meegroeinummer. Het raakte mij als tiener al en dat doet het nu, zo’n vier decennia later, nog steeds. Maar telkens op een andere manier.

The BandIn 1978 viste ik als middelbare scholier bij de lokale platenboer een afgeprijsd exemplaar van Planet Waves uit de bakken. Met zo’n knipje (cut-out) erin. Ik kocht hem vooral omdat The Band erop meespeelde, ik was toen nog niet zo’n Dylan-fan. Het Canadees-Amerikaanse vijftal had Dylan al in 1966 begeleid tijdens de roemruchte toernee waarop hij ‘elektrisch ging’, en hun unieke samenspel maakt Planet Waves tot een echte bandplaat.

Bob Dylan 2Het album opent voor Dylans doen uitermate vrolijk met het up-tempo ‘On A Night Like This’. Als die klanken zijn weggestorven volgt een slepend, bijna onheilspellend intro. Als de ochtend na een wild dansfeest. Robbie Robertsons gitaarlicks klinken alsof ze door een samengeknepen strot naar buiten worden geperst. Going, Going, Gone is serious business.

treurwilg‘I’ve just reached the place where the willow don’t bend.’ Het beeld dat oprijst uit die eerste regel, een van de mooiste uit de popmuziek, raakt me elke keer weer, en steeds blijft het haken aan iets anders in mijn leven. Als tiener zag ik een desolaat landschap, een boom die niet verder wil buigen voor de wind, een eenzame reiziger die weg wil uit een verstikkende situatie. En ik liet me meevoeren op de klanken.

richelLater, toen ik als twintiger vastzat in een onmogelijke liefde, resoneerde vooral de diepere laag: de onmacht en de zoektocht naar een uitweg. Dylans stem klinkt in dit lied misschien wel indringender en persoonlijker dan ooit, hij zingt alsof zijn leven ervan afhangt. En misschien was dat ook zo; veel popcritici wezen op de zinsnede ‘I’ve been livin’ on the edge / Now, I’ve just got to go before I get to the ledge’.

touw in de knoopHet lied toonde mij toen hoe je je uit een kluwen van destructieve krachten – van buiten, maar ook van binnen – kunt bevrijden. Het leek tegen me te zeggen: ‘ergens in jou zit een harde, onaantastbare kern waar niemand aan kan komen, jouw levensdrift die niemand je kan afpakken.’ Dylans refrein gaf me een zetje: ik ga, ja ik ga, ik ben weg. Dank je, Bob.

Bob DylanJaren later, toen ik in een zware periode te lang achtereen uit mijn reservoir van troost en medeleven had geput, dook die beginregel opnieuw in mijn hoofd op. Hij hielp me om te erkennen dat ik aan het eind van een pad was aanbeland, dat ik een afslag moest pakken. Bijzonder dat een lied zo lang met je meegaat en steeds weer betekenisvol kan zijn.

happy singer‘Going, Going, Gone’ mag dan vooral een lied voor donkere tijden zijn, er moeten vast ook meegroeiliedjes met een totaal ander karakter te vinden zijn. Misschien zelfs echte happy songs die samen met jou volwassen en oud willen worden. Heb je een mooi voorbeeld, deel het hier op Goeie Nummers!

 

 

 

Beste Sandy,

Sandy Denny hoesIn je dagboeken schreef je brieven aan jezelf, en je liedjes klonken als flessenpost aan de wereld. Daarom voel ik me vrij genoeg om jou nu te schrijven, precies veertig jaar nadat je van ons wegging, op 21 april 1978. Hoewel jij me nog minder goed kent dan ik jou.

Sandy Denny2Ik stel me voor dat er ergens in de pophemel een rij postvakken staat waarin op onverklaarbare manier brieven vanuit onze wereld terechtkomen. In wisselende frequenties en hoeveelheden. Dat jullie met een schuin oog elkaars vakjes in de gaten houden en elkaar vervolgens halfhartig feliciteren met de oogst van de dag.

liege & liefWant zo verging het jou bij leven ook. Als Brits meisje uit de middenklasse werd je midden jaren 60 al gegrepen door de Londense folkscene. Dat was je leerschool. In je eentje met een gitaar op een podium. Een paar jaar later, op 21e, straalde je in Fairport Convention, groeide zelfs uit tot het boegbeeld van de Engelse folkrockband, beter gezegd tot hun sirene. Je stem herbergde het lief en leed van wel duizend jaar. Ik weet niet of je daar iets kunt horen, maar ik luister nu terug naar de traditional She Moves Through the Fair  en natuurlijk naar jouw eigen Who knows where the time goes. Kippenvel.

hoes SandyBewonderaars had je genoeg, ook met je band Fotheringay (1970-1971) maar je was even onzeker als overtuigd van je eigen klasse. Je solocarrière kwam nooit echt van de grond, ondanks liedjes als Late November. Met de kennis van nu: vanuit de folk of de folkrock doorbreken naar de pop was bijna onmogelijk. Aan de overkant van de plas deden collega’s dat wel: Bob Dylan, James Taylor, Joni Mitchell (mocht je je afvragen waar ze blijven, ze zijn nog hier). Maar niet in het Verenigd Koninkrijk, niet vanuit de Britse folk.

cover I've always kept a unicornIk las je biografie, I’ve Always Kept A Unicorn, die ruim vijfendertig jaar na je vertrek verscheen. Met daarin zo’n beetje heel je leven. Je vreugdes, je worstelingen. Opkomst en ondergang. Het verhaal stemt triest, om de druk die jou te veel werd en de verwijten die je jezelf maakte. En vanwege die stomme drugs en alcohol die jou alleen verder lieten afdrijven.

