
Vandaag richt Goeie Nummers de schijnwerper op het pop-anthem, wat mij betreft een van de wonderlijkste verschijningen in de popmuziek, met vertegenwoordigers als You’ll Never Walk Alone (Gerry & The Pacemakers), The Final Countdown (Europe) en We Shall Overcome (Pete Seeger). Wonderlijk onder meer omdat zo’n nummer meestal niet als anthem geboren wordt, maar er gaandeweg eentje wordt.
Een andere bijzonderheid is dat een goede Nederlandse vertaling ontbreekt – afgezien van ‘volkslied’ voor ‘national anthem’. Als je ‘anthem’ opzoekt in het Van Dale Groot woordenboek Engels-Nederlands vind je alleen vertalingen als beurtzang, motet, koraal, lofzang en hymne, allemaal termen uit de kerkmuziek. De online Cambridge Dictionary daarentegen omschrijft een anthem een stuk breder: a song that has special importance for a particular group of people, an organization, or a country, often sung on a special occasion.










Overmorgen is het Vaderdag. Daarom is Goeie Nummers deze week op zoek gegaan naar een passende popsong om af te spelen als je hem zondagochtend, zeg maar, ontbijt op bed brengt. En hoewel er flink wat goeie vader-nummers bestaan, bleek het geen eenvoudige opgave om een echt goed vaderdaglied te vinden.
Singer-songwriter Loudon Wainwright III heeft waarschijnlijk meer dan welke artiest ook over gezinsrelaties geschreven, onder meer over zijn vader. Maar in liedjes als Older Than My Old Man Now en Surviving Twin slaat hij de spijker zo nauwkeurig op de kop dat de gezelligheid er enigszins onder lijdt. En wat ook niet echt stemmingsverhogend werkt – de zanger zingt over een vader die er niet meer is.
Komende zondag is het moederdag. Wie dat een commerciële nepfeestdag vindt kan nu meteen wegklikken. Maar doorlezen zou slimmer zijn, want mooie liedjes voor moeder kun je elke dag van het jaar draaien. Vandaag zoek ik naar liedjes waar je haar aanstaande zondag letterlijk en figuurlijk voor wakker kunt maken – nadat ze eerst natuurlijk lekker lang heeft uitgeslapen.
Er zijn niet superveel popsongs over moeder, valt me op. Met 





Een goeie bijnaam doet veel. Ruud Gullit werd ‘De Zwarte Tulp’ genoemd, Eddy Merckx ‘De Kannibaal’. Jan Marijnissen was ‘Het Orakel uit Oss’, Margaret Thatcher ‘The Iron Lady’ en Angela Merkel was eerst ‘Das Mädchen’ en daarna ‘Mutti’. Allemaal aanduidingen die de publieke figuren nog wat extra boven andere stervelingen doen uitstijgen en tegelijkertijd de emotionele afstand tussen volk en icoon verkleinen.
Popartiesten kunnen hier natuurlijk niet bij achterblijven – denk aan ‘The Fab Four’ (The Beatles), ‘Your Majesty’ (Mick Jagger), ‘The Boss’ (Bruce Springsteen) en ‘The Queen of Soul’ (Aretha Franklin). Veelzeggende bijnamen, maar net als bij moppen en broodjeaapverhalen is de herkomst vaak in nevelen gehuld. Niemand kan of wil precies vertellen wie de naam heeft verzonnen, wanneer en waarom.
Het genre gaat terug op antieke dichters als Homerus en Hesiodos, en werd begin deze eeuw uitgewerkt door musicalcomponisten als Cole Porter, Irving Berlin en Steven Sondheim. Maar ook de songwriters van Disneyfilms wisten wel raad met de list song. Niet zo vreemd ook, want een goed lijstje is goud waard: het zegt veel in weinig woorden, is lekker concreet en biedt volop mogelijkheden voor rijm, humor en de suggestie van oneindigheid. Je vraagt je af waarom eigenlijk niet alle liedjes lijstjesliedjes zijn.
Ook voor popmuzikanten is een rijtje een prima kapstok. Bobby Troup trapt in 1946 af met het onverwoestbare (Get Your Kicks on) Route 66, waarin hij de steden tussen Chicago en L.A. opsomt. Bob Dylan zet die trend door met onder meer Seven Curses, Subterranean Homesick Blues en All I Really Want To Do. En als je erop gaat letten, zie je de lijstjesliedjes overal.
Kranten en tijdschriften zijn het de afgelopen jaren steeds meer gaan doen: sterren of ballen toekennen aan boeken, platen, films, tentoonstellingen, theatervoorstellingen enzovoort. Vaak tegen de zin van de recensenten zelf, trouwens. Eén ster of bal betekent iets als ‘mislukt’, vijf staat voor ‘meesterwerk’. Het systeem is bedoeld als dienst aan de lezer, maar als je een beetje nadenkt, besef je dat die lezer juist de dupe is.
Ten eerste is de ene recensent scheutiger met sterren dan de andere, en dat maakt vergelijken moeilijk. Verder is er onbedoelde inflatie: drie sterren voor een album in de Volkskrant betekent volgens de redactie ‘goed’, maar blijkt in de praktijk op de krantenlezers over te komen als ‘middelmatig’. Zodat recensenten weer sneller voor vier sterren gaan kiezen.
Wie schrijft er tegenwoordig nog brieven? We corresponderen tegenwoordig via Whatsappjes, mailtjes en social media – en die goeie ouwe brief verdwijnt langzaam uit beeld. Maar tegelijkertijd betreuren we die ontwikkeling. We hebben nog steeds behoefte aan vormen van communicatie die niet zo vluchtig zijn, en we zijn nog blijer dan vroeger met een persoonlijke brief of kaart. De Canadese indieband Arcade Fire wijdde in 2010 zelfs een fraai nummer aan dit thema,
Als tiener wisselde ik lange brieven uit met twee Twentse meisjes die ik op een fietsvakantie langs de vaderlandse jeugdherbergen had ontmoet. Later gingen dichtbeschreven luchtpostbrieven heen en weer tussen Nederland en Israël, op van die dunne blauwe velletjes. Elke brief werd bewaard en gekoesterd. En je deed echt je best op zo’n epistel – elke letter telde. Het is ongetwijfeld vanwege die emotionele lading dat brieven
Vijftig jaar geleden, op 16 juli 1969, vertrok de Apollo 11 van de aarde, en vier dagen later stond er voor het eerst een mens op de maan. Die historische gebeurtenis wordt dezer dagen uitgebreid herdacht. Volkskrant-redacteur Olaf Tempelman werd zo verleid tot
Die combinatie van vertrouwdheid en onbereikbaarheid blijkt songwriters eindeloos te inspireren. Van evergreens als Blue Moon en How High the Moon tot recenter werk van Norah Jones (Shoot the Moon) en Dawes (