amy winehouse 3Richard Thompson, je muziekvriend, vond destijds in zijn nieuwe religie een manier om je vertrek te accepteren. Maar ik, niet gezegend met zo’n sterk geloof, kan dat niet. Ik moest denken aan Nick Drake, maar vooral aan Amy Winehouse. Misschien ben je haar al tegengekomen, ze is een paar jaar jonger nog dan jij. Ook zo’n ongelooflijk talent, zo’n geschenk voor alle stervelingen met oren. En net als bij Amy voel ik de drang om terug te reiken, door de tijd heen, en iets te doen. Iets. Ik weet, het is een futiele, kinderachtige gedachte. Maar toch.

Wat dacht je zelf, tegen het einde van je leven? Berustte je, zoals sommigen zeggen, of toch niet? Misschien is een antwoord te vinden in een van je mooiste maar ook droevigste liedjes, Solo:

Sandy DennyI could tell you that the grass is really greener
On the other side of the hill
But I can’t communicate with you
And I guess I never will

We’ve all, all gone solo
We all play solo
Ain’t life, life a solo?

Met je broer in een band

Creedence Clearwater RevivalIn de popmuziek wemelt het van de broersbands. Aan sommige kunt je de bloedverwantschap niet meteen aflezen, zoals Split Enz (Tim en Neil Finn), Spandau Ballet (Gary en Martin Kemp) en Creedence Clearwater Revival (John en Tom Fogerty). Ook bij AC/DC (Angus en Malcolm Young), Kings of Leon, Beach Boys en Bee Gees (drie broers in de gelederen) en The National (twee broederparen) ligt de bloedverwantschap niet aan de oppervlakte. Bij andere formaties juist wel, waarschijnlijk vanuit marketingoogpunt, want hij is meteen zichtbaar in de bandnaam: The Allman Brothers Band, The Neville Brothers, The Everly Brothers en The Isley Brothers.

logo tv-serie DallasDie lange lijst van bands met familieleden is wel verklaarbaar; veel muziekgroepjes ontstaan immers tussen de schuifdeuren. Maar of het zo verstandig is om met je broer in een band te gaan zitten, kun je je afvragen. Want als de podia en de versterkers groter worden, gebeurt datzelfde met de zakelijke belangen, en meestal ook met de ego’s. Dan lijkt de band eerder op een familiebedrijf in de traditie van Dallas en Dynasty.

The KinksVoorbeeld 1: The Kinks. De band van Ray Davies en zijn jongere broer Dave scoorde vanaf 1964 hit na hit (Waterloo Sunset, You Really Got Me, Sunny Afternoon enz. enz.). Van een leien dakje ging dat echter niet. Veel later, in 2011, toen er geruchten waren over een Kinks-reünie, werd uit Daves mond opgetekend: ‘I just can’t stand to be with him. About an hour with Ray’s my limit, so it would be a very short reunion.’

UB40 red red wineKaïn en Abel hadden ook respectabele erfgenamen in de Britse reggaeformatie UB40. De Birminghamse broertjes Ali en Robin Campbell hadden in de jaren 80 zoveel succes met hun band dat ze de bijstand al snel vaarwel konden zeggen. Maar hoewel je dat aan de muziek van UB40 niet afhoort, gezelliger werd het er niet op. De laatste jaren zien de broers elkaar niet meer in het repetitiehok of op het podium, wel in de rechtszaal. De vete gaat zover dat er nu zelfs twee UB40’s zijn die elkaar beconcurreren op de wereldpodia.

Noel en Liam GallagherEn dan de bekendste van alle twistbroeders, Oasis’ Liam en Noel Gallagher. Lekkere liedjes maakten de Britten in de jaren 90, zoals Wonderwall  en ‘Don’t Look Back in Anger’ (goeie titel ook). Nadat de Gallaghertjes elkaar eerst jarenlang gewoon met gezeik het leven zuur hadden gemaakt, gingen ze elkaar in 2009 tijdens een internationale tournee daadwerkelijk fysiek te lijf. Dat was meteen ook het einde van Oasis.

logo Van HalenDat het ook anders kan, bewezen Eddie en Alex Van Halen van de gelijknamige hardrockband. Tot aan Eddies dood in 2020 speelden de twee meer dan 45 jaar gebroederlijk samen in hun succesformatie. Bovendien kwamen ze steevast als winnaars uit de strijd in conflicten met andere bandleden, zoals leadzangers David Lee Roth, Sammy Hagar en Gary Cherone. De familieband biedt hier duidelijk bescherming tegen vijandige overnames. Een paar jaar geleden werd ook nog bassist Michael Anthony vervangen door Eddies zoon Wolfgang Van Halen. Zo regel je meteen de bedrijfsopvolging. Verstandig, toch?

Liefde is een roos

Bette Midler The RoseWegens tijdgebrek deze week op Goeie Nummers geen eigen verhaaltje, maar een link naar een boeiende blogpost van de Nijmeegse onderzoeker Lucas Seuren. Seuren verbindt de baanbrekende theorie over metaforen van George Lakoff en Mark Johnson uit 1980 met Bette Midlers klassieker The Rose. Verplicht leesvoer voor iedereen die het leuk vindt om af en toe wat dieper in een liedtekst te duiken